bel20-aex 29/3/2012
|
Slotkoers Bel20 29 maart 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
|
Slotkoers AEX 29 maart 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
|
bel20-aex 29/3/2012|
Slotkoers Bel20 29 maart 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
|
Slotkoers AEX 29 maart 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
Brandnetelbladroller
![]() |
| B b B b 18 a 47 | |
| Brandnetelbladroller | |
|
De brandnetelbladroller (Celypha lacunana), is een nachtvlinder uit de familie Tortricidae, de bladrollers. Duits : Celypha lacunana Frans : La Tordeuse du fraisier |
|
Brandnetelbladroller auteur : Svdmolen CC 3.0 |
|
|
Een zeer polyfage soort die gevonden kan worden op een reeks loof- en naaldbomen (beuk - Fagus, berk - Betula, lijsterbes - Sorbus, wilg - Salix, Larix en spar - Abies) en ook veel kruiden en struiken, veel te vinden op brandnetel (Urtica), munt (Mentha) en spirea (Filipendula) (Razowski, 2003a). De rups leeft van september tot na de overwintering in april en mei. |
|
Brandnetelbladroller auteur : James Lindsey at Ecology of Commanster CC 3.0 |
|
|
De brandnetelbladroller is in Nederland en in België een algemene soort. Met brandnetelmot werden vroeger meerdere soorten bedoeld, omdat ze allemaal deze naam droegen: Celypha lacunana, Anthophila fabriciana en Anania hortulata. |
|
|
Bron : - Wikipedia CC 3.0 - tinternet |
bel20-aex 28/3/2012|
Slotkoers Bel20 28 maart 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
|
Slotkoers AEX 28 maart 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
Brandnetel
![]() |
| B b B b 18 a 46 | |
| Brandetel | |
|
Brandnetel (Urtica) is een plantengeslacht waarvan in Nederland en België de grote brandnetel (Urtica dioica) en de kleine brandnetel (Urtica urens) voorkomen. De botanische naam Urtica dioica komt van het Latijnse uro "ik brand", wat verwijst naar de pijnlijke en/of irriterende brandharen van de plant, en het Griekse dioica "2 huizen", wat verwijst naar de mannelijke en vrouwelijke planten. In Nederland en België komen de grote brandnetel en de kleine brandnetel voor. Duits : Brennnesseln Frans : Les orties |
|
Grote brandnetel |
Kleine brandnetel |
|
De bovengrondse delen van brandnetel zijn rijk aan carotenen, vitamine C en ijzer. De Romeinen die in onze koude streken gelegerd waren, haalden soms brandnetels over hun benen om het warm te krijgen. |
|
Kleine brandnetels - Urtica urens auteur : Leo Michels CC0 1.0 |
|
|
Brandnetels worden gemeden door de mens omdat de brandharen van de plant bij aanraking zeer pijnlijk zijn. Onderzoek uit 1849, 1947 en 1969 toonde aan dat de brandharen acetylcholine, histamine, serotonine en mierenzuur bevatten. Wat de histamine betreft is het zelfs onduidelijk of deze afkomstig is van de brandharen of uit de mestcellen in de huid. |
|
brandharen van de brandnetel auteur : Jerome Prohaska CC 3.0 |
|
|
De grote brandnetel komt voor op stikstofrijke, humushoudende grond en vaak op halfbeschaduwde plaatsen. Op de brandnetel komen ongeveer 50 vlindersoorten voor, waaronder atalanta, brandnetelmot, brandnetelmotje en distelvlinder. De kleine brandnetel komt voor op akkerland en in moestuinen, waar de soort als onkruidprobleem wordt beschouwd. |
|
Grote brandnetels - Urtica dioica auteur : Leo Michels CC0 1.0 |
|
GebruikJonge brandnetelstengels van de grote brandnetel kunnen als een soort spinazie gegeten worden. De bovenste bloeiende stengel met bladeren met niet meer dan 10% stengelaandeel van twee niet in Nederland voorkomende soorten, is gedroogd te gebruiken als geneeskrachtig kruid en heeft een iets bittere smaak. Bloedzuiverend, bloedstelpend, zwak vochtafdrijver, anti-allergisch, voedzaam. Indicaties. - Huidaandoeningen, zoals eczeem - Allergische aandoeningen, zoals hooikoorts en astma. - In de menstruatie om zware bloedingen te verlichten. - Bij een vergrote prostaat (gebruik hierbij de wortel). |
|
Brandnetelthee |
|
|
Bladeren en stengels geweekt in water geven een geur die uitstekend geschikt is voor de bestrijding van luizen. Brandnetelgier is een middel dat gebruikt kan worden ter bestrijding van allerlei soorten luis en rupsen. |
|
Brandnetelkaas |
|
|
Lange tijd werd de grote brandnetel voor het verven van wol gebruikt. Modelabel Brennels heeft in provincie Flevoland (NL) eigen brandnetelplantages en ontwikkelt daar een innovatief productieproces voor het losweken van de hoogwaardige vezels. |
|
Brandnetelsoep |
|
|
De plant werd ook gebruikt voor de productie van papier en textiel. In het Amazonegebied wordt de brandnetel nog steeds gezien als helende plant. In Engeland worden wedstrijden "brandnetel eten" gehouden het World Nettle Eating Championship. |
|
|
Bron : - Wikipedia CC 3.0 - tinternet |
|
bel20-aex 27/3/2012|
Slotkoers Bel20 27 maart 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
|
Slotkoers AEX 27 maart 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
Brandmuis
![]() |
| B b B b 18 a 45 | |
| Brandmuis | |
|
De brandmuis (Apodemus agrarius) is een knaagdier uit de onderfamilie Murinae, behorende tot de bosmuizen (Apodemus). De brandmuis komt voor in Centraal- en Oost-Europa en in Noord- en Oost-Azië, in twee van elkaar gescheiden gebieden. Duits : Brandmaus Frans : mulot rayé, mulot de champs, souris agraire, souris des champs, souris rayée, souris rousse, Rat à bandes, rat des champs |
|
Brandmuis auteur : © Ekaterina Smirnova |
|
|
De brandmuis heeft veel weg van rotsmuizen, maar hij kenmerkt zich door de duidelijke donkere streep van de top van de nek tot aan de staartwortel. Een volwassen dier is 73 tot 123 millimeter lang en 16 tot 25 gram zwaar. |
|
Brandmuis - Apodemus agrarius auteur : © Ingo Stiegemeyer |
|
|
De brandmuis leeft vooral in bosranden, struikgebieden, heggen, graslanden en riviervalleien. Hij graaft meestal zelf zijn hol, maar kan ook het hol van een ander klein knaagdier betrekken. De brandmuis leeft van plantaardig materiaal als kiemplanten, knoppen, vruchten en noten, en van dierlijk materiaal als insecten, larven, wormen en slakken. |
|
|
Bron : - Wikipedia CC 3.0 - tinternet |
bel20-aex 26/3/2012|
Slotkoers Bel20 26 maart 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
|
Slotkoers AEX 26 maart 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
Brandmerking
![]() |
| B b B b 18 a 44 | |
| Brandmerking (lijfstraf) | |
|
Brandmerking was een strafmaatregel, een lijfstraf. Daar elke stad haar eigen speciale brandmerk bezat, kon de rechter het gerechtelijk boeksken (strafregister) van de delinquenten snel aflezen. Engels : Human brandingDuits : Brandzeichen, Brandmal, Zuchtbrand, Schenkelbrand Frans : Le marquage au fer, branding |
|
Een oude tekening waarop rechtsonder mensen gebrandmerkt worden. |
|
|
Het brandmerken geschiedde met een gloeiend ijzer (brandijzer), meestal op het gelaat, zoals de wangen of het voorhoofd, de beul smeerde vaak buskruit in de gebrande wond, om zodoende een duidelijke brandtekening te verkrijgen. In de 14de eeuw werd deze straf voornamelijk voor bedrog en vervalsing uitgevoerd, later - voornamelijk in de 16de eeuw - ook voor diefstal, landloperij en prostitutie. |
|
Brandmerk van de stad Deventer |
|
|
Onder invloed van het Canoniek recht (vanaf medio 17de eeuw) werd het brandmerken in het gezicht bij wet verboden, evenals het afsnijden van de oren, het brandmerken bleef nog tot het begin van de 19de eeuw in gebruik, maar dan op schouder, bovenarm en rug. Als brandmerk werd in de regel gekozen voor het stadswapen of de eerste letter van de stadsnaam, voor tot de galeien veroordeelden werd de letter "G" ingebrand, in sommige landen, en onder andere in de Amerikaanse staat Pennsylvania, werd de letter "A" gebruikt voor overspelige vrouwen (Adultery) - in Frankrijk werd tot halverwege de 18de eeuw het Franse symbool Fleur de lis ondersteboven op borst of schouder gebrand. |
|
|
Bron : - Wikipedia CC 3.0 - tinternet |
Brandmerk (schip)
![]() |
| B b B b 18 a 43 | |
| Brandmerk (schip) | |
|
Een brandmerk is een middel om een zaak te identificeren door middel van een niet zonder kenbare sporen verwijderbaar merkteken. |
|
Het brandmerk, het meetbriefnummer en het SI-nummer op de "Crane Barge 2" van Van Esch Internationaal. foto : Jan Meppelink |
|
|
Bij schepen die in het Nederlands Kadaster zijn geregistreerd, bestaat het brandmerk uit een doorlopend nummer, rubriek, kantoor en jaar van teboekstelling: • Z voor Zeevaart• de plaats van registratie • het jaar van registratie Voorbeeld: 19660 B ROTT 1988 In België bestaat geen brandmerk op schepen, zoals Nederland dat kent. Op Belgische schepen wordt meestal het officieel scheepsnummer (ook wel genoemd Europanummer, Rijnvaartnummer of per 1 april 2007 geleidelijk het vervangende ENI-nummer) en/of het nummer van de meetbrief aangebracht. Dat meetbriefnummer bestaat uit drie onderdelen: • BR voor BrusselVoorbeeld: BR 12345 B |
|
Brandmerk Koos van Mossel KNRM systeem van 1989 tot 2006 Brandmerk vanaf medio 2006 foto : Jan Meppelink |
|
|
Er zijn verschillende manieren van brandmerken: • op houten schepen door middel van een gloeiend ijzer |
|
Brandmerken met de beitel kunststof plaatje met brandmerk |
|
|
Bij Nederlandse schepen is het brandmerk gekoppeld aan registratie in Scheepsregister van het Kadaster. |
|
|
Bron : - Wikipedia CC 3.0 - tinternet |
Brandlbracke
![]() |
| B b B b 18 a 42 | |
| Brandlbracke | |
|
De Brandlbracke is een hondenras dat afkomstig is uit Oostenrijk. De Oostenrijkse Gladharige Brak stamt af van de oude Keltische braktypen, gecombineerd met soortgelijke rassen uit Centraal-Europa, bijvoorbeeld de Belgische Sint Hubertushond en de Juralaufhund uit Zwitserland. Engels : Austrian Black and Tan HoundDuits : Brandlbracke, Vieräugl, Wildbodenhund Frans : Brandlbracke |
|
Brandlbracke auteur : Steffen Heinz CC 3.0 |
|
|
Het ras werd reeds in 1884 erkend. De Oostenrijkse Gladharige Brak is een middelgrote, licht gebouwde en sierlijke hond met een welluidende blaf. |
|
Brandlbracke auteur : Steffen Heinz CC 3.0 |
|
|
De Brandlbracke wordt vooral in bergachtig landschap gebruikt. |
|
Brandlbracke - puppy |
|
|
Schofthoogte: 40-48 cm. De Brandlbracke heeft een gevoelige neus, blaft luid en is een jachthond met passie. De Brandlbracke heeft een consequente opvoeding nodig. De Brandlbracke heeft nood aan voldoende beweging. Hij is kind- en hondvriendelijk, maar toch is voorzichtigheid geboden. |
|
|
Bron : - Wikipedia CC 3.0 - tinternet |
Brandklasse
![]() |
| B b B b 18 a 41 | |
Brandklasse |
|
|
Onder een brandklasse verstaat men een groep van gelijksoortige branden, geordend naar de aard van de brandende stoffen. Dit is in het bijzonder van belang voor de bestrijding van een branden met een brandblusser. Duits : Brandklasse Frans : Classe de feux |
|
Brandklasse A |
Brandklasse A betekent, dat de blusser een blusstof heeft om branden in vaste stoffen te blussen. Vaste stoffen van organische oorsprong: zoals hout, papier, stro, kunststoffen, kolen. De blusstof die gebruikt wordt kan water zijn of de blusstof is speciaal soort poeder. Een andere blusser is dan de zogeheten slanghaspel. Omdat brandslanghaspels in verband worden gebracht met mogelijke legionellabesmettingen, dienen de slanghaspelhoofdkranen verzegeld te zijn en op geregelde tijden doorgespoeld te worden. |
Brandklasse B |
Brandklasse B betekent, dat de blusser een blusstof heeft om vloeistofbranden te blussen, zoals olie, benzine, alcohol, sommige kunststoffen, vetstoffen en bitumen. Blusstoffen die gebruikt worden zijn: Poeder, CO2 en Schuim, zoals FFF (triple F) en AFFF (A triple F). |
Brandklasse C |
Brandklasse C betekent, dat de blusser een blusstof heeft om gasbranden te blussen, zoals propaan, butaan en aardgas. Blusstoffen die gebruikt worden zijn, CO2 en schuim (Schuim is een natblusser) Soms worden brandklassen gecombineerd, bijvoorbeeld een ABC-blusser (dat ook gloedpoeder wordt genoemd). Poederblussers worden vaak met deze brandklassen aangeduid. Het gloedpoeder kan een smeulende vaste stof omsluiten, waardoor het smeulen van vaste stoffen wordt gesmoord. |
Brandklasse D |
Brandklasse D betekent, dat de blusser een blusstof heeft om metaalbranden te blussen. Metaalbranden zijn branden waarbij magnesium, zirkonium, lithium, kalium of natrium betrokken is, en die erg moeilijk, zo niet onmogelijk met andere brandblussers kunnen worden gedoofd. De blusstof is een bepaald soort poeder, dat over het brandend metaal wordt gestrooid. Metaalbranden zijn bijzonder fel (zoals magnesiumbranden; bedenk dat magnesium wordt toegepast in vuurwerk en flitsblokjes). Op de blusser staat dan dat er sprake is van een D-(poeder)blusser of ABCD-poederblusser. |
Brandklasse F |
Brandklasse F betekent, dat de blusser een blusstof heeft om frituurbranden te blussen. Frituurbranden zijn moeilijk te blussen met de andere blusstoffen aangezien er vaak herontsteking kan plaatsvinden. Zodra de temperatuur van olie of vet oploopt tot boven de 320 graden Celsius vindt zelfontbranding plaats en begint het vet of de olie spontaan in brand te vliegen, dus zonder dat er een vlam wordt bijgehouden. Omdat de temperatuur zo hoog is zal eventueel water uit een blusmiddel explosief verdampen waardoor alle brandstof (zeer heet vet) uit de pan of frituuroven wordt geslingerd. De oorzaak van dergelijke branden is vaak te herleiden naar slecht werkende temperatuurbeveiligingen (een kapotte thermostaat) of het gebruikmaken van oud of vervuild vet. Een F-blusser is een nieuwe klasse met een bepaald soort schuim (wet chemical of chemisch blusschuim). Dit schuim gaat een binding aan met het frituurvet, dekt dit beter af en heeft een sterk koelende werking. Herontsteking is dan niet meer mogelijk. Kraampjes die frieten bakken kunnen het beste een F-blusser ophangen. Het is verstandig om een vetbrandblusser te nemen die uitgerust is met een metalen lans aan de slang. Hierdoor is van veilige afstand de brand te blussen in een frituurpan. De moderne brandklasse F brandblussers bevatten een inhoud die zich vermengt met het vet en er een niet brandbare substantie van maken. Het materiaal gaat een emulsie aan met het vet. Een vetbrand valt over het algemeen onder de brandklasse F bij een inhoud die groter is dan 5 liter omdat met de reguliere blusmiddelen onvoldoende bluscapaciteit is te behalen om herontsteking te voorkomen. |
Brandklasse E afgeschaft |
Brandklasse E betekent, dat de blusser een blusstof heeft om elektriciteitsbranden te blussen. Echter heeft men in het verleden de brandklasse E afgeschaft. Men is van mening dat elektriciteit wel een oorzaak van brand kan zijn maar zelf niet brandt. Door kortsluiting gaat bijvoorbeeld een televisie branden. Deze televisie is gemaakt van een kunststof. We hebben in dit geval een brandklasse B brand en geen E. B omdat elektronische apparatuur vaak gemaakt zijn van kunststoffen (vloeibare stoffen, vloeibaar wordende stoffen en smeltende stoffen). |
Poederblusser in Denemarken klasse ABCE (3/8/2005) |
|
|
In Nederland of België is brandklasse E afgeschaft, wat niet wil zeggen dat dit in alle landen zo is. Op reis in het buitenland kan men deze klasse dus wel tegenkomen. |
|
|
Bron : - Wikipedia CC 3.0 - tinternet |
|
Brandhout
![]() |
| B b B b 18 a 40 | |
| Brandhout | |
|
Brandhout is hout dat in warmte (dus thermische energie) wordt omgezet door verbranding. Brandhout is een duurzame energiebron die ook kan worden aangewend voor de productie van groene stroom. Niet alle houtsoorten zijn even geschikt als brandhout. Duits : Brennholz, Feuerholz Frans : Le bois énergie |
|
Brandhout gestapeld in het bos auteur : Gerhard Elsner CC 3.0 |
|
|
Soms wordt brandhout geoogst uit speciaal aangeplante bosjes hakhout, maar in erg bosrijke gebieden is het vaak een bijproduct van het natuurlijke bos. Brandhout wordt doorgaans in de winter geoogst, omdat de bomen dan het minste sap bevatten, wat het drogen vergemakkelijkt. |
|
Houtmijten in Estland tot wel 6 meter hoog auteur : Robert Reisman (WooteleF) CC 3.0 |
|
|
Brandhout moet droog worden verbrand om een voldoende rendement te geven. Na het kloven moet het hout nog geruime tijd drogen. |
|
Brandhout voor de lokale markt in Afrika auteur : Stephen Codrington CC 2.5 |
|
|
Brandhout droogt het best als het in stukken van 30-40 cm gezaagd en gekloofd wordt opgeslagen. |
|
Het klieven van hout |
|
|
Tot de beste houtsoorten voor brandhout behoren haagbeuk, eik, beuk, es, berk en els. |
|
|
Bron : - Wikipedia CC 3.0 - tinternet |
bel20-aex 23/3/2012|
Slotkoers Bel20 23 maart 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
|
Slotkoers AEX 23 maart 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
Brandhoren
![]() |
| B b B b 18 a 39 | |
| Brandhoren | |
|
De brandhoren (Haustellum brandaris, oorspronkelijk beschreven als Murex brandaris), synoniem Bolinus brandaris, is een in zee levende slakkensoort uit de familie Muricidae. Vrij algemeen in de hele Middellandse Zee, kusten van Portugal en West Afrika. De soort leeft onder de laagwaterlijn. De dieren zijn carnivoor. Engels : purple dye murex, spiny dye-murex, Bolinus brandarisDuits : Herkuleskeule, Bolinus brandaris Frans : Un Murex à pourpre, Bolinus brandaris |
|
Brandhoren auteur : H. Zell CC 3.0 |
|
|
De schelp is dikwandig en heeft bolle windingen. |
|
Haustellum brandaris auteur : M.Violante CC 2.0 |
|
|
De Brandhoren is eetbaar. In de Oudheid werden de schelpen opengebroken om uit een kliertje purper te winnen. |
|
|
Bron : - Wikipedia CC 3.0 - tinternet |
bel20-aex 22/3/2012|
Slotkoers Bel20 22 maart 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
|
Slotkoers AEX 22 maart 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
Brandgans
![]() |
| B b B b 18 a 38 | |
| Brandgans | |
|
De brandgans (Branta leucopsis) is een gans uit de familie Anatidae (Zwanen, ganzen en eenden). Verspreidingsgebied is Arctica/Europa: Groenland, Spitsbergen, Nova Zembla, Noord Rusland. De Brandgans is één van de twee “zwarte” ganzensoorten, die in Nederland voorkomen. Engels : Barnacle GooseDuits : Weißwangengans, Nonnengans Frans : La Bernache nonnette |
|
Brandgans auteur : Ludovic Péron CC 3.0 |
|
|
Het is een sterke vogelsoort die weinig of geen last ondervindt van vriesweer. De Brandgans is een veel gehouden sierwatervogel. |
|
Brandganzen in een weide auteur : Tage Olsin - Olsin.se CC 2.0 |
|
|
In de zomer broeden de vogels rond de poolcirkel, waar ze door de extreem lange daglengte bijna 24 uur per dag zicht hebben en zo in staat zijn hun eieren en kuikens te beschermen. |
|
vliegende brandgans auteur : Thermos CC 2.5 |
|
|
Hun voedsel bestaat hoofdzakelijk uit gras, maar ook nuttigen ze diverse mossoorten en ander groen. Tijdens de poolzomer, wanneer het helemaal niet meer donker wordt, eten ze ook de hele dag door, om zich vet te mesten voor de trek naar het zuiden in de winter. De brandgans eet voornamelijk eiwitrijke jonge scheuten gras, die tamelijk kort worden afgegraasd. Het eiwit wordt verteerd, en het groene gras zelf wordt via de ontlasting weer uitgescheiden. |
|
|
Bron : - Wikipedia CC 3.0 - tinternet |
Brandewijn
![]() |
| B b B b 18 a 37 | |
| Brandewijn (drank) | |
|
De naam Brandewijn is ontstaan in de periode dat wijn als basis diende voor alcoholbereiding. Tegenwoordig wordt ook alcohol gebruikt die gedistilleerd is uit suikermelasse (restpulp na productie van suiker uit suikerbieten of suikerriet). Duits : Weinbrand Frans : Brandy (alcool) |
|
|
De pittige en kruidige smaak en karakteristieke geur wordt veroorzaakt door meegestookte perzikpitten. |
|
|
In de Scandinavische landen wordt deze gedistilleerde drank Brännvin of Brennvin genoemd. |
|
|
In Italië wordt een bepaalde soort brandewijn "Grappa" genoemd. De kwaliteit van het uitgangsmateriaal, de stookwijze en de stoker bepalen de kwaliteit van de grappa. Er zijn grappa's van gemengde druiven en grappa's van slechts één soort druif, die dan "monovitigne" worden genoemd, deze heben een cru-status. |
|
|
Brandewijn speelt een belangrijke rol bij het maken van Advocaat en vele dranken of likeuren op basis van vruchten. Historisch gezien is brandewijn een van de oudste produkten maar bezit geen Europese definitie. |
|
|
Inmaakbrandewijn : Met behulp van Brandewijn werd vroeger op grote schaal vruchten ingemaakt. Dat vereiste veel handigheid met suiker en water. Inmaakbrandewijn moet minstens 28% alcohol bevatten. Opmerking : Er moet aandacht aan worden geschonken dat bij gebruik van inmaakbrandewijn voor inmaak van vruchten het alcoholpercentage nog verder zal dalen doordat sap en misschien ook water wordt toegevoegd. |
|
|
Alcohol Blancs - vruchten Brandewijnen : "Alcohol Blancs" is de Franse benaming voor de klare brandewijnen die gemaakt werden met fruit als basisgrondstof (dus geen melasse). • Kirsch = kersen |
|
|
Bron : - Pedroalco Alcohol - tinternet |
bel20-aex 21/3/2012|
Slotkoers Bel20 21 maart 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
|
Slotkoers AEX 21 maart 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
Brander(schip)
![]() |
| B b B b 18 a 36 | |
| Brander (schip) | |
|
Een brander is een schip dat gevuld wordt met teer en explosieven, dan met opzet aangestoken wordt, en dan in de richting van een vijandige vloot gestuurd wordt om vijandelijke schepen te vernietigen, of om de vijand paniek aan te jagen waardoor ze hun formatie opgeven. Duits : Brander Frans : Le brûlot (navire) |
|
Brandende Engelse vloot bij Chatham (20 juni 1667) olieverf op hout van Peter van de Velde - vrije afbeelding |
|
|
Zeilschepen waren erg kwetsbaar voor vuur. |
|
Slag van Solebay (28 mei 1672) olieverf op doek van Willem van de Velde de jonge - vrije afbeelding |
|
|
Wanneer de wind in de juiste richting zat kon een brander losgelaten worden zodat het in de richting van zijn doel zou drijven. |
|
aanval van Franse branders op de Engelse vloot nabij Quebec (28 juni 1759) Kopie van een schilderij van Dominic Serres (1767) - vrije foto |
|
|
Noemenswaardige aanvallen met branders zijn: • Francis Drakes aanval op de Spaanse Armada toen die bij Grevelingen voor anker lag in 1588. De branders beschadigden de schepen niet, maar braken wel de formatie van de Spaanse vloot. |
|
branders die raketten kunnen afvuren pentekening van kolonel Congreve (Engels uitvinder van de Congreve raket)1814 - vrije foto |
|
|
Het gebruik van branders stopte toen houten oorlogsschepen vervangen werden door metalen. |
|
|
Bron : - Wikipedia CC 3.0 - tinternet |
bel20-aex 20/3/2012|
Slotkoers Bel20 20 maart 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
|
Slotkoers AEX 20 maart 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |