De zoete wind
de zoete wind strijkt
van genot de wangen
in een tastend verlangen
hij aait de huid met zachte hand
en ik, wuivend naar meeuwen,
word badend gedragen
in het warme zand
boven mij spant zich in azuur
de hemelse weide uit,
weids en sprakeloos puur
in mij drijven,
weliswaar bij vlagen,
nog losse wolken
totdat ook zij vergeten
het aardse denken
te vertolken



