De egel ontwaakt

Bekijk ook
Bedreigingen
Egels in je tuin
Fotoreportage
Egel geschikt om
milieuvervuiling te meten
(persbericht)
Het belangrijkste kenmerk van egels zijn hun stekels. Een volwassen dier heeft er
normaal tussen de 7000 à 8000 op zijn rug en zijkant. Onderaan zijn buik heeft de egel gewone haren. Er loopt een sterke kringspier op het overgangsgebied tussen de stekels en de gewone haren. Daarmee kan de egel zich bij gevaar oprollen tot een bolletje. Egels hebben verder een spitse snuit, kleine ogen en oren, en een piepklein staartje. Ze wegen maximum anderhalve kilo en worden niet veel groter dan 30 cm. Met zijn kleine oogjes ziet de egel niet goed. Maar hij is dan ook vooral bij valavond en 's nachts actief. Hij gaat dan met zijn goed ontwikkelde gehoor en reukzin op zoek naar voedsel. Overdag blijven egels normaal in hun nest, dat ze maken van bladeren, mos of ander materiaal dat te vinden is onder struiken of takkenbossen.
Winterslaap
In de Benelux zijn egels de enigste zoogdieren die een echte winterslaap houden. Normaal slapen ze van november/december tot april/mei. Hun lichaamstemperatuur van 35 tot minder dan 10 graden. Daardoor verbruiken ze minder energie. Wanneer de temperatuur van de egel onder het vriespunt dreigt te zakken, worden ze wakker. Zo kunnen ze op zoek gaan naar een schuilplaats die hen beter beschermt tegen de koude temperaturen. Ook de hartslag en ademhaling van de egel dalen gevoelig tijdens de winterslaap. Als de egel in het voorjaar terug ontwaakt is hij gemiddeld zo'n 30 procent van zijn lichaamsgewicht kwijt. Het is dan ook belangrijk dat de egel in de maanden voor de winterslaap voldoende vetreserves kan opslaan.
Egels leven alleen en hebben min of meer een vast leefgebied. Kort na de winterslaap komen mannetjes en vrouwen samen om te paren. Na 4 à 5 weken zien de jonge egeltjes het levenslicht. Al van bij hun geboorte hebben de egeltjes stekels, maar in het begin zijn ze nog zacht en wit. Na een drietal dagen worden de stekels harder. Na zo'n zes weken moeten ze zich al zelf weten te redden en op zoek gaan naar een eigen territorium. Bij de eerste winterslaap kruipen jonge egeltjes soms samen in een nest. Het gaat dan wel meestal om broertjes en zusjes.
Bedreigingen
Bekijk ook
Eerste kennismaking
Egels in je tuin
Fotoreportage
Egel geschikt om
milieuvervuiling te meten
(persbericht)
Egels kunnen tot 8 jaar oud worden, maar heel wat egeltjes overleven zelfs de eerste
winter niet. Bij de start van de winterslaap moeten egels minimum 600 gram wegen en over voldoende vetreserves beschikken om de winter door te komen. Vooral jonge dieren en vrouwtjes slagen daar niet altijd in. Jij kan hen helpen deze moeilijke periode te overbruggen. In de periode augustus-oktober kan je wat extra voedsel aanbieden in je tuin. Volgende zaken zijn geschikt: honden- en katteneten, een rauw ei, spekrandjes e.d. gemengd met wat muesli en pindakaas. Let er wel op dat je de egels in je tuin geen koeienmelk voorschotelt. Daarvan kunnen egels ziek worden of zelfs sterven. Je zet beter een kommetje met water buiten. Kattenmelk is ook geschikt voor egels. Die melk kan je kopen in de dierenwinkel, Parasieten zoals teken en vlooien kunnen eveneens een bedreiging vormen voor egels. Door hun dikke stekels kunnen egels hun eigen huid immers niet makkelijk schoonmaken. Gezonde egels ondervinden gelukkig niet veel hinder van de parasieten. Voor dieren die al verzwakt zijn door ziekte of voedseltekort kunnen parasieten fataal zijn. Als je een verzwakte egel opmerkt, neem je best contact op met een dierenopvangcentrum. Meer informatie hierover vind je op de website van de Zoogdierenwerkgroep .
Een andere vijand van de egel is het verkeer. In Vlaanderen worden er elk jaar tussen de 230.000 en 350.000 dieren overreden. Tegen dit gevaar valt helaas weinig te beginnen. Natuurpunt startte onlangs samen met het Departement Leefmilieu, Natuur en Energie (LNE) van de Vlaamse overheid en Vogelbescherming Vlaanderen het project ‘Dieren onder de wielen’ op. Daarmee willen we in kaart brengen hoeveel faunaslachtoffers er op de Vlaamse wegen vallen, welke diersoorten verkeersgevoelig zijn en waar in het Vlaamse wegennet de belangrijkste knelpunten liggen. Wie een dood of gewond dier aantreft op het Vlaamse wegennet, kan dat voortaan melden op www.dierenonderdewielen.be
Egels hebben niet veel natuurlijke vijanden. Ze moeten vooral uitkijken voor dassen en vossen. Ook ratten, marterachtigen en roofvogels kunnen een gevaar betekenen voor egels.
Bedreigingen
Bekijk ook
Eerste kennismaking
Egels in je tuin
Fotoreportage
Egel geschikt om
milieuvervuiling te meten
(persbericht)
Egels kunnen tot 8 jaar oud worden, maar heel wat egeltjes overleven zelfs de eerste
winter niet. Bij de start van de winterslaap moeten egels minimum 600 gram wegen en over voldoende vetreserves beschikken om de winter door te komen. Vooral jonge dieren en vrouwtjes slagen daar niet altijd in. Jij kan hen helpen deze moeilijke periode te overbruggen. In de periode augustus-oktober kan je wat extra voedsel aanbieden in je tuin. Volgende zaken zijn geschikt: honden- en katteneten, een rauw ei, spekrandjes e.d. gemengd met wat muesli en pindakaas. Let er wel op dat je de egels in je tuin geen koeienmelk voorschotelt. Daarvan kunnen egels ziek worden of zelfs sterven. Je zet beter een kommetje met water buiten. Kattenmelk is ook geschikt voor egels. Die melk kan je kopen in de dierenwinkel, Parasieten zoals teken en vlooien kunnen eveneens een bedreiging vormen voor egels. Door hun dikke stekels kunnen egels hun eigen huid immers niet makkelijk schoonmaken. Gezonde egels ondervinden gelukkig niet veel hinder van de parasieten. Voor dieren die al verzwakt zijn door ziekte of voedseltekort kunnen parasieten fataal zijn. Als je een verzwakte egel opmerkt, neem je best contact op met een dierenopvangcentrum. Meer informatie hierover vind je op de website van de Zoogdierenwerkgroep .
Een andere vijand van de egel is het verkeer. In Vlaanderen worden er elk jaar tussen de 230.000 en 350.000 dieren overreden. Tegen dit gevaar valt helaas weinig te beginnen. Natuurpunt startte onlangs samen met het Departement Leefmilieu, Natuur en Energie (LNE) van de Vlaamse overheid en Vogelbescherming Vlaanderen het project ‘Dieren onder de wielen’ op. Daarmee willen we in kaart brengen hoeveel faunaslachtoffers er op de Vlaamse wegen vallen, welke diersoorten verkeersgevoelig zijn en waar in het Vlaamse wegennet de belangrijkste knelpunten liggen. Wie een dood of gewond dier aantreft op het Vlaamse wegennet, kan dat voortaan melden op www.dierenonderdewielen.be
Egels hebben niet veel natuurlijke vijanden. Ze moeten vooral uitkijken voor dassen en vossen. Ook ratten, marterachtigen en roofvogels kunnen een gevaar betekenen voor egels.
Bouw zelf je egelhuis
Materiaal: ongeverfd hout of watervast multiplex, minstens 12 mm dik. In het plan zijn alle planken 20 mm dik. Het hout mag in geen geval behandeld zijn, aangezien deze producten zeer giftig zijn! Nagel het dak niet vast, aangezien je het egelhuis nadat het bewoond is geweest best uitkuist. Gebruik in geen geval schoonmaakproducten!
De ventilatiebuis kan recht zijn of krom, als de buitenopening maar naar beneden gericht is (anders regent het binnen). Om te vermijden dat de egel bladeren in de buis duwt, dek je ze best binnen in het egelhuis af met een gaasje. Bedek het egelhuis met zand, takken en/of bladeren. Met een plastic zeil tussenin zal het huis veel langer mee gaan. Egels hebben zachte voetkussens. Bedek de bodem van het egelhuis daarom met een beetje grond en/of zaagsel. Plaats het egelhuis niet met de opening naar het noorden of noordoosten om koude tocht te vermijden.
Egel geschikt om milieuvervuiling te meten
De egel blijkt uitstekend geschikt als bio-indicator om milieuvervuiling te meten. Dat concludeert de Vlaamse onderzoekster Helga D’Havé in het nieuwste nummer van het populair-wetenschappelijke tijdschrift Zoogdier dat uitgegeven wordt door de Nederlandse Zoogdiervereniging en de Zoogdierenwerkgroep van Natuurpunt . Hoge concentraties moeilijk afbreekbare gifstoffen in stekels en haren wijzen op een vervuild leefmilieu ter plaatse.
Onderzoekers aan de Universiteit Antwerpen onderzochten een egelpopulatie in het park Zorgvliet in Hoboken, op ongeveer 1 km
van een metaalverwerkend bedrijf en nog 6 egelpopulaties ten noordoosten van Hoboken. De verste populatie bevond zich in Zoersel, op 20 km van de vervuilingsbron. Van april tot en met september gingen de onderzoekers, na het invallen van de duisternis, op zoek naar egels. In totaal werden 178 egels gevangen en met een chip gemerkt. Van 83 egels, verdeeld over de verschillende populaties, werden haar en stekels verzameld en geanalyseerd op zware metalen. Uit de resultaten blijkt dat egels die dichter bij het metaalverwerkende bedrijf leven, meer zware metalen opgestapeld hebben.
De concentraties van zilver, arseen, cadmium en lood in het haar van egels in de populatie vlakbij het metaalverwerkende bedrijf waren respectievelijk 79, 65, 108 en 39 maal hoger dan de laagste gemiddelde concentratie die in deze studie werd gemeten. Voor metalen in stekels werd een vergelijkbare trend gevonden. De hoeveelheid zware metalen in haar en stekels nam toe naarmate de populatie zich dichter bij het bedrijf bevond. Deze metalen vertonen in haar en stekels een gradiënt die identiek is aan de gradiënt die in de bodem werd gevonden. Dit toont volgens onderzoekster Helga D’Havé van de Universiteit Antwerpen aan dat de meting van metalen in haar en stekels van egels een goede indicatie geeft van de vervuiling van een gebied.
Het volledige artikel over de egel als bioindicator is als pdf te downloaden op www.zoogdiervereniging.nl . Een pdf van de doctoraatsthesis is op aanvraag te verkrijgen bij Helga D’Havé .
(Natuurpunt.be)



27 maart 2010 om 8:00 uur
Depressie. Verdriet. Geen wil meer om te leven. In de wereld der mensen behoort het tot de orde van de dag. Maar hoe zit dat in het dierenrijk? Ook daar vieren de emoties hoogtij, maar zijn ze sterk genoeg om de dieren ook echt het leven te ontnemen? De wetenschap is verdeeld.
Met de opkomst van het darwinisme wint de ratio terrein en wordt alles weer mogelijk. In 1845 verschijnt in een krant het verhaal van een Newfoundlander – een hond die uitstekend kan zwemmen – die zichzelf had verdronken. Hij at niet meer, was uitgeput en had vervolgens zijn kop net zolang onder water gehouden totdat hij verdronk.
Vaststaat dat dieren ook emoties hebben. Ze kunnen verdrietig zijn. Eenzaam. En ja, ze zijn soms ook depressief. Zo bleek uit onderzoek dat apen ook de blues kunnen hebben. De wetenschappers observeerden een groep java-apen en één van de dames was depressief. Ze viel af, had meer stresshormonen, liet haar schouders hangen, reageerde niet meer op mogelijk gevaar, had een hoger cholesterol en een versnelde bloeddruk. De reden? De druk van de groep en de dominantie van de andere dieren. Zonder hulp zou de aap steeds verder vermageren en zeker in het wild gemakkelijk ten prooi vallen aan grotere roofdieren. Maar is dat een bewuste keuze?
De lemmings zijn een goed voorbeeld van het laatste. De populatie van deze knaagdieren kan heel snel afnemen. De reden? De dieren springen massaal van kliffen af, hun dood tegemoet. Lang werd dit bestempeld als suïcidaal gedrag. Maar dat is niet zo. Uit onderzoek blijkt dat de lemmings wanneer ze in grote groepen plotseling moeten verkassen soms per ongeluk over de rand van de klif vallen. Hoe de mythe van de lemmings kon ontstaan? Een documentaire van Walt Disney bestempelde de diertjes als zelfmoordenaars en van dat imago komen de lemmings moeilijk los.










































