Naar de inhoud

Wie Weet

bloggen om te leren
waaroemni-805px.png

Categorie: vogels

Braekel

Braekel
bra
B     b    B     b    18  a 15
Braekel

De Braekel of Brakel is een van de oudere Belgische kippenrassen.
De geschiedenis gaat terug tot 1416, uit dat jaar dateert een document waarin de Braekel wordt vermeld als succesvol ras uit de omgeving van Brakel in België.

Engels : Braekel, Brakel
Duits : Brakel, Braekel
Frans : La braekel

1108353-0da9656fb154d95d9d0a848af6eb6cb3.jpg
Braekel haan - zilver
auteur : Wouter Hagens    CC 3.0

In het verleden werden er twee typen erkend: het grote type dat voorkwam in het rijke kleigebied van Vlaanderen en een licht type uit het kleiner vruchtbare gebied rond de Kempen.
Ten gevolge van kruisingen van de verschillende typen verdween dit verschil en resulteerde in een enkel rastype.

Het Braekel hoen is er in de kleurslagen wit, zilver, zwart, blauw, goud, blauwgezoomd en geelwit gebrand.


1108353-14147a34d10b91086880c77bc782b5ed.jpg
Braekel haan en hennen
foto : http://allesmetpluimen.blogspot.com/

De Braekel werd van oudsher gehouden voor de eieren.
Hennen van het ras zijn in staat 180 tot 200 witte eieren per jaar te leggen.

Het zijn sterke, actieve kippen die van nature behoorlijk schuw zijn.
Het braekel hoen heeft een gewicht variërend van 2,2 - 2,8kg.

Braekels zijn temperamentvol gehard en vertrouwelijk.
Het zijn tevens goede vliegers.

Bron :  - Wikipedia    CC 3.0
            - tinternet
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door waaroemni om 20:35 Reageer op dit bericht

Brabants boerenhoen

Brabants boerenhoen
bra
B     b    B     b    18  a 12
Brabants boerenhoen

Het Brabants boerenhoen of de Brabançonne is een Belgisch kippenras dat afstamt van Europese kuifhoenders.
Oorspronkelijk bereikte het ras een redelijke populariteit als legkip, niet alleen vanwege de grote legcapaciteit van tot 200 eieren per jaar, maar ook de grootte van de eieren.

De hen staat van oudsher bekend als legster van zeer grote witte eieren die tot 70 gram kunnen wegen, een eigenschap die ook nu nog terug te vinden is bij dit ras en bijdraagt aan de populariteit.

Tegenwoordig wordt het ras vooral als hobbykip gehouden.

Engels : Brabançonne
Duits : Brabanter Bauernhuhn
Frans : La Brabançonne

1107225-114e71d3c8e5d64b738452291605bd12.jpg
Brabants boerenhoenen

Brabants boerenhoenen zijn vrij lichtgebouwde landhoenders met een relatief lang lichaam.
Het ras wordt meestal in kwartelkleur of een variant daarvan gefokt.


1107225-c5e3eb5e83cf2445b2530ba6c3b8619b.jpg
Brabants boerenhoen

Brabants boerenhoenen zijn actieve kippen die veel ruimte moeten hebben.
Mede daardoor is het ras tegenwoordig commercieel niet meer zo interessant als vroeger.
Net als de meeste andere legrassen worden de hennen niet snel broeds.

Bron :  - Wikipedia    CC 3.0
            - tinternet
Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door waaroemni om 13:18 1 reactie Reageer op dit bericht

Brabanter

Brabanter
bra
B     b    B     b    18  a 10
Brabanter

De Brabanter is een zeer oud Nederlands kippenras.
Dit hoenderras is nauw verwant aan de Nederlandse uilebaard.

Deze Brabanter is al in de zeventiende eeuw onstaan, met een amusante, springerige kuif en een driedelig baardje.
Begin deze eeuw zijn Brabanters nog gehouden als nuthoen, dat dankten ze vooral aan hun forse ei, want bijzonder productief zijn ze niet.
Een hen legt ongeveer 150 eieren per jaar, de kleur van het ei is wit.
Brabanters bezitten een hoorntjeskam, net als de Uilebaard.

Engels : Brabanter
Duits : Brabanter-Haushuhnrasse
Frans : ????

1106849-4fe79f806bd620601da653e032e7a29e.jpg
Brabanter

De Brabanter kriel is ontstaan uit een kruising van grote Brabanters, Nederlandse baardkuifkrielen en Antwerpse baardkrielen.
In uiterlijk verschillen de krielen, behalve in grootte, weinig van de grote hoenders.


1106849-9a43d843a9819b225087bb71333cba72.jpg
Brabanter

Het belangrijkste kenmerk van de Brabanter is de kuif.
De kuif is opstaand, van links en rechts platgedrukt en iets naar voren gebogen.
Daarnaast hebben de dieren een driedelige baard.
Voor op de kop heeft de haan een hoorntjeskam.
Aangezien de dieren een baard hebben, zijn er geen kinlellen aanwezig.

De dieren komen voor in de kleurslagen geel witgetoept, gezoomd blauw, goud zwartgetoept, wit, zilver zwartgetoept, zwart en koekoek.


1106849-efa510d7d61a579b261dc81185e4a22b.jpg
Brabanter hennen
Bron :  - Wikipedia    CC 3.0
            - tinternet
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door waaroemni om 21:25 Reageer op dit bericht

Braamsluiper

Braamsluiper
bra
B     b    B     b    18  a 7
Braamsluiper

De braamsluiper (Sylvia curruca) is een zangvogel uit de familie van zangers (Sylviidae).

Braamsluipers komen tijdens het broedseizoen in grote delen van Europa voor, waaronder in Nederland en België.
En verder tot in Mongolië en China.

Engels : Lesser Whitethroat
Duits : Klappergrasmücke, Zaungrasmücke
Frans : La fauvette babillarde

1105593-325918b24c510e39a725b2ce8caa7835.jpg
Braamsluiper
auteur : Bill Kensington    Focusing On Wildlife

De braamsluiper geeft de voorkeur aan gebieden met een hogere begroeiing en mijdt terreinen met slechts hier en daar een struik.

Het tussen dichte begroeiing, liefst een stekelige struik, verstopte nest is een uit verdord gras en worteltjes bestaande kom.
Deze omgeving gebruikt de braamsluiper ook om naar voedsel te zoeken; sluipend door het braamstruweel verzameld deze vogel insecten, rupsen en spinnetjes.

Wanneer de jongen voor het eerst het nest verlaten, geven de ouders van hun ongerustheid over de veiligheid van hun kroost blijk door constant een luid 'tek-tek-tek'en een karakteristieke, trillende roep te laten horen.

De braamsluiper is geen bontgekleurde vogel, maar toch heeft de braamsluiper een bijzonderheid, slechts weinig vogelsoorten hebben zo'n witte keel als de braamsluiper.
Dat en de uitbundige zang maken de braamsluiper niet zo moeilijk te herkennen.
De Engelse naam is er bovendien aan ontleend.
Braamsluipers verblijven slechts zelden in boomloze gebieden.


1105593-91178941f3a20be62d24a2f17a20b52d.jpg
Braamsluiper (Sylvia curruca)
auteur : L. B. Tettenborn    CC 3.0

De zang van de braamsluiper begint vaak met een lage, prevelende strofe, gevolgd door een vijf- tot zesmaal snel herhaalde, ratelende noot, die ver hoorbaar is.
Pogingen om de vogel te naderen worden meestal gedwarsboomd door zijn gewoonte met lange tussenpozen te zingen.

Door hoofdzakelijk in Oost-Afrika, juist ten noorden van de evenaar, te overwinteren, ontkwam de braamsluiper aan het lot dat zo vele grasmussen tijdens de ernstige droogten van 1968-1969 in de Sahara trof.

De broedperiode begint in mei, de braamsluiper heeft soms twee legsels variërend van 3 tot 7 eieren.

Bron :  - Wikipedia    CC 3.0
            - tinternet
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door waaroemni om 07:01 2 reacties Reageer op dit bericht

Bourke's parkiet

Bourke's parkiet
bou
B     b    B     b    15  u 15
Bourke's parkiet

De Bourke's parkiet of Bourke parkiet (Neopsephotus bourkii) is eigenlijk geen parkiet maar een kleine graspapegaai: de enige in zijn soort.
Het is een bewoner van de droge vlakten in het midden en zuiden van Australië.

Engels : Bourke's Parrot, Bourke's Parakeet
Duits : Bourkesittich
Frans : La Perruche de Bourke

1088963-2199fec7a0083703b606a2ff610bf0c0.jpg
Bourke's parkiet
auteur : Jan Tik    CC 2.0

Hij wordt ongeveer 23 centimeter lang en leeft vrijwel uitsluitend op (gras)zaden.
Bourke's parkieten zijn zeer sociale, uiterst verdraagzame vogels, die veelal in groepen samenleven en veel op grond te vinden zijn.
Het vrouwtje is doorgaans wat kleiner dan het mannetje en heeft een smallere kop.
De voorste blauwe kopveren zijn alleen bij het mannetje aanwezig.
Eenmaal gevormde paren blijven elkaar doorgaans trouw.


1088963-eefc4a37b91fbd44c7dd624dcd00dad0.jpg
Neopsephotus bourkii
auteur : Ljosa  -  vrije foto

Bourke's parkieten leggen hun eitjes op zachte, enigszins vochtige onderlaag in een holte in een boom.
Er worden 3 tot 6 eitjes gelegd, die door het vrouwtje gedurende 18 tot 20 dagen bebroed worden.
Op een leeftijd van 6 weken zijn ze al zelfstandig.
Bourke's parkieten zijn productieve vogels; de paren brengen meestal meerdere legsels per jaar groot.
Jonge dieren hebben na ongeveer 8 maanden hun volwassen kleur.

Bron :  - Wikipedia    CC 3.0
            - tinternet
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door waaroemni om 01:58 Reageer op dit bericht

Bosuil

Bosuil
B    o s
B     b    B     b    15  s 66
Bosuil

De bosuil (Strix aluco) is een vogel uit de orde van uilen (Strigiformes).

Bosuilen komen in vrijwel geheel Europa het hele jaar voor, met uitzondering van Ierland en Noord-Scandinavië.

Bosuilen worden 35 tot 40 centimeter groot.
Ze komen algemeen voor in bossen, parken en tuinen.
Meestal jagen ze 's nachts. Toch zijn ze soms ook overdag te zien als ze geplaagd worden door kleine vogels die hen proberen te verjagen.
De kleur van de bosuil varieert van bruin tot grijs.
Ze zijn gestreept, hebben zwarte ogen, een enigszins gedrongen vorm en beschikken niet over oorpluimen.

Een bosuilenpaar wordt voor het leven gevormd en blijft steeds in hetzelfde territorium dat tegen indringers beschermd wordt.
Zowel mannetje als vrouwtje kunnen roepen, maar meestal roept het mannetje en geeft het vrouwtje antwoord met een scherp gillend geluid.

Engels : Tawny Owl, Brown Owl
Duits : Waldkauz
Frans : La Chouette hulotte, chat-huant

1064464-3a97ee2c30ba3908b61ef41384a244ee.jpg
Bosuil
auteur : K.-M. Hansche    CC 2.5

Het stapelvoedsel van de bosuil bestaat uit muizen die ze met huid en haar opeten.
Verder worden ook kleine vogels, mollen, ratten, vleermuizen, kikkers en padden en insekten gevangen.
Het vrouwtje, dat iets groter is dan het mannetje, vangt ook wel jonge hazen en konijnen en jonge duiven.
Bij harde wind of harde regen wordt er niets gevangen, de uil kan zijn prooi dan niet horen en bovendien blijven muizen onder die weersonstandigheden, zelf vaak binnen.

Door de nachtelijke leefwijze van de bosuil is deze maar zelden te zien.
Soms wordt zijn aanwezigheid verraden door alarmerende vogels.
Bosuilen hebben een vaste plaats om de dag door te brengen.
Ze doen dat bij voorkeur in groenblijvende bomen (naaldbomen) of bomen met veel klimop en zitten dan dicht tegen de stam op een tak.
Op deze vaste z.g. roestplaatsen zijn veel uilenballen te vinden.

‘s Avonds als de uilen actief worden, begint het mannetje te roepen om het territorium af te bakenen.
‘s Nachts jagen ze en zijn ze meestal stil omdat ze anders hun prooi zouden alarmeren.
In de baltsperiode roepen ze vaak wel de gehele nacht door.
Tegen de morgen beginnen de mannetjes opnieuw te roepen om het territorium af te bakenen.


1064464-a6cc8ed12a29fe362bdebff0807e8e90.jpg
enkele jonge bosuilen
auteur : Artur Mikolajewski    CC 3.0

Bosuilen broeden bij voorkeur in holle bomen, waarbij ze de nestholte van meerdere kanten kunnen binnenkomen.
Maar ze gebruiken ook nestkasten en soms een verlaten eksternest.
Als de nood erg hoog is gebruiken bosuilen ook wel eens een verlaten konijnenhol of een donkere plek in een gebouw.

Bosuilen maken geen nest.
Het vrouwtje maakt de nestholte een beetje schoon en bekleedt het daarna met een laagje uitgeplozen braakballen.
In het vroege voorjaar slaapt het vrouwtje de gehele dag op het nest.
Men neemt aan dat dit is om te ervaren dat het nest veilig is.
‘s Nachts verlaat ze het nest en laat zich door het mannetje voeren (ze roept daarbij de gehele nacht "wiek").
Op deze wijze kan ze ervaren dat er voldoende voedsel is en dat het mannetje in staat is voldoende prooien te vangen zodat hij zichzelf en haar in leven kan houden.
Dit is belangrijk, want als het vrouwtje zit te broeden en de eerste tijd dat de jongen er zijn, blijft het vrouwtje op het nest en kan dus niet mee jagen.
Hoe meer voedsel aanbod er is in de periode voor het broeden, hoe meer eieren het vrouwtje zal leggen.


1064464-ffd30fb6ef0870be24636026a053d952.jpg
Bosuil
auteur : Adam Kumiszcza    CC 3.0

Er worden, afhankelijk van het voedselaanbod, één tot vijf eieren gelegd.
In slechte seizoenen, met weinig voedselaanbod, kan ook wel eens een broedseizoen worden overgeslagen.
In zachte winters begint de balts al in januari, maar meestal begint deze begin februari.
De bosuil broedt in maart en in april worden de jongen geboren.
Het vrouwtje broedt de eieren uit en verlaat het nest alleen om braakballen en ontlasting kwijt te raken.
Het mannetje voert voedsel aan.

Na vier á vijf weken verlaten de jongen het nest.
Ze kunnen dan nog niet goed vliegen en zitten voortdurend in de buurt van het nest op takken om eten te bedelen.
Ze worden daarom "takkelingen" genoemd.
De jongen komen niet meer terug op het nest.

Als ze ongeveer vijftig dagen oud zijn, beginnen ze korte vluchten te maken.
In totaal duurt het zo’n twee maanden voordat de jongen zelf in staat zijn een prooi te vangen.
Een bosuil is na één jaar volwassen en kan dan voor nageslacht zorgen.

Bosuilen kunnen zo’n 10 á 15 jaar oud worden.

Bron :  - Wikipedia    CC 3.0
            - IVN vecht en plassengebied
            - tinternet
Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door waaroemni om 17:55 Reageer op dit bericht

Bossneeuwhoen

Bossneeuwhoen
B    o s
B     b    B     b    15  s 62
Bossneeuwhoen

De Bossneeuwhoen (Falcipennis canadensis of Dendragapus canadensis) is een ruigpoothoender uit het geslacht Falcipennis.

Deze soort komt voor op de taiga's van Noord-Amerika.

Engels : Spruce Grouse, Canada Grouse
Duits : Tannenhuhn
Frans : Tétras du Canada, Tétras des savanes

1061702-e9b4d3a0f8acd8f8112408a44e13e04c.jpg
Bossneeuwhoen - haan
auteur : Baetsen, Richard     United States Fish and Wildlife Service - vrije foto

De bossneeuwhoen verplaatst zich gemakkelijk door bomen.
Wanneer een roofdier nadert blijft de bossneeuwhoen stil zitten totdat het roofdier op een paar meter afstand is, dan vlucht de bossneeuwhoen pas.

Ze zijn te vinden overal in Canada, in de Verenigde Staten in Alaska, Maine, het noorden van Michigan en het noord-oosten van Minnesota, de naaldbossen van Montana, Idaho en Washington.

Ze zijn vooral te vinden in door coniferen gedomineerde bossen, in de zomer vooral in een rijke ondergroei met bosbessen en ander struikgewas.


1061702-52131380c2d1576b6c34aa8abb93c14d.jpg
Bossneeuwhoen - hen    CC 3.0

Het zijn de meest stille onder de korhoenders, meestal maken ze enkel geluid om anderen te waarschuwen voor gevaar en om te paren.

In de herfst groeit er een soort korte extenties op hun tenen, de zogenaamde "sneeuwschoenen".
Hiermee verhoogt de oppervlakte van hun poten welke de ondersteuning verhoogd in de sneeuw en vermoedelijk ook de grip verbeterd op besneeuwde takken.

Vijanden van de bossneeuwhoenders zijn havikken, uilen, vossen en coyotes.
Tijdens het broedseizoen worden hun eieren vooral geroofd door vossen, wezels, rode eekhoorns en kraaiachtiggen.

Bossneeuwhoenen worden ongeveer 38-43 cm lang.
Mannetjes wegen 550-650 g en vrouwtjes 450-550 g.
Soms worden de vrouwtjes verward met de kraaghoen (Bonasa umbellus).

Bron :  - Wikipedia    CC 3.0
            - tinternet
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door waaroemni om 12:03 Reageer op dit bericht

Bosruiter

Bosruiter
B    o s
B     b    B     b    15  s 58
Bosruiter

De bosruiter (Tringa glareola) is een steltloper.
Deze Europese vogelsoort is de kleinste van de ruiters, middelgrote steltlopers met geslachtsnaam Tringa uit de familie Scolopacidae.

De bosruiter broed in drassige hoogvenen in het noorden van Europa en Azië.
Ze trekken naar Afrika en zuidelijk Azië, vooral India.
Trekkende vogels zijn zelfs gezien op Hawaï.

Engels : Wood Sandpiper, Tringa glareola
Duits : Bruchwasserläufer
Frans : Le Chevalier sylvain

1059165-d97c215cbc047696086a0aa78136a2a0.jpg
Bosruiter
foto : Alnus    CC 3.0

De bosruiter heeft een spanwijdte van 50 tot 56cm op een lengte van 19 - 21cm.

Hij heeft een voorkeur voor ongewervelden, kleine zoogdieren en insecten.

Slechts één legsel per jaar van 3 of 4 eieren en een nestduur van 28 tot 31 dagen.

De bosruiter lijkt op een witgatje of groot formaat oeverloper met een slanke snavel, bruine bovenkant en lange, geelgroene poten.
Hij verschilt met de witgat door zijn minder contrasterende witte buik, hij heeft een meer 'vierkante' kop en een duidelijke oogstreep.
Hij mist de donkere ondervleugel van het witgatje.
Ook het geluid is anders, de bosruiter roept tief-tief-tief, alles op gelijke toonhoogte.
Bij het witgatje varieert de toonhoogte en het ritme.

Bosruiter en witgatje zijn beide verwant en samen ook weer verwant aan de tureluur, de groenpootruiter en de zwarte ruiter.
Alle vijf soorten behoren tot de ruiters.


1059165-fe1df18baa736b023319754b6a0c0d90.jpg
Tringa glareola
auteur : Marion Ehrlich

De bosruiter is een schaarse doortrekker, die vooral in moerassige gebieden gezien wordt, zowel in zoet als in brak water.
In een ver verleden broedden bosruiters ook wel in Nederland, maar sinds het begin van de 20e eeuw zijn geen goede bewijzen van broeden meer gevonden.
Zo nu en dan duikt er echter een verdacht exemplaar op, de kans op een mogelijk broedgeval is daardoor nog niet geheel verkeken.

Hij is meestal terug te vinden aan allerlei moerassige plekken in zowel zoete als brakke wateren, oevers van plassen en verlande wateren.

Wereldwijd zijn alle populaties migranten. Veruit de meeste exemplaren migreren richting het sub Sahara gebied, enkele naar India en Australie.
Komt gedurende de trek veelvuldig voor in west Europa gedurende de trek van de Noordelijke populaties in mei.
Is een regelmatige gast in augustus tot half september.
De migratie gaat dwars door Europa en het Midden Oosten in een breed front.
In Frankrijk en Italie kunnen grote aantallen aangetroffen worden om bij te tanken.
Na de recuperatie wordt doorgevlogen naar de Zuidkant van de sahara.
De terugkeer wordt meestal meer Oostelijk afgelegd met meerdere korte pauzes.

Bron :  - Wikipedia    CC 3.0
            - tinternet
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door waaroemni om 07:45 3 reacties Reageer op dit bericht

Bosrietzanger

Bosrietzanger
B    o s
B     b    B     b    15  s 56
Bosrietzanger

De bosrietzanger (Acrocephalus palustris) is een zangvogel uit de familie van Acrocephalidae.

De Bosrietzanger is een veel voorkomende migrant in West Eurazie, van Engeland en Finland tot in Centraal Rusland.
De soort overwintert in subtropisch en tropisch Afrika.
Kan ook worden aangetroffen in Cyprus, het nabije Oosten en Egypte.

Engels : Marsh Warbler
Duits : Sumpfrohrsänger
Frans : La Rousserolle verderolle

1057768-5ccafcd3ec75989b3454b78c0dfe1da4.jpg
Bosrietzanger
foto : Rudi Debruyne

De bosrietzanger lijkt zeer veel op kleine karekiet. Het zijn tweelingsoorten.
Ze onderscheiden zich vooral door zang.
De Bosrietzanger is de beste zanger onder de rietvogels.
Hij heeft niet alleen minder schorre tonen en meer heldere fluittonen dan de kleine karekiet, maar ook een grote variatie met veel imitaties, snel opeenvolgend.
De bosrietzanger zingt ook meer zichtbaar in of boven de vegetatie.

Hij heeft een spanwijdte van 18 tot 21cm en een lengte van 13 tot 15cm.

Het voedsel van de bosrietzanger zijn bij voorkeur bessen en insecten.


1057768-f8abe570dc9750d180fa637934dc46ff.jpg
Nest met jongen van de bosrietzanger
foto : natuurmanjak

De bosrietzanger heeft 1 legsel met 3 - 6 eieren.

De soort heeft zo ongeveer het hoogste broedsucces van alle zangvogels (maar liefst 65%).
In Nederland zijn 70.000 tot 110.000 paren vastgesteld.
Vooral in Laag-Nederland breidt de bosrietzanger haar areaal nog steeds uit.

De bosrietzanger houdt van natte ruigtevegetaties met veel brandnetels, koninginnekruid, wilgenroosje, kattenstaart, fluitekruid, moerasspirea, riet en enkele (wilgen)bosjes vormen een perfecte biotoop voor de bosrietzanger.

Het verspreidingsgebied gedurende de winter omvat grote delen van Europa waar de soort door- dan wel rondtrekt.
Over de route die bosrietzangers volgen naar hun overwinteringsgebied is niet veel bekend.

Bron :  - Wikipedia    CC 3.0
            - www.Aviflevoland.nl
            - tinternet
Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door waaroemni om 07:38 Reageer op dit bericht

Boskwartel

Boskwartel
B    o s
B     b    B     b    15  s 35
Boskwartel

De boskwartel (Arborophila torqueola) is een vogel uit de familie van de fazantachtigen (Phasianidae).
De soort is voor het eerst wetenschappelijk beschreven in 1826 door Valenciennes.

Engels : Hill Partridge
Duits : Hügelhuhn
Frans : La Torquéole à collier

1041484-67edcc851342f835b4cf63d37f4a1506.jpg
Boskwartel
auteur : Umeshsrinivasan    CC 3.0

De soort komt voor van het westen van de Himalaya tot het noordwesten van Vietnam.

De natuurlijke habitats zijn subtropische of tropische vochtige laaglandbossen en subtropische of tropische vochtige bergbossen.

Het voedsel van de boskwartel bestaat uit zaden en veschillende ongewervelden, welke ze verzamelen door te scharrelen in de zachte bosgrond.


1041484-0a82a49a98e3a21c1255dfc21087c494.jpg
Arborophila torqueola

Mannetjes hebben sierlijke patronen en markeringen op de kop, een combinatie van een oranje kroon tegen een zwarte kop en een gestreepte keel.
De vrouwtjes missen deze tekening.

Er zijn vier ondersoorten vastgesteld op basis van de verschillende markeringen aan de kop van de boskwartel.

De boskwartels worden meestal gezien in paren of kleine groepjes van maximum , kleine familiegroepjeseen tiental vogels

De gemiddelde legsels zijn 3 tot 5 eieren, maar er zijn legsels tot 9 eieren vastgesteld.

Bron :  - Wikipedia    CC 3.0
            - tinternet
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door waaroemni om 22:32 Reageer op dit bericht

Naar boven

Meer van Wie Weet

↑ Terug naar de berichten