
.


Visarend (Martina1)

Even Bieke helpen (Catwoman
|
|
De kittentijd is weer begonnen. Ben je op zoek naar een katje? Ga dan eerst eens kijken op het blog van Bieke:
De zee is een schat voor de mens" (Martina1)
De zeeën op de aardbol leveren een enorme schat aan diensten voor de mensheid, onder meer voor voedsel, klimaat, bescherming tegen rampen, geneeskunde en nieuwe technologie.
Dolfijn gestorven in dolfinarium Brugge (Martina1)
|
Dolfijn gestorven in dolfinarium Brugge |
De dolfijn is gestorven toen hij onder narcose werd gebracht voor een operatie aan zijn kaakbeen.
"We moesten een medische ingreep plannen omdat het dier een geboren afwijking had en zijn kaak gebroken had", zegt dierenarts Piet Delaander.
Het dier leed veel pijn en de dierenartsen konden naar eigen zeggen niet anders dan opereren, ook al zijn daar risico's aan verbonden.
De verdoving van de dolfijn was een primeur in Europa. In de Verenigde Staten is het wel al enkele keren gebeurd.
Volgens Delaander treuren de andere dieren om het verlies van hun vriend. "Het is een zware dobber voor de dieren en voor de trainers. Het zal maanden duren voor de groep dolfijnen zich herstelt."
Door de dood van de dolfijn zijn er nu nog zes dolfijnen in het dolfinarium in Brugge.
met de hond op vakantie
Praktische info:
Er zijn verschillende mogelijkheden om met je hond op vakantie te gaan in de Ardennen of in Oostenrijk. Meer info kun je vinden op :
Dog Walk Trail
Freidrichsteasse 334
5721 Piesendorf
Oostenrijk
tel: 0043/676.760.10.22


Hond aan de lijn met een paard in de buurt |
|
|
Een tijd geleden maakte ik met een paard een wandeling door een prachtig gebied. Het was echt genieten. Toen ik net over de top van een duin reed, kwam er een Duitse herdershond aangerend. ‘Geeft niets', riep een dame uit de verte, 'hij doet niks!’ Ik was blij dat het paard gewend was om honden om zich heen te hebben en hij dus rustig bleef. Ik kon het niet laten om de vrouw te antwoorden: ‘Maar mijn paard trapt wel graag naar honden!’ De vrouw schrok zichtbaar en riep de hond bij zich. Verder was er niks aan de hand, we wuifden naar elkaar en gingen weer verder met genieten. Wat was ik blij dat ik op dat moment op een ervaren paard reed en niet op een jong paard in opleiding. Hoezo? Je mag niet vergeten dat honden en paarden heel verschillende dieren zijn. Als jouw hond op een of andere manier moest leren overleven zonder jou, ergens in een wildernis, ja zelfs je Chihuahua. Wat voor een dier zou het dan worden? Zijn instinct zou hem vertellen om op jacht te gaan, dit het liefst met een paar soortgenoten om de kans op het vangen van een prooi te vergroten. Komt er een prooi in zicht dan gaat hij zich niet afvragen welk weer het gisteren ook alweer was, nee het knopje in het hoofd draait om en het enige dat telt is een gevulde maag. Elk vezeltje in zijn lichaam richt zich op het vangen van de prooi, adrenaline stroomt door de aderen zodat hij alles uit zijn lichaam kan halen… Nu naar het paard... Een paard leeft ook graag in groep, een kudde. Dit doet hij niet om samen op jacht te kunnen gaan. Het paard wil ook graag zijn maag vullen, maar met in zijn achterhoofd altijd de angst voor de dieren die hem als prooi zien. Hij zoekt de kudde op om de geborgenheid van deze groep op te zoeken, omdat ze samen effectiever op hun hoede zijn voor gevaar. Je zal daarom ook zien dat er bij wilde paarden een soort beurtrol is. Een groepje dat eet en een groepje dat waakt. Als er in deze groep ook maar een klein teken gegeven wordt van gevaar zal de hele kudde reageren door eerst te vluchten om er pas daarna achter te komen wat er aan de hand is. Dus dit allemaal even simpel als uitleg om je te laten zien dat een paard een prooidier is en daardoor ook een vluchtdier en dat de hond instinctief een jager is. Ik denk dat nu het verhaal van net al wat anders overkomt. Hoe lief de hond ook was, er hadden verschillende dingen verkeerd kunnen gaan. Het paard had kunnen schrikken. Het paard ziet iets aankomen rennen, zijn reactie zegt: eerst vluchten, dan de rest. De hond, hoe lief hij ook was, kon zonder nadenken het knopje van het jachtinstinct opgezet hebben en achter het paard aangegaan zijn. In het beste geval komen beide dieren op tijd tot bezinning en zetten ze hun instinct opzij om zich gehoorzaam op te stellen aan hun baas die in hun ogen toch weet hoe het moet. Hoe anders het allemaal kon lopen hoef ik je verder niet uit te leggen. Je weet misschien wel dat we naast honden ook helemaal gek zijn op paarden. Wij zijn niet de enigen. In zowel Belgie als Nederland neemt het aantal paardeneigenaren jaarlijks flink toe. De kans dat we tijdens de wandeling met onze hond een paard tegenkomen in het bos wordt dus telkens groter. Dus met dit stukje wil ik er even op wijzen dat, hoe lief je hond ook is, het toch aangeraden is hem aan de lijn te nemen als je eens ergens een paard tegenkomt. Ook al is er niks aan de hand, een ruiter kan zenuwachtig worden bij het zien van een loslopende hond en zonder te beseffen doorgeven aan zijn paard dat er iets aan de hand is. Vergeet niet dat het paard van nature gespitst is op het kleinste signaal uit zijn omgeving. Het paard kan niet gewend zijn aan honden en schrikken of denken dat de hond hem aanvalt. Dus met een beetje begrip en inzicht in de situatie kan je zonder enig probleem samen genieten van een geweldige wandeling door het bos of je nu met je hond bent of te paard. |
dagboek van puppy's (Martina1)|
|
Boerenzwaluw heeft steun in de rug nodig (Martina1)NIJMEGEN - De boerenzwaluw, acrobaat van het boerenerf, stalbewoner en vliegeneter, bezielde straaljager, sympathieke, blauwzwarte trapezewerker op telefoondraden, verdienstelijk kwetteraar ook, die boerenzwaluw heeft het moeilijk. Volgens Vogelbescherming Nederland, die vandaag een bescheiden actie inluidt om de boerenzwaluw ,,een steun in de rug te geven'', is het aantal broedparen sinds 1950 gehalveerd. Dat klinkt dramatisch.
Hoeveel boerenzwaluwen er in ons land zijn, weet niemand precies. Tellingen geven niet meer dan een indicatie. Het vogel-onderzoeksinstituut SOVON uit Beek-Ubbergen dat een database bijhoudt, schat op grond van waarnemingen dat hier elk jaar ongeveer honderd- tot tweehonderdduizend boerenzwaluwen broeden. Ooit waren het er veel meer.
De boerenzwaluw, niet te verwarren met de huiszwaluw en de oeverzwaluw, is een trekvogel die van maart tot oktober in bijna heel Europa voorkomt. Binnen Nederland bezoekt hij vooral open agrarische landschappen. Veenweidegebieden en kleinschalig boerenland in Oost-Nederland zijn favoriete plekken.
De achteruitgang in de zwaluwstand wijt de Vogelbescherming aan het verdwijnen van dat boerenlandschap met sloten, houtwallen en struwelen waar de vogels op insecten jagen. Ook het opdoeken van actieve boerenbedrijven, waar de vogel in veestallen nestelt, speelt de zwaluw parten. In steden nestelen, zoals neefje de huiszwaluw, doet de boerenzwaluw niet.
Vogelbescherming Nederland presenteert vandaag een boekje met de titel Acrobaat op het erf , dat Nederlanders ,,bewust moet maken'' van de precaire situatie waarin de boerenzwaluw zich bevindt. Ook biedt het de nodige tips aan boeren, buitenlui en stedelingen die zich de luxe kunnen permitteren om de zwaluw aan een gerieflijke broedplaats te helpen.
Heel in het kort: laat een raam in de schuur open, zorg voor een richeltje aan de wand waaraan een nest kan worden bevestigd, graaf een poel (leem) en zaai akkerranden in met wilde bloemen (insecten).
Lieveheersbeestjes zijn nooit oud (Martina1)|
Lieveheersbeestjes zijn nooit oud |
Aan het aantal stippen kun je de leeftijd van een lieveheersbeestje aflezen. Dit is het hardnekkigste misverstand over onze populairste kever. Een lieveheersbeestje wordt zelden ouder dan één jaar en een paar maanden. Sommige dieren slagen er in twee keer te overwinteren, maar die zijn dan nog maar tweeënhalf jaar. Zeven jaar halen ze nooit; leeftijden van tien, veertien of tweeëntwintig zijn ondenkbaar.
Het aantal stippen verschilt gewoon per soort. Een kever met zeven zwarte stippen op zijn rode dekschilden is ongetwijfeld het zevenstippelig lieveheersbeestje. Een iets kleinere soort telt altijd slechts twee stippen. U raadt het al: het gaat om het tweestippelig lieveheersbeestje.
De familie van de kogelkevers telt eveneens een vijf-, tien-, elf-, veertien-, achttien- en tweeëntwintigstippelig lieveheersbeestje. Voor de variatie hebben we ook een zestienpunts en een negentienpunts lieveheersbeestje, een langstip- en een oogvleklieveheersbeestje.
Lieveheersbeestjes kunnen luizenplagen bedwingen
De meeste kinderen kunnen lieveheersbeestjes zonder enig probleem herkennen. Het aantal stippen mag variëren en het kleurenpatroon mag afwijkend zijn. Zelfs al zijn de kevers geel met zwarte stippen of zwart met rode stippen, kinderen herkennen ze toch gewoon als lieveheersbeestjes.
Dat komt natuurlijk door de karakteristieke vorm. Alle lieveheersbeestjes hebben een platte buik en zeer bolle dekschilden. De meeste kevers zijn duidelijk meer dan twee keer zo lang dan breed, maar lieveheersbeestjes ogen eigenlijk altijd als een half bolletje.
Veel lieveheersbeestjes leiden een luizenleventje. Zowel de larven als de volwassen kevers eten voornamelijk bladluizen, die zich in een plant hebben vastgeboord om sappen op te zuigen. Enkele geel-zwarte lieveheersbeestjes voeden zich met plantenschimmels en andere soorten zuigen bladeren leeg, maar het merendeel heeft het voorzien op bladluizen, mijten en andere kleine beestjes.
Het zevenstippelig lieveheersbeestje staat bekend als bladluiseter en de larve van deze kever is eveneens een geduchte rover. Als hij zich gaat verpoppen, heeft hij naar schatting tweehonderd tot zeshonderd luizen achter de kiezen. Een volwassen kever kan wel honderd bladluizen per dag op, dat zijn er pakweg drieduizend per maand. Het is geen wonder dat lieveheersbeestjes worden ingezet bij de bestrijding van luizenplagen in kassen.
Ieder lieveheersbeestje zit eerst even zonder vlekken
De volwassen lieveheersbeestjes overwinteren diep weggekropen in de grond, achter boomschors of in huizen. Ze komen meteen tevoorschijn als het lentezonnetje goed doorbreekt.
De dieren paren in het voorjaar en vervolgens leggen de vrouwtjes hun eitjes op bladeren in de buurt van florerende luizenkolonies, zodat de larven hun maaltje bij de hand hebben. De eitjes zijn geel of oranje. Al na een paar dagen komen ze uit. De larven zijn zwart of grijs. De wat oudere larven hebben op hun rug zes opvallende vlekken, die meestal geel of oranje zijn.
De larven vervellen drie keer. Dan barsten ze uit hun vel en wordt de oude huid vervangen door een nieuwe die ietsje ruimer is. Als de larve gaat verpoppen, zet hij zich met zijn achterlijf vast op een plant. De larve vervelt nog één keer en verandert in een pop die niet meer van zijn plaats komt. De overwegend oranjegekleurde pop kan nog wel zijn hele lichaam optillen als hij gestoord wordt.
De ontwikkeling van een pop gaat de ene keer sneller dan de andere keer. Het popstadium duurt bij warm weer wat korter dan bij koud weer. Op een gegeven moment komt er weer beweging in de pop en dan kruipt er een volwassen kever uit.
Het lieveheersbeestje ziet er aanvankelijk anders uit dan we van hem gewend zijn. De dekschilden zijn helemaal geel en de stippen ontbreken. De schildjes zijn zacht en moeten nog uitharden. Terwijl de kever urenlang stil zit om zijn dekschilden en zijn vleugels te laten drogen, worden langzaam maar zeker een paar zwarte vlekken zichtbaar en het geel verandert langzaam in lichtoranje. Na een paar uur kan de kever vliegen, maar het zal nog weken en zelfs maanden duren voordat hij zijn dieprode kleur heeft.
Vrolijke kleuren vormen duidelijke waarschuwing
Wij vinden dat lieveheersbeestjes vrolijke kleuren hebben. Maar de combinaties zwart met rood en zwart met geel vormen voor veel dieren een waarschuwing. Jonge vogels leren al heel snel dat beestjes met deze kleuren echt niet lekker zijn en dat ze die voortaan beter kunnen mijden.
Sommige vlinders, zweefvliegen en andere eetbare insecten maken misbruik van de ervaring die jonge vogels door schade en schande opdoen: zij hebben ook de kleurencombinatie geel-zwart of rood-zwart en worden daardoor nauwelijks door insecteneters gevangen. Maar lieveheersbeestjes zijn echt oneetbaar. Ze schijnen bitter te smaken. Ze worden door de meeste vogels gemeden, alleen mezen en koekoeken trekken zich weinig aan van de vieze smaak. Maar jonge koolmezen gaan wel dood als ze te veel zevenstippeligen gevoerd krijgen.
De rood-zwarte kevers hebben nog een tweede manier om vijanden af te schrikken. Als ze worden aangeraakt, trekken ze onmiddellijk hun poten en antennes in en blijven roerloos liggen, alsof ze dood zijn. Uit de gewrichten van de poten loopt dan een oranjegele vloeistof, die bitter is en sterk ruikt.
Dit reflexbloeden schrikt veel belagers af. Ook veel jonge kinderen weten al dat dat oranjegele spul een beetje op je hand bijt en een hele tijd blijft ruiken.
Soorten op www.stippen.nl
In Nederland komen 61 verschillende soorten lieveheersbeestjes voor. Over de hele wereld zijn er maar liefst vijfduizend soorten geteld. De determinatie van deze kevers is soms een lastige klus, omdat het kleurpatroon nogal variabel is. Het aantal stippen en andere details in de tekening kunnen eveneens behoorlijk variëren.
Aan het aantal stippen kun je niet de leeftijd van het dier aflezen, maar je kunt het vaak wel gebruiken om de naam van de soort te achterhalen. Het is geen betrouwbaar determinatiekenmerk, maar bij relatief veel soorten is de Nederlandse naam keurig ontleend aan het aantal stippen. Een overzicht van al de in ons land inheemse soorten is te vinden op de site www.stippen.nl

Diep in de nacht hoor ik boven mijn huis in Tel Aviv soms een langgerekt kreee-kreee geluid. IJl en klaaglijk klinkt het, alsof daarboven vreselijk wordt geleden. Het is de roep van overvliegende kraanvogels. Een echte vogelaar had het direct geweten, maar voor mij was er een bezoek voor nodig aan de Hulavallei. Daar, in het uiterste noorden van Israël, zie je kraanvogels die in plaats van over te vliegen, massaal bezit nemen van het moerassige landschap.
Het kreeee-kreeee uit duizenden vogelkelen zwelt er aan tot een opgewonden kakofonie. Zover het oog reikt, springen, hippen, dansen en fladderen de ranke zwart-wit-grijze vogels over de vlakte. Sommige maken dreigende gestes tegen de buren, andere proberen in scheervlucht een betere plaats te bemachtigen. Hier en daar doen jonge, mannelijke vogels hun best een paringsdans uit te voeren en indruk te maken op de vrouwtjes.
De veldkijkers die we bij de ingang van het vogelreservaat hebben meegekregen, doen nauwelijks dienst. Op de tribune, hoog op de boerenwagen, zitten we op de eerste rang. Bij de vogels die hier overwinteren of doortrekken, heeft de honger naar pinda’s en maïskorrels het al lang gewonnen van de angst voor landbouwwerktuigen.
De tractor met overdekte aanhangwagen waarin we worden rondgereden, beschouwen ze gewoon als deel van het landschap. ,,Niets naar buiten steken, niet rechtop staan en geen flitsfoto’s’’, is het enige advies dat we krijgen.
Praten mag, en zo horen we van vogelgids Zev Labinger dat kraanvogels hun familieleven bijna net zo organiseren als mensen. ,,Ze stichten een gezin voor de rest van hun leven en blijven een aantal jaren bij hun jongen’’, roept hij uit alle macht, tegen de achtergrond van luid vogelgekwetter.
Migratie
Kraanvogels broeden in moerassige gebieden in het noorden van Europa en Azië. In het najaar trekken ze met hun jongen naar het zuiden. Eindbestemming is Ethiopië of Sudan, maar sinds een jaar of vijftien overwinteren steeds meer kraanvogels hier in de Hulavallei. ,,De hele winter blijven de gezinnen bijeen’’, vertelt Labinger. ,,Als je goed kijkt zie je overal twee volwassen vogels met een paar jongere. Om in de chaos bij elkaar te blijven, moeten ze voortdurend communiceren. Daarom is het hier zo’n lawaai. Kijk, daarginds beginnen jonge mannelijke vogels hun hofmakerij.’’
Op de aangewezen plek klappen vogels met hun wijduitgespreide vleugels en strekken de hals zo ver mogelijk uit. ,,Ze broeden alleen in het noorden, maar het voorspel begint hier al. Die hofmakerij is zo uitgebreid omdat kraanvogels voor het leven bij elkaar blijven en dus een goede partner willen.’’
Tegen het eind van de middag, als boven de Hulavallei de schemering inzet, komt er een minimigratie op gang. Aan alle kanten kiezen de kraanvogels het luchtruim, om neer te strijken in het ondiepe water van het Agmonmeer. Daar brengen ze staande de nacht door, veilig voor wolven, jakhalzen en andere roofdieren.
Het meer is ook een aantrekkingspunt voor duizenden andere vogels, zoals pelikanen en vele soorten eenden. ,,Israël is een klein land, maar we hebben hier zo’n vijfhonderd verschillende vogelsoorten’’, vertelt Labinger trots. ,,Ter vergelijking: heel Europa telt er minder dan zeshonderd. Hier in de Hulavallei alleen al vind je meer soorten vogels dan in heel wat Europese landen.’’
Vroeger mocht je met je eigen auto de Hulavallei verkennen. Maar daar is gelukkig een eind aan gemaakt. Het reservaat verhuurt een-, twee- en zelfs vierpersoonsfietsen, en er zijn elektrische golfkarretjes. Lopen mag natuurlijk ook. Alleen de boerenwagens mogen buiten de gebaande wegen rijden, dat wil zeggen midden tussen het gevederde volkje.
Boeren
Een kraanvogel eet per dag zo’n tweehonderd gram landbouwproducten. Bedenk dat er zo’n 25.000 van die vogels in de Hulavallei overwinteren, en de potentiële schadepost voor de landbouw wordt duidelijk. Boeren in de omgeving hebben gemerkt dat ze goedkoper uit zijn als ze voer verspreiden in het reservaat.
Geen wonder dat het aantal overwinterende kraanvogels in dit gebied ieder jaar toeneemt. Dat is natuurlijk goed nieuws voor de Israëlische vogelaars en voor het groeiende aantal buitenlanders dat Israël als vogelland ontdekt.
Wanneer moet u afreizen? Er is altijd wel wat te zien, zeker in de Hulavallei, maar de beste tijd is het trekseizoen. Tussen maart en mei en tussen september en november passeren niet minder dan een half miljard vogels per trek het Israëlische luchtruim. Vooral de grote vluchten in de thermiek zwevende ooievaars zijn dan niet te missen.
Georganiseerd vogel kijken kan op veel plaatsen in Israël, maar vooral de Hulavallei in het noorden en in het zuiden kibboets Lotan (in de Aravavallei) en Eilat zijn geliefd. Natuurlijk prima te combineren met een vakantie in de zon.
Britse labrador is 29 geworden (Martina1)
Duitse autodieven verrast door everzwijnen (Martina1)
Paarden en ezels (Martina1)
Kippen en ganzen (Martina1)



Vele haaien en roggen met uitsterven bedreigd (Martina1)
Vele oceanische haaien en roggen zijn met uitsterven bedreigd, zo blijkt uit een studie die door de natuurbeschermingsorganisatie IUCN vandaag op een conferentie van de Verenigde Naties over natuurbescherming in Bonn is voorgesteld. In het internationaal onderzoek is voor de eerste keer een stand van zaken van deze 21 soorten opgemaakt.

|
Eekhoorntjes voederkast
|
![]() |
Bomen, bloemen, vruchten, zwammen (Martina1)



