Dinsdag 8 februari 2011
De smid van Fumel
| De smid van Fumel - Een Frans sprookje over een smid en een droevige prinses - |
| In het plaatsje Nérac, de hoofdstad van het département Lot-et-Garonne, woonde vroeger een koning. Hij heette Hendrik IV en hij was zo rijk als de zee, zo liefdadig als een priester, zo dapper als een leeuw, en zo rechtvaardig als goud. Toch was de arme koning niet gelukkig. Dag en nacht hoorde men hem zuchten: "Ach, zelfs een galeiboef is minder te beklagen dan ik! Wel heb ik een dochter, schoon als de jonge dag en zachter dan een heilige, maar ach, ze is zo treurig, zo treurig, dat het nog geen enkele jonkman heeft mogen gelukken, haar ook maar één ogenblik te doen lachen! Ze is en blijft treurig, en daarom noemt mijn volk haar de 'Droevige Prinses'. Verder bezit ik weliswaar zevenhonderd prachtige raspaarden, zwart en glanzig als git, maar het grote witte paard, dat ik veel meer liefheb dan al die zevenhonderd anderen, is zo wild, dat het geen smid ter wereld nog ooit heeft mogen gelukken, het aan alle vier poten te beslaan. En daarom noemt mijn volk dit paard 'De IJzerbreker'. Nee, zelfs een galeiboef is minder te beklagen dan ik!" Eindelijk kon Hendrik IV het niet langer uithouden! "Er moet een eind komen aan deze toestand! "riep hij uit en hij liet de stadstrommelslager roepen. "Trommelslager, ziehier duizend goudstukken. Ga heen en trek door het ganse land, aldoor trommelend en aldoor uitroepend: 'De man, die het gelukt de Droevige Prinses een enkele keer te doen lachen en die verder in staat blijkt te zijn, al de vier poten van 's konings lievelingspaard IJzerbreker te beslaan, zal de schoonzoon en erfgenaam worden van koning Hendrik IV." "Koning, ik zal uw bevel getrouwelijk opvolgen!" Zo gezegd, zo gedaan, de man trok al trommelend en overal zijn boodschap uitroepend, door het gehele land, en van alle zijden kwamen prinsen, graven en hertogen naar Nérac, om te beproeven of het hun misschien mocht gelukken, aan de eisen van de koning te voldoen. Maar geen van allen kon ook maar het kleinste glimlachje te voorschijn roepen op het gelaat van de schone prinses, en nog minder gelukte 't hun, het wilde witte paard te beslaan. In die tijd woonde te Fumel een jonge, sterke smid met zijn oude moeder. "Moeder," zei de smid eens onder het avondeten, "morgen ga ik naar Nérac. Ik weet heel zeker dat ik de Droevige Prinses aan het lachen zal kunnen brengen en dat het me ook zal gelukken, al de vier poten van de wilden IJzerbreker te beslaan. Op die manier word ik dan de schoonzoon en erfgenaam van Hendrik IV." "Beproef het, mijn zoon, en dat de goede God u geleide." Terwijl de oude vrouw dien nacht rustig lag te slapen, haalde de jonge smid al het geld, dat hij bezat - honderd kronen van zes pond en vijftig louis d'or, tevoorschijn uit zijn koffer, en smeedde uit de honderd kronen van één pond vier prachtige zilveren hoefijzers. En uit de vijftig louis d'or vormde hij acht en twintig gouden hoefnagels, zeven voor elk hoefijzer. Tegen zonsopgang was hij met alles gereed, en de smid van Fumel ging op weg naar Nérac, met zijn leren ransel op zijn rug. In die ransel bevond zich een brood, een veldfles vol wijn, een hamer, de vier zilveren hoefijzers en de achtentwintig gouden hoefnagels. Drie uur later zat hij te ontbijten aan de kant van de weg. En in het korenveld aan de overzij zong een krekel, zo zwart als roet: "Kri, kri, kri, dag smid van Fumel!" "Dag, krekel, wat is er van je dienst?" "Kri, kri, kri, smid van Fumel, ik wou graag weten, waar je naar toe gaat." "Krekel, ik ga naar Nérac om de 'Droevige Prinses' aan het lachen te maken en om alle vier de poten van het grote witte paard 'IJzerbreker' te beslaan. Als mij dit gelukt, word ik de schoonzoon en erfgenaam van Koning Hendrik IV." "Kri, kri, kri, neem mij mee, smid van Fumel! Misschien kan ik je van dienst zijn." "Met plezier, Krekel! Anker je maar vast en stevig op mijn kin." Zo gezegd, zo gedaan, en de smid van Fumel zette zijn reis weer voort, met de krekel, zwart als roet, geankerd op zijn kin. * * * wordt vervolgd * * * |
|
| Bron : - "Oud-Fransche sagen, volksoverleveringen en sprookjes" bijeengebracht door S. Troelstra-Bokma de Boer. W.J. Thieme & Cie, Zutphen, 1930, p. 19-24. - www.beleven.org |
|
Geschreven door saagje om 00:00
Reageer op dit bericht


11 reacties op dit bericht
spannend saagje
groetjes van bo
kriebelen onder de voetekes van prinsesje !!!
Dinsdag alweer
tweede dag van de week ingeklemd tussen de eerste
en ’t midden van de week
Ieder mens,
is belangrijk.
Ieder mens,
is uniek.
Voor mij,
ben jij bijzonder,
Aardig,spontaan..
behulpzaam en energiek.
Ieder mens,
is belangrijk..
Van ieder,
is er maar een.
Maar.. alleen jij,
bent fantastisch..
Zoals jij.. is er geen!!!
Geniet van de dingen die je doet
,liefs & knufff….Jeske
Lieve groetjes saagje...nog een fijne namidag.
Dag Saagje
Lieve dinsdaggroetjes ....
Lieve groetjes warme knuffel lieverd
dinsdag

Groetje van bekskemooie dinsdag
Lieve groetjes
Hallo
Ik kom je met dit boeket een
fijne dinsdag wensen
liefs en knuff
xxx
Veel liefs van mij ...:-D
Een vriendelijk gezicht, brengt overal licht. …
Ik kom met lieve groetjes en knuffel …
Een fijne dinsdag wensen…