2. Hoe oud is mijn hond nu echt?

2. Hoe oud is mijn hond nu echt?

Een populair gezegde over honden leert ons dat elke hondenjaar gelijk is aan zeven menselijke levensjaren. De realiteit is echter iets gecompliceerder gezien een hond in zijn eerste twee levensjaren een stuk sneller ouder wordt. Nadien is de ratio 5 op 1 voor de kleine en middelgrote hondenrassen en 6 op 1 voor de grote hondenrassen. Voor de reuzerassen gaan we wel naar een ratio van 7 op 1. Zo is een Deense dog op de leeftijd van 10 al gauw 80 mensenjaren oud terwijl een mopshond er dan pas 64 is.
Hoe juist berekenen?
Indien je een hond hebt waarvan je de leeftijd niet kent, kan je op een aantal eenvoudige manieren toch een indicatie krijgen over zijn leeftijd.
De tanden: Honden hebben meestal een volledig gebid op de leeftijd van 7 maanden. Als je dus een hond hebt met een volledig gebid met hagelwitte tanden kan je er vanop aan dat die ongeveer die leeftijd heeft. Lichte vergeling van de achterste kiezen zal eerder wijzen op een hondenleeftijd van ongeveer 1 à 2 jaar. Als je echter al heel wat aanslag merkt zal dit eerder een hond zijn tussen de 3 en 5 jaar. Ontbrekende tanden of serieuze slijtage kan duiden op een oudere hond en vergt normaal toch wat speciale aandacht voor het gebid.
Spiertonus: Jongere honden hebben meestal een meer uitgesproken spierstructuur gezien hun hoger activiteitsniveau. Oudere honden zijn daarentegen knokiger en/of vetter door de daling van hun activiteiten.
De Vacht: Jongere honden hebben meestal een zachte, dunnere vacht, waar oudere dieren eerder een dikkere en meer olierijke vacht vertonen. De senioren onder onze viervoeters vertonen dan weer sneller grijze of witte verkleuringen, voornamelijk rond de snoet.
Ogen: Jongere honden hebben meestal brilliante en zuivere oogjes zonder vochtverlies. Indien de ogen echter een lichte schijn of verkleuring vertonen kan dit wijzen op een ouder dier.
Ouderdom bij honden
Wanneer je een hond als "oud" kan beschouwen hangt sterk af van het ras. Meestal worden grotere honden sneller ouder. Zo is een Deense dog al een "senior" op de leeftijd van 5 daar waar een veel kleinere toypoedel dit maar is op de leeftijd van 10. Dit wil echter niet zeggen dat seniorhonden automatisch een aantal ziekteverschijnselen zullen vertonen. Ook bij honden zijn er onderling grote verschillen tussen honden van hetzelfde ras. In vele gevallen kunnen ouder honden vele gezonde, actieve en pijnvrije jaren beleven.
Om het hondenleven te verlengen kan je best de energie-inname afstemmen op zijn noden. Oudere honden bewegen minder en hebben dus minder calorieën ( voedsel) nodig. Ook het feit dat ze hun voedsel minder goed kunnen verteren ( absorberen) en dus hoogwaardige voeding nodig hebben is een belangrijk aspect. Overmatig aanbod van proteïnen, fosfor,en sodium kunnen een aantal nier en hartkwalen veroorzaken.
Bekijk de bijgaande foto om de juiste leeftijd van jouw hond te bepalen.
bron : I care for my dog.
































huiszwaluwnest monteren op enkele meters achter de kruin van een boom, is bv. zinloos. Al kan die wel ingepikt worden door huismussen.
winter niet. Bij de start van de winterslaap moeten egels minimum 600 gram wegen en over voldoende vetreserves beschikken om de winter door te komen. Vooral jonge dieren en vrouwtjes slagen daar niet altijd in. Jij kan hen helpen deze moeilijke periode te overbruggen. In de periode augustus-oktober kan je wat extra voedsel aanbieden in je tuin. Volgende zaken zijn geschikt: honden- en katteneten, een rauw ei, spekrandjes e.d. gemengd met wat muesli en pindakaas. Let er wel op dat je de egels in je tuin geen koeienmelk voorschotelt. Daarvan kunnen egels ziek worden of zelfs sterven. Je zet beter een kommetje met water buiten. Kattenmelk is ook geschikt voor egels. Die melk kan je kopen in de dierenwinkel,
van een metaalverwerkend bedrijf en nog 6 egelpopulaties ten noordoosten van Hoboken. De verste populatie bevond zich in Zoersel, op 20 km van de vervuilingsbron. 
27 maart 2010 om 8:00 uur
Depressie. Verdriet. Geen wil meer om te leven. In de wereld der mensen behoort het tot de orde van de dag. Maar hoe zit dat in het dierenrijk? Ook daar vieren de emoties hoogtij, maar zijn ze sterk genoeg om de dieren ook echt het leven te ontnemen? De wetenschap is verdeeld.
Met de opkomst van het darwinisme wint de ratio terrein en wordt alles weer mogelijk. In 1845 verschijnt in een krant het verhaal van een Newfoundlander – een hond die uitstekend kan zwemmen – die zichzelf had verdronken. Hij at niet meer, was uitgeput en had vervolgens zijn kop net zolang onder water gehouden totdat hij verdronk.
Vaststaat dat dieren ook emoties hebben. Ze kunnen verdrietig zijn. Eenzaam. En ja, ze zijn soms ook depressief. Zo bleek uit onderzoek dat apen ook de blues kunnen hebben. De wetenschappers observeerden een groep java-apen en één van de dames was depressief. Ze viel af, had meer stresshormonen, liet haar schouders hangen, reageerde niet meer op mogelijk gevaar, had een hoger cholesterol en een versnelde bloeddruk. De reden? De druk van de groep en de dominantie van de andere dieren. Zonder hulp zou de aap steeds verder vermageren en zeker in het wild gemakkelijk ten prooi vallen aan grotere roofdieren. Maar is dat een bewuste keuze?
De lemmings zijn een goed voorbeeld van het laatste. De populatie van deze knaagdieren kan heel snel afnemen. De reden? De dieren springen massaal van kliffen af, hun dood tegemoet. Lang werd dit bestempeld als suïcidaal gedrag. Maar dat is niet zo. Uit onderzoek blijkt dat de lemmings wanneer ze in grote groepen plotseling moeten verkassen soms per ongeluk over de rand van de klif vallen. Hoe de mythe van de lemmings kon ontstaan? Een documentaire van Walt Disney bestempelde de diertjes als zelfmoordenaars en van dat imago komen de lemmings moeilijk los.





















