“Lief klein konijntje
heeft een vliegje op zijn neus” zing ik uit volle borst mee, tot groot plezier
van mijn pappenheimers op mijn werk, want jaaaaaaaaa ik (her)ken dit liedje al
van op het blog. De sfeer zit er goed in, ik voel het: dit wordt een leuke dag!
Ik krijg veel
spontane hulp bij de voorbereiding van de maaltijd. Even later regent het
pijpenstelen, dus zullen we noodgedwongen in de keuken barbecuen. Aan diegenen
die niet graag afwijken van wat gepland is stel ik de vraag of ze goesting
hebben om met dit strontweer buiten te eten. Neen, luidt het antwoord. Oef…
Na de middag
bestuderen we nauwgezet de affiche van de Paardenhappening in de Bevegemse
Vijvers. Nergens een inkomprijs te bekennen, dus besluiten we dat het gratis
is, wat voor een aantal gegadigden toch wel van belang is! Met mijn GPS ga ik
onverschrokken dit avontuur aan…
Mij kan niets
gebeuren, de weg wordt voor mij uitgestippeld! Ik heb de keuze tussen de
snelste of de kortste route. Ik kies voor het vluggertje, kwestie van het
uiterste uit de beschikbare uren te halen!
Zonder problemen
raken we in Zottegem, er staan daar warempel wegwijzers naar het gebeuren.
Plots geen pijlkens meer, en mijn GPS instrueert mij “linksaf”. Ik heb alle
vertrouwen in de techniek, dus sla ik de smalle straat in. Geen tegenligger te
bekennen, gelukkig. De weg kronkelt omhoog en gaandeweg zie ik geparkeerde
wagens. Hier moet het zijn, denk ik, en probeer ons busje in een leeg gat te
wurmen. De plaats is te steil en te modderig. Ofwel kan ik niet parkeren, denk
ik in mezelve. En ik denk ook aan collega Alisa waarbij hulptroepen dienden
uit te rukken om het busje en zijn inzittenden uit hun benarde te bevrijden. Na
een interventie van de VAB moest ze indertijd namelijk een poosje rijden om de
platte batterij op te laden. Inderhaast had ze wat kandidaten geronseld voor
dit ritje. Een fluitje van een cent immers, dus vertrokken ze op pantoffels.
Van de nood een deugd makende, koos ze voor pittoreske landelijke wegeltjes,
het oog wil ook wel wat, hé! Tot ze een doodlopend pad opreed, wou draaien en
alzo de bus vastreed. Geen nood, ze zou wel helpen duwen. Zette het contact
uit. Dat had ze niet mogen doen, want het contact gaat niet meer aan! Batterij
plat, nietwaar! In geen velden of wegen is een huis te zien. Gelukkig is er GSM
en ze belt mij. Ik bestel hulptroepen…
Dit wil ik dus
vermijden! Dus rijd ik met samengeknepen billen die hele weg achteruit. Pfft,
vooruit is toch gemakkelijker en lijkt het minder smal. Uiteindelijk kan ik
draaien en vind ik een parkeerplaats. Een wandeling, het hoort erbij hé!
Wanneer we, via
een zijweg, het terrein willen opgaan krijgen we te horen dat dit 3 euro per
persoon kost. Aan de hoofdingang
geraken we toch kosteloos binnen. Met dank!
De festiviteiten
zijn ten voordele van Hippoc, een vereniging die paardrijden als therapie voor
minderbegaafden promoot. We kennen de
organisatie uiteraard, enkele bewoners nemen regelmatig lessen.
“Hey Lieve,
g’hebt ons nu niet zien rijden!” Ik ben aangenaam verrast bij de ingang Wigbert
met enkele bewoners aan te treffen. Hun act zit er al op en ik wist er niet
van. Er resten nog genoeg celebrities, allé eentje minder nu, knipoogt hij.
Remi herkent een
minister. Ik zie niks. In de verte bemerk ik iemand die zich links en rechts
handenschuddend een weg baant naar the place to be.
Van achteren kan
ik niet zien welke minister het is. Er zijn er zo vele en ik ken ze niet
allemaal, troost ik mezelf.
Het spektakel is
prachtig, ontdekken we gaandeweg. We kunnen ons in een circus wanen waarbij
halsbrekende toeren op paarden worden uitgehaald. Een bekende stem voorziet
het spektakel,van commentaar. Jaak
Pijpen! Ik hoor hem wel maar ik zie hem niet. Ik meen ook nog De Croo te horen,
maar misschien is dat inbeelding. We zien in elk geval Markske van De
Kampioenen met een brede lach in een rijtuig voorbijrazen. Mijn gasten speuren
vergeefs naar Boma en Carmen… We hebben ons geïnstalleerd aan de inkompoort van
het veld. Telkens een nieuw land word geïntroduceerd, wordt de versperring
opzij geschoven, dendert een ruiter het veld op en dienen wij mee op te
schuiven…
Voor we het weten
is het tijd om naar Ronse te spurten om ons Mercy op te halen, die op
kraamvisite is bij haar zus. Mijn GPS voorspelt 24 km. Er is geen knopje voor
toeristisch reizen, toch rijden we op onooglijk kleine baantjes. Dit is echt
kunstwerk! Bibberend daal ik via boswegeltjes de berekende weg af. Een sliert
geparkeerde auto’s markeert een
trouwfeest. Halleluja, daar ben ik schadevrij gepasseerd!
Dit kan echt niet
de kortste weg naar Ronse zijn! Al die kleine straatjes! Mooi is het wel, maar
gerust ben ik er niet in! Uiteindelijk bereiken we het ziekenhuis in Ronse. Ik
bel dat we gearriveerd zijn. Waar? Aan de voorkant uiteraard, de straat met de
bomen.De voorkant blijkt de achterkant te zijn dus heeft het heel wat voeten in
de aarde eer we Mercy hebben opgehaald!
Eind goed, al
goed, en veel te laat rijden we huiswaarts, mijn “dienst” is officieel al
voorbij…
6 reacties op dit bericht
ineensteken
waar is hier de nooduitgang ?
Ikea, het is mijn ding niet. Veel ken ik er niet van, maar toen ik een jaar of zes geleden een boekenkast wou, raadde een vriend me Ikea aan.
De dichtste Ikea bleek die te zijn op de Boomstesteenweg (A12) in Antwerpen. Of die representatief is, weet ik niet, (zoals ik al zei, ik ken niets van Doe-het-zelf-winkels), maar dit daar is een reuzewinkel. Met gangen, nooddeuren, omleidingen, verkorte wegen.
Kortom, kilometers winkel. Hij is zo groot dat er in het midden zelfs een restaurant ligt, zodat je niet omkomt van de honger als je aan het winkelen bent.
Twee keer ben ik er binnen geweest en twee keer vond ik de weg naar buiten niet meer. De tweede keer was ik het zo beu, ik kreeg bijna claustrofobie en daar heb ik anders nooit last van, dat ik gewoon een nooduitgang ben binnengelopen. Maar dat mocht dan weer niet.
In die gang had zich blijkbaar een stevige troela verborgen en die wees me kordaat terecht : Wat doen wij hier ? Ik zoek de uitgang. Da's niet langs hier, maar langs daar. Dankewel madam. Zesendertig uur later pas vond ik hem terug. En toen heb ik besloten om niet meer bij Ikea te kopen.
Als ik de uitgang van de winkel al niet vind, hoe zou ik dan in godsnaam hun kasten moeten in elkaar kunnen vijzen.
Hill www.bloggen.be/chocolatemoose McGraw
rijsttegels
Het was niet de Raufaser die goed riekt, bij mijn weten toch. Raufaser is behang met strootjes in dat daarna kan geschilderd worden. Een studentenbehangpapier want het was goedkoop.
Wat wèl heerlijk geurde, vooral als de zon erop scheen, waren de rijsttegeltjes. Dat noemde zo, al kwam er geen rijst aan te pas, volgens mij. Gevlochten stro of andere stengels in vierkanten van 30 op 30 cm, aaneengenaaid tot een vasttapijt. Het oogde rustiek, naturel en warm, maar erg hygiënisch was het niet, het stof viel er lossen door. Maar samen met de planten, de spiegels, de zware witte in reliëf geweven gordijnen was het heel knus. Ik wil er zó weer naar toe!
@Muske, tegenwoordig ben ik ook niet meer zo zot van electriciteit, ik doe ze uit als ik eraan werk. Uit aan uit aan, plezant zenne, van 't 2e verdiep naar de kelder, heen en weer!
@LudoV, dat was de nagel op de kop: Ikea!
Uitstelgedrag
..
Aplaus!
Zelf ben ik een kluns met twee linkse handen wat dat betreft.
Van electriciteit ben ik doodsbang, zo bang dat ik zelfs mijn luchter afstof met kloppend hart.
Gelukkig kon ik steeds wel op iemand rekenen om die 'doe het zelve' klusjes op te knappen.
In handwerk echter, breien, naaien, haken, macrame enz., was ik niet te kloppen