Naar de inhoud

Terugblikken

akke.beakke.be

Archief

Buiten



Buiten

In Koelucht en in Zalk
daar is het heerlijk wonen,
daar hangen aan een balk
de zakjes bruine bonen
en vlak ernaast, aan een soort rek,
de droge worsten en het spek.
Men zegt op ied're boerderij:
'Kom, neem een stoel en schik eens bij!'
En, vòòr je bent gezeten,
dampt reeds je bord met eten.
De boer gaat voor in het gebed;
de pet wordt afgenomen;
hij zegt, wordt die weer opgezet:
'Wel mag het je bekomen!'
In Zalk of Koelucht zou ik graag
wel altijd willen wonen,
want niets is zo goed voor de maag
als spek en bruine bonen.

Kaap'ren varen



Al die willen te kaap'ren varen

Al die willen te kaap'ren varen
Moeten mannen met baarden zijn
Jan, Piet, Joris en Corneel
Die hebben baarden, die hebben baarden
Jan, Piet, Joris en Corneel
Die hebben baarden, zij varen mee

Al die ranzige tweebak lusten
Moeten mannen met baarden zijn
Jan, Piet, Joris en Corneel
Die hebben baarden, die hebben baarden
Jan, Piet, Joris en Corneel
Die hebben baarden, zij varen mee

Al die deftige pijpkens smoren
Moeten mannen met baarden zijn
Jan, Piet, Joris en Corneel
Die hebben baarden, die hebben baarden
Jan, Piet, Joris en Corneel
Die hebben baarden, zij varen mee

Al die met ons de walrus killen
Moeten mannen met baarden zijn
Jan, Piet, Joris en Corneel
Die hebben baarden, die hebben baarden
Jan, Piet, Joris en Corneel
Die hebben baarden, zij varen mee

Al die dood en de duivel niet duchten
Moeten mannen met baarden zijn
Jan, Piet, Joris en Corneel
Die hebben baarden, die hebben baarden
Jan, Piet, Joris en Corneel
Die hebben baarden, zij varen mee

Goeden nacht



Goeden nacht

De bloempjes gingen slapen
zij waren geurens moe
zij knikten met hun kopjes
mij een welterusten toe
zacht ritselt gindse lindeboom
en lispt als in de droom
goeden nacht, goeden nacht
mijn kindje goeden nacht

De vogels zongen vrolijk
door 't zonnetje gekust
nu vouwen zijn hun vleugels
begeven zich ter rust
alleen het krekeltje in het veld
zijn zoet geheim verteld,
goeden nacht, goeden nacht
mijn kindje goeden nacht

De zandman is gekomen
gluurt door de schemering
of ergens soms een kindje
nog niet ter ruste ging!
en ziet hij zulk een stoute klant
hij strooit in d'oogjes zand
goeden nacht, goeden nacht
mijn kindje goeden nacht.

Bedtijd



Bedtijd

't Is tijd om te gaan slapen,
Komt kind'ren staakt uw spel,
Neen, neen, niet tegen spart'len
't Is tijd, dat weet je wel.

En als je dan in bed ligt
Dan komt Klaas Vaak met zand,
Dat strooit hij in de oogjes
Hij strooit met volle hand.

Het bloempje sluit haar kelkjes,
't Is moe van al de pret,
Zie zoo nu nog een nachtzoen
En één twee drie, naar bed.

De groenteboer



De groenteboer

Daar komt Jaap de groenboer aan
met zijn ezelwagen
voor de huisdeur blijft hij staan
en ik hoor hem vragen
Juffrouw koopt U wat van mij?
erwten, bonen, selderij
kijk eens in mijn manden
alles ligt voorhanden.

Juffrouw zie mijn waar eens na
zeg, wat moet er wezen?
wort'len, bloemkool, uien, sla..
alles uitgelezen
twee bos wort'len, dat is goed
fris van kleur en suikerzoet
Juffrouw, o wat zullen
straks Uw kind'ren smullen!

Zie die mooie peulen daar
wilt u die niet kopen?
blijft de kar zo vol en zwaar
dan wil Grauw niet lopen
Jaapje, neen! vandaag niet meer
morgen kom ik wel eens weer
'k zal het niet vergeten
Juffrouw, smaak'lijk eten!

Zeg kwezelken



Zeg kwezelken

Zeg kwezelken wilde gij dansen?
Ik zal u geven een ei.
Wel neen ik, zei dat kwezelken,
Van dansen ben ik vrij.
'k En kan niet dansen,
'k En mag niet dansen,
Dansen is onze regel niet,
Begijntjes en kwezelkes dansen niet.

Zeg kwezelken wilde gij dansen?
Ik zal u geven een koe.
Wel neen ik, zei dat kwezelken,
Van dansen wordt ik te moe.
'k En kan niet dansen,
'k En mag niet dansen,
Dansen is onze regel niet,
Begijntjes en kwezelkes dansen niet.

Zeg kwezelken wilde gij dansen?
Ik zal u geven een paard
Wel neen ik, zei dat kwezelken,
't En is mij 't dansen niet waard.
'k En kan niet dansen,
'k En mag niet dansen,
Dansen is onze regel niet,
Begijntjes en kwezelkes dansen niet.

Zeg kwezelken wilde gij dansen?
Ik zal u geven een man.
Wel ja ik, zei dat kwezelken,
'k Zal al doen wat ik kan.
Ik kan wel dansen,
Ik mag wel dansen,
Dansen is onze regel wel,
Begijntjes en kwezelkes dansen wel.

Word wakker



Word wakker

Word wakker, 't zonnetje is al op.
De bloemen kijken uit hun knop.
De vlugge leeuwerik zingt allang,
de zwaluw tjilpt haar morgenzang.
Word wakker, word wakker, word wakker
Word wakker, word wakker, word wakker.

Het duifje strijkt zijn veertjes glad,
En trippelt vrolijk over 't pad.
De haan kraait voor de tweede keer
't is buiten alles in de weer.
Word wakker, word wakker, word wakker
Word wakker, word wakker, word wakker.

Vlindertje



Vlindertje, wat ben je keurig

Vlindertje, wat ben je keurig,
met je vlerkjes blauw en rood.
Nee, ik zal je heus niet vangen,
want dan ga je immers dood!
Vlieg maar rond, naar alle kanten
in de mooie zonneschijn.
Ik zou, als ik in je plaats was,
óók niet graag gevangen zijn!

Zie je wel die mooie bloempjes?
En wat zeg je van hun kleur?
En gebruik eens goed je neusje:
ruik je wel die lekk're geur?
Jij mag blij zijn, jij moet vrij zijn,
zoek de mooiste bloempjes maar:
Vlindertjes en mooie bloempjes
horen immers bij elkaar?

De bokkewagen



De bokkewagen

In een eigen koets te rijden,
Ei, dat lijkt een groot pleizier;
Zie dat maar eens aan die beiden
Op ons lieve prentje hier.

Als een prins en een prinsesje
Zitten ze daar zij aan zij
In hun kostelijk kalesje
Met nog wel een knechtje erbij.

Ja, ja, wie dat kleine paartje
Zoo ziet toeren door de stad,
Wou haast, dat hij 't volgend jaartje
Ook zoo'n equipage had.

Maar toch, honderdduizend kindren
Gaan maar simpeltjes te voet,
En zou hun dat wel wat hindren,
Of bekomt hun 't minder goed?

Het orgeltje



Het orgeltje

Twee kinderen zouden naar school gaan
ze waren zo vrolijk en blij
in de verte hoorden ze een orgeltje
daar moesten ze eventjes bij
en 't orgeltje speelde van holie,ha,hij
en de kinderen dansten er bij.

En het orgeltje bleef maar staan draaien
en de kinderen dansten maar door
maar plots, daar klonken twee slagen
en die slagen drongen in 't oor
en ze holden wegen met een angstig gezicht
maar de deur van de school was al dicht.

Wat moesten ze nu toch beginnen
wat hadden ze nu toch gedaan
was het orgeltje maar niet gekomen
dan hadden ze hier niet gestaan
en het orgeltje speelde van holie, ha, hij
en de kinderen huilden er bij !

Meer van Terugblikken

↑ Terug naar de berichten