Dit is...
de letter
P
Eén, twee, drie, vier, hoedje van
Hoedje van, één, twee, drie, vier
Hoedje van Papier
Dit is...
Raadseltje|
½ |
¾ | h/ v |
| H/ v | ½ | ¾ |
| H | v | ? |
Wat komt er op de plaats van het vraagteken?
Katten Belang
Doe-het-zelveVroeger gooide ik hoge ogen met mijn inventieve bricolagewerk. Met vroeger bedoel ik mijn langgerekte vrijgezellentijd. De tijd dat rijsttapijt en Raufaser ìn waren. Als de zon erop scheen kon dit zo heerlijk geuren.
In een handomdraai legde ik een extra kabeltje of lichtpunt. Mijn kennis vergaarde ik zo links en rechts. Denis-van-op-'t werk maakte me diets dat ik een flexibele kabel diende te gebruiken om verder te bouwen vanuit een bestaand stopcontact. Zijn versie van humor, die ik niet aanvoelde, hij was immers elektrieker en ik de leek. Een bagatel, ik kreeg kortsluiting noch brand, dus... zand erover!
Ik maakte mezelf een bedstee. Twijfelachtig maar
solide. Luchtig boorde ik gaatjes in de beddeplank.
Knutselde met koebellen een deurbel in elkaar.
Maakte inbouwkasten voor de keuken en een
multimediakast voor in de living...
Tegenwoordig sta ik eerder huiverachtig tegen dergelijke karweien, en vertoon ik uiststelgedrag.
Een tijdje geleden kocht ik een nachttafeltje voor mijn jongste. In mijn verbeelding diende ik een hele dag te reserveren om dit meubel in elkaar te steken. Uiteindelijk kon ik er niet meer onderuit: ik had een hele dag ter beschikking.
In vogelvlucht bekijk ik de handleiding en merk op dat alles reeds in het pakket voorradig is, ik hoef mijn gereedschapsset niet uit te halen!
Ik besluit niet impulsief te werk te gaan, en alles van naaldje tot draadje te lezen en uit te voeren. Ik neem er de tijd voor en het verloopt vlot. Ik schraap mijn keel reeds om halleluja te zingen. Ik begin de wieltjes erop te vijzen en constateer dat er twee gaatjes te weinig voorgeboord zijn. Dedju dat plan trekt ook op niets. Moet ik er nu twee keer twee gaatjes bij creëren? Bijtijds bedenk ik dat, mogelijks mischien eventueel, ik een foutje heb gemaakt?
En ja, ik heb twee plankjes verwisseld. Gebaar ik van krommenhaas of ga ik terug naar nul?
Ik vijs alles weer los, verplaats de schuldige plankjes en zet alles weer in elkaar met het plan in mijn hoofd en binnen handbereik, ge weet maar nooit! Het kost enkel wat tijd en meerdere houtvezels eer in haar kamer een
nachtcontainertje prijkt en dan is het daar volgens mij ook nadrukkelijk
aanwezig: groot en blauw...
Deelnemen
"Deelnemen is belachelijker dan winnen," beweerde Artuur - een bewoner uit onze voorziening - ooit, waarmee hij uiteraard bedoelde dat het belàngrijker is. Geregeld poneert hij dergelijke uitspraken, steeds goed voor een moeilijk te bedwingen binnenpretje bij de toehoorder, waarna glimlachend de puntjes op de i worden gezet.
Op de voorpagina van De Standaard stond vandaag deze stelling (Deelneming telt) getiteld bij een foto van de Special Olympics European Youth Games in Rome. Meteen gingen mijn gedachten naar onze deelname in oktober 1994, aan de Spaanse Special Olympics in Barcelona. De spelen gingen eigenlijk door in Granollers en we logeerden op 70 km daarvandaan, in Lloret del Mar. We waren daar een van de twaalf uitgenodigde buitenlandse organisaties. Toen wij met ons groep volwassenen met een mentale handicap het stadion binnenwandelden, ontsteeg er aan het publiek een enorm gejuich. Voor we naast onze schoenen liepen van misplaatste trots, drong het tot ons door, dat het gejubel niet ons betrof, maar de gouden kampioen op de 50 km snelwandelen bij de Spelen in 1992, die met ons meemarcheerde...
We kregen een persoonlijk begeleidster die ons tijdens heel ons verblijf met raad en daad bijstond. Eva, een frêle meisje, dat met hart en ziel de plaatselijke sport, namelijk menselijke piramides, bedreef en klom tot op de hoogste schouder.
Daar beleefden we het meest spectaculaire indoor-openingsspektakel ooit. Het kan ook de afsluiter geweest zijn, dat herinner ik me niet goed meer. Het kwam toen rechtstreeks op de Spaanse televisie. Vergeleken met de Belgische ceremonies waarbij je vreselijk lang moest wachten eer je met je sportclub de atletiekpiste mocht opparaderen en daarna nog meer geduld moest oefenen tijdens de ellenlange speeches, hiermee vergeleken was dit dus pure luxe...
We hadden drie atleten die de 5.000 meter liepen, ze eindigden op nummer één, nummer twee en ja ook op nummer drie. En natuurlijk waren er meer dan drie deelnemers hé! Ook onze vijfkampers haalden allebei een podiumplaats!
Ach, het is natuurlijk allemaal lang geleden, maar jaarlijks zakt er toch een delegatie van onze sporters af naar de Nationale Special Olympics. Ik heb dat toendertijd altijd graag begeleid, de sfeer is formidabel en de vermoeidheid navenant. Een anecdote die ik nooit zal vergeten is Wigbert die er bij de 5.000 meter als een pijl uit een boog vandoorschoot, bewonderend gemompel bij de toeschouwers, wat een atleet! Voor de tribune viel hij stil en zwaaiend naar zijn supporters liep hij op een sukkeldrafje verder. Dit twaalf ronden lang. Eerste is hij niet geworden. Maar uitgelopen heeft hij het wel. En hierdoor een verdiende deelnemersmedaille behaald. Deelnemen, en je best doen, daar gaat het immers om!
BabysitVoor de eerste keer in zijn leven staat hij aan de andere kant van het babysitten. Hij wordt gevraagd om van zes tot elf op twee dametjes van acht en zes te passen. De kindjes in kwestie, kent hij al een aantal jaren. Eigenlijk gaf men de voorkeur aan zijn zus, maar zij was die avond niet vrij. Zij heeft echt wel "opppastallent", ondanks haar jeugdige leeftijd. Maar volgens mij heeft ook hij heel wat in zijn mars, hij is een ervaringsdeskundige bij uitstek.
De afspraak is los van mij geregeld, details ken ik niet. Moet hij er zelf naar toe? Komen ze hem halen? De babysit himself weet het niet. Tien minuten na zessen verneem ik dat hij eigenlijk reeds tien minuten te laat op zijn werkplek is. Hals over kop moet hij de lijnbus nemen, zonder goed te weten welke verbinding erop volgt...
Nadat ik zus bij Racing Gent heb afgezet, ben ik te gast bij een vriendin. Na afloop van de training is mijn dochter, samen met een tiental vrienden en vriendinnen uitgenodigd bij een clubgenootje, ze blijft er zelfs slapen, ook al dient ze de volgende ochtend reeds om kwart voor negen paraat te staan voor de vioolles. Ze is in de wolken...
Ik kort mijn vriendenbezoek in, om zoonlief op te vangen na zijn babysitdienst. Om middernacht nog geen teken van leven. Een belletje en ik verneem dat hij nog steeds ter plekke is en geen idee heeft tot wanneer... Een half uur later begin ik al wat zenuwachtig te worden, want hij moet de volgende ochtend om kwart voor acht bij zijn basketbaltrainer zijn. Ze gaan een weekendje klussen tijdens de marathon van Oostende en het mountainbiken in Koksijde, geloof ik. Om hiermee een basketbaltornooi te bekostigen, als ik het juist heb... Veel slaap zit er dit weekend dus niet in...
Pas om kwart voor twee is hij thuis...
Achteraf hoor ik dat de meisjes in kwestie heel tevreden waren over de geleverde diensten: hij speelde spelletjes en las een verhaaltje voor het slapengaan. Hij zelf was geraakt door hun gesprekken. De ouders van een klasgenootje waren gescheiden. Het oudste kindje merkte op dat dit eigenlijk even erg was als bij hen. Hun mama was een jaar eerder overleden. Hij had met hen te doen...
SpiegelfabriekIk heb me dit de voorbije jaren herhaaldelijk afgevraagd, wat, indien, als… Ik lees het zo hier en daar en ervaar het als een persoonlijk gemis: het kunnen zorgen voor vader of moeder…
Zestien (en een half) was ik toen mijn moeder stierf, en oudste van zes. Nog geen half jaar later moeten we afscheid nemen van bobonne, die een 3-tal jaren bij ons inwoonde vóór mama opgenomen werd in het ziekenhuis. Bijna dag op dag een jaar later sterft papa, hij is zesenveertig, nèt…
Wanneer mijn moeder overlijdt lijken mijn jongste zusjes en broer dit, schijnbaar, min of meer “gemakkelijk” te aanvaarden. Ons Bietje: “ah dan is mama in de hemel”… We praten er nauwelijks over ook, uit schrik wonden open te rijten. Op een familiefeest, vijf maanden na mama’s heengaan, verzucht onze vader dat niemand aan haar denkt. Wel integendeel! Maar we vermijden het om dat onderwerp aan te raken!
De last die op mij weegt, wanneer ook papa sterft, kan ik aan niemand beschrijven. Ik voel me zo verantwoordelijk, maar weet niet hoe ik dit in daden kan omzetten. Ik weet er geen raad mee. Nergens kan ik ermee terecht. Over gevoelens wordt dan immers niet gepraat.
Dus werk ik mijn humaniora af, terwijl de toekomst één groot vraagteken is. Ook al weet ik dat het zinloos is, toch ga ik voor het maturiteitsexamen en haal het bekwaamheidsdiploma, indertijd een ticket voor de universiteit. Het stelt niet zo veel voor, maar toch… Ik voel me droef omdat de weg die ik wil inslaan, doodloopt…
Met loden schoenen zoek ik dus werk. Het zijn gouden tijden, keuze te over. De jaarbeurs, de spiegelfabriek, het consulaat. Het eerste heeft mijn voorkeur, hectische perioden afgewisseld met kalmere tijden. Maar blijkbaar zit men dringend om een kantoorhulp verlegen op de spiegelfabriek. Wat een aanpassing! Daar geldt nog de 42 ½ uren-week! Lange dagen. Nauwelijks verlof. Het werk op zich vind ik wel leuk. Voor mij is het een uitdaging vlugger uit het hoofd te rekenen dan het toestel! Ik vertrouw ook niet klakkeloos op mijn machine, maak gebruik van mijn mathematisch inzicht. En dat wordt gewaardeerd.
Maar niet in het loonzakje! Maandelijks worden we cash uitbetaald. Het hoort niet om tijdens het werk de inhoud van je omslag te controleren. Eigenlijk moet je werken voor je plezier, het loon is bijkomstig, zo suggereren mijn collega’s, en ik, dom schaap, trap daarin!
Mijn verdiende geld geef ik thuis af, tot op de laatste frank. Iedereen vindt dit normaal. Ook ik. Het enige dat ik voor mezelf hou, is mijn nieuwjaarspremie, en daardoor kan ik me een platenspeler veroorloven op mijn 21e, al voel ik me daarover schuldig. Geen van mijn zussen heeft immers zo’n extraatje!
Thuis doe ik mijn best maar ik heb voortdurend het gevoel dat ik niet aan de normen voldoe. Seske is een huishoudelijk talent, ik niet. Dat ik het op school niet slecht doe, telt nu niet mee, zal nooit meer meetellen…
Of toch? Wanneer mijn broer achttien wordt wil hij niet verder studeren, ondanks ons aandringen. Hij is nochtans intelligent genoeg… Ik heb toestemming van mijn Kempische nonkels (ook al vinden zij diep in hun hart een opleiding voor meisjes nutteloos), en schrijf me in op de normaalschool, een korte opleiding van twee jaar. Ik wil graag les geven in het BLO. De directrice is blij met mijn kandidatuur, een gemotiveerde leerling… Mijn werkgever belooft me opslag als ik blijf. Maar ik wil koste wat kost verder studeren, al moet ik mijn droom “Germaanse” laten varen…
September
1974.. Ik word afgeroepen bij de start van het schooljaar. Maar ik ben er niet.
Boontje zoekt geen werk. Ik berg mijn droom op. Blijf bij mijn werkgever, zonder
salarisverhoging. Voel me triest.
Een jaar later vind ik een manier om een nieuwe job te combineren met een nieuwe
studie. Wat ben ik gelukkig!
Uiteindelijk hebben we het er allemaal zonder kleerscheuren vanaf gebracht. Boontje volgde avondschool en kreeg daarna een universitaire opleiding, naast zijn fulltime job. En nu, nu we in kalme waterkens varen, krijgen we toch af te rekenen met de demonen van vroeger. Waar bleef de ondersteuning? Waar moesten we heen met ons verdriet, ons gemis?
Mijn eigen pubers werpen me terug in de tijd. Het is zo confronterend! Maar nu ben ik volwassen en zelf moeder. Niet meer de oudste zus die zich geen raad weet en geen natuurlijk gezag heeft.
Zelfs nu is het moeilijk, met mijn eigen kinderen. Zonder partner. Zonder iemand die het af en toe van mij overneemt en zegt dat ik het goed doe. Zonder iemand die af en toe zegt: zo is het, en niet anders…
Memoires van een zoon...
bekerfinale
Aan Mimi
Grenzen
Wat ruist er in het struikgewas...?
Nieuwe start
Het ware Tineke (en dus niet van Heule)
Atletiek

Stress
Aan mijn tienerdochter
GPS
“Lief klein konijntje heeft een vliegje op zijn neus” zing ik uit volle borst mee, tot groot plezier van mijn pappenheimers op mijn werk, want jaaaaaaaaa ik (her)ken dit liedje al van op het blog. De sfeer zit er goed in, ik voel het: dit wordt een leuke dag!
Ik krijg veel spontane hulp bij de voorbereiding van de maaltijd. Even later regent het pijpenstelen, dus zullen we noodgedwongen in de keuken barbecuen. Aan diegenen die niet graag afwijken van wat gepland is stel ik de vraag of ze goesting hebben om met dit strontweer buiten te eten. Neen, luidt het antwoord. Oef…
Na de middag bestuderen we nauwgezet de affiche van de Paardenhappening in de Bevegemse Vijvers. Nergens een inkomprijs te bekennen, dus besluiten we dat het gratis is, wat voor een aantal gegadigden toch wel van belang is! Met mijn GPS ga ik onverschrokken dit avontuur aan…
Mij kan niets gebeuren, de weg wordt voor mij uitgestippeld! Ik heb de keuze tussen de snelste of de kortste route. Ik kies voor het vluggertje, kwestie van het uiterste uit de beschikbare uren te halen!
Zonder problemen raken we in Zottegem, er staan daar warempel wegwijzers naar het gebeuren. Plots geen pijlkens meer, en mijn GPS instrueert mij “linksaf”. Ik heb alle vertrouwen in de techniek, dus sla ik de smalle straat in. Geen tegenligger te bekennen, gelukkig. De weg kronkelt omhoog en gaandeweg zie ik geparkeerde wagens. Hier moet het zijn, denk ik, en probeer ons busje in een leeg gat te wurmen. De plaats is te steil en te modderig. Ofwel kan ik niet parkeren, denk ik in mezelve. En ik denk ook aan collega Alisa waarbij hulptroepen dienden uit te rukken om het busje en zijn inzittenden uit hun benarde te bevrijden. Na een interventie van de VAB moest ze indertijd namelijk een poosje rijden om de platte batterij op te laden. Inderhaast had ze wat kandidaten geronseld voor dit ritje. Een fluitje van een cent immers, dus vertrokken ze op pantoffels. Van de nood een deugd makende, koos ze voor pittoreske landelijke wegeltjes, het oog wil ook wel wat, hé! Tot ze een doodlopend pad opreed, wou draaien en alzo de bus vastreed. Geen nood, ze zou wel helpen duwen. Zette het contact uit. Dat had ze niet mogen doen, want het contact gaat niet meer aan! Batterij plat, nietwaar! In geen velden of wegen is een huis te zien. Gelukkig is er GSM en ze belt mij. Ik bestel hulptroepen…
Dit wil ik dus vermijden! Dus rijd ik met samengeknepen billen die hele weg achteruit. Pfft, vooruit is toch gemakkelijker en lijkt het minder smal. Uiteindelijk kan ik draaien en vind ik een parkeerplaats. Een wandeling, het hoort erbij hé!
Wanneer we, via een zijweg, het terrein willen opgaan krijgen we te horen dat dit 3 euro per persoon kost. Aan de hoofdingang geraken we toch kosteloos binnen. Met dank!
De festiviteiten zijn ten voordele van Hippoc, een vereniging die paardrijden als therapie voor minderbegaafden promoot. We kennen de organisatie uiteraard, enkele bewoners nemen regelmatig lessen.
“Hey Lieve, g’hebt ons nu niet zien rijden!” Ik ben aangenaam verrast bij de ingang Wigbert met enkele bewoners aan te treffen. Hun act zit er al op en ik wist er niet van. Er resten nog genoeg celebrities, allé eentje minder nu, knipoogt hij.
Remi herkent een minister. Ik zie niks. In de verte bemerk ik iemand die zich links en rechts handenschuddend een weg baant naar the place to be.
Van achteren kan ik niet zien welke minister het is. Er zijn er zo vele en ik ken ze niet allemaal, troost ik mezelf.
Het spektakel is prachtig, ontdekken we gaandeweg. We kunnen ons in een circus wanen waarbij halsbrekende toeren op paarden worden uitgehaald. Een bekende stem voorziet het spektakel,van commentaar. Jaak Pijpen! Ik hoor hem wel maar ik zie hem niet. Ik meen ook nog De Croo te horen, maar misschien is dat inbeelding. We zien in elk geval Markske van De Kampioenen met een brede lach in een rijtuig voorbijrazen. Mijn gasten speuren vergeefs naar Boma en Carmen… We hebben ons geïnstalleerd aan de inkompoort van het veld. Telkens een nieuw land word geïntroduceerd, wordt de versperring opzij geschoven, dendert een ruiter het veld op en dienen wij mee op te schuiven…
Voor we het weten is het tijd om naar Ronse te spurten om ons Mercy op te halen, die op kraamvisite is bij haar zus. Mijn GPS voorspelt 24 km. Er is geen knopje voor toeristisch reizen, toch rijden we op onooglijk kleine baantjes. Dit is echt kunstwerk! Bibberend daal ik via boswegeltjes de berekende weg af. Een sliert geparkeerde auto’s markeert een trouwfeest. Halleluja, daar ben ik schadevrij gepasseerd!
Dit kan echt niet de kortste weg naar Ronse zijn! Al die kleine straatjes! Mooi is het wel, maar gerust ben ik er niet in! Uiteindelijk bereiken we het ziekenhuis in Ronse. Ik bel dat we gearriveerd zijn. Waar? Aan de voorkant uiteraard, de straat met de bomen.De voorkant blijkt de achterkant te zijn dus heeft het heel wat voeten in de aarde eer we Mercy hebben opgehaald!
Eind goed, al goed, en veel te laat rijden we huiswaarts, mijn “dienst” is officieel al voorbij…
Kamperfoelie
mijn kamperfoelie
in de nacht
verspreidt zijn geur
zo onverwacht
subtiel, fragiel,
als in een zucht
vervliegt die geur
reeds in de lucht
't is zo voorbij,
een ademtocht,
jouw leven...
en niets vermocht
Aan Roel, die veel te vroeg moest gaan
KampeRfOELie moet je aan de keukendeur planten, vond hij...
Door de wind, door de regen...
Kwart over twaalf
in de nacht verneem ik dat haar speertraining de volgende ochtend niet
doorgaat. Nondeku! Had ik dàt geweten dan waren we deze avond reeds vertrokken
naar Oostende!
Een nachtje in
eigen bed, een brunch en menige stressvolle minuten later zijn we dan toch op
weg. Mijn dochter en ik.
Zoonlief hebben we drie dagen eerder uitgezwaaid, die zit nu in het zuiden van Frankrijk. Op het laatste moment komt hij te weten dat zijn vriend zich in de verkeerde periode heeft ingeschreven. Stom, vindt hij. Maar hij laat het niet aan zijn hart komen en op de verzamelplaats is hij al het middelpunt van een groepje… Allemaal rokers, helaas, ik hoop dat hij zijn principes trouw blijft…
…Zaterdag, op de noen, en ik dien mijn zonnebril uit te halen. In Jabbeke wordt de lucht grijs en wanneer we de koninginnestad binnenrijden is het asfalt kleddernat. Uuuuh! Zeg niet dat ik de zon heb ingeruild voor een regenbad hé!
Dit weekend zal
in het teken staan van zuiderse muziek. De Gentse Feesten gingen aan mij voorbij, niet éénmaal waagde ik me in het centrum van de stad. Shame on me! Ik
had er echt geen zin in, die voeten van mij waren er vierkant tegen…
Nu willen we
dus naar het Afro-Caribbean-festival in Bredene. Het weer is druilerig, de
kinderen zijn er vlug uitgekeken… En tot overmaat
van ramp: ik liet mijn regenvest in Gent liggen… Ik zal die méér dan nodig
hebben!
Uren later laten we de kinderen achter bij Jim Carrey, Pet Detective, en we beleven allemaal een leuke avond. Eigenlijk kon het voor mij voordien al niet stuk, want we giechelden als jonge meiden om de stomste en onnozelste zaken, en dat heeft deugd gedaan!!!
… Of dit plastic
bakje weg mag? Neen, ’t kan misschien nog dienst doen voor Mickey, de hond, als
voederbakje.
… Komaan zeg, ze
is toch geen Duitse Herder! (Bakje is nogal groot)
… Vele minuten
later trapt voorgaande spreker in het oorspronkelijke bakje, véél te klein voor
zijn voet.
… Gniffel
gniffel…
De trend wordt ’s
avonds voortgezet, met een Dronken Noorderbuur, die in het Polderland woont.
Hij beweert dat hij in de kruipruimte van zijn huis slechts een luik dient te
openen om een visje te kiezen!
Het optreden van
Kékélé is subliem. Ik moet twee keer kijken, maar die prachtige hoge stem
behoort onmiskenbaar een man. En de danseressen die na elke act van outfit
wisselen, raken bij mij een gevoelige snaar. Zo vertrouwd, deze dansen, waar is de
tijd…
Zondag starten we met koffiekoeken. In de namiddag kunnen we Nelson ter plaatse toch overtuigen dat het echt geen surfweer is. Het dondert en bliksemt, slechts twee tellen scheiden beide. Hij is nauwelijks te houden, hij popelt en smacht, de uitdaging is groot, de golven prachtig. De volgende dag vernemen we dat er in Blankenberge iemand van zijn plank is gebliksemd.
’s Avonds zijn er
Paulusfeesten in Oostende. Kris Joris staat op het programma. Vele jaren
geleden volgde ik wekelijks
conga-lessen bij hem in Mechelen, later in Haacht. Ik vond het nòg leuker dan
dansen.
Het genre,
free-jazz, kan me niet echt bekoren, het neemt niet weg dat hij echt een
“meneer” is. Ik hou meer van de Afrikaanse ritmes…
In de spiegeltent
vinden we een plaatsje “achter” zijn rug. Mijn gezelschap smiest er vandoor. Ik
volg als laatste. Wanneer we véél later terug langskomen is het optreden “past
tense”. Verdiende loon…
Bij het groot
podium worden we gerookt door het vuurwerkspektakel “The Wall” van Compagnie
Doedel. Een metalen constructie en acts die utopisch en tegelijkertijd
middeleeuws aandoen.
De organisator
moedigt ons aan vele worsten en pinten te consumeren want het slechte weer nekt
de nering.
Rond middernacht
banen we ons moeizaam een weg door de massa op het Petrus- &
Paulusplein. De populaire
vissersliederen van Lucy Loes begeleiden onze aftocht naar onze vakantiestudio.
(Nog eens hartelijk dank aan Martin en Rita, voor de genoten
gastvrijheid!)
Maandag is het weer van datte: regen en nog eens regen. Voor de golfsurfer is dit niet echt een probleem, nat ben je so wie so. Nog voor ik de meisjes kan inschrijven heb ik geen droge draad meer aan mijn lijf, allé bijna toch, mijn geleende regenscherm is een speelbal voor de wind. De planken zijn uitverkocht, want gebezigd door het sportkamp, dus besluiten ze te kanoën. Uitgerust met wetsuit en reddingsvestje kiezen ze het wijde sop om enkele minuten later te stranden. De branding is heftig. De wind haalt dertig knopen. Een hele tijd later zie ik hen worstelen met hun plank. Aan land stuurt de wind hen de ene kant op, in zee drijft de stroming hen naar de andere kant. Eens ik hen uit het oog verlies lukt het mij niet meer ze van de anderen te onderscheiden. De spanning vloeit bij me weg wanneer ze het voor bekeken houden en een warme douche gaan nemen.
Het hoeft geen betoog: ik hou oneindig veel meer van de zon!
2 reacties op dit bericht
Kostelijk!
Hahahahaha!