Piepeke muis (Okidoki)

MET HONDERDDUIZEND GANGEN.
DAAR ZOU EEN KAT DIE HONGER HAD,
NOOIT MUISJES KOMEN VANGEN!!!!

Piepeke muis (Okidoki)

Poes Minet (Yradja)
Zeg poes Minet, jij lacht maar weer,
wat is er, bromt de teddiebeer.
Mauw, wéét jij niet waarom ik lach?
Het is vandaag toch dierendag!
Ik mag op tafel zitten spinnen,
straks wip ik bij de slager binnen
en daar bestel ik bij de baas
een dikke biefstuk van de haas.
En als mij iemand weg wil jagen,
dan moeten ze dat mij eerst vragen.
En dan denk ik er over na
of ik ook werklijk ga.
De teddiebeer bromt: wat denk jíj?
Hoor ik er ook een beetje bij?
Denk jij dat ik op dierendag
net zoals jullie alles mag?
Ik wou zo graag de deur eens uit,
de wind eens voelen langs mijn snuit.
Dan maakte ik alle beren los
om te gaan dansen in het bos.
We rollebolden op ons rug
en kwamen pas heel laat terug.
Dat gaat niet hoor, mauwt poes Minet:
het staat niet in de dierenwet.
Ik hoor erbij, zoals je ziet,
maar teddiebeertjes? Nee, die niet!
Langs teddiebeer zijn wollen snuit
rollen de tranen op zijn bloesje:
wat poes voorspeld had, dat kwam uit.
Maar hij bromt dapper: wacht maar, poesje!...
Je zult eens zien, wat of ík mag
op teddieberendag
(Mies Bouhuys)
Grappige dierenfoto's (Ereli)





&

De grote hond en de kleine kat (Martina1)
Een grote hond en een kleine kat,
Die zaten op de kamermat;
En de hond, die zei: Zeg, scheelt jou wat?
Scheer je weg!
En de kat, die zei: Jij bent een hond,
En ik een kat, niet zonder grond;
Hou jij dus nou jouw grote mond:
Scheer je weg!
Scheer je weg: waf, waf! Scheer je weg: sis, sis
Scheer je weg: die is raak! Scheer je weg: die 's nie mis!
Waf waf! sis sis! woef woef! mauw mauw!
En een houw en een beet en een blaf en een grauw:
En de grote hond en de kleine kat,
Die vlogen van de kamermat,
En de keuken in: Zeg, scheelt jullie wat?
En hij trapte op een teen,
En zij beet in een been
Van de meid, die riep: ga je heen! O mijn been!
Scheer je weg!
En de grote hond en de kleine kat,
Die zaten weer samen op de kamermat,
En ze lachten en praatten: 'och hemeltje, wat
Trapte ik op haar teen!'
'En beet ik in haar been!'
''t Is gek, maar zo'n mens krijgt ook altijd wat!'
Albert Verwey

Woef, woef, woef, woef (Martina1)
Woef, woef, woef, woef
Loopt daar misschien een boef?
Woef, woef, woef en nog een keer
Wat is er, heb je ergens zeer?
De hond die loopt naar zijn mand
Wat is er toch aan de hand?
We begonnen juist te eten
Daarna wil ik alles weten
Na het eten kom ik snel
Het hondje snapt het wel
En...oh, wat ligt daar!
Kijk, kijk,.kijk maar
De hond heeft 3 puppies
Ze liggen nog onder de smurrie
Voorzichtig pak ik er een
Ik streel ze een voor een
Maar nu moet ik weg
Wat jammer, wat een pech
De hond heeft in zijn mand een plaats gevonden
En haar warme lichaam er rond gewonden
Dat had ik nooit gedacht
Wie had dat juist vandaag verwacht
Ze verlangt zo naar haar kinderen
Dat mag je zeker haar niet verhinderen
Ze hoeft het niet uit te leggen
Maar ze wil het me toch zeggen
Woef, woef, ja je bent lief en zacht
Kom, ik geef je nog een aai op je vacht
(Auteur onbekend)

Dierenmopjes (Ereli)
Twee slangen
Twee slangen komen elkaar tegen in het moeras. De ene slang zegt tegen de andere: "Ik hoop dat ik niet giftig ben". Vraagt de andere: "Waarom?" Zegt die ene weer: "Omdat ik net in mijn tong heb gebeten!"
Kikker en Duizendpoot
Een kikker en een duizendpoot hebben afgesproken in een restaurant. De kikker zit al een uur te wachten, als de duizendpoot eindelijk binnen komt. Vermoeid zegt 'ie: "Sorry dat ik zo laat ben, maar er hing een bordje voor de deur waarop stond: voeten vegen."
Olifant in de tram
Een olifant stapt in de tram en laat zijn kaartje aan de conducteur zien. Die zegt: "Dit is nu echt de eerste keer dat ik een olifant op de tram heb!" "Kijk maar goed," antwoordt de olifant, "dit is namelijk meteen de laatste keer, want morgen is mijn brommer weer gerepareerd."
Knudde
Kolibries (Ereli)
| Kolibries | ||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Robijnkeelkolibrie (Archilochus colubris ) | ||||||||
| Taxonomische indeling | ||||||||
| ||||||||
| Familie | ||||||||
| Trochilidae Vigors , 1825 | ||||||||
Kolibries (Trochilidae) zijn een familie van vogels uit de orde gierzwaluwachtigen (Apodiformes). Er zijn 325 tot 340 soorten, die worden onderverdeeld in de onderfamilies Phaethornithinae (met 34 soorten in zes geslachten) en Trochilinae , die de typische kolibries omvat. Het genencentrum van de kolibries ligt in Zuid-Amerika. Daar komen ook de meeste soorten voor.
Inhoud[ verbergen ] |
De mannetjeskolibrie is bont, meestal metaalachtig groen gekleurd, met een glanzend rode, blauwe of smaragdgroene keelkleur. Het vrouwtje is onopvallend gekleurd.
De snavel is een belangrijk kenmerk voor de soortindeling. Bij de zwaardkolibrie (Ensifera ensifera ) is de snavel bijna net zo lang als het gehele lijf dat 10 cm lang is. Daartegenover heeft Ramphomicron microrhynchum maar een snavellengte van 5 mm. De Eutoxeres hebben een sterk naar onderen gebogen snavel en de sabelsnavelkolibrie (Avocettula recurvirostris ) heeft een snavel die aan de top naar boven gebogen is. Iedere snavel is op een bepaalde bloemvorm gespecialiseerd, waardoor er geen concurrentie tussen de kolibrie-soorten optreedt.
Tussen de soorten komen grote verschillen in gewicht voor. De kleinste ( bijkolibrie , Mellisuga helenae ) weegt 1,8 gram. De in Noord-Amerika meest voorkomende kolibrie ( robijnkeelkolibrie , Archilochus colubris ) weegt ongeveer 3 gram en is 7,6 cm groot.
Kolibries kunnen tot 15 jaar oud worden en keren ieder jaar naar dezelfde plaats terug. Als het te koud wordt, trekken ze naar meer zuidelijke streken.
De kolibrie heeft een lange snavel, waarmee hij in de kroonbuis van de bloem kan komen. Om bij de nectar te raken moet hij zijn tong uitrollen. De punt van de tong is gespleten en heeft de vorm van een strohalm. Hierdoor kan hij bij nectar komen waar zelfs insecten niet bij kunnen. De bloemen hebben een zeer lange kroonbuis en hebben zich voor hun bestuiving aangepast aan de kolibrie en de kolibrie aan de bloemen. Om het voor deze vogel extra aantrekkelijk te maken is er veel nectar aanwezig. Kolibries hebben een sterke voorkeur voor oranje en rode bloemen.
De kolibrie kan met suikerwater bijgevoerd worden. Vroeger werd daar een rode kleurstof aan toegevoegd. Tegenwoordig is de voerhouder van plastic en is de voet, waar het suikerwater inzit, roodgekleurd. De openingen van de voerbuisjes zijn zo klein dat er geen insecten bij kunnen en alleen de snavel van de kolibrie er doorheen kan.
De kolibrie kan door de zeer snelle vleugelslag (15 tot 80 slagen per seconde, afhankelijk van de grootte van de vogel) in de lucht stil blijven hangen. Door de snelle vleugelslag kan de kolibrie als enige vogel ook achteruit vliegen. Deze manier van vliegen vraagt echter zeer veel energie die verkregen wordt uit de suikers die in de nectar zitten. Sommige soorten eten ook insecten. De kolibrie moet de hele dag eten om voldoende energie te bekomen. Zelfs als het regent blijft de kolibrie doorvliegen, maar kan dan minder voedsel vinden omdat veel bloemen zich bij regen sluiten. Wanneer het langer dan een week aanhoudend regent, sterven veel kolibries door gebrek aan voedsel.
Alleen 's nachts slaapt de kolibrie. Tijdens de slaap daalt de lichaamstemperatuur enkele graden om energie te besparen. Vergelijkbaar met de winterslaap bij beren.
De kolibrie legt in twee dagen twee relatief grote, witte eieren die na 14-19 dagen uitkomen. De jongen worden gedurende 3-4 weken met insecten en nectar gevoed door de moeder. Deze voert tot 140 keer per dag de jongen, waarbij de lange snavel diep in de bek van het jong gestoken wordt. De vader verzorgt het nest niet en zorgt ook niet voor het grootbrengen van de jongen. Hij verdedigt wel het territorium tegen binnendringende soortgenoten. Daar kolibries zeer veel moeten eten, zijn de jongen altijd onbewaakt en vallen vaak ten prooi aan andere dieren zoals roofvogels, katten en slangen.
|
Zaagsnavelheremietkolibrie (Ramphodon naevius ) |
Breedstaartkolibrie (Selasphorus platycercus ) |
Robijnkeelkolibrie (Archilochus colubris ) |
Rosse kolibrie (Selasphorus rufus ) |
Knudde
Slakken (Martina1)
Slakken
Twee slakken waren al sinds jaren
op weg van Groningen naar Haren.
Tenslotte kwam geheel ontdaan,
de oudste bij het eindpunt aan.
Hij slikte en sprak diep bewogen:
'Mijn broer is uit de bocht gevlogen".
____________________________
Twee kleine slakjes,
Hielden van elkaar.
Ze gingen samen trouwen,
Toen werden ze een paar.
Ze hebben toen hun huisjes,
op elkaar gezet.
Nu wonen ze gezellig,
Samen in een flat!

Geen dierendag (Ereli)
| Voor deze dieren op 4 oktober geen dierendag | |
In Turkije sterven dagelijks honden door onwetendheid, onachtzaamheid en onverschilligheid.
Stichting ActieZwerfhonden probeert hier iets aan te doen. Geld, maar vooral ook publiciteit heeft zij nodig om haar werk te kunnen doen.
ActieZwerfhonden geeft om een dierenleven; u toch ook?
Help ons helpen!
Met vriendelijke groeten,
Namens Stichting ActieZwerfhonden
Linda Taal
Website: www.actiezwerfhonden.nl
AZH
DN 28/09/2007
Knudde
Het mezennestje (Martina1)
Een mezennestje is uitgebroken,
dat, in de wulgentronk gedoken,
met vijftien eikes blonk,
ze zitten in de boom te spelen,
tak-op,tak-af,tak-uit,tak-in,tak-om,
met velen,
en 'k lach mij, 'k lach mij, '
k lach mij bijkans krom.
Het mezenmoêrtje komt getrouwig,
komt op de lauwe noen, al blauwig
en geluwachtig groen,
het brengt hun dit en dat,om te azen,
tak-om, tak-op,tak-af,tak-uit,tak-in,
ze razen,en kruipen,
vlug, het mezennestje in.
Het mezenvaârtje zit de loveren
verduiken 't voor 't gestraal, te toveren,
al in de mezentaal,
daar vliegen ze, al med'een, te zamen,
Tak-om, tak-op, tak-af, tak-in, tak-uit,
en,amen het mezennestje
is weêrom ijle en uit.

Snokken aan leiband (Martina1)Snokken aan leiband beschadigt nekwervels van hond
Zweeds onderzoek wijst uit dat meer dan zes op de tien honden rugproblemen hebben. Een van de oorzaken is dat de viervoeters hun leven lang mee 'gerukt' worden aan hun halsband. 'Baasjes denken dat hun hond luistert na een ruk, maar eigenlijk vermijdt hij gewoon een pijnlijk gevoel', meent hondentrainster Katrien Lismont.
Stel je even voor: je staat als kleine hond te midden van een menigte en ziet alleen benen, schoenen en wielen van winkel- en kinderwagens. Met moeite kan je omhoogkijken en plots verlangt men dat je van richting verandert. Dat merk je door een duidelijk signaal van de leiband die vast hangt aan je halsband. Elke ruk daaraan knijpt je keel dicht en doet pijn aan je strottenhoofd.
Mijn beste vriend (Ereli)
mijn beste vriend
de vriendschap van een hond
is vriendschap voor het leven
voor een ander niet te zien
hoeveel een hond kan geven
want ben je ééns verdrietig
dan kijkt hij je aan
alsof hij zeggen wil
ik zal altijd naast je staan
en als je dan weer vrolijk bent
dan slaat hij met zijn staart
en blaft alsof hij zeggen wil
dat hebben we weer geklaart
zo'n vriendschap is een wonder
een wonder om te beleven
zo'n viendschap kan geen mens
geen mens kan zoiets geven
(onbekend)
Knudde
Hamstersoorten (Ereli)

Hier vind je informatie over de verschillende hamstersoorten. Als je meer wilt weten over de geschiedenis van de hamstersoorten kijk hier.
De Russische dwerghamster komt oorspronkelijk uit Noord-Kazachstan (Siberië). Deze hamster is een vrij rustige hamster (rustiger dan bijv. de Roborovski dwerghamster). Het lichaam heeft een doorsnee van ongeveer 7 centimeter en een klein staartje. De Russische dwerghamster heeft een brede kop met ronde en bolle ogen. Ze worden ongeveer 1,5 tot 2 jaar oud.
Wat bijzonder is aan deze hamstersoort is zijn wintervacht, in de winter wordt de vacht wit. Niet alle Russische dwerghamsters in gevangenschap krijgen een wintervacht, het ligt aan de hoeveelheid (kunst)licht in de kamer. Bij de meeste mensen gaat in de winter al vroeg de lamp aan, zodat er geen wintervacht ontstaat.
In theorie kan de Russische dwerghamster samen gehouden worden met soortgenoten, maar dat gaat zeer zelden goed. Het is ook niet zielig om een Russische dwerghamster solitair te houden. Als je toch meerdere Russische dwerghamsters bij elkaar wilt houden kan dit alleen met broertjes/zusjes uit hetzelfde nest die hun hele leven bij elkaar gezeten hebben. Je moet dan wel een reservekooi achter de hand te houden voor het geval het fout gaat..
Russiche dwerghamsters bestaan in 3 officieel erkende kleuren:
Wildkleur: De buik is grijswit, oortjes donker, een donkerbruine vacht en een zwartbruine streep over zijn rug.

Blauw-wildkleur (sapphire ): Het lijkt op de wildkleur, alleen is de vacht blauwgrijs en is de streep over zijn rug donkerblauw.

Parelgrijs (pearl ): Parelgrijs (Pearl) is sinds kort niet meer officieel erkend als kleur, maar het is wel een kleur die je vaak ziet. Ze hebben een witte vacht en de oortjes zijn lichtgrijs.

Verder zie je in de winkel ook steeds vaker "nieuwe" kleuren opduiken, zoals geel roodoog of mandarijn. Over de zuiverheid van deze dieren bestaat discussie (zie verderop het stuk "Het verschil tussen Russen en Campbelli's" en het Hamsterforum).
Russische dwerghamsters in wintervacht zien er zo uit:
| Ned. naam: | Russische dwerghamster |
|---|---|
| Latijnse naam: | Phodopus sungorus |
| Levensverwachting: | 1,5 - 2 jaar |
| Lengte (kop-romp): | 64-100 mm |
De Campbelli-dwerghamster komt oorspronkelijk uit Noord-Mongolië en Noord-China. Hij is nauw verwant met de Russische dwerghamster. Ze hebben de reputatie agressief te zijn, maar als je je Campbelli hamster bij een goede fokker of een betrouwbare dierenwinkel haalt is daar geen sprake van. Ze zijn wat nieuwsgieriger en assertiever dan Russische dwerghamsters. Ze worden ongeveer 1,5 tot 2 jaar oud.
In theorie kan de Campbelli dwerghamster samen gehouden worden met soortgenoten en de ervaring van leden van het Hamsterforum is beter dan met het samenhouden van Russische dwerghamsters. Echter, het is ook niet zielig om een Campbelli dwerghamster solitair te houden. Als je meerdere Campbelli dwerghamsters bij elkaar wilt houden kan dit alleen met broertjes/zusjes uit hetzelfde nest die hun hele leven bij elkaar gezeten hebben. Het is dan wel raadzaam om een reservekooi achter de hand te houden voor het geval het fout gaat.
De Campbelli dwerghamster komt in heel veel verschillende kleuren en vachttypes voor.
| Ned. naam: | Campbelli dwerghamster |
|---|---|
| Latijnse naam: | Phodopus campbelli |
| Levensverwachting: | 1,5 - 2 jaar |
| Lengte (kop-romp): | 68-103 mm |
Het verschil tussen Russen en Campbelli's:
Het is voor het ongeoefende oog vrij moeilijk het verschil te zien tussen een Russische en een Campbelli dwerghamster. Er zijn echter een paar kenmerken die vrij makkelijk te zien zijn.
Ten eerste komt de Russische dwerghamster maar in een beperkt aantal kleuren voor en heeft altijd een witte buik, "bogen" in zijn zij (behalve een pearl natuurlijk), en is bijvoorbeeld nooit gevlekt. Als je een hamster hebt die hier niet aan voldoet, is het in ieder geval geen Russische dwerghamster. Sommigen Campbelli-kleuren hebben ook bogen in de zij, maar deze zijn minder scherp afgetekend dan bij de Russische dwerghamster. Bij de wildkleur Campbelli zit er bijvoorbeeld een gelige tint tussen de zijbogen en de witte buik, terwijl de overgang bij de Rus wat abrupter is.
Een relatief makkelijk kenmerk om de Russische dwerghamster van de Campbelli te onderscheiden is de aalstreep. Russische dwerghamsters hebben een brede, dikke aalstreep, Campbelli's hebben een dunne aalstreep (bij bepaalde kleuren zelfs niet goed zichtbaar)
Verder loopt bij een Russische dwerghamster de neus vloeiend over in de rest van de kop, bij een Campbelli ligt de neus er bij wijze van spreken als een bolletje op.
Een Campbelli dwerghamster heeft van bovenaf gezien een 8-vorm, een Russische dwerghamster een ei-vorm (smal bij de schouders, breed van achteren).
Tot slot heeft de Campbelli een wat meer plukkerige vacht dan de Russische dwerghamster.
Russische dwerghamsters en Campbelli's zijn de enige hamstersoorten die onderling gekruist kunnen worden, je krijgt dan zogeheten "hybride" hamsters. Dit is echter absoluut af te raden omdat dit ernstige gevaren voor de gezondheid op kan leveren en het is desastreus voor het zuiver houden van de beide subsoorten.
Aangezien Russische en Campbelli dwerghamsters onderling gekruist kunnen worden, zul je als je je hamster uit de dierenwinkel hebt gehaald waarschijnlijk nooit helemaal zeker weten of je een raszuivere Russische of Campbelli dwerghamster hebt. Op de onderstaande foto is een voorbeeld van kruising Rus/Campbelli te zien. Hij is gevlekt, dus geen raszuivere Rus, maar heeft een te brede aalstreep om een Campbelli te kunnen zijn.

Roborovski dwerghamsters zijn de kleinste dwerghamsters. Ze hebben een kort en breed kopje met ronde, grote ogen. Hun vacht bevat een bruingele tint met een grijze onderlaag. Er is geen streep over de rug (aalstreep) en een witte buik.
Oorspronkelijk komen ze uit het Westen en het Oosten van Mongolië en Noord China. Ze zijn erg levendig en snel en ze worden ongeveer 2 tot 3 jaar oud. Over het algemeen zijn Roborovski's vooral "kijkhamsters". Ze zijn te snel om vast te kunnen houden.
Ze zijn niet solitair en kunnen dus meestal in groepjes worden gehouden. Het houden van groepjes mannen lijkt echter toch wel regelmatig voor problemen te zorgen. Neem ook nooit meer dieren dan je eventueel apart zou kunnen huisvesten. Een gemengde groep zal altijd betekenen dat ze op een bepaald moment jonkies gaan krijgen en dit kan behoorlijk snel oplopen! In alle gevallen is het raadzaam om één of meerdere reservekooien achter de hand te houden voor het geval het fout gaat.
Er is tegenwoordig een kleurmutatie van de Roborovski verkrijgbaar. Het oorspronkelijke uiterlijk (wildkleur) ziet er zo uit:

De nieuwe variant wordt "white face" of "white mask" genoemd:
| Ned. naam: | Roborovski dwerghamster |
|---|---|
| Latijnse naam: | Phodopus roborovskii |
| Levensverwachting: | 2 - 3 jaar |
| Lengte (kop-romp): | 86-92 mm |
De Chinese dwerghamster komt oorspronkelijk uit Noord-China en Mongolië. Ze zijn erg levendig en houden van klimmen. Ze zijn wreed tegen soortgenoten, dus ze moeten net als de Syrische hamster solitair worden gehouden. Ze worden ongeveer 2,5 tot 4 jaar oud. De Chinese dwerghamster heeft een duidelijk waarneembaar staartje van ongeveer 1 centimeter lang, wat voor een groot deel verklaart waarom ze zo goed kunnen klimmen. Ze gebruiken hun staartje voor houvast en om hun evenwicht te bewaren. Verder is geslachtsonderscheid bij de Chinese dwerghamster erg makkelijk, bij mannetjes kunnen de ballen tot wel 1/3 van de lichaamslengte beslaan!
Chinese dwerghamster worden relatief niet zo vaak als huisdier gehouden in Nederland. Lees over ervaringen van mensen met Chinese dwerghamsters of deel je eigen ervaringen in het onderwerp over Chinese dwerghamsters op het Hamsterforum .
Hieronder staan weer de kleuren.
| Ned. naam: | Chinese dwerghamster |
|---|---|
| Latijnse naam: | Cricetulus griseus |
| Levensverwachting: | 2,5 - 4 jaar |
| Lengte (kop-romp): | 82-126 mm |
De Syrische hamster wordt ook wel de goudhamster genoemd. Vroeger werd vooral deze naam gebruikt, maar tegenwoordig heten ze Syrische hamsters. Deze naam is ook beter, omdat er verschillende kleuren zijn naast de oorspronkelijke kleur goud. In 1839 werd de Syrische hamster ontdekt, maar daarna dachten ze dat hij was uitgestorven. In 1930 vonden ze in de Syrische woestijn een nest met een vrouwtje en haar jongen. Met dat nest is verder gefokt en de meeste mensen denken daarom dat alle Syrische hamsters die worden gehouden, afstammen van dat nest. De Syrische hamster is solitair, dat betekent dat hij agressief is tegen soortgenoten (behalve als ze geslachtsrijp zijn). Ze worden ongeveer 1,5 tot 2 jaar oud.

De Syrische hamster komt in verschillende vachtsoorten en kleuren voor:
| Ned. naam: | Syrische hamster |
|---|---|
| Latijnse naam: | Mesocricetus auratus |
| Levensverwachting: | 1,5 - 2 jaar |
| Lengte (kop-romp): | 17-18 cm |
Eind 2005 is er een poll geweest op de voorpagina. De uitslag vind je hieronder. De Russische dwerghamster blijkt het populairst te zijn, daarna komt de Syrische hamster.
| Favoriete hamstersoort? (1427 stemmen) | |
|---|---|
| Campbelli dwerghamster | |
| Chinese dwerghamster | |
| Korenwolf | |
| Roborovski dwerghamster | |
| Russische dwerghamster | |
| Syrische hamster | |
Knudde
Eenden (Ereli)
| Eenden | ||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Vliegende wilde eend (vrouwtje) | ||||||||||
| Taxonomische indeling | ||||||||||
| ||||||||||
| Onderfamilie | ||||||||||
| Anatinae Tadorninae Merginae Oxyurinae Stictonettinae | ||||||||||
Eend is de algemene naam voor een aantal soorten vogels uit de familie van eendachtigen (Anatidae). Alle soorten uit de Anatidae worden "eenden" genoemd, behalve de soorten uit de onderfamilie Anserinae , de ganzen en zwanen . Eenden zijn hoofdzakelijk aquatische vogels, meestal kleiner dan hun verwanten, de zwanen en de ganzen, met een kortere nek, en kunnen in zowel zoet als zout water worden gevonden. De Tadorninae , waartoe onder andere de bergeend behoort, houden het midden tussen de ganzen en zwanen.
Eenden worden soms verward met verscheidene soorten niet verwante vogels met gelijkaardige vormen, zoals duikers , futen en rallen als meerkoet en waterhoen . Soms wordt met "eend" alleen vrouwtjeseenden bedoeld. Een mannetjeseend heet een "woerd". Een jonge eend wordt een "pulletje" genoemd. Een woerd is naast de kleur ook te herkennen aan een krulletje in de staart (dit is niet altijd zichtbaar).
Inhoud[ verbergen ] |
Eenden zijn watervogels. Ze hebben zwemvliezen en waterafstotende veren. De vrouwtjes bekleden het nest meestal met dons dat ze uit hun borst plukken. De jongen zijn nestvlieders . Ze verlaten het nest spoedig na het uitkomen. Eenden ruien hun slag- en staartpennen tegelijkertijd. Ze kunnen daardoor ongeveer 1 maand niet vliegen. Deze rui vindt plaats meteen na het broedseizoen. Bij de meeste soorten hebben de mannetjes een kleurig broedkleed, de vrouwtjes daarentegen schutkleuren. Alleen tijdens die korte ruiperiode hebben de mannetjes ook een camouflerend verenkleed ( eclipskleed ).
Eenden eten verschillende soorten voedsel, waaronder grassen, waterplanten, vissen, insecten, enz. Het geluid dat door eenden wordt gemaakt wordt "kwaken" genoemd.
Mannetjes van noordelijke soorten hebben vaak opvallend gevederte.
Sommige soorten eenden, hoofdzakelijk die in de gematigde en noordpoolgebieden, migreren ; andere soorten doen dit niet en blijven het hele jaar in hetzelfde gebied. Weer andere soorten, in het bijzonder in Australië waar de regenval fragmentarisch en onregelmatig is, zijn nomadisch en zoeken tijdelijke meren en poeltjes op die zich na zware regen vormen.
In vele gebieden wordt op wilde eenden gejaagd voor het vlees of voor het vermaak. Meestal gebeurt dit door de dieren te schieten; vroeger werden daarnaast ( eendenkooien ) gebruikt. Eendenvlees en -eieren worden in veel landen geconsumeerd. Donzen dekbedden bestaan uit de onderveren van de eidereend . Het wordt bijeengezocht uit hun nesten in voortplantingsgebieden waar de eenden de veren gebruiken om hun nesten te bedekken. Naast de mens zijn ratten de grootste vijanden van eenden.
Tegenwoordig leven eenden vaak juist dicht in de buurt van mensen, zoals bij water in de bebouwdekom van dorpen en steden en worden de eenden niet meer gejaagd maar gezien als leuke aanvulling op de leefomgeving. Zo wordt het bijvoorbeeld door sommigen als aardig tijdverdrijf gezien om "de eendjes te voeren" met overgebleven oud brood.
De eend is al lang een dier dat veel gebruikt wordt in verhalen, in het bijzonder voor kinderen. Enkele voorbeelden:
De eenden zijn ingedeeld in verschillende onderfamilies van de eendachtigen en vertegenwoordigen dus niet een vaste taxonomische groep. Hier volgt de indeling van de vogels die als eenden bekendstaan:
Familie Eendachtigen (Anatidae)
Enkele bekende eendensoorten zijn:
Knudde
Torenval (Ereli)
Wielewaal (Martina1) Wielewaal
In populieren roept hij ongezien
zijn luide naam in een herhalend ritme
dat tureluurs maakt maar ook vreugde schept.
De schuwheid is hem blijvend aangeboren,
hij zoekt de schaduw van de dichte kruin
en zelden vangt een oog zijn geel en zwart.
Van boom tot boom gaat hij in snelle vlucht,
een vallend glijden door het rijdend licht,
alsof hij zich verlustigt in het niets.
Het nest wuift als een luchtig wiegelied
en vangt de trilling van de minste wind:
een verend deinen, eindeloos herhaald.
Het kenmerk van zijn mensenschuwe staat
herneemt hij in zijn schallende muziek
die in Dutmala klank en weerklank vindt.
Een vreemde is hij in dit schamel land
van ruime verten en gehaagde bomen
en dat besef bestempelt hem tot vroom:
een pelgrim die op bedevaart zal gaan,
de kringloop volgend van zijn litanie
die na de zomer in het niets verstomt.
Torenvalk (Ereli)
| Torenvalk IUCN - status: Veilig [1] | |||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Taxonomische indeling | |||||||||||||
| |||||||||||||
| Soort | |||||||||||||
| Falco tinnunculus ( Linnaeus , 1758 ) | |||||||||||||
De torenvalk (Falco tinnunculus ) is een vogel uit de familie van valken (Falconidae ).
Een volwassen exemplaar is 30 tot 35 centimeter groot. Ze komen voor op allerlei soorten plaatsen, ook in steden. De dieren zijn vaak te zien langs autowegen. Ze kijken vanuit de lucht naar beneden op zoek naar een prooi. Als ze deze hebben gevonden, duiken ze erop af. Het voedsel bestaat voornamelijk uit kleine zoogdieren en insecten , bijvoorbeeld muizen en kevers . Hierom bouwen ze hun nest dan ook op een plaats waar ze zicht hebben op een open ruimte waar ze kunnen speuren naar voedsel.
Het mannetje heeft een grijsblauwe kop en nek, een roodbruine rug en vleugels met donkere vlekken. De staart is blauwachtig grijs en heeft een zwarte eindband. Het vrouwtje is identiek aan het mannetje, maar heeft een bruine kop en nek, dwarsbandjes op de rug en vleugels en een bruine staart.
Het gehele jaar komen torenvalken in een groot deel van Europa voor, waaronder Nederland en België . In Scandinavië en Noord-Rusland zijn de dieren alleen in de zomer aan te treffen.
Knudde
Fragiele diertjes (Yradja)
| Fragiele diertjes |






Vaccinatie van een kat: zijn er nevenwerkingen te vrezen? (Ereli)
|
Gezondheid Huisdieren |
|||||||
25/09/2007 | |||||||
Knudde
Haar puppy liefde kent geen grenzen (Ereli)
| Haar puppy liefde kent geen grenzen | |
Een Chinese hond zwemt dagelijks meer dan 4 km om haar pasgeboren puppies te verzorgen die gestrand zijn op een eiland. De hond is ondertussen al een bekendheid geworden in Chongqing stad en ze werd Huahua gedoopt door de lokale bevolking. Ze bevoel van 4 puppies in Shanhuba dat een eiland werd door het feit dat de Changjiang rivier buiten haar oevers trad, door de felle regens.
Huahua zwemt elke dag 1,2km naar het eiland om haar 4 baby's te verzorgen en te voeden. Dan keert ze terug naar de Changjiang rivier, volgt de stroom van het water en zwemt nog eens 1.1 km terug naar een ander deel van de stad om zichzelf te voeden.
Iedere dag herhaalt Huahua dit scenario tweemaal. Een keer in de morgen rond 7 uur en nog eens een keertje rond 7 uur 's avonds. Op dat tijdstip blijft ze bij haar kindjes op het eiland tot de volgende morgen, want dan keert ze terug naar de stad.
Huang Pingren, een gepensioneerde man die elke dag naar het eiland zwemt, vertelde dat hij dit wonderlijke gebeuren enkele weken geleden opmerkte.
¨Ik rustte uit op het eiland en vond 4 onbeschermde kleine hondjes. In de avond rond 7 u zag ik een hond naar de oever zwemmen en naar de pasgeborenen rennen.¨
Twee dagen geleden steeg het water weer en de moeder verhuisde haar kleintjes naar een hoger gelegen punt van het eiland, aldus de Chongqing Evening News.
Dierenleed Azie
Belgie / Nederland
www.dierenleedazie.be
DA
Knudde