Naar de inhoud

Zabrila en Konstantijn

en hoe het hun nakomelingen verging...
akke.beakke.be

Archief

Aankomst


De papa van mijn Jojootjes, heeft het thuisfront niet verwittigd dat hij komt. Alleen Mbombo, zijn moeder, weet ervan, zonder precieze aankomstdag weliswaar. Een strategie die hij de laatste tijd wel meer toepast en zijn wortels vindt in mijn eigen bezoek aan de schoonfamilie.

Ondertussen is het ruim veertien jaar geleden dat ik voet zette op Kameroense bodem. We hadden ons goed voorbereid, vaccinaties voor tyfus, paratyfus en gele koorts, voorzorgen tegen malaria, bagage vooruitgestuurd, onze kroonprins op het paspoort van de papa gezet, visum aangevraagd… Als echtgenote van een onderdaan uit Kameroen bleek ik dit helemaal niet nodig te hebben , wist men op de ambassade, de wetgeving was recentelijk gewijzigd, dus kréég ik er ook geen. Mijn vriendin Ariadne, die ons zou vergezellen, diende deze formaliteit wel te vervullen.

In Douala geraakten vader, zoon en Ariadne probleemloos door identiteitscontrole en douane. Bij mij integendeel vielen ze over mijn visum. Eigenlijk over de ontsténtenis aan een visum. Ik had een invoervergunning voor mijzelf nodig dus. Ik mocht soebatten wat ik wou, ze lieten me er niet in, van die gewijzigde wetgeving hadden ze nooit gehoord. Mits het betalen van een veelvoud van de kostprijs van het Belgisch visum kon ik mijn reisgenoten vervoegen. Ik steigerde, was woest, maar uiteindelijk moest ik bakzeil halen en ruim smeergeld betalen.

De vertraging van onze vlucht met het gebakkelei aan de douane hadden heel wat tijd gekost en het was ondertussen aardedonker. De schemering valt daar plots en vroeg in de avond. We ronselden een taxi en het kostte ook veel gepalaver voor er een prijs overeen gekomen werd. Doch het bleef maar duren. Er kwam geen beweging in het voertuig. Er werd mankracht geronseld om ons in gang te duwen, zonder resultaat helaas. Of gelukkig, dacht ik bij mezelf. We moesten dus overstappen naar een collegiale concurrent.

Toen we in het steegje, zelfs in de duisternis gaf het ’t gevoel van iets achteraf, bij de familie arriveerden, was iedereen verrast. Ze hadden ons niet meer verwacht. Met tientallen waren ze uren tevoren naar de luchthaven afgezakt, met een minibusje en een luidspreker om ons te verwelkomen, en onverrichter zake waren ze terug naar huis gekeerd. Tante Hermine had haar zus met veel leedvermaak uitgelachen, de langverwachte zoon kwam toch niet! Ze had het wel gedacht! Veel geblaat en weinig wol!

tanteherminesteegjegx3.jpg

Tante Hermine in het steegje

Op voorhand had ik al heel wat verhalen over de familie moeten aanhoren, het ene al fantastischer dan het andere.
Magie is in Afrika alomtegenwoordig, had ik uit verscheidene bronnen vernomen, en dit bleek eens te meer waar.

Mbombo was dolgelukkig, we werden meegetroond van het ene huis naar het andere en moesten eten, eten, eten… Het stond zo feestelijk uitgestald! Tot laat in de nacht was er gekwebbel en gehakketak, lang nadat wij ons ter ruste hadden begeven.
Ons onderkomen was een langwerpige studio, twee kamers achter elkaar met op het einde de badkamer, alles heel rudimentair. Het gebouw was opgetrokken uit steen, in tegenstelling met het onderkomen van zijn moeder, dat in hout was. Voor de constructie van dit huis had hij maanden aan een stuk geld opgestuurd. Mbombo kon niet steeds aan de druk van de familie weerstaan, dan had die dit nodig, dan die dat… met het gevolg dat de bouw niet echt opschoot. Voor ons hadden ze twee bedden – twijfelaars - bij elkaar gekregen en zelfs een kinderbedje en een kleerkast! De matrassen waren niet al te proper, maar daar sloten we de ogen voor, een laken erover, en hopelijk hield dit het vuil wat tegen. De intentie telde!

mbombovoorhuiseh5.jpg

Mbombo voor haar huis

De douche was niet meer dan een gat in de grond, maar een ware luxe vergeleken met onze buren, die zich achter de woning moesten wassen…
Geschreven door Lieve om 00:00 4 reacties Reageer op dit bericht Stuur door

Kerstmis in Kameroen


In allerijl zetten we ons aan ’t schrijven. Ik heb mijn huiswerk gisterenmiddag reeds gemaakt, mijn Jojootjes schieten pas na het avondeten in gang. Met de franse woordenboek bij de hand pennen ze hun wedervaardigheden van het voorbije jaar neer. Applaus voor de digitale fotografie, een up to date portret is zó geschoten en afgeprint.
Weken op voorhand echter hadden ze reeds gespaard en beslist: zoveel euro’s voor Mbombo, hun grootmoeder, en zoveel voor grand-mère, hun overgrootmoeder, Thérése, het nichtje en ook voor Alain, zijn kameraad.
Zij stift zelfs haar lippen en haar zoenafdrukken verfraaien haar epistel. Ook Noewi moet er aan geloven om zijn eigenste poottekening te zetten…

molenre8.jpg

Morgenvroeg vertrekt hun papa voor enkele weken naar Kameroen. Kerstmis in Afrika.
Bij 33°C lijkt dit een vreemde combinatie. Ja, ik heb het speciaal opgezocht, momenteel noteren we deze temperatuur. ’s Nachts daalt deze tot 25°C.
Van mijn eigen verblijf herinner ik me enkel de klamme vochtigheid, in juli hebben ze daar namelijk hun GROOT regenseizoen.

kribizr3.jpg

Wasmachines en droogkasten bezaten onze familie niet, dus was ik indertijd aangewezen op mijn eigen handvaardigheid, schrobben en de was te drogen hangen. In die vochtigheid wilde echter niets drogen! Een jeans doet er op die manier erg lang over…

Ook het sanitair was rudimentair. In Douala konden we beschikken over een eigen douche en toilet. Maar voor de douche moest toch water gehaald worden aan de publieke kraan. Elektriciteit werd van de buurvrouw afgetapt.

aardnotenlk3.jpg
Joram tussen de pindanootjes

In het dorp was er nog minder comfort. Het meest miste ik het brood. We maakten wel zelf onze koeken, maar die vielen me nogal zwaar. Geen water, geen energie. In de duisternis zag ik gelukkig niet welke insecten me belaagden.
De vreemdste dingen hebben we daar gegeten van stekelvarken tot rat.
Het was een weekje aanpassen maar nonkel Jacques heeft het enorm geapprecieerd dat ik mijn neus er niet voor ophaalde.

badmt3.jpg
Baden in de rivier

Al heb ik wel mijn angstmomenten gekend. Op een bepaald ogenblik hoorde ik kinderen krijsen. Toen ik poolshoogte ging nemen zag ik mijn zoon in het midden van een colonne termieten zitten.

termietenwi4.jpg

Razendsnel heb ik hem opgepakt en ontdaan van mieren. Twintig maanden oud en zich van geen kwaad bewust, had hij er geen hinder van ondervonden. Geen enkele beet!

termieten2qf2.jpg



Thuis, in Douala, was hij plots vermist. Voor het tot me doordrong hadden ze hem reeds terug gebracht, le petit Blanc. Want daar in Kameroen is hij even goed een buitenbeentje, sommigen voor, sommigen tegen, maar geen volbloed Afrikaan.

En daar heeft hij momenteel hier in België wel last van. Het begon eigenlijk met de gemeenteraadsverkiezingen en de opmars van het Vlaams Blok. Voor het eerst realiseerde hij zich ten volle dat “zijn soort” niet bij iedereen gewenst is. “Ga terug naar uw land”, kreeg hij te horen, alhoewel hij hier is geboren. Wat hem betreft ben ik kleurenblind, voor mij is hij mijn zoon, weliswaar met een bruin vel, maar hier opgegroeid, met onze Westerse Waarden, maar mijn vlees en bloed en met een mooie Afrikaanse erfenis...

Wordt vervolgd…
Geschreven door Lieve om 00:00 5 reacties Reageer op dit bericht Stuur door

Diepvries


Ik weet niet wat het is, maar tegenwoordig heb ik aan het einde van mijn geld nog een stukske maand over.
Mijn spaarsok aanspreken doe ik niet graag, dat is goed voor ene keer, ik pijnig mijn hersens dus op zoek naar een creatieve oplossing. Hiermee suggereer ik geenszins dat ik een armoezaaier zou zijn, ik moet gewoon de tering naar de nering zetten.
Sedert ik een aantal maanden geleden halftijds ging werken heb ik wat moeten inleveren op mijn inkomen. Daar tegenover staat dat ik, vergeleken met vorig jaar, een zee van tijd thuis kan doorbrengen. Dat is héérlijk. Jolien was dolgelukkig, vooral omdat mijn nachtdienst midden in de week wegviel. Joram had wat reserve, vreesde meer controle. Maar hij geeft nu toch toe dat het wel meevalt.

Het is zalig om samen te kunnen ontbijten en er te zijn als ze van school komen. En Joram houdt zijn ene vrije ouderloze avond als ik de late heb.
Mijn tieners worden zelfstandiger en toch heb ik het gevoel dat ik meer aanwezig moet zijn. Niet continu, maar beschikbaar.

Toen ze jonger waren nam de kinderoppas of de schoolopvang het dikwijls van me over wanneer ik moest werken. Leuk vond ik het niet, maar ik heb toch het idee dat ik toen meer vervangbaar was.
Nu ik erop terugkijk zie ik hoe stresserend die periode was. Ik kon niet altijd rekenen op een vaste babysitter, tijdens de examens was deze alvast niet beschikbaar. Gelukkig was er mijn nichtje Sofie, altijd bereid om in te springen, indien mogelijk.
Hoesten en snottebellen, ik was niet alleen bezorgd om hun gezondheid, maar ik kampte met de onzekerheid, zijn ze nu ziek of niet, zoek ik opvang of ga ik werken. Op mijn job rekenden ze ook op mij, dus gemakkelijk was het niet.
Qua ziekten en klachten ben ik uiterst streng voor mezelf, ik zal niet vlug plooien. En mijn kroost heeft gelukkig ook een ijzersterke gezondheid en manipuleert mij niet met psychosomatische klachten…

Sedert zes jaar werk ik op een andere werkplek en nooit eerder werd ik zo in de watten gelegd. Voor we verhuisden sloeg de paniek bij me toe: nachtdiensten, meerdere laatavonddiensten, hoe zou ik dit kunnen verenigen met mijn thuissituatie? Met een immense dankbaarheid besef ik dat er op mijn werk “zorg” voor me wordt gedragen en dat doet zo’n deugd…
Ik heb schitterende collega’s, stuk voor stuk…
Nu ik parttime werk, zie ik hen soms enkel op de teamvergadering.

En dat brengt me weer bij het begin van mijn verhaal. De lucratieve oplossingen die ik moet zoeken om de maand rond te maken.
De ingrediënten uit de diepvries verwerken tot een heerlijke maaltijd bijvoorbeeld.
Of tien procent korting krijgen bij de aankoop van een multi-verpakking vlees.
Ik mag dan niet vergeten de rest van die grote hoeveelheid in te vriezen….

Vanavond vond ik tien worsten, netjes in drie porties, boven óp de diepvries….
Geschreven door Lieve om 00:00 4 reacties Reageer op dit bericht Stuur door

Basket

Om half twaalf is er aan de carpool afgesproken. Half twaalf, dat slaat een gat in de dag, dat veegt bovendien het middagmaal van de kaart. We zijn paraat voor de laatste basketbalwedstrijd. De laatste van de heenronde wel te verstaan. De laatste van dit kalenderjaar en tevens de laatste vóór de Grote Geestelijke inspanning van de examens.
Twintig minuten keuvelen, dan pas valt onze frank dat we best zouden aanzetten willen we tijdig in het Kluisbos arriveren. Mijn elektronische navigator heeft het ondertussen reeds berekend: ruim zesenveertig kilometer verder ligt ons reisdoel.
In een bescheiden colonne van drie wagens rijden we de parking af. Nauwelijks een straat verder verlies ik ze al uit het oog. Rechtdoor of rechtsaf? Gelukkig maak ik de juiste keuze en nu verlaat ik het kielzog niet meer! Het is wel een beetje lachwekkend als de eerste verkeerd rijdt en de rest argeloos volgt en we unaniem moeten omkeren…

In de sportzaal moeten ze alles nog klaarzetten, twintig minuten voor de wedstrijd. Het voelt niet direct aan als een welkom. Ik ben de enige supporter en onwennig hang ik in het deurgat. De cafetaria bevindt zich ergens apart. Een trap leidt naar een turnzaal met vensters die uitgeven op het basketterrein, maar is duidelijk niet bedoeld als publiekelijke uitkijkpost.
Ik lonk naar de verplaatsbare tribunes die nog op hun kop staan. Zou ik zelf…? Resoluut verwerp ik deze gedachte, er zijn genoeg mannen beschikbaar… maar geen ene is precies van plan mij als toeschouwer in de watten te leggen!
Ik heb me net tijdelijk op de trap geïnstalleerd als Joram me teken doet op de spelersbank plaats te nemen. Het mag van Reinhold, de coach.

Ik bombardeer mezelf dan maar tot mascotte die met haar geheime krachten de spelers zal aanzetten tot nooit geziene prestaties.
Van heel nabij hoor ik de te volgen strategie uit de doeken doen. De handen klinken tezamen en de strijdkreet “One team!” weergalmt.
Na luttele seconden zijn de eerste punten binnen. Een uitstekend begin. De tegenspelers volgen op de hielen, het wordt een spannende match. Van op mijn bevoorrechte plaats geniet ik met volle teugen en leef ik voor de volle honderd procent mee.

Tijdens de pauze glijden mijn gedachten af naar de eerste keer dat ik ging supporteren, toen ik me tussen de tegenpartij had gezet. Zonder het te weten natuurlijk, ik koos gewoon de meest bevolkte kant. Aan de andere zijde zat toen eerlijk gezegd nog geen kat. Ik was daar duidelijk niet op mijn plaats, er werd op ongepaste tijden geapplaudisseerd. Ik voelde me als in het hol van de leeuw met mijn eenzaam applausje op het juiste moment…

Het derde kwart is ingezet en de score blijft gelijk op gaan. Ik vind het eigenlijk heel plezierig, daar op die bank… De teamgenoten moedigen elkaar aan. Een heel gala aan emoties passeert de revue.
In de laatste tien seconden staan onze Black Bears vijf punten vóór. Door de zenuwen krijgen ze nog twee lay-ups te incasseren. Twee seconden voor het einde nemen ze een rebound en dribbelen naar het doel en dan klinkt het verlossende sein: we winnen met één punt verschil!

E i n d e l i j k !
Voor de eerste keer dit seizoen. Het is hen zó gegund, want telkens weer gingen ze ervoor…
Geschreven door Lieve om 00:00 2 reacties Reageer op dit bericht Stuur door

Zoektocht


Ze kan niet slapen. En het is al elf uur.
Haar GSM is kwijt, al een hele tijd weliswaar, maar deze avond houdt het haar uit haar slaap. Bovendien hebben ook haar pennenzak en gele map de benen genomen. Alle gelijkvloerse kasten hebben we reeds uitgevlooid. Zonder resultaat, helaas.
Een hele poos had ze echter aan struisvogelpolitiek gedaan, zodat het uiterst moeilijk is het exacte tijdstip van verdwijning te bepalen.

Nadat ze in tranen naar beneden kwam gestommeld, belt ze even later nog eens ten overvloede met de binnenhuistelefoon: “Of ik alstublieft morgen nog eens extra goed wil zoeken…” Ik beloof, stel gerust, sus, ze komt nog een knuffel halen, een K-drietje: Knuffel, Kruisje, Kusje. Enkele minuten later is ze toch onder zeil…

Zevenentwintig ogen heb ik en tòch laat ik me nog om de tuin leiden. Ze praat honderduit over de zaken die haar bezig houden en goed lukken en zwijgt in alle talen over waar ze niet direct in slaagt en waarbij ze eigenlijk wat ondersteuning kan gebruiken. Ze strooit me zand in de ogen al is ze druk bezig met taken en lessen.

De volgende dag vat ik mijn speurtocht aan op haar kamer. Na vijf minuten valt mijn oog op iets dat niet op een bureau thuis hoort. Een sok! Bwakkes, naar de linnenzak ermee!

En gelijk ik het beetneem, realiseer ik me dat het méér is dan een sok.
Het blijkt een toevluchtsoord voor haar Globaal Systeem voor Mobiele communicatie…
Geschreven door Lieve om 00:00 4 reacties Reageer op dit bericht Stuur door

Nuttige Handwerken

Vijf jaar was ik toen ik naar het eerste studiejaar trok. Een jaartje te vroeg maar vol goede moed. Zo fier als een gieter voelde ik mij met mijn geërfde boekentas. Ik kan ze me zó voor de geest halen: bruin, gebobbeld leder, vrij dun, twee binnenvakken en een klep met twee metalen sluitingen aan de voorkant.

lievewt4.gif

Elke dag kreeg ik een appel mee. Juffrouw Paula sneed die voor mij in stukken, de helft was voor zuster Bernadette, een kwart voor haar en het laatste kwart mocht ik houden. Elke schooldag voltrok zich dit ritueel. Het gaf me een vaag gevoel van gestraft zijn, al wist ik niet waarom. Wellicht wilde men me leren delen, ik weet het niet… Thuis zei ik er niets over. Destijds was ik er immers van doordrongen dat grote mensen altijd gelijk hadden. Ik hield er een intense afkeer van mijn, overigens bekoorlijk, appeltjes-schortje aan over.

Juffrouw Paula noemde ons haar apostelen. We zaten immers met twaalven in de eerstegraadsklas. Ze troonde aan een grote lessenaar op een verhoog, de tree. Wie wat mispeuterd had, moest vooraan in de klas met de handen op het hoofd op die tree knielen. En oh gruwel, wie echt héél stout was, riskeerde in de schuif van die tree terecht te komen…

We leerden schrijven met een griffel op een lei. Met een vochtig sponsje begon je zó met een nieuwe lei! Aan de muur hing een leesplank met de woorden Aap Noot Mies…
Ik was meteen verknocht aan lezen!

leesplvu9.jpg

Handwerk daarentegen! Ons eerste kunstwerk bestond erin lange draden te haken, waarvan een voetbalnetje geknoopt werd. Zo staat het tenminste in mijn geheugen gegrift. Pannenlappen, tafellopers, schoteldoeken, mutsen, gordijntjes,… volgden later.

Ook breien stond op het leerprogramma. De juf deed het voor met heel dikke breinaalden. Het begon met een sjaal, daarna kwamen de washandjes, de wanten, de sokken, de babysokjes, de kousen, de onderbroeken met schuine pijpen en met gaatjes voor een rekker, de babyhemdjes, handschoenen met vingers... Met twee priemen, of met vier. Met hulpnaalden, met een ronde pen. Ierse kabels, enkele en dubbele gerstekorrel, tricot – recht en averecht -, ajour, boordsteek, luie wijvensteek, patent- en pauwensteek…
Maar vóór ik zover was, heb ik heel wat afgebreid. Waag het niet “afgebreeën” te zeggen, want dat bracht één frank voor de missies op die jij moest ophoesten!
Zweet en tranen vergoten, gepriegeld, gesukkeld, mijn breiwerk door de kamer gezwierd toen het afzetten na ùren proberen algelijk niet lukte. Ik was er nochtans van overtuigd dat ik het kon!
Mijn moeder, weliswaar blind, kon prachtig en gelijkmatig breien. Ze breide washandjes voor de melaatsen, in ongebleekte katoen. Nadat ze gestorven was, heb ik haar laatste werk afgemaakt, mijn onregelmatige ribbels staken onbeholpen af tegen haar egale, strakke rijen…

Het was ook onontbeerlijk dat we leerden naaien. Ik had absoluut een hartsgrondige hekel aan stukjes inzetten, iets waar ze behoorlijk streng op waren. Een goede huisvrouw moest immers alles kunnen verstellen! Men noemde dit Nuttige Handwerken.
Veel leuker vond ik de Fraaie Handwerken, een bezigheid voor Dames! De rijg-, halve kruis-, en rechte steek, de ketting- en de festonsteek, de cordonsteek, mijn naailapje werd smoezelig van het intensief broddelen…

Toen ik laatst naar de bakker ging en 4,20€ neertelde voor twee broden, een zesgranen van 600 gr en een wit met maanzaadjes van 400 gr, moest ik even naar adem happen. Ik bedacht dat ik misschien best die oude schoolse vaardigheden nog eens oprakel. Binnenkort zit ik hier misschien noodgedwongen kousen te stoppen…
Geschreven door Lieve om 17:21 6 reacties Reageer op dit bericht Stuur door

Canapé

Net wanneer ik de hoek omdraai valt er uit de hemel iets groot en zwaar. Ik kijk twee keer, drie keer: een canapé alstublieft! Heb ik efkens geluk dat Murphy even niet aanwezig is en het ding niet op mijn spiksplinternieuwe voituur landt. In mijn achteruitkijkspiegel zie ik nog net een manspersoon kwiek over de brugreling wippen en vervolgens van de berm naar beneden springen.
Mijn nieuwsgierigheid is groot maar ik bedwing ze vrouwmoedig. Ik focus mij op mijn doel: Jolien van de training ophalen.

Waarom kiepert iemand een zetel – een tweepersoonsgeval nog wel – zo maar op straat, van uit de hoogte nog wel. Heeft die onbekende persoon wel goed gekeken voor hij het meubelstuk dat extra zetje gaf voor de zwaartekracht het van hem overneemt?
Wat bezielt iemand om zonder vervoermiddel met een fauteuil op stap te gaan? Misschien stonden er wieltjes onder zoals bij mijn salon zaliger.
Misschien…

Ik ben zodanig aan het prakkiseren dat ik bijna weer de gebarricadeerde straat insla. Twee dagen geleden reed ik me zo in volle spitsuur bijna klem en brak het zweet me uit terwijl ik me terug in het doorgaand verkeer manoeuvreerde. Een hoop tijdsverlies want linksaf slaan is geen sinecure, hoe doorboor je een dubbele rijdende file…

Nu heb ik het bijtijds gezien, maar even verder rijd ik toch weer verkeerd! Mijn automatische piloot volgt routineuze wegen. Ik zwenk mijn stuur en de afrit dwarsend kom ik toch op het rechte pad…
En alzo ontsnapt de mysterieuze zetel uit mijn gedachten…
Geschreven door Lieve om 00:00 4 reacties Reageer op dit bericht Stuur door

Ochtendhumeur


Gisterenavond had hij energie voor tien en maakte hij grote sier met quasi Italiaanse en Spaanse zinnetjes. Mafioso en Don Juan, in één.
De inspiratie haalt hij onder de douche. Heet water stroomt lang en weldadig over zijn bruine lijf. Niet dat ik dat met eigen ogen constateer. De badkamer is al jaren verboden terrein voor ons als hij daarin vertoeft. De gespendeerde tijd is een veelvoud van de mijne waarin een massa damp geproduceerd wordt. Die dan naar aloude gewoonte weer in water transformeert. Alleen hangt dit gecondenseerde vocht aan muren, spiegels en ruiten, in plaats van, zoals ik het graag zou hebben, linea recta in het afvoerputje.


Mijn zoon, want hij is het die met een duffe kop volgepropt met geschiedkundige feiten, gelet op de aangekondigde grote overhoring, daar stond te proesten en te stomen, komt gewikkeld in een ruime badhanddoek als herboren te voorschijn. Al grappend en ginnegappend verloopt de verdere afwerking van het avondtoilet zeer moeizaam, tijdrovend en te luidruchtig naar mijn zin. Die bonk energie is nauwelijks in te tomen en ik weet dat er morgen een andere klok zal luiden.

Aanvankelijk kunnen mijn dochter en ik nog genieten van de ochtendlijke rust maar wanneer hij aan het ontbijt verschijnt, ontstaat er een soort scheikundige reactie tussen broer en zus. De vonken schieten er weer af. Zij lanceert op ’t eerste zicht, enfin gehóór, onschuldige opmerkingen waarbij hij zich in zijn wiek geschoten voelt, want haar mimiek spreekt volgens hem boekdelen. Een duw langs hier, pffft dat doet toch geen zeer zeker, luid misbaar, het doet wèl zeer… en voor ik het weet ben ik een punthoofd aan het ontwikkelen. Ik ben geprogrammeerd met een zeer lage tolerantiedrempel wat gekibbel betreft. Ik wil dat dit onmiddellijk ogenblikkelijk stopt. Mijn kroost vat dit als aanmoediging op en nu krijg ik er nog grijs haar bij…

Wanneer de rust is weergekeerd, de een na de ander is naar school vertrokken, merk ik dat hij zijn brooddoos vergeten is…
Geschreven door Lieve om 00:00 4 reacties Reageer op dit bericht Stuur door

Zestien


“Bedankt dat ik dit wonder mocht meemaken!” De stagiaire is geëmotioneerd. Al had er honderd man de kamer met mij gedeeld, ik zou het niet gemerkt hebben. Het lijkt allemaal zo onwerkelijk. Verwonderd, vertederd, confuus kijk ik naar de piepkleine vingertjes, de diepe frons boven het neusje en het schattige mondje. Om te zoenen, zo fijn getekend, zo broos. Eigenlijk weet ik niet goed wat ik voel, ik ben verward, overdonderd. In mijn armen hou ik mijn pasgeboren zoon. En het daagt: ik ben moeder, niemand kan me dit moment ontnemen en luttele ogenblikken later knaagt het gemis van mijn eigenste mams…
De kersverse papa wil het overal uitbazuinen en voor ik het besef is hij weg om de daad bij het woord te voegen, dol van geluk, met iedereen wil hij dit gevoel delen, zijn kroonprins, zijn “petit lion indomptable”…

De peter, met wie ik de vorige namiddag nog op stap was om vasttapijt voor de kinderkamer aan te schaffen, had me nog op het hart gedrukt om niet te bevallen op 7 november. Maar de boreling dacht er anders over, die wou die voetbalwedstrijd van Club Brugge niet missen. Sla me niet dood, wie de tegenstrever was, is me ontgaan, een Engelse club, geloof ik.
Terwijl ik me in de materniteit aan het bekwamen ben in het moederschap, legt mijn echtgenoot de laatste hand aan de kinderkamer. Het naaldvilt spijkert hij honkvast op de plankenvloer en midden op de door mij in elkaar getimmerde kasten vijst hij deurknoppen. Zijn Afrikaanse metgezel kan zijn ongeloof niet op: deze immense kamer voor slechts één baby?
De volgende dag krijg ik een reuzenboeket in de kleuren van Kameroen: groen, rood, geel…

7bisjoramdoopfeesttienecb4.jpg


Sedert die dag is mijn liefde voor mijn zoon gestaag gegroeid, al nam ze diverse vormen aan. Koesteren. Aanmoedigen. Aandacht. Warmte. Steun, zoals een jonge boom die nodig heeft om recht te groeien. Een proces van geleidelijk loslaten, wat niet altijd gemakkelijk was.
We hebben al een hele weg afgelegd, dat zie je al op het zicht als hij naast zijn papa staat. Zeker tien centimeter torent hij boven hem uit. En ikzelf? Ook niet van de kleinste, voel me naast hem een dwerg…
Geschreven door Lieve om 00:00 6 reacties Reageer op dit bericht Stuur door

Vlindertjes


Het ene moment is er niets, het andere moment overspoelt het me: de vlindertjes in mijn buik. Ik weet niet wat me overkomt, de ruimte lijkt plots zo licht, luchtig en vrolijk. Het is net of ik hem nu pas voor het eerst echt zie. Opgeschoten, in een wit gewaad. Zandkleurig haar. Ernstig geeft hij het karafje aan. Klingelt op het juiste moment de belletjes.

Ik herken het gevoel. Lang, làng geleden maakte ik het al eens mee. Ik was een jaar of zeven. Plots klonk er geschrei. Het geluid zwol aan, leek oorverdovend in de stilte. Een grote jongeman in een wit kleed met koord stevende op de menigte af, nam zacht doch vastberaden onze vierjarige buurjongen op en beende naar buiten. Wat maakte dat indruk op mij! Zo lief, zo sterk! Ik was op slag verliefd. Sedertdien passeerde ik op elastieken benen zijn huis. Kijken dierf ik al helemaal niet. Maar mijn hart dreigde uit elkaar te spatten van immense bewondering. In mijn ogen was hij een màn. Hij was zèker vijf jaar ouder, maar in die tijd dacht ik nog niet in getallen.

Veel gelegenheid tot verliefd worden was er niet. Ik leefde bijna continue in een vrouwenwereld. De kleuterklas was gemengd, en de eerste twee studiejaren ook. De enige jongens die ik me herinner, waren die wildebrassen uit de houten huisjes in de Ruststraat. Noodwoningen, tijdens de oorlog opgetrokken, maar dat wist ik toen nog niet. Vechtersbazen waren het, waarvoor ik een heilige schrik had.

Pas op een zeldzaam vrij moment tijdens een weekend van de “lering”, de tweejarige voorbereiding op het Vormsel, kwamen jongens in mijn blikveld. Heerlijk! Ze zaten de meisjes na met kikkers, en al was ik doodsbenauwd dat ze zo’n puit in mijn nek gingen loslaten, deed ik vrolijk of het me niet deerde. Ze waren zoveel levendiger, wilder, luidruchtiger dan mijn vriendinnen. En oh, wat trok mij dat aan!
Maar voor ik het goed besefte was ook dit voorbij. Tijdens onze Plechtige Communie en ons Vormsel de dag daarop, waren we doordrongen van de plechtigheid en ernst van dit gebeuren. “Ons”, want ik beleefde dit samen met mijn zus Sesje.

plechtigecommunielievejmu4.jpg

Hierna was er een familiefeest, met een echte “traiteur”, kosten noch moeite waren gespaard. Hoe plezant om in het middelpunt van de belangstelling te staan! De Kempense en de Antwerpse tak verenigd in ons huis. En, hartgeroffel, bij die genodigden ontwaarden we een onbekende kozijn van onze leeftijd, een halve tweeling, rà-zend knap! Pfft!

Dit ligt reeds ruim een jaar achter mij, als de bliksem toeslaat. Van de ene op de andere dag vind ik het niet erg meer om wekelijks op woensdag de ochtendmis bij te wonen. We hebben bij ons thuis ons’ vaste dagen. Voor mij liggen die op woens- en zaterdag. Dikke pech voor mij als de zondagsplicht ook op zaterdag kan vervuld worden, want dat scheelt in tijdsduur. Tijdens de week wordt de mis afgeraffeld in twintig minuten, soms in een kwartier, zeker met onderpastoor D’hont! Bovendien komt hij steeds te laat, ik vind dat helemaal niet erg, want hij wil de verloren tijd inhalen en dan gaat het nog rapper.
Van week tot week groeit mijn gevoel, tot ik er zeker van ben, ik hoù van hem, de woensdaagse misdienaar! Twee jaar ouder dan ik dus onbereikbaar. Mijn uitverkorene weet totaal van niets en blijkt geen gedachten te kunnen lezen. En ik probeer mijn gevoelens te temperen, want, en de schrik slaat mij om het hart, misschien word ik wel zwanger!

Mijn mama had me immers, jàren geleden, voorgelicht: als een mama – een vrouw dus – en een papa – een man dus – elkaar héél héél graag zien, dan kunnen er kindjes komen…
Geschreven door Lieve om 00:00 7 reacties Reageer op dit bericht Stuur door

Meer van Zabrila en Konstantijn

↑ Terug naar de berichten