Met haar revolver door metaalmoeheid gerimpeld
schiet zij de slagpin uit mijn voorhoofd
En buigt zich over mijn lijk
Als een heropverend strandworstelaar
kan ik haar tepels zien op en neer gaan
als ademende olijven
in een ruimschoots korset
En zij bevrucht mijn hongerige vuist
met oceanen vol slachtvee van vermoedens
over overspel en onverrichterzake
Dan stuurt zij haar gezanten
met een ruiker wrakhout van
verstorven bruiloften
als voedsel voor de vlammen
die de harde spelonk van de leugen
nauwelijks nog beheersen
en ik
blijf naar haar staren
staren naar haar
staren naar
staren
haar na staren
Als de sterren naar elkaar
Als een vruchtgebruiker
die het onbewoonbaar merg
van de waarheid plots herkent.
La chère rosée le coeur saignant (Het vlees rose, het hart bloedend)
De gedachten zalvend verkaveld
tussen de crumble van haar harteklop
en de sabayon van haar huid
Kijk ik, valscherm in aanslag, uit
om rovende liefde
vernield en vernietigend te herbeleven
Bedreven
in tandeloos bijten
en ademloos ledigen van fusten
Vermomd als slaaf van haar smaakpatroon
Als de overboord gegooide wonde van haar lusten
-op het eerste gezicht een moeilijke combinatie-
overnacht ik
in haar dromen
in zuiderse stijl
De lichte iodiumsmaak van haar tong
en de heerlijke bereidingen van haar lippen
ingericht als prachtige kamers
voor een goudgeel ontbijt
combineren zich met de onvoorstelbaar lange afdronk
van haar op eik gerijpte borsten .
Ik oogst rijpe appels en geconfijte limoenen
in de dovenetels van haar zoenen
Fris fruit en brioche van haar heupen
Dan rauwe en gestoomde vis
met een blanke botersaus
parelend en sprankelend
tussen een uitstekende
met ranken bemorste heuvel
Wanneer zij als een negerin
na de eerste persing
tussen kamille en paardenbloemen
de marc van mijn huid
tussen haar doornkreeftje en bresseduif
lagert
en gevuld met kaneel
de frisse toon van dit magisch moment
wegwalst
blijf ik achter met de stevige neus
van lichtjes gegrilde nootjes,
aroma’s van cider, gegiste appels en witte vruchten
met op het eind een licht bittertje
veelkleurig vlinderdasjes
neergestreken
op menig adamsappel
in zwart kostuum
een nacht
van verloren voorwerpen
waarbij de een
de ander verliest
vindt en terugvindt
om dan na specifiek gebruik
aan de rechtmatige eigenaar
terug geschonken
met de zoete mentaliteit
van een colibri
achteruit te vliegen
geveinsde vreugde
benepen kreten
van herkenning
ten toon
gespreid
nutteloos verdriet
dat toch net niet
in zelfmoord
resulteert
een slagveld
dat doet denken
aan het interieur van kerken
hooghartig
sterk verguld
gedempt licht
en overal
op het ritme
door schuivende voeten
heraldisch gepolijste
zerken
Agamemnon of de toekomst bevolkt met te veel zekerheden
(naar Homeros)
Ik hoef niet meer te denken
misschien nooit meer
De zee heeft alles opgelost
Aan het dodenboek
neergestort tussen het scheepstuig
heb ik mijn hart bezeerd
Maar de zee onbedwongen
zoals Homeros declameert
heeft op en neer deinend
het koningsschip
veilig aangemeerd
Maar de wond geïnfecteerd
door het woekerende woord
heeft zich tegen mij gekeerd
Dooi is in mij getreden
Het idiote boek
bleef
ongedeerd
Heeft een verborgen kanker
uit een onverkwikkelijk verleden
over dit lichaam
uitgesmeerd
Omgesmeed
in een vreemde taal
die de liefde niet herkent
in een onverwachte koelte
van de zacht kerende kade
in een hitte van de nacht
Alle soldaten aangetreden
wordt dit zwerend vlees
terug aan boord gebracht
nog een laatste lepel water
even schraal
als de lege afscheidszoen
van de nieuwe leider van het legioen
Een kort gebed en wat later
zeer krachtig hoorngeschal
Het schip zoekt hoger water
de nachtwind koelt
de ingevroren koorts
Porque la muerte non tembla
Avanza,
a su alrededor su facha
Montada sin estribos en potra
Cubierta de setas
sus muslos sorprendidos
Muequeandos como
Espadas sazonadas
Con el vivo pimiento
De su tronco desnudo
Como ramos de rosas
El almidon de su alma
e su enagua
Invade el rezo
Que nunca diré
Bajo la tela
Desnudeces
El sangre oxida
Me dicho tienes huir
Me dicho no hay tu tia
Me dicho que era mozuela
Ma no quise enamorarme
* * * * * * * * * *
Omdat de dood niet beeft
naderde ze
met rondom haar
haar reuk
Gezeten zonder stijgbeugels
op een jonge merrie
bedekt met zwammen
Haar verraste dijen
grimassen makend als
rijpe degens
Met de sterke peper
van haar naakte borst
Als takken van rozen
dringt het stijfsel van haar ziel
en haar onderrok
binnen in het gebed
Dat ik nooit zal uitspreken
Onder de stof
naakte lichaamsdelen
Het bloed oxydeert
Men zegt me gij moet vluchten
Men zegt mij maak je geen illusies
Men zegt mij dat zij ongehuwd is
Maar ik slaag er niet in verliefd te worden.
om op te warmen - zoals ons moeder aarde - het volgende seeootweeloos gedichtje
Absurde Risico’s (Secretaressendag)
Toen bedacht ze om haar isolement
krachtig in de verf te zetten
voor een succesvol debuut
de volgende onnavolgbare wetten
Ze zou als Gulliver bij de dwergen
en Peer Gynt in zijn kale bergen
heel ernstig wild gaan plassen
op die overvulde cartesiaanse assen
waarmee die uitgeleegde fotomodellen
rondom zijn kredietkaart aan ‘t vervellen
slaan en sloegen. Geslaagd
zo zou ze
hem
die uit haar beleidsverklaring zou herrijzen
de gevaarlijkste aller vriendendiensten bewijzen
Ze zou hem liefhebben !
Het is helaas rampzalig verlopen
Ze moet nu huis en rioolputje verkopen
Verkaveling en vergunning
voor zielsverruiming bleven uit
zoals het afscheidnemend riet van zijn erin gestuurde kluit
Die godverdomde andersdenkende
zag haar
zelfs onder haar nauwkeurig toezicht
niet staan
De laan
Kon ze hem helaas
niet uit sturen
Hij was al jaren in dienst
Had nog massa’s overuren
Erger nog, dat galgenaas
Tussen de ruïnes die kwajongens opzoeken
om te zien of er nog wat af te breken valt
werd mijn educatieve vorming
door Annemietje, een buitenbeentje
om zo te zeggen, vervolmaakt
De warme gladheid
van een blote meisjesbuik en dito bil
leek mij toen tussen man en vrouw
nog een onoverbrugbaar verschil Als mijn geheugen niet te kort schiet
Een grondiger reden voor een relatie
als pa en ma bestond er toen niet
Om het contract niet te compliceren zij won daardoor mijn hart met klank
besloot zij het gemakshalve met
het delen van chocola en niet met
denkbeeldige kinderen te honoreren
Waarvoor nog steeds mijn dank
Uit de bundel "Terugblik van een christelijk atheïst "