Kerstmis

...

Kerstmis
...

Kerstavond
SFEERVOLLE KERSTAVOND!

sneeuwsculpturen
De dagen worden weer langer
DE DAGEN WORDEN WEER LANGER.
21 december is de kortste dag van het jaar. De zon staat dan amper 7 uur 51 minuten boven de horizon. Die dag komt de zon in Hove op om 8u44 en gaat alweer onder om 16u36.
De donkerste avond hebben we echter op 21 december al achter de rug: op 12 december gaat de zon al onder om 16u33. Wat we ’s avonds winnen, verliezen we ’s ochtends. Want op 31 december komt de zon pas op om 8u47.
Die asymmetrie tussen de laatste zonsopkomt en de vroegste zonsondergang (ook wel tijdsvereffening genoemd) heeft te maken met de ellipsvormige baan om de zon en het feit dat de aarde in onze winter op haar dichtste punt bij de zon staat. De aarde beweegt dan sneller in haar baan om de zon, en legt op 1 dag een groter stuk van haar baan om zon af dan gemiddeld (2de wet van Kepler). De aardrotatie (de duur van 1 dag) blijft echter gelijk. En dus moet de aarde een stukje verder doordraaien om terug dezelfde positie t.o.v. de zon in te nemen.

Lengen de dagen in de maand januari gestaag 1 tot 3 minuten per dag, als je meer naar het noorden gaat, verloopt het langer worden van de dagen veel spectaculairder.
Begin van de winter
DE KORTSTE DAG.
Astronomische winter vandaag van start: kortste dag van het jaar. Vandaag, maandag 21 december 2020, om 11:02 precies, gaat de astronomische winter van start. De zon staat dan recht boven de Steenbokskeerkring, een denkbeeldige lijn rondom de aarde die op zo'n 23,5° zuiderbreedte ligt

winter
WINTER

Kerstmis
Kerstmis
de donkere zes weken
DE DONKERE ZES WEKEN.
De oudere generatie zal vertellen dat de 'donkere zes weken' het tijdvak omsluiten van drie weken vóór Kerstmis, tot drie weken na Kerstmis. ... Maar omdat Kerstmis een zeer markante dag was en dicht bij 21 december was gelegen, plaatste men Kerstmis juist te midden van de 'donkere zes weken'
De huidige generatie spreekt niet meer over de ‘donkere zes weken’. Een overvloed van electrisch licht, zowel buiten- als binnenhuis heeft de ongemakken en de onzekerheid van de duisternis uitgebannen.
Het verband met de natuur, zoals onze voorouders en veler onder ons in hun jeugd dat gekend hebben, bestaat niet meer.
Maar ten tijde dat men zich moest verhelpen met een olie- of petroleumlamp (de quinquet!), toen was het wat anders. Met het vallen van de avond moesten de meeste activiteiten stopgezet worden. En men diende ervoor te zorgen dat alles wat men voor het verder verloop van de dag of voor de volgende morgen nodig had, binnen was en dicht bij de hand : kolen en brandhout, eten. enz. zodanig dat men nog zo weinig mogelijk het woonvertrek moest verlaten, want daarbuiten lag de onzekere duisternis.
Men zag er werkelijk tegen op als men ‘s avonds met een walmende kaars of bij het licht van een paar lucifers iets moest halen of zoeken op de voute, in de beste kamer of waar ook. In die tijd werd er in de ‘leuring’ (nog een woord dat verdwenen is), t.t.z. de schemertijd, vlug rondgesprongen om nog een en ander te doen vooraleer de volledige duisternis intrad.
De periode van de kortste dagen was een dieptepunt in het leven van de mens. Late klaar en vroeg donker en als ‘t donker Is zij je nauwers beter dan in je bedde. Je zit daar toch en ‘t is verloren vier en keerselicht. Die periode noemde men de ‘donkere zes weken’
Dinner for oneDINNER FOR ONE.
Mijn vriend en ik hebben dat, enkele jaren geleden, gespeeld bij het toneelgezelschap de Langhoirs Victorinen. In het Nederlands natuurlijk.