Scorpioen en slangen whiskey


Greets from Thailand
Farang
Scorpioen en slangen whiskey

FAQ's over uw huisdieren
Zeldzaam aapje geboren in Australie
Huidaandoeningen bij het paard - deel 3
Eczeem rond de staart



Huidaandoeningen bij het paard - deel 2
Wratten op neus en lippen bij een paard
Huidaandoeningen bij het paard - deel 1
Zeldzame gorilla's zuipen zich zat
Australië: meer dan 60 van 80 gestrande walvissen gestorven
In Australië is opnieuw een groep walvissen in ondiep water geraakt en gestrand. Voor minstens 67 van de 80 dieren was geen redding meer mogelijk, zo heeft de omroep ABC maandag gemeld.Op een strand op zowat 270 kilometer ten zuiden van Perth aan de westelijke kust van Australië waren maandag tientallen vrijwilligers aan de slag om gestrande en nog levende walvissen weer in zee te helpen. Het is echter niet uitgesloten dat de geredde zoogdieren wat verder opnieuw stranden. Begin maart waren ten noorden van het eiland Tasmanië 149 walvissen en enkele dolfijnen op het strand terechtgekomen. Zowat 140 walvissen overleefden het niet. Hulpverleners en milieubeschermers konden de andere dieren met vereende krachten weer in zee krijgen. (DWM)
De Chinchilla: fysiologie, huisvesting en ziekten
Fokrijp 8-9 maanden

Zintuigen van kat en hond
Zintuigen van kat en hond
Het zicht
Een hond heeft een ruimer gezichtsveld dan een kat of een mens. Dit betekent dat hij naar links en rechts beter kan zien en meer dingen tegelijkertijd kan waarnemen. De ogen van herdershonden staan vrij zijdelings om een zo breed mogelijk gezichtsveld te hebben om toezicht te houden op de kudde. De ogen van een jachthond liggen meer vooraan op de kop om met beide ogen hun prooi goed te kunnen zien.
Een hond merkt heel goed bewegingen op afstand, maar onderscheidt op dezelfde afstand moeilijk stilstaande objecten. Hij kan ook minder goed afstanden inschatten. Hij ziet, evenals een kat, ook minder goed dichtbij (0-50 cm) dan mensen en hij kan minder details waarnemen.
Dit gebrek wordt gecompenseerd door een beter reukvermogen, de gevoeligheid van de snorharen en het beter kunnen opmerken van bewegingen.
Een hond en vooral een kat zien beter in het donker dan wij. In tegenstelling tot wat wel eens wordt beweerd, kunnen katten en honden wel kleur waarnemen, maar ze kunnen kleuren minder goed onder scheiden dan wij.
Het gehoor
U heeft vast wel eens opgemerkt dat onze viervoetige huisgenoten in staat zijn om in beperkte mate hun oren te bewegen. Door deze eigenschap kunnen ze heel precies vaststellen waar het geluid vandaan komt. Vergeleken met de mens kan een hond beter maar een kat nog beter hoge tonen onderscheiden. Een hond neemt ultrason geluiden waar, die toelaten een appèl-fluitje te gebruiken. Een kat reageert op het hoge gepiep van een muis, terwijl u niks heeft gehoord. De hond onderscheidt ook heel goed verschillende geluiden. Hij kan dus gemakkelijk de woorden van zijn baas onderscheiden, zelfs al spelen de toon en de gebaren ook een rol.
Geur
Het reukvermogen is, vergeleken bij de mens, bijzonder goed ontwikkeld bij een kat, maar nog beter bij een hond. De oppervlakte van het neusslijmvlies is bij de hond 25 tot 250 cm² en bij de mens maar 2 tot 3 cm². Een Cocker Spaniël heeft 67 miljoen reukcellen, een Duitse herder 200 miljoen en de mens 5 tot 20 miljoen. Uw huisdier ruikt de hele dag door een groot aantal geuren waarvan u geen vermoeden hebt. Deze eigenschap van de hond komt ons mensen vaak genoeg van pas. Denk maar aan de speurhonden van de politie en aan de drugshonden. Van het reukvermogen wordt ook gebruik gemaakt tijdens de jacht, om zich te oriënteren en om tussen individuen te communiceren. Nu begrijpt u waarom uw hond tijdens een wandeling voortdurend stopt; zo communiceert hij met de honden die later langs dezelfde plek zullen komen. De hond herkent zijn huis en zijn baas beter door de geur dan door zijn zicht.
Smaak
De smaak is nauw verbonden met het reukvermogen. Een kat is een echte carnivoor; hij heeft alleen interesse voor dat wat op vlees is gebaseerd. Hij is normaal gesproken ongevoelig voor zoete of zoute smaken. Een hond staat daarentegen dichter bij de mens en is dus meer een omnivoor, een alleseter. Net zoals een kat is hij ongevoelig voor een zoute smaak, maar hij houdt wel van zoete dingen. De smaakgewaarwording is bij de hond weinig ontwikkeld. Een hond heeft 1706 smaakpapillen, een mens 9000; Een hond kan dagelijks hetzelfde voedsel eten. Hij heeft geen behoefte aan afwisseling.
|
|
Wanneer moet u met uw dier op raadpleging bij uw dierenarts?
Veel mensen weten niet precies wanneer ze de dierenarts moeten raadplegen. Bij onderstaande verschijnselen moet u hem of haar zeker om advies vragen:
| bij zwakheid of lusteloosheid | |
| altijd wanneer het dier opeens een heel zieke indruk maakt. | |
| als uw huisdier zich duidelijk niet prettig voelt | |
| bij verlies van eetlust langer dan 24 uur | |
| bij diarree of braken langer dan 24 uur | |
| als het dier ongewoon veel drinkt | |
| als het dier vaker of meer plast dan normaal of als een zindelijk dier opeens in huis gaat plassen. | |
| wanneer uw dier zichtbaar pijn heeft en/of perst bij het plassen of de ontlasting, steeds kleine beetjes plast (eventueel met bloed) of abnormaal lang blijft zitten op de kattenbak of bij het uitlaten | |
| bij een hardnekkige hoest, abnormale ademhaling of | |
| heftige jeuk, steeds aan de oren blijven krabben of met het achterwerk over de grond schuurt | |
| als u rond of onder het verband een zwelling ontdekt, als het verband abnormaal ruikt of de huid eromheen verkleurt, als het verband verschuift of losraakt, | |
| bij kreupelheden, verlammingen of veranderingen in de manier van lopen of rennen | |
| als het dier in elkaar zakt of stuiptrekkingen heeft |
Vleermuis als verstekeling mee met Discovery
Het Amerikaanse ruimteveer Discovery dat zondag vanuit het Kennedy Space Center is gelanceerd, had een verstekeling aan boord. Op foto's van vlak voor de lancering is een vleermuis te zien die zich aan de brandstoftank vastklampt, zo meldt de NASA."Een analyse van de lanceringsbeelden heeft uitgewezen dat het dier zich in elk geval tot het moment van lancering heeft vastgehouden. Vanaf dat moment ontbreekt elk spoor van de vleermuis", zo meldt de NASA op de site Space.com. De vleermuis "is enkele malen van positie veranderd tijdens het aftellen, maar ze zat er nog op het moment van de lancering", aldus de Amerikaanse ruimtevaartorganisatie. "Uit infraroodbeelden blijkt dat het dier leefde en niet zat vastgevroren, zoals misschien verondersteld zou kunnen worden." Het brandstofreservoir bevatte immers twee miljoen liter vloeibare waterstof op een zeer lage temperatuur. Niemand weet wat er van het diertje geworden is, maar de NASA gaat ervan uit dat het avontuur niet lang geduurd heeft. "Het dier is waarschijnlijk tijdens het opstijgen van de Discovery al snel gestorven." (DWM)
Chilasa clytia


bassethound
Beschrijving 
De basset hound heeft een groot hoofd met een ronde schedel. De snuit staat parallele met de bovenkant van de schedel. De huid van de bassethond valt in vouwen op het hoofd. Zijn fluweelachtige oren zijn zeer lang en zouden voorbij de bovenkant van de neus moeten samenkomen. De oren moeten vouwen en niet vlak lijken. De grote tanden zouden in een schaar of niveaubeet moeten samenkomen. De bassethond heeft droevige bruine ogen. De uitdrukking zou vriendelijk zonder enige ruwheid moeten zijn. De basset heeft een zeer uitgesproken halskwab.
Zijn borst is zeer diep en breidt zich in de voorzijde van de voorpoten uit. Hun voeten zijn groot en de achterdelen zijn rond. De beweging van de bassethond zouden weloverwogen maar niet onhandig moeten zijn. De vacht is kort, hard en glanzend. Er zijn geen regels betreffende kleur, maar het is gewoonlijk wit met kastanje of zand-gekleurde noteringen.
Karakter en temperament
De Basset Hound is zoet, zacht, toegewijd, en van nature uit vreedzaam. Zij passen goed in het familieleven. Hun temperament zou altijd vriendelijk moeten zijn. Dit ras zou nooit aggressief mogen zijn. Bassethonden zijn mild maar niet schuchter, zeer hartelijk en vriendschappelijk met kinderen. De Basset Hond is niet in staat om te bijten, maar kan een beetje koppig zijn. Bassets houden ervan om iets te doen voor hun voedsel. Ze hebben een diepe muzikaal geblaf. Met juiste opleiding zijn zij gehoorzaam, maar wanneer zij een interessante geur opnemen, is het soms moeilijk om hun aandacht te krijgen.
Hoogte: Reu: 30-38 cm, Teef: 28-36 cm
Gewicht: 20-29 kg
Zij zijn binnen zeer inactief maar in openlucht zullen zij uren willen rondlopen en spelen. Basset hounds zullen het goed doen zonder een tuin, maar zouden kansen moeten krijgen op te lopen en te spelen om zich gezond en fit te houden.
Levensverwachting
10 tot 12 jaar
Verzorging
De vlotte, kortharige vacht van de basset hound is gemakkelijk te verzorgen. Kam en borstel met een borstel van varkenshaar. Het wassen van de vacht met shampoo: alleen wanneer nodig. Veeg regelmatig onder de oren en knip regelmatig de steennagels.
Overvoed deze honden niet omdat het extra gewicht een te grote last op de benen plaatst. Het is beter hem twee of drie kleine maaltijden te geven in plaats van een grote maaltijd. Om de basset hound gezond te houden, zouden ze regelmatig wat oefening moeten krijgen, maar we raden het springen af, daar het een belasting van de voorbenen betekent.
Oorsprong
De naam Basset hond komt uit het Franse woord "bas" wat laag beteken. Sommige bronnen stellen dat de Basset Hond uit genetische dwerghonden kan voortgekomen zijn gekruisd met andere soorten Franse jachthonden. Andere bronnen stellen dat het ras afstamt van verschillende Belgische typen laagbenige jachthonden, waarvan de meeste inmiddels uitgestorven zijn. Volgens onderzoek, begon de ware bekendheid van de Basset in 1863, toen de hond in Parijs werd voorgesteld ontdekten de Engelsen dit ras. Ze kruisten het ras met de Bloedhond om de fragiele lichaamsbouw te verbeteren. Dit leverde de huidige Basset Hound op. Zijn populariteit spreidde zich over Engeland uit waar een levendig geschil zich tussen twee facties van kwekers voordeed: Zij die de Basset Hond wilden houden als jachthond, en zij die het ras in een metgezelhond wilden omzetten. Tussen deze twee facties waren er Amerikaanse kwekers aan het werk gingen om een uiterst aangename metgezelhond te ontwikkelen zonder om het even welk van de kwaliteiten van de jager op te offeren. (Bron : De Woefk.R.)
Wat zijn echt spoedgevallen ?Allergische reactie op insektenbeet (hot spot) met locale roodheid, haarverlies, veel likken en bijten, kan soms ook ademhalingsproblemen geven.
Plotse verlamming van de achterpoten of de vier poten.
Botbreuken, dier steunt hierbij niet meer op de poot, poot bungelt eraan.
Braken en diarree met bloedbijmengingen, met verzwakte algemene toestand (erg suf).
Diepe wonden met of zonder erg bloeden.
Ademhalingsproblemen waarbij het dier naar adem snakt, soms met ratelend ademgeluid en blauwe tong.
Ernstige bloeding die niet te stoppen valt door druk.
Bevallingsproblemen voor eerste pup of kitten max 3 uur persen, erna maximaal gedurende half uur persen zonder geboorte van volgend jong, of langer dan twee uur niet persen terwijl men zeker is dat er nog een jong moet komen.
Epilepsieaanvallen langer dan 5 minuten of vaker dan 2 per uur, tijdens aanval niet reageren op naam, urine en ontlastingsverlies, nadien soms tijdelijk blind.
Oogkwetsuur met een bloedend of erg gezwollen oog, of waarbij oog uit oogkas valt.
Maagtorsie/dilatatie, braken of braakneiging, soms wit slijmbraaksel, buik wordt dik.
Oververhitting na lange tijd in auto (die niet noodzakelijk in de zon stond), zeer snel hijgen, soms coma.
Plasproblemen, constant willen plassen zonder resultaat of slechts een lekje of met bloed.
Vergiftigingen, noteren welk gif dier heeft opgenomen.
Verkeersongeluk, steeds laten controleren op inwendige bloedingen en klaplong.
Constipatie, geen ontlasting meer, ondanks veelvuldig persen.
(Dierenkliniek Anubis)
Voorkom het najagen van fietsers en joggers door uw hond.
|
Voorkom het najagen van fietsers en joggers door uw hond. Bij alle eigenschappen die honden bezitten, mogen we niet vergeten dat de hond van oudsher een jager is. Ondanks alle uiterlijke en ook innerlijke verschillen van ras tot ras, en hond tot hond, zit het jachtinstinct er bij praktisch elke hond nog steeds ingebakken. Dat instinct kan zeer nuttig zijn tijdens het jagen bijvoorbeeld, of tijdens het drijven van schapen, zoals we dat kennen bij de Border Collie. Bij de dagelijkse omgang met onze honden wil het jachtinstinct echter ook nog wel eens de kop opsteken op momenten dat men daar niet zo gelukkig mee is : voorbijkomende bromfietsen, fietsers, ruiters en joggers, zijn voor sommige honden een geliefde 'prooi' om achter aan te jagen. Nog afgezien van de schrik en de ergernis, kan een dergelijke situatie maar al te gemakkelijk tot ongelukken leiden. En de schuld daarvoor is niet op de hond af te schuiven, want de eigenaar blijft altijd verantwoordelijk voor het doen en laten van zijn huisdier. Daarom is het altijd nuttig om een goede famiale verzekering te nemen, die ook eventuele schade door de huishond dekt (lees goede de 'kleine lettertjes', want de éne familiale is de andere niet). Maar veel beter is natuurlijk om alle ongelukjes te vermijden en ervoor te zorgen dat de hond niet achter auto’s, fietsers, etc … aan gaat ! Het voorkomen van deze ongewenste eigenschap rust op 2 pijlers :
1. Het aanleren van voldoende gehoorzaamheid om de hond onder alle omstandigheden (dus ook op momenten dat hij achter iets aan wil) onder controle te hebben. 2. Het zorgen voor een vervangende 'prooi'. 1. Gehoorzaamheid Bij het aanleren van de gehoorzaamheid kan voor dit doel de 'blijf' of 'af' oefening gebruikt worden. Bij 'blijf' wordt de hond geleerd ter plekke te wachten tot hij weer verder mag. Nog iets veiliger is het om de hond met het commando 'af' te leren, namelijk te gaan liggen tot hij weer (op commando van de baas en niet uit zichzelf) overeind mag komen. Beide zaken worden gewoon thuis (waar dus geen afleiding is) aangeleerd. Eerst vlak bij de baas, zodat die kan ingrijpen als de hond het zelf beter denkt te weten. Daarna worden de oefeningen op enige afstand van de baas uitgevoerd. Voor alle duidelijkheid kan het uitgesproken commando vergezeld gaan met een welbepaald gebaar. Bijvoorbeeld : de hand recht omhoog gestoken naar voren toe voor het commando 'blijf' en de hand plat naar beneden naar de grond toe voor het commando 'af'. Eens dat de hond deze zaken onder de knie heeft binnenshuis, moet de training verder gezet worden buitenshuis, waar veel afleiding is door geluiden, passanten en verkeer. Eerst aan een lange leiband, en pas als de hond werkelijk perfect luistert : los. 2. Een vervangende prooi Naast het aanleren van bovenstaande commando’s kan men een vervangende 'prooi' introduceren, als afleidingsmanoeuvre, als er een jogger of een ander na te jagen persoon aankomt. Dit is zeker aan te raden bij honden die de smaak van het najagen al te pakken hebben en op dergelijke momenten oostindisch doof zijn voor het geroep van hun baas. Weinig honden zullen de verleiding van een weggegooide bal kunnen weerstaan en als ze achter de bal aangaan, zullen ze geen oog hebben voor de jogger of fietser. Wen de hond eraan dat de bal op elk willekeurig moment (ook als er geen fietsers of joggers zijn) kan tevoorschijn komen om weg te gooien. Zo zal de hond tijdens de wandeling vooral met zijn aandacht bij de baas zijn en vanzelf minder letten op andere zaken. Voorwaarde is wel dat de hond het balletje altijd terugbrengt naar de baas en er niet mee blijft rondlopen, want anders is de fascinatie van het balletje gauw verdwenen. Dit geldt niet alleen voor buiten, maar ook binnenshuis : het balletje moet fascinerend blijven ! Zodat op 'risicovolle momenten' (wanneer hij bijvoorbeeld een fiets of jogger nadert) het balletje kan tevoorschijn gehaald worden met veel vertoon : de bal is dan oneindig veel interessanter dan die fietser. Gebruik liever geen stokken om te gooien : deze kunnen scherpe uiteinden hebben waaraan de hond zich kan verwonden, en splinteren ook snel, met alle gevolgen van dien. Een bal is trouwens ook makkelijker in een jaszak te stoppen. Neem wel een bal van een degelijk formaat zodat ie niet ingeslikt kan worden. Voor de meest gangbare honderassen voldoet een tennisbal of baseball-bal uitstekend. Grotere honden, grotere ballen ! |
| (Dierenkliniek VvD) |

Gezondheidsvoeding kat
| Mens |
Hond |
Kat | |
| Behoefte op volwassen leeftijd aan: | |||
| Koolhydraten | 60 - 65 % | miniem | miniem |
| Eiwit | 8 - 12 % | 20 - 40 % | 25 - 40 % |
| Vet | 25 - 30 % | 10 - 65 % | 15 - 45 % |
| alleseter | semi vleeseter | vleeseter | |
| Duur voedseltransport | 30 uur - 5 dagen | 12 - 30 uur | 12 - 24 uur |
| Verhouding spijsverteringsorgaan/totaal gewicht | 11 % | 2,7 à 7 % | 2,8 à 3,5 % |
| Dichtheid darmflora | 11.000.000 | 10.000 | 10.000 |




De snurkende hond
Kortsnuitige hondenrassen hebben een erfelijke aanleg voor afwijkingen aan de bovenste luchtwegen. Deze afwijkingen worden gemakshalve gegroepeerd onder de noemer brachycefaal obstructief syndroom of kortweg BOS. Het syndroom omvat volgende afwijkingen: vernauwing van de neusopeningen, een te lang zacht gehemelte, een naar buiten klappen van de laryngeale luchtzakken en een inklappen van het strottenhoofd. Vernauwing van de neusopening en een verlengd zacht gehemelte zijn de primaire anatomische componenten van het syndroom. Eversie van de laryngeale luchtzakken en inklappen van het strottenhoofd treden secundair op. Rassen waarbij deze afwijkingen in hoog percentage voorkomen zijn: Shiz Tzu, boxer, Engelse en Franse bulldog, Pekinees, mopshond, shar pei, chow chow en Boston terriër. Het gaat om een progressieve aandoening die reeds op een leeftijd van 2 - 4 jaar zijn eindstadium van dodelijke larynxcollaps kan bereiken. Vroegtijdige diagnostiek en behandeling is daarom ten zeerste aangewezen.
Inleiding
Door de bewuste menselijke selectie naar eerder extreme uiterlijke kenmerken zijn er verschillende anatomische fouten geslopen in de lichaamsbouw van kortsnuitige honden. We denken dan vooral aan de Engelse en Franse bulldog, de Boston terriër, de mopshond, de Pekinees, de boxer en de dog- en mastiffachtigen. De afwijkingen komen voor op het niveau van de neus (te nauwe neusgaten), de keel (een te lang zacht gehemelte) en het strottenhoofd (het uitpuilen van de laryngeale luchtzakken en het inklappen van het strottenhoofd). Deze aandoeningen worden hieronder in het kort besproken.
De ademhaling
De ademhaling heeft als eerste doel lucht in de longen te brengen om het bloed van de noodzakelijke zuurstof te voorzien. Daarnaast gebruiken honden hun ademhaling ook om overtollige warmte kwijt te raken. Tijdens het hijgen zal speeksel op de tong verdampen in de in- en uitgeademde lucht zodat het lichaam afkoelt. Wanneer nu de ademhaling reeds moeizaam verloopt, is het te begrijpen dat de extra inspanning die door het hijgen wordt gevergd er teveel aan is. Dit verklaart waarom de meeste problemen zich voordoen in perioden met warm weer.
Hindernissen
Vele bulldoggen hebben een onvoldoende stevig kraakbeenskelet van de neusgaten. Hierdoor zullen de neusvleugels inklappen. Zo ontstaat dan de te nauwe opening van de neusgaten, met de typische snotterende ademhaling. Hierdoor moeten kortsnuitigen soms echt moeite doen om lucht door hun neusgaten naar binnen te zuigen. Vaak wordt erg snel overgeschakeld op open mond ademen.
Een tweede barriëre bevindt zich achterin de keel en wordt gevormd door het zachte gehemelte (de huig). Deze structuur dient normaal om de slokdarm af te sluiten tijdens de ademhaling en gaat enkel open bij het slikken. Kortsnuitige honden hebben echter een te lang zacht gehemelte, dat nu niet enkel de slokdarm, maar ook de luchtpijp gedeeltelijk afsluit. Dit is hoorbaar (vooral tijdens de slaap, omdat de spieren dan verslappen) als een opvallend snurkend geluid.
Doordat kortsnuitigen een extra inspanning dienen te leveren tijdens het inademen om deze barriëres te overwinnen zal er een negatieve druk ontstaan in de bovenste luchtwegen. Deze afwijkende onderdruk zorgt voor zwelling en onsteking van het slijmvlies waardoor het probleem nog verergert.
De negatieve druk kan ervoor zorgen dat twee kleine zakvormige structuurtjes bovenaan in het strottenhoofd (de laryngeale luchtzakken) binnenste buiten keren. Hierdoor wordt de doorgang naar de luchtpijp verder belemmerd.
Wanneer een patiënt langere tijd met deze luchtwegproblemen rondloopt zal, door de afwijkende negatieve druk, de kraakbeenstructuur waaruit het strottenhoofd is opgebouwd zijn stevigheid verliezen. Hierdoor klapt het strottenhoofd in elkaar en kan er praktisch geen lucht meer passeren (larynxcollaps).
Klinische symptomen
De voor de eigenaar meest opvallende afwijking is een luidruchtige en bemoeilijkte ademhaling. Patiënten met een te lang zacht gehemelte vertonen zowel bij inademing als bij uitademing een bijgeluid, onafhankelijk van het openen of sluiten van de mond. Sommige patiënten worden aangeboden voor frekwent kokhalzen of het opbraken van slijmen. Aangetaste honden kunnen slikmoeilijkheden hebben, rusteloos slapen en zelfs bewusteloosheid ten gevolge van zuurstoftekort in de hersenen komt voor. Patiënten met ingeklapt strottenhoofd hebben een ademhaling gekenmerkt door het naar achteren opspannen van de mondhoeken, ademen met open mond of continu hijgen, openspreiden van de voorpoten en uitgesproken opspannen van de buikspieren.
Behandeling
Bij patiënten met minimale klachten, kan worden gedacht aan het vermijden van de uitlokkende factoren (inspanning, opwinding). Vermageren is een noodzaak door zijn invloed op de lichaamstemperatuur en de inspanningstolerantie van het dier.
Een medicamenteuze behandeling is enkel aangewezen bij spoedpatiënten om op korte termijn het acute respiratoire ongemak te verlichten. Het afkoelen van de patiënt naast het toedienen van kalmeermiddelen, ontstekingsremmers en zuurstof kunnen levensreddend zijn. Op langere termijn kan medicatie de degeneratieve veranderingen echter niet tegenhouden.
Een echte behandeling is enkel mogelijk door het uitvoeren van een chirurgische correctie. Hierbij kunnen indien nodig zowel de neusopeningen, het zachte gehemelte als de luchtzakken in één sessie worden gecorrigeerd. De neusgaten worden wijder gemaakt door een hoeveelheid kraakbeen uit de neus te verwijderen. Het zachte gehemelte wordt zorgvuldig ingekort en de naar buiten geklapte luchtzakken worden weggesneden. Het chirurgisch herstellen van een ingeklapt strottenhoofd leidt helaas niet tot bevredigende resultaten. Het maken van een permanente opening in de luchtpijp (tracheostomie) kan mogelijks een oplossing bieden.
Tijdens de ingreep dient de nodige aandacht te worden geschonken aan het verdovingsrisico. Ook het wakker worden verdient de nodige aandacht. Zuurstoftoediening is aangewezen en de dierenarts dient uitgerust te zijn om een spoed tracheostomie uit te voeren.
Prognose
Zonder operatieve correctie is het vooruitzicht slecht omwille van het progressieve verloop wat leidt tot de dodelijke larynxcollaps. Wanneer stenotische neusopeningen de enige afwijkingen zijn is de prognose na chirurgische correctie uitstekend. Wanneer deze afwijking in combinatie met andere van het BOS optreedt, zullen de meeste patiënten een duidelijk verminderde inspiratoire inspanning vertonen en een betere inspanningstolerantie hebben wanneer deze afwijkingen chirurgisch worden gecorrigeerd.
De reisapotheek voor hond of kat

Voetballersknie bij de hond
Scheuren van de voorste kruisband zien we bij twee types honden. In de eerste plaats bij jonge, vaak zware, atletische honden zoals de Rottweiler, Herder, Berner Sennen, Beauceron enz.. Ten tweede zien we ze ook bij de wat oudere honden van elk ras maar vaak ook bij kleinere rassen zoals de Yorkshire terriër, Maltezer, Poedel, enz..
Deze scheuren ontstaan door overbelasting van de kruisband. Dit gebeurt vaak tijdens een explosieve beweging zoals jagen achter een vogel of poes, of bij spelen met stokken of een bal. Bij oudere honden echter kan de band scheuren bij dagelijkse bewegingen en dat omdat er slijtage en degeneratie op de band zit.
De band scheurt bij slechts een klein aantal honden direct helemaal. Meestal is er een voorgeschiedenis van kleine scheurtjes die aanleiding geven tot periodes van mank zijn. In de beginfase reageert de hond dan ook nog goed op pijnstillers of ontstekingsremmers en dat zolang de scheurtjes klein zijn.
Als de band echter helemaal scheurt, ontlast de patiënt de poot geheel en zullen pijnstillers geen of nauwelijks verbetering veroorzaken. edeeltelijke scheuren van de voorste kruisband leiden in onze ervaring steeds tot gehele rupturen. Deze totale scheuren kunnen optreden dagen, weken, maanden, of jaren na het optreden van de eerste partiële scheuren.
SchuifladeEens de band helemaal gescheurd is, wordt de knie instabiel en treedt het schuiflade syndroom op. Hierbij is de knie abnormaal te bewegen. Om dit uit te testen is het meestal nodig om de patiënt te sederen. De knie wordt dan stevig vastgenomen en onderzocht op het voorwaarts schuiven van het onderbeen ten opzichte van het bovenbeen. Indien dit kan is de schuiflade positief.
Ook tijdens het wandelen zal deze abnormale beweeglijkheid in de knie aanwezig zijn. Daardoor maalt de knie op de duur haar eigen meniscus kapot. Onderzoek heeft aangetoond dat scheuren van de kruisband die niet worden geopereerd in 100 % van de gevallen leiden tot meniscus scheuren na een jaar. ij grote honden zijn een maand na het optreden van een voorste kruisbandscheur reeds 85 % van de meniscussen gescheurd. ls een scheur van de kruisband optreedt, is het dus verstandig om de ingreep redelijk snel uit te voeren (zonder echte spoed). pijtig genoeg treden er ook nog scheuren van de meniscus op na een herstellende ingreep en dit in nog 15 % van de patiënten. Hoewel dit wat ontgoochelend is, is het alleszins veel beter dan in de 100 % die anders te verwachten is. upturen van de voorste kruisband worden, zoals reeds aangegeven, best chirugisch behandeld. Er zijn meer dan 100 technieken beschreven voor het herstellen van deze afwijking. Wat daarbij opviel was dat de resultaten van de chirurgie slechter werden naarmate de hond meer woog. Er werden bij deze zware honden vaak meniscus scheuren waargenomen, soms maanden na de oorspronkelijke ingreep en tevens bleven de dieren vaak mank vooral na rust. Ook trad er zelfs na een ingreep steeds behoorlijk wat arthrose op. aarom werd recent een geheel nieuwe techniek ontwikkeld.
Wij bieden in onze kliniek 2 technieken aan, de TPLO (= Tibial Plateau Levelling Osteotomy) en de TTA (= Tibial Tuberosity Advancement). Aangezien niet elke hond dezelfde knie heeft en sommige honden geen TTA of andersom, geen TPLO kunnen ondergaan, kunnen we kiezen welke techniek uw dier het beste ondergaat.
Het herstel na de ingreep moet langzaam gebeuren. Daarom moet de patiënt tot zes weken na de ingreep aan de korte lijn worden gehouden. In huis mag hij echter vrij bewegen. Wandelingen moeten kort zijn. Tien minuten is echt het maximum, maar dit mag vaak per dag zijn.Na zes weken mag de patiënt meer doen. Maar de patiënt ineens loslaten en plots alles laten doen is te veel van het goede. De knie wordt dan overbelast. Daarom moet de fysieke opbouw langzaam gebeuren over een periode van 1 tot 2 maanden.
Bij katten worden scheuren van de kruisband vaak gezien in combinatie met een ziekte van de hartspier. Een EKG en echografisch onderzoek is dan ook steeds noodzaakelijk voor de anesthesie bij deze diersoort.
(Dierenkliniek Anubis)