Natuurlijk ken ik
niets van afkickverschijnselen. Ik weet enkel wat ik er in boekjes links en
rechts over gelezen heb en dat is niet zo veel. Ik moest terugdenken aan de
uitzending over Kim Kay in Koppen XL en haar strijd tegen de morfineverslaving
die ze overhield aan haar kanker.
Opeens kon ik veel
beter begrijpen wat dat meisje aan de hand had. Je kan zo’n
afkickverschijnselen niet altijd goed verwoorden, maar het moet ronduit
verschrikkelijk zijn. Gelukkig gaat het bij mij niet om zo’n zware verslaving.
Ik weet natuurlijk niet welke dosissen Kim gewend was. Maar ik kan me nu veel
beter indenken wat verslaafde mensen moeten doormaken. Loskomen van een verslaving
heeft natuurlijk te maken met wilskracht, maar als je lichaam én je geest (want
ook je gemoed heeft fel te lijden) zo fel reageren op het onthouden van de
morfine, dan moet je al een hele held zijn om die strijd zomaar vol te houden!
Geen enkele niet-verslaafde zou ooit mogen oordelen over iemand die het
afkicken niet kan volhouden. Het is een onbeschrijflijke, ontzettend moeilijke
strijd. We kunnen enkel onze bewondering uitspreken over de mensen die er wél
in slagen hun verslaving te overwinnen.
Opgevoed als ik ben
tot flink zijn, doorzetten, niet opgeven, volhouden, was ik ondanks alle
miserie van zin om niet meer met de pleisters te herbeginnen, ook al had de
oncologe me bezworen dat wel te doen. Waarom blijf je niet gewoon verder
gebruiken, vroeg ze me toen ik over mijn klachten vertelde. Omdat ik weiger
verslaafd te zijn, antwoordde ik bijna verbolgen. Ze raadde me aan om in dat
geval opnieuw de volledige dosis te plakken en dan week na week stilaan af te
bouwen. Heel langzaamaan, zodat het lichaam terug kon wennen aan het leven
zonder morfine. Zou het toch niet lukken zonder
herplakken, vroeg ik me stilletjes af? Ik ben nu al een hele
week aan ’t afzien. Wanneer ik nu herbegin, dan is alle moeite voor niets geweest.
Maar het beterde
niet. Ik voelde me hoe langer hoe slapper, kon moeilijk op mijn benen staan,
voelde me mistroostig, de nachtmerries bleven aanhouden, ik kon ’s nachts niet
slapen en viel bijgevolg overdag geregeld in slaap. Eten maken was de grootste
klus van de dag. Mezelf naar de keuken slepen, de groenten uit de benedenlade
van de koelkast halen, neerzijgen aan tafel en op adem komen. De uien
fijnsnijden en een kwartiertje gaan liggen. Daarna de worteltjes schrapen en
weer rusten. Onvoorstelbaar en voor vele lezers onbegrijpelijk, kan ik me
indenken. Maar toch is het zo. Het voelde aan alsof mijn lichaam elk ogenblik
zou stoppen met me te gehoorzamen. Soms was het alsof mijn geest het zou
begeven. En ik werd bang. Bang voor wat er nog zou kunnen gebeuren. Bang dat
het verkeerd zou aflopen.
Vrijdag voelde ik me
zo ellendig dat ik de huisarts belde om advies. Ook zij raadde me aan opnieuw
pleisters te kleven en zeer langzaamaan af te bouwen. Ondanks mijn weerstand
tegen het hergebruik van de morfine, moest ik toegeven dat er geen andere
uitweg was. Vooral omdat de dokter me niet kon verzekeren dat het afkicken zonder langzaam afbouwen zou lukken.
Vrijdagmorgen, na de
telefoon met de huisarts, heb dan ten einde raad, terug een morfinepleister gekleefd. De
volgende morgen voelde ik me meteen een ander mens. Nog niet helemaal zoals het
hoorde, maar toch stukken beter dan de vorige dagen.
Een gevaarlijk goedje, die morfine
© Karlijn Koninckx
1 reactie op dit bericht
de mensen lopen soms zo snel ... achter wat ?
Ik vind het heel tof dat je je dit hebt kunnen gunnen; de dag plukken en de tijd laten begaan .. wel jammer dat de vreugde niet volledig kan zijn , de zachte en diepe rust niet 100% want pijn ligt achter de hoek
wij hebben ook heel even kunnen genieten van een lang WE in Turijn , mooie stad , fijn weer en zeer gezellig gezelschap .. wat moet een mens meer hebben
tot zondag ; we verwachten je hoor