Herfst
Het najaar heeft zijn eerste signatuur gezet in onze tuin: de rabarber geeft zich over. Terwijl alles nog mooi kleurt en de regen fris groen doet aanrukken, begeven de stengels van de rabarber het en na een paar dagen liggen de bladeren tegen de grond. Inderdaad: het is herfst. Je kan best iets extra aantrekken als je naar buiten gaat … want ook de temperatuur daalt stilaan naar een warme trui.
En naar buiten gaan we: Toby moet uitgelaten en er moeten noten worden verzameld. Met de wind en de regen van de laatste dagen, wringen die zich uit hun bolster en zoeken ze de grond op. De wandeling met Toby gaat nu steevast naar de notenboom: noten in overvloed. Het is soms wel even zoeken tussen het gras … en je mag geen schrik hebben voor netels. Plots ontdek ik dan een prachtig purperen bloemetje. Even vergeet ik de noten, met mijn volle aandacht bij dat plantje geniet ik intens van de verrassing.
Toby loopt gezwind voorop, zijn staart als een zegevlag in de wind: wie durft hem tegen te spreken. Tot hij een soortgenoot treft en vol overmoed er heen trekt … als hij toelating krijgt van beide baasjes. Na even aftastend snuffelen verdwijnt zijn ‘hier ben ik en wie durft me wat’ imago en blijft hij braaf en gehoorzaam naast Karel verder lopen. Tussendoor deponeert hij zijn bijdrage aan het bemesten van de natuur. Daarna gaat hij een meter verder de grond of het gras wegkrabben om wat hij achterliet zogenaamd te bedekken of schuift hij met zijn billen tegen de grond alsof hij grote schoonmaak moet houden. Soms kan die hond me echt doen lachen.
Natuurlijk heeft het vochtige weer invloed op mijn ‘lijf en leden’, vooral die leden. Tijdens de pauze van de kantklosles hadden we het met een paar vrouwen van mijn leeftijd over ‘de pijntjes’ van het ouder worden. Allemaal waren we het erover eens: ons lichaam is niet meer ‘levensveroverend’, integendeel, alles gaat moeizamer. Er kan een nieuwe knie of nieuwe heup gestoken worden, een hoorapparaat kan de communicatie bevorderen … maar we worden niet ‘nieuw’. Best kan je over die pijnen en pijntjes die samen gaan met ouder worden, heen kijken en dat doen waarvoor je tijd wil vrij maken, bv. kantklossen … en blij zijn dat we elkaar hebben, ook al lopen we niet meer met ‘zwier’ de trap op naar het leslokaal voor kant.


