Naar de inhoud

Julius V.E. Dreyfsandt zu Schlamm : Gedichten 5

seniorennet.beseniorennet.be

Archief

Op het veld van eer

 

 

heden,
kortom in de loop van de dag
heb ik mijzelf weer rechtgezet
in het lijstje met mijn zelfportret

mijn gezicht was
ietwat gaan schuiven;
neerwaarts het meest

ik raakte reeds
de onderste richel
en mijn fiere kop
hing achterwaarts

niet meer in de houding
zo ik word gekend
met mijn blik;
ingetogen en bedeesd

borst en buik bleken,
hovaardig,
hemelwaarts gericht

en hoewel in de tijd gezien
zij zeker opgezwollen zijn geraakt
is dit toch een pose
die men niet ter aandenken
in een vierhoek bewaart

en waar ik eerst nog
duidelijk vooraan stond
geraak ik steeds verder
in het bos der vergankelijkheid

het enige wat mij nog
van de overigen onderscheidt
is de vaststelling:
"ik ben er nog"
alhoewel ook mijn lijstje slijt

Geschreven door Julius Dreyfsandt zu Schlamm om 14:35

Ik heb de stilte lief

 

 

als ik mijn adem
ingetogen verdeel
heb ik de stilte lief,
zo lief

doch ben aan tijd gebonden
waar voortschrijdende wijzers,
onophoudelijk,
verleden verwachtingen
verwonden

en zie in jonge maagden
dat ik steeds vaker
oudere vruchten teel
in afwachting van de nacht
die onherroepelijk op mij wacht

toch rust ik in mijn avond,
en voel me bemind
door de glimlach
van jouw kind

en als ik mijn adem
ingetogen verdeel
heb ik de stilte lief,
zo lief

Geschreven door Julius Dreyfsandt zu Schlamm om 14:35

Mens, wie zijt gij eigenlijk

 

 

koude kan er zijn
ook al bloeien kleuren
het hele jaar door

liefde sluit geen deuren
overeenkomstig het
ritme der seizoenen

of smelt in hemelsvocht
indien sneeuw of hagelsteen
rechtspreken zonder verhoor

evenmin bevochtigen
tranen een dood tapijt
uitsluitend en alleen
als de herfst daalt
over lanen

kilte kent geen tijd
het overkomt de mens
als het leven
in het innerlijke snijdt

of de ziel het machteloze
wilt verjagen
zodra onze natuurlijke
eenzaamheid in overmaat gedijt

Geschreven door Julius Dreyfsandt zu Schlamm om 14:33

Nachtroep (duogedicht)

 

 

wieg mij
in één zachte adem, verbind
waarheid met wonden

klevend aan het nachtlicht
van stilte

verschuif mijn verlangen naar
het schitterend oog, in pauwenveren
gestileerd

het zal mijn traan dragen, teder
door de wuivende wind
opgerekt

tot een zoet vlies van troost




duogedicht met: kerima ellouise

Geschreven door Julius Dreyfsandt zu Schlamm om 14:32

Vaarwel zomeroogst

 

 

als het verkleuren
van de blaren
nog voor de val
een aanvang neemt

en het najaarsgrijs
de rust inluidt
om aan dood
en opstanding
te wennen

geraakt de mens
vaak snel ontheemd
van zomeroogst
en zal wellicht verval
schielijk herkennen

morgen bestaat
alleen nog in hoop,
woord en dromen

wordt hij enkel zo door
de verstilling geloodst?


Geschreven door Julius Dreyfsandt zu Schlamm om 14:31

Ledematen

 

mijn korte
dikke duimen
en de verder
afgelegen pinken
tikken als toetsen
op een trommel

waar kinderen
op stoeptegels hinken
met maar één been

hoor ik op
de verdieping boven mij
gestommel

daar gaat de buurvrouw
met het andere
langzaam heen

zo bezigt ieder
in eigen ritmiek
de nog actieve ledematen

het bedrijven van de liefde
heb ik,
omwille van de eenvoud,
er maar even
buiten gelaten


Geschreven door Julius Dreyfsandt zu Schlamm om 19:23

De dood na de mosterd

 

zal de stramheid
der leden
ook mijn speelse geest
langzaam tot een stugge
boemelaar smeden

opdat ik het heden
steeds meer ga zien
met wezenloze ogen

als de waarheid
van het verleden
slechts goed is
en de jeugd thans
wordt bedrogen

maar ook dat
de sprankelende schoonheid
door mijn aderen
zal worden gemeden

en de opwinding alleen past
bij nog ongerijpte zielen
terwijl nu al de ouderdom,
nog eer men de mosterd
heeft gevonden,
als sleets wordt beleden

neen, alleen de dood
ja, die houdt mij in de gaten,
zit mij op de hielen
tracht mij de hel in te praten

echter tot het einde der tijden
zal ik mij, Deo Volente,
niet als tweedehands gedragen
of alleen maar voor
een muurbloempje knielen




"Gij zijt gewaarschouwd"

Geschreven door Julius Dreyfsandt zu Schlamm om 19:21

Meer van Julius V.E. Dreyfsandt zu Schlamm : Gedichten 5

↑ Terug naar de berichten