Modeltekenen I


In de academie worden 10 lessen per jaar budgetair voorzien voor tekenen of schilderen naar naaktmodel. Niet elke docent organiseert zo’n sessies. Zelf heb ik al enkele sessies kunnen volgen, maar veel te weinig om het vlot te kunnen. Het vraagt veel oefening om iets behoorlijks op papier of op doek te zetten, vooral als het om een houding gaat met ‘verkortingen’. Door het perspectief wordt de lijn van bv. een been korter dan de werkelijke lengte. Voor wie interesse heeft is modeltekenen erg boeiend. Je moet vooral leren ‘kijken’, hoe zit dit lichaam in elkaar, hoe draait het om zijn as, hoe teken je de verkorting om een natuurlijke houding te verkrijgen. Zuchten, zweten … en steeds opnieuw beginnen.
Begin vorig jaar kreeg ik de kans om aan te sluiten bij een groep die om de maand samenkomt bij iemand privé. Vrijdagavond is bestemd voor boetseerders: het model neemt één houding aan, die gedurende drie uur wordt volgehouden. Het model blijft zitten, de deelnemers verwisselen van plaats, zodat dezelfde houding van alle kanten kan benaderd worden. Natuurlijk kunnen de spieren af en toe eens ontspannen worden en halfweg koers is er pauze en wordt iets gedronken. Zondag na zo’n vrijdag, is er weer een sessie. Dan komt men tegemoet aan de tekenaars: het model verandert van houding: laat ons zeggen om de 10 tot 20minuten.
Die maandelijkse sessies vinden plaats in een erg mooi en ruim atelier. De deelnemers hebben ruimte om rond het model te zitten en het is behoorlijk verwarmd (wat ben ik toch een koukleum). Rondom om hangen de schilderijen van de inviterende artieste. Je zou die ruimte tot een woonkamer kunnen inrichten: vervang ezels, tafels en stoelen door zetels, kasten en een niet te missen tv en je voelt je thuis.
Eind vorig jaar kreeg ik het aanbod om op een tweede plaats elke vrijdag te gaan modeltekenen. Het atelier is van een beeldhouwer … en die charme straalt helemaal door de ruimte. Een gaskachel verwarmt de ruimte … maar de warmte verdwijnt door het glazen dak en door de spleten van de deuren. Het atelier is niet zo groot, d.w.z. de beschikbare ruimte waar we zitten. De vloer is aangeveegd, … maar het model is fantastisch en de sfeer onder de tekenaars, hoe leg je dat uit: eens we beginnen wordt er niet alleen geen woord meer gezegd, maar zelf kuchen of hoesten hoor je niet. Je duikt het tekenen in uitgenodigd door het model dat haar lichaam ‘geeft’ om de deelnemers mee te nemen naar de gratie van vrouw-zijn, van wat lichaam zijn kan betekenen. Deze sessies duren maar twee uur, met een korte koffiepauze tussen in. Dan wordt het model ‘Nele’. Een smoezelige badjas geeft haar identiteit terug en dan ontdek je een (niet meer zo?) jonge vrouw die haar lichaam tot in onvermoede verten heeft verkend en dit kan meedelen zonder schroom en de ‘kijker’ zijn voyeurisme ontneemt maar tekenend deelgenoot maakt van lijf-zijn, zich thuis voelen in de huid van een vrouw.
Ik ga telkens naar huis met het gevoel ‘iets intens beleefd’ te hebben. Wat zou ik graag die beleving in tekentaal omzetten … maar daarvoor ben ik nog te onkundig, ik stamel lijn na lijn, een kleuter die leert spreken … wat zou ik graag als een volwassene willen verwoorden.






