Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht
Norton trial
de trial motoren hadden andere verhoudingen in de versnellingsbak dan de cross en de wegracemotoren.
de nokkenassen waren ook aangepast om meer trekkracht te krijgen op een laag toerental.
copyright etienne willems
Norton
hier nog een Norton van Les Archer, Archer bereed Nortons met een korte en een lange slag, de korteslagtypes gebruikte hij op de snelle circuits.
copyright etienne willems
john Banks
Banks reed veel in België oa in Loppem, Leke, Dinant en vele andere, hij was een van de laatste BSA fabrieksrijders en moest met zijn BSA 4 takt optornen tegen de veel lichtere en wendbare 2takt machines.
copyright eteinne willems
Brandstofkontrole
vroeger durfde men al een keer explosieve componenten aan de benzine toevoegen, zoals ether en ander gevaarlijk spul.
na de cross werden er steekproeven genomen, dit was in de beginjaren enkel het geval bij grote evenementen, de crossers uit de lagere regionen konden nog volop hun brandstof"doperen"
copyright etienne willems
Norton 500 cc
Les Archer Norton 500cc
de Nortons waren krachtige machines, de motoren waren goed maar de frames konden het brute geweld met moeite aan.
copyright etienne willems
Bill Nilsson op zelfbouw AJS
Walter Baeten op Matchless
Leon Liekens sidecar Matchlesscombinatie
hij werd 12 keer kampioen van België bij de sidecars en moest er geen "akkefietje" geweest zijn met de toenmalige BMB dan waren het er dertien, dat vertelde hij me in 1979 toen ik bij hem een motor kocht.
de helft van de overwinnigen in de zijspanklasse boekte hij op Matchless.
copyright etienne willems
Matchless in actie
copyright etienne willems
Matchless / AJS 500 cc Engeland
een van de bekendste rijders op Matchless in Engeland was Vic Eastwood die veel in België reed.
andere bekende Matchlessrijders waren de Belgen René Baeten en Leon Liekens (sidecar)
copyright etienne willems
castrol R40 racing oil
men gebruikte die olie omdat deze van plantaardige afkomst was en tegen zeer hoge temperaturen kon.
deze R40 kon niet gemengd worden met gewone olie en was nogal aan de dure kant.
met de opkomst van de moderne oliën raakte de ricinus in ongebruik.
ricinus olie had het kwalijke trekje wat aan de "zure" kant te zijn, en het kon de onderdelen van het motorblok aantasten als het er lange tijd bleef in staan.
copyright etienne willems
AJS / matchless 500 cc Engeland
Mathless en AJS brengen ons terug bij de zware 4 takten, beide motoren waren bijna identiek van ontwerp doordat beide merken in dezelfde AMC fabriek werden gemaakt.
zwart of bordeau van kleur waren ze, AJS maakte het type 18 CS en Matchless bracht het type G 80 CS.
De legendarische Bill Nilsson won het wereldkampioenschap in 1960 op een AJS 500 maar deze was niet in de AMC fabriek ontwikkeld, maar door Bill Nilsson himself.
hij ontwikkelde de crosser uit een 350 cc wegracemotor van AJS met bovenliggende nokkenas (ik heb er een foto van en plaats hem binnenkort op de blog)
copyright etienne willems
Cotton 250cc Engeland
Cotton maakte gebruik van de Villiers Starmaker motoren die 25 pk ontwikkelden bij 6500 toeren.
een eigenaardigheid op de Starmaker motoren was de carburatie die gebeurde door 2 carburatoren voor 1 cilinder, de eerste deed het werk alleen tot ongeveer 4000 t/m en dan pas ging de gasschuif van de 2de carburator open om de cilinder van een maximale vulling te voorzien.
een Cotton kon men direct herkennen door het zeildoekje dat het motorblok beschermde voor modder en vuil afkomstig van het achterwiel.
copyright etienne willems
joël Robert
copyright etienne willems
Greeves 250cc Engeland
bij zijn eerste verschijning op de circuits stonden de meesten er wat twijfelachtig tegenover.
vooral de rare "sprinkhaanvoorvork" en het scherpe geluid van de tweetakt motor "voelden" wat raar aan.
de machine woog amper 99 kg (tegen 120kg voor de BSA C15) en leverde rond de 25 pk bij 6000 t/m.
het frame was volledig uit gegoten aluminium.
de 2 meest bekende Engelse rijders waren Brian Stonebridge en Dave Bickers die er in 1961 wereldkampioen op werd.
copyright etienne willems
BSA C 15 250 cc (1963)
de olietank en de wielen zijn gewijzigd tov het 1962 model.
dit waren niet de fabrieksmotoren, maar een motor die elke crosser kon kopen.
copyright etienne willems
BSA C 15 250cc (1962)
de C15 was een viertakter en kon niet op tegen het opkomende 2 takt geweld van Greeves , Cotton en andere.
BSA maakte die C15 motoren ultra licht door veel magnesium te gebruiken bij de fabrieksmotoren, de motorcarters waren eveneens uit magnesium gemaakt en moesten na iedere cross vervangen worden omdat de lageringen losgekomen waren in de carterhelften veroorzaakt door de 1 op 11 compressie verhouding.
na een tijdje stelde men vast dat de rondetijden van de 250 sneller was dan die van de Goldstar 500 en men boorde de 250 op tot 411 cc om ermee in de 500 cc klasse te rijden.
dat was meteen het einde van de legendarische Goldstar.
copyright etienne willems
BSA goldstar 500 cc Engeland
voor BSA heeft hij een paar keer het werelkampioenschap binnengehaald.
Jef woont nu in Canada en komt nog regelmatig naar Nederland en België (hij is intussen ±72 jaar) maar nog altijd een bonkige kerel, een echte crosser dus.
copyright etienne willems

