Naar de inhoud

FAMILIE IDING TEN BOSCH

Familie Iding ten Bosch - Varsseveld - Heurne - Huissen - Westervoort - Lichtenvoorde
akke.beakke.be

Berichten van 2 oktober 2008 tot 3 oktober 2008

Huisindustrie ***


159255-22708fe7daf1ecedd2ac1ebb97def56e.jpg


Huisindustrie vlasbewerking


159255-785d58d5063e0984ee01d104a386509a.jpg


Huisindustrie weven

Uit "Een zestigtal Rapporten over Huisindustrie in Nederland"

 

De huisweverij te Goirle (N.-B.).


Aantal: In het in de nabijheid van Tilburg gelegen Goirle wordt naast de fabriekmatige weverij nog door een I50-tal wevers thuis gewerkt. Zij vervaardigen in hoofdzaak behangsellinnen, katoen en jute voor ondernemers daar ter plaatse. Het behangsellinnen (het z.g. schilder) bestaat uit een ketting van linnen en een inslag van linnen of jute. Het katoen wordt voor spandoek, de jute voor zakken gebruikt. De huiswevers ontvangen meestal het garen gespoeld van de fabriek, waarvoor zij werken, doch bij het behangsellinnen moeten zij doorgaans den inslag zelf spoelen of laten spoelen.

Slechts enkele ondernemers laten alleen in huisindustrie hun goederen vervaardigen.

Vreemde arbeidskrachten worden door de huiswevers zeer weinig gebruikt.


Arbeidsduur: De arbeidstijden zijn zeer afwisselend en zijn bij den eenen wever veel langer dan bij den anderen. Dit is een gevolg hiervan, dat in vele gevallen de verdiensten, die de overige gezinsleden op de textielfabrieken hebben, den wever niet zoo noodzaken tot het maken van lange arbeidstijden als elders.

Er werkten: 6 uur of minder: ± 40 wevers, 7 of 8 uur: ± 35, 8 uur tot 10 uur: ± 35, meer dan 10 uur: ruim 40 wevers.

Loon: In één geval werd als uitzondering een gemiddeld weekloon van f 9.50 bereikt, in alle andere gevallen was dit beduidend minder. Een gemiddeld weekloon van f 7.50 is het gewone maximum.

De drukke tijd is van Nieuwjaar tot Augustus, soms tot September. Herhaaldelijk komt het voor, dat de wevers op taak worden gesteld, d. i., dat zij niet meer dan een bepaald aantal stukken per week mogen weven.


Vrouwen- en kinderarbeid: Onder de wevers bevinden zich ook een dertigtal vrouwen, die dezen zwaren arbeid verrichten. In de gevallen, waarin door den wever de inslag thuis gespoeld moet worden, geschiedt dit meestentijds door de vrouw; een twintigtal verrichten aldus spoelarbeid. Kinderarbeid komt ook hierbij enkele malen voor.


Woningtoestanden: Veertien wevers bewoonden een éénkamerwoning.. Hiervan werden 14 éénkamerwoningen tezamen bewoond door 53 personen.

 

2 éénkamerwoningen

elk bewoond door 1 persoon   

2

4       ,,

2 personen 

8

2       ,,

3

6

1       ,,

4

4

3       ,,

5

15

1       ,,

8

8

1       ,,

10

10

 

Het meest voorkomende type is de tweekamerwoning, waarvan het gevolg is, dat een afzonderlijk werkvertrek weinig voorkomt. Bij meer dan een derde der wevers werd in het werkvertrek tevens geslapen, hetgeen door de stofdeeltjes, die bij het weven loskomen, wat vooral bij de jute geschiedt, zeer onhygiënisch is.


159255-539f905505f9250bd057d43d66cbb046.jpg


Beschrijving: Haspelmachine bij jutespinnerij en weverij fa. Ter Horst te Rijssen. Het gesponnen jutegaren wordt tot strengen gehaspeld

 

Datum: Circa 1919

 

Uit "Een zestigtal Rapporten over Huisindustrie in Nederland"

 

De huisweverij te Tilburg.

 

Aantal: Te Tilburg werden vanwege de Enquête Commisie ± 350 wevers bezocht. Hiervan waren:

bijna 100 wevers van fries, 40 van katoen, ruim 40 van cheviot, 110 van laken, 25 van bukskin.

Vrouwelijke arbeidsters, die dit zware werk verrichten, zijn zeer talrijk.


Arbeidsduur: Voor de grootste helft der wevers bedraagt de dagelijksche arbeidstijd tusschen 10 en 13 uur. Doch niettegenstaande dezen langen arbeidsdag is het loon niet hoog.


Loon: Hoe laag het loon is, komt het scherpst uit, wanneer men de uurloonen nagaat, welke de wevers door elkaar genomen maken,

Een uurloon van hoogstens 4 cent verdienden 17 % van de wevers, 47% verdienden 6 cent per uur, 27% verdienden 8 cent en slechts 9% meer dan 8 cent per uur.


De toestand van de Tilburgsche huiswevers is dan ook zeer slecht. Voor een deel vindt dit zijn reden in de vele bijkomstige verrichtingen, die de wever te doen heeft vóór hij kan beginnen te weven; zoo moet hij den ketting drogen, den inslag nat maken enz. Bovendien is er zeer dikwijls niet voldoende werk van den ondernemer te verkrijgen.


Woningtoestanden: In bijna alle gevallen werd in het werkvertrek tevens gewoond en gekookt, en in vele gevallen ook gegeten.


Uit "Een zestigtal Rapporten over Huisindustrie in Nederland"

 

De huisweverij in Eindhoven en omstreken.

 

Aantal: Huiswevers in Eindhoven en omstreken werden gevonden in Boxtel ± 15, Heeze 10, Geldrop 60, Zeelst ± 50, Meerveldhoven 20, Nunen 30, Zesgehuchten ± 25, Veldhoven 30, Waalre 20, Gerwen 15, Someren 5, Strijp ± 20, Aalst 30, Woensel ± 20, Gemert ruim 100 en in Mierlo ± 60, in het geheel dus tusschen de 500 en 600 wevers.


Loon: De  loonen  wisselen uiteraard eenigszins naar de verschillende plaatsen en naar de soort van weefsels, die vervaardigd worden. In het algemeen kan gezegd worden, dat te Mierlo en te Gemert de toestand der wevers het slechtst is. Dit blijkt uit de zeer lage loonen die hier verdiend worden. Voor Gemert verkreeg men b.v. de volgende gegevens betreffende de uurloonen: 13 % verdienen gemiddeld tot 4 cent per uur, 37 % van 4 tot 6 ct. per uur, 27% van 6 tot 8 cent per uur, 23  % meer dan 8.  In de overige  plaatsen zijn de uurloonen wat hooger.
 
Vrouwenarbeid: De wevers worden, voor zoover zij hun garen moeten spoelen, daarin door hun vrouw bijgestaan.


Kinderarbeid: deze komt in de textielbranche zeer weinig meer voor


159255-c3829487ae0992869979242c1e487ae7.jpg

Kinderen aan het werk bij de Nieuw Buiner Glasfabrieken Meursing en Co

Reageer op dit bericht Stuur door

Huisindustrie ****


159301-d8567b0e6b330545cd74985b5a556575.jpg


Kinderen naaien jutezakken bij de jutespinnerij en weverij Ter Horst

De zakken worden met de hand genaaid en het gemiddelde ligt op 25 tot 30 zakken per persoon per dag

 

Uit "Een zestigtal Rapporten over Huisindustrie in Nederland"

 

Het zakkennaaien te Goirle (N -B,).

 

Aantal: Tusschen de 30 en 40 vrouwen houden zich te Goirle met het naaien van zakken bezig, waarin sommige huisarbeidsters bijgestaan worden door leden van haar huisgezin: man, volwassen dochters of kinderen. De leeftijd der door ons bezochte arbeidsters liep van 24 tot 67 jaar.


Product: Zij naaien uien-, bloem-, suiker-, bonen en kolenzakken.

Kinderarbeid: Bij het onderzoek werden ? kinderen, waarvan 7 jongens en 4 meisjes, beneden de 14 jaar, aangetroffen, die, hetzij tusschen of na schooltijd, hun moeder eenige uren per dag in het werk hielpen.


Arbeidstijd: Daar het werk slechts bijverdienste voor de vrouwen is als aanvulling van het loon, dat haar man of kinderen op de fabriek ontvangen, is de arbeidsduur in het algemeen niet lang; de zorg voor de huishouding neemt veel tijd in beslag. Zeven arbeidsters werken gemiddeld minder dan 3 uur, veertien van 3 tot 5 uur, vier van 5 tot 10 uur en één 10 uur per dag. In de helft der gevallen wordt nog 13 uur per dag door een lid van het huisgezin meegewerkt.

Zij ontvangen niet geregeld arbeid; bij de meesten worden daardoor de verdiensten beperkt, vooral daar velen slechts 3 tot 6 maanden werk hebben.


Loon: Het gemiddelde weekloon varieert van 65 cent tot f 2.50. In overeenstemming hiermede is het uurloon laag en varieert van 2 tot 6 cent.


Woning: Geen dezer arbeidsters heeft een afzonderlijk werkvertrek. De woning bevat steeds 2 kamers; in 13 gevallen werd in het werkvertrek zoowel gekookt, gehuisd als geslapen.


159301-13c948673626bb95626ba4256c638633.jpg


Huisindustrie zakkennaaisters te Goirle

 

Uit "Een zestigtal Rapporten over Huisindustrie in Nederland"

 

Het zakkenstoppen te Venlo.

 

Omvang: Voor den exporthandel op Duitschland in meel, erwten, boonen en lijnkoeken, zijn er gezinnen, die geregeld de gonjezakken stoppen voor de expeditie bestemd. De uitgifte geschiedt door een drietal firma's. Het is meer bijverdienste, speciaal vrouwenwerk.


Aard van het werk: De gonjezakken worden betaald per stuk of per 100. Soms zijn het weinig meer dan lompen, waarvoor echter geen extra betaling wordt gegeven. De zakken zijn allen reeds gebruikt. De smerigste zijn die voor lijnkoeken bestemd. Het stoptouw moeten de werksters bekostigen; slechts één werkgever levert het gratis. Daar het een zeer onzindelijk werk is, geschiedt het bij hooge uitzondering 's winters in huiskamer of keuken. Zomers wordt in de schuur of op het erf gewerkt.


Loon en arbeidsduur. Er is een groot verschil in de verdiensten. Per zak betaald bedraagt dit ? of 2 cent, per honderd berekend 60 en 75 cent. Daar het een zeer ongeregelde arbeid is, zijn de arbeidsduur en verdiensten moeilijk te bepalen. Van een werkster, die geregeld stopwerk had, bedroeg de arbeidstijd per week 70 uren en de verdienste f 5.50 a f 6. Doch dit is eene gunstige uitzondering. Anderen gaven als weekloon op f 1.00,  f 2.00,  f 2.50 tegen een uurloon van 5 cent. Kinderarbeid komt niet voor.


159301-07864f2927963b8603c2ab5d3ae47dd7.jpg


Mattenvlechten te Putte

 

Uit "Een zestigtal Rapporten over Huisindustrie in Nederland"

 

Het vervaardigen van matten in het Noorden van Overijsel.

 

Aantal: Volgens een schatting in de Verslagen van de arbeidsinspectie, waaruit voor het volgende een en ander is overgenomen, zijn in de mattenindustrie in Overijsel ongeveer 1800 personen werkzaam. Vooral in de gemeenten Genemuiden, Hasselt, Wilsum en Grafhorst wonen zeer vele matters.


Techniek: De grondstoffen voor het maken van vloermatten zijn bies en rusch. Het snijden en bewerken van biezen en russchen wordt meestal des zomers door de matters gedaan. Het biezensnijden, waarbij men 8 a 9 uur per dag in het water staat, is een zwaar en ongezond werk.

De rolmatten worden geweven met behulp van een matten-raam, waarop een aantal draden van dun touw gespannen zijn, tusschen welke de biezen of russchen gevlochten worden.


Bedrijfsvorm: In de tweede helft der 18 de eeuw is de bedrijfsvorm der mattenindustrie zeer veranderd. Het is tegenwoordig niet meer een zuivere huisindustrie. Dat is ten deele het gevolg van een nieuwere wijze van verpachting der biesvelden, namelijk een verpachting in kleine perceelen met betaling eerst na maanden. Nu kan elk arbeider zich het noodige bies aanschaffen. Dientengevolge zijn de groote mattersbazen, die vele huisarbeiders in dienst hadden, voor een groot deel verdwenen en werken de matters voor eigen rekening. In plaats van de afhankelijkheid van de mattersbazen is nu een groote afhankelijkheid der matters van de opkoopers-handelaars getreden. Wel is het loon der eigenwerkers iets hooger, maar zij moeten nu het risico dragen van den biezenoogst en van de prijswisseling der matten. Echter komt ook nog wel het matten voor rekening van een patroon voor.


Arbeidsduur: De werktijd der matters is zeer lang.

Velen beginnen reeds om 4 a 6 uur 's morgens en werken dan tot 's avonds door.


Loon: Het weekloon van een matter, die voor een ander werkt, bedraagt ongeveer f 3 voor een biezenmatter en f 2 voor een russchenmatter. Voor eigenwerkers zijn deze cijfers ongeveer f 4 en f 2.80. Wel ontvangen de eigenwerkers wekelijks veel meer, maar daarvan moet worden afgetrokken het bedrag van de pachtsom van het bies en van het loon voor het biezensnijden.

Terwijl het uurloon der loonarbeiders 4 a 4,1 cent bedraagt, is dit cijfer voor de eigenwerkers 5 a 5,1 cent.


Kinderarbeid: Doordat het maken van kleine matten veel minder loonend is geworden, is de kinder-exploitatie veel geringer dan vroeger. Toch werken nog ongeveer 200 kinderen mee.


Andere inkomsten: Het mattenvlechten geschiedt alleen des winters en is dan voor de meeste gezinnen de eenige bron van inkomsten. Wel vindt men onder de matters enkele kleine boertjes, maar meestal zijn het losse arbeiders, die 's winters geen werk hebben. Des zomers verhuren zij zich bij een boer voor ongeveer f 6 per week; alleen in den hooitijd en in den tijd van het biezen snijden verdienen zij veel meer.


Gezondheid: De heer Meijers heeft aangetoond, dat de sterfte aan tuberculose in de mattersgemeenten meer dan tweemaal zoo hoog is als de gemiddelde sterfte aan deze ziekte in Nederland.

In het naburige Zwartsluis, waar grootere welvaart heerscht en dus niet gemat wordt, is het tuberculose-sterftecijfer slechts 1/3 van het cijfer voor Genemuiden. Dit is waarschijnlijk niet een gevolg van het mattersbedrijf zelf, maar van de armoede, de ondervoeding en de slechte woningtoestanden. De woning bevat meestal slechts één klein vertrek.


159301-3dd069cee174de26318aa965a04c36d9.jpg


Strohulzenmakerij te Oisterwijk

 

Uit "Een zestigtal Rapporten over Huisindustrie in Nederland"

 

Het vervaardigen van stroohulzen te Oisterwijk en te Leende (IM.-B.)

 

Aantal: Hier werden 15 gezinnen bezocht, die zich bezig houden met het maken van stroohulzen voor flesschen enz.

Door middel van een ijzeren plaat wordt het stroo dubbel geslagen, waarna het met de machine gestikt wordt. Ten slotte wordt de huls gebonden.


Bijverdienste: Dit werk is een bijverdienste; het geschiedt meestal door vrouwen en kinderen, soms echter ook door mannen. De man is vaak schoenmaker (loon f 6 a f 7 per week). Deze gezinnen beschikken steeds over een stukje land.


Kinderarbeid: Een twaalftal kinderen beneden 14 jaar werken mee, waaronder kinderen van 8 en 9 jaar. Het aantal is misschien wel grooter.


Arbeidstijd: De arbeidstijd is zeer verschillend; meestal 7 a 14 uur per dag, soms echter maar 4 a 5 uur. De schoolgaande kinderen werken 4 uur per dag.


Loon: Voor het maken van 1000 stroohulzen wordt 90 cent betaald. Sommigen houden zich alleen met het binden bezig, waarvoor 40 cent per 1000 betaald wordt. Het uurloon varieert van 2, tot 5 cent.

Per week wordt door een gezin met dit werk meestal f 2 a f 3 verdiend.


Woning: De woning bevat meestal 2, soms 3 kamers. Slechts in een paar gevallen is er een werkschuur, meestal geschiedt het werk in het woonvertrek, dat dikwijls ook keuken en slaapkamer is.

 

 

 

Reageer op dit bericht Stuur door

Meer van FAMILIE IDING TEN BOSCH

↑ Terug naar de berichten