Tomaat-garnaal met mojo uit de Canarische eilanden


4 middelgrote tomaten- blaadjes Romeinse sla
320 g handgepelde garnalen- peper- zout en olijfolie
Voor de mojo:
6 teentjes knoflook- 4 g komijnzaadjes- 1 bosje koriander,fijngehakt- 1/2 bosje platte peterselie, fijngehakt- 200 ml olijfolie- 200 ml maïsolie- 50 ml sherry-azijn- peperen- zout- snuifje suiker
Maak eerst de mojo, de beroemde saus van de Canarische Eilanden. Plet de knoflook met zout en komijn tot een pasta. Maak een mayonaise zonder mosterd met olijf- en maïsolie en sherry-azijn. Kruid met peper en zout en een snuifje suiker. Roer er de knoflookpasta, koriander en peterselie onder.
Pel nu de tomaten. Snij het hoedje er af. Haal de kern en de pitten uit. Leg de tomaten even omgekeerd om ze wat te laten uitlekken. Schik enkele blaadjes sla op een bord. (De tomaat en garnalen primeren, de sla is er enkel als toets). Vul de tomaat royaal met garnalen. Kruid met peper en zout en een scheutje olijfolie. Schik de tomaat naast de sla en leg er een lepel van de mojo naast.
Tip:
Garnalen zijn té lekker om ze te verdrinken in mayonaise of saus. Wees dus zuinig met de mojo, de saus moet het gerecht ondersteunen, niet overheersen. Zet eventueel een kommetje met mojo op tafel.


















3. verdeel het deeg in tweeën. Bewerk de twee stukken op een tafel met de deegrol, tot u twee identieke vellen van 1 mm dik hebt. Verdeel in gelijke vakjes. Schep op elk vak ongeveer 1 koffielepel ricottamengsel (zie foto 1). Bedek met het andere vel (zie foto 2) en druk met uw vingers de twee vellen rond de vulling samen. Snijd de ravioli met een deegwieltje of een mes (zie foto 3). Bestrooi met bloem en laat 1 uur rusten.
4. Kook de ravioli gedurende 7 minuten in veel water met zout. Laat intussen de boter met de salie in een pan smelten. Laat de ravioli uitlekken en meng ze met de boter. Onmiddellijk opdienen, met de rest van de parmezaan op de rand van het bord.



