Naar de inhoud

ontboezemingen

kankerdagboek: al 18 jaar leven met borstkanker
seniorennet.beseniorennet.be

Berichten van 1 januari 2012 tot 31 december 2012

inleiding

 Het verhaal dat ik wil vertellen begint eigenlijk op 18 maart 1994, al achttien jaar geleden dus. We zijn er een dik jaar geleden aan begonnen en ondertussen zijn we bijgewerkt. Ik probeer de berichtjes chronologisch te ordenen, maar soms zet ik er na datum nog één of enkele bij. Dat wil zeggen dat je regelmatig eens moet naar onderen scrollen om te zien of je alles gelezen hebt. Ofwel kijk je op de lijst met titeltjes in de linkerkolom. Dat zie je ook meteen of er naderhand iets werd toegevoegd.

Aangezien ik niet alleen een verhaal wil vertellen, maar dat ook op de best mogelijke manier wil doen zou je me veel plezier doen met af en toe een beoordeling aan te kruisen bij de berichtjes die je gelezen hebt, met een opmerking te schrijven in het gastenboek of met een mailtje als reactie op wat je gelezen hebt.

Alle info is welkom!


Karlijn

Hoe vind je dit bericht? 16 stemmen
1 reactie Reageer op dit bericht

nog eens gevallen

Dinsdag, prachtig lenteweer. We genieten van het zonnetje, mijn zoon en ik. Cavan, onze chocolade Labrador, ligt zachtjes te kreunen. Hij heeft duidelijk zin in iets actiever dan liggen zonnen en verkiest een stevige wandeling. Ik krijg onze zoon zo ver dat hij Cavan de halsband aantrekt en vertrekt langs het achterpoortje, recht de velden in. Ik loop even mee omdat er eerst een stuk omheiningsdraad van de ganzenwei moet opzij gezet worden. Ik hou dus even Cavan aan de leiband, terwijl zoonlief de klus klaart. Zodra Cavan de opening in de draad ziet, schiet hij als een pijl vooruit. Met een schok word ik voortgetrokken door die onstuimige hond en beland horizontaal in de volgende wei. Daarna weet ik niets meer.

Onze zoon is ongerust omdat hij geen kontakt krijgt met mij. Ik draaide enkel wat met de ogen maar reageerde niet op wat hij zei. Tegen de tijd dat ik terug bij bewustzijn kwam stonden 2 ambulanciers van de 100 naast mij.

Mijn ongeruste echtgenoot heeft waarschijnlijk een snelheidsrecord gebroken, op weg van het werk naar huis, want een kwartiertje later was hij ook daar. Normaal doet hij toch een veertigtal minuten over die afstand.

Kort daarna was ik weer veel beter, zodat de ambulancier zelf zei dat ik gerust thuis kon blijven. Hij bleef nog even napraten en vond dat ik helemaal ok leek. In het gezelschap van onze man en zoonlief voelde ik me veilig en ik had ook helemaal geen zin om nog eens naar het ziekenhuis te verhuizen.

Woensdag, donderdag en vrijdag voelde ik me echter zo slap als een vod en zo doodmoe dat ik het grootste deel van de dag in bed doorbracht. Daarom besloot ik de oncologe toch eens op te bellen voor advies. Zij maakte zich zorgen over een mogelijk hersenletsel en zorgde voor een hersenscan op vrijdag. Die wees niet op een bloeding of zo, maar toch hebben ze me (alweer) in het ziekenhuis gehouden. De medicatie werd alweer eens opgedreven en ik werd ook op sondevoeding gezet omdat ik zo verzwakt was.

Paaszondag en paasmaandag werd ik gelukkig even vrijgelaten. Zo kon ik uiteindelijk toch naar de paasbrunch bij tante Nic. Maandagavond moest ik opnieuw het ziekenhuis in voor enkele bijkomende onderzoeken. Oogarts, neuroloog, gynaecoloog, uroloog. Vermoeiend allemaal. Tot slot kreeg ik ook nog een eenheid bloed toegediend. Waarom die bloedwaarden nu opeens zo laag stonden weet ik niet. Ik krijg nochtans geen chemo meer?


© Karlijn  Koninckx

Hoe vind je dit bericht? 12 stemmen
3 reacties Reageer op dit bericht

eerste valpartij

Het was ongeveer 2u ’s nachts toen ik wakker werd om naar het toilet te gaan. Gezien mijn lage bloeddruk –ik heb maar 8 bovendruk op 5 onderdruk–  bleef ik even op de rand van het bed zitten vooraleer ik recht ging staan. Zodra ik in de gang kom begin ik naar rechts te kantelen. Ik maai met mijn armen in het rond om me ergens aan vast te kunnen klampen, maar ik kan nergens houvast vinden. Eerst moet ik met mijn rechter heup de grond geraakt hebben. Daar heb ik op het ogenblik zelf niets van gemerkt. Enkel de volgende dag sierde een pracht van een donkerpaarse vlek mijn dij. Daarna ben ik met de rechter zijkant van mijn hoofd op de grond gesmakt. Mijn armen waren blijkbaar ergens achter mij, zodat ik met volle kracht op mijn hoofd ben geland. Mens, wat voelde ik me machteloos. Mijn hoofd scheen door die slag wel uit elkaar te knallen en ik zag drie bliksemschichten in mijn linker oog. Natuurlijk moet zoiets gebeuren terwijl Manlief een week op conferentie zat in Barcelona en beide kinderen op kot in Leuven zaten. Ik kroop rond op handen en knieën om één van de vier lichtschakelaars te vinden, maar die schenen geen van allen nog op hun plaats te zitten. Hulpeloos en alleen, van god en klein pierke verlaten, zo voelde ik me. De tranen vloeiden overdadig.

Ik was zo bang dat ik misschien een hersenschudding zou hebben dat ik het niet waagde om terug in slaap te vallen. Ik deed alle lichten aan, zette de wekkerradio keihard en ging rechtop in bed zitten. Tegen zes uur brak de dag aan. Ik deed de lichten weer uit, draaide de rolluiken weer omhoog, en daarna moet ik in slaap gevallen zijn, want het was 11u door toen ik wakker werd.

 

Mijn lieve, lieve schoonbroer, hoe vaak ben jij niet zo gevallen? Je smakte ergens tegenaan zodat je er vaak een snijwonde aan overhield, of een blauw oog, of dat je een paar tanden kwijt was. Ook jij was meestal alleen wanneer je zo’n een aanval kreeg. Hoe vaak moet jij je zo eenzaam gevoeld hebben? En toch kwam er al die jaren nooit een klacht over je lippen. Altijd al even zonnig en goed gezind bleef je. Wat bewonder ik je!


© Karlijn  Koninckx

 

Hoe vind je dit bericht? 7 stemmen
1 reactie Reageer op dit bericht

slecht nieuws!

Neen, geen nieuws is niet altijd goed nieuws, jammer genoeg.
Dit korte berichtje om jullie te laten weten dat ik nu al twee weken mijn vaste stek heb in het ziekenhuis van Hasselt. De bottumoren in mijn hoofd zijn immers doorgebroken door het schedelbeen tot in de hersenvliezen. De verhoogde druk door de aanhoudende groei van die ellendige knobbels veroorzaken enorme pijn op de hersenen, pijn die maar moeilijk onder kontrole te houden is. Ik heb zopas een week bestralingen achter de rug. Bestralingen die oorspronkelijk gepland werden om de overmatige tumorgroei in het bot te verminderen, maar die nu tegelijk dienen om de pijn te minderen.
Twee weken terug hadden we een vakantie gepland met een bevriend koppel. Een vakantie waar ik al heel lang naar uitgekeken had. Helaas!  De eerste drie dagen verliepen naar wens, maar daarna ben ik daar ook in het ziekenhuis beland en de vakantie kwam vervroegd ten einde. Het is tijdens die vakantie in het buitenland dat die bottumoren aan een hels tempo zijn beginnen groeien. Waarom? Joost mag het weten! De vierde dag kreeg ik enorme hoofdpijn en kon ik geen eten meer binnen houden. Eerst dachten ze daar aan een hersenbloeding, maar dat werd door middel van een hersenscan gauw opgeklaard. Bij mijn terugkeer in België ben ik gewoon naar het ziekenhuis van Hasselt verhuisd. 
In Hasselt hebben ze me binnenste buiten gekeerd om de oorzaak van die plotse pijnaanvallen te vinden. Ik denk niet dat er een onderzoek was waarvan ik gespaard ben gebleven: RX, echo, CT scan, MRI, zelfs een gastroscopie kreeg ik om het aanhoudende braken te verklaren. Uiteindelijk heeft de MRI de hersenvliesontsteking aan het het licht gebracht. Sindsdien doen ze hun best om gepaste medicatie te vinden tegen het braken en overgeven en tegen de pijnaanvallen. Maar dat lukt nog niet helemaal. Zodra die oplossing er is, mag ik waarschijnlijk naar huis? Als die oplossing blijft werken kan ik nog eens een berichtje posten.

© Karlijn  Koninckx

Hoe vind je dit bericht? 7 stemmen
3 reacties Reageer op dit bericht

bestralingen van de schedel

Vrijdag 9 maart werd de knoop doorgehakt. Ze zouden maandag de bestralingen van het hoofd starten. Vrijdag werden de aftekeningen gemaakt. Ik kreeg zo’n hoogst onaangenaam en pijnlijk masker op het hoofd gedrukt. Er zou van maandag tot vrijdag elke dag bestraald worden.

Wat was dat een pijnlijke bedoening! Helemaal niet aan te raden hoor. Vooral niet de eerste dag, je weet niet wat je te wachten staat. Ze klikken dat masker met zo’n ratelsysteem steeds harder op je aangezicht zodat je amper nog kan ademen. “Niet meer bewegen” zei de verpleegkundige. Alsof ik dat zou kunnen? Alles deed pijn, ik dacht dat ik ging stikken. Er was maar een neusgat dat open kon en mijn neus zelf was helemaal platgedrukt. Vooral die druk op al die pijnlijke builen op de schedel was haast niet te verdragen. De eerste keer, op maandag, hebben ze eerst foto’s genomen, zodat de pijniging nog langer duurde.

Tijdens de ganse duur van de bestralingsweek heb ik elke namiddag moeten overgeven. Wellicht ook een gevolg van de bestralingen zelf.

Het duurde tot 23 maart eer ik uiteindelijk uit het ziekenhuis ontslagen werd.


© Karlijn  Koninckx

Hoe vind je dit bericht?
Reageer op dit bericht

Opnieuw schele hoofdpijn

Het was niet te verklaren. De terugreis was tot mijn opluchting bijzonder vlot verlopen en ik begon al te denken dat al het kwaad achter de rug was. Helaas, opeens was die hoofdpijn daar weer! Ik had op 8 maart een afspraak in het ziekenhuis voor de volgende chemo maar ben meteen met mijn valiesje naar Hasselt getrokken, met het vaste voornemen daar niet weg te gaan vooraleer het mysterie van die steeds weer kerende hoofdpijn opgelost was.

Ze hebben me kompleet binnenste buiten gekeerd. Te beginnen met RX en echo’s van thorax, nog eens een scan van het hele lichaam, een botscan, zelfs een gastroscopie mocht niet ontbreken. Er werden bestralingen van de schedel op de planning gezet. Tenslotte wou de dokter nog een MRI scan.

In het ziekenhuis gingen de dagen voorbij met zwerven tussen vlagen van zware hoofdpijnen en overgeven. Ik kon om de ene of andere reden geen eten binnenhouden. Alles wat ik innam kwam er onmiddellijk terug uit. Daar had ik enorm veel last van. Ik vermagerde zienderogen. Het lag niet aan mijn eetlust. Ik had altijd honger.

De MRI heeft eindelijk aan het licht gebracht wat er scheelde. Naast de te verwachten en reeds bestaande letsels van de botuitzaaiingen werd iets anders vastgesteld. De kanker is door het bot gebroken door de hersenvliezen in de hersenen. Dat is natuurlijk erg slecht nieuws. Niemand had verwacht dat het zo snel ging gaan. Het feit dat de hersenvliezen als het ware ontstoken waren en vol vocht liepen verhoogde de druk in de hersenen enorm, een beetje als een hersenvliesontsteking. Dat kon de pijnaanvallen verklaren. Het mysterie was opgelost. Uiteindelijk heeft het nog twee extra weken ziekenhuis gekost eer de pijnmedicatie volledig op punt stond en in mijn lichaam bleef, want door dat aanhoudende overgeven spoelde ook de medicatie door het toilet.

 

© Karlijn  Koninckx

Hoe vind je dit bericht?
Reageer op dit bericht

Wat scheelt er?

De reden waarom in het ziekenhuis van Vail terecht kwam was een hoofdpijn die woensdagmiddag   opeens kwam opzetten en die op korte tijd zodanig toenam dat ik haast niet meer uit bed kon. Anne nam onmiddellijk de juiste beslissing en bracht me naar het ziekenhuis. De snelste manier om bij een dokter terecht te komen, zei ze. Ik kon maar niet begrijpen van waar die toch wel hevige hoofdpijn opeens kwam opzetten.

Op de spoeddienst werd ik onmiddellijk voortgeholpen en amper een klein halfuurtje later lag ik in een bed en stond de dokter naar mijn verhaal te luisteren. Tegen die tijd kon ik mijn ogen niet meer openhouden en had ik zoveel pijn dat het me niets meer kon schelen wat ze met me zouden doen.

Het eerst waar de dokter op grond van de klachten aan dacht was een mogelijke hersenbloeding, waarvoor hij een hersenscan wou uitvoeren. Een kwartiertje later was dat achter de rug. Er waren een aantal letsels te zien die met de ziekte te maken hadden, maar een letsel leek inderdaad verdacht veel op een hersenbloeding. Ik herinnerde me dat bij een hersenscan vorig jaar ook een soortgelijk niet helemaal definieerbaar letsel werd gevonden. Dan moeten we zo snel mogelijk in contact zien te komen met het ziekenhuis in Hasselt zei de dokter. Met de zeven uren tijdsverschil was dit natuurlijk niet zo vanzelfsprekend. We zouden moeten wachten tot 01uur plaatselijke tijd, midden in de nacht dus. Ondertussen zouden de dokters proberen de pijn onder controle te krijgen. Na wat heen en weer getelefoneer werd duidelijk dat de hersenbloeding dateerde van 2011. Er was nauwelijks verschil te merken tussen de twee scans. Waar de pijn vandaan kwam echter konden de dokters onmogelijk vaststellen. Dat bleef een mysterie.

Tegen de ochtend was ik volkomen pijnvrij. Een flinke dosis cortisonen is misschien barslecht maar ze kunnen toch wonderen doen, hoor. Ik voelde me een heel ander mens en kon het haast uitschreeuwen van blijdschap en opluchting. Tegen de middag werd ik uit het ziekenhuis ontslagen, weliswaar met een heel arsenaal geneesmiddelen erbij. Maar ik kon terug naar de vrienden.

Vrijdag en zaterdag bracht ik haast de hele dag in bed door. Ik was doodmoe. En zondag vertrokken we opnieuw naar huis. Van Vail met het busje enkele uurtjes tot Denver. Vandaar een vlucht naar Chicago en tot slot naar Zaventem. een reis die wonder boven wonder zonder haperingen verliep.

Die vakantie was toch weer niet helemaal wat ik ervan verwacht had.

 

© Karlijn  Koninckx

Hoe vind je dit bericht?
Reageer op dit bericht

Jerry

Hij kwam muisstil de kamer binnengeslopen, maar toch werd ik in mijn diepe slaap gewaar dat er iemand was. Ik piepte één oog open.

Het eerste wat ik zag was een indrukwekkende grijze snor, met daaronder een wit zijden hemd, versierd met grote kleurrijke Hawaiaanse bloemen. Wie was dat in godsnaam? En waar was ik terechtgekomen? Onder het hemd zat er een soort gestropte blauwe joggingbroek.

Toen weerklonk een stem en stilaan begon alles op zijn plaats te vallen.

 - Well hi there!  My name is Jerry and I am your cardio respiratory therapist for tonight. I’m here to check your oxigen level.

Oh!  it's 95!  That is quite good for someone on this altitude.

(we logeerden daar op 2500 meter hoogte)

Wij waren naar Vail gekomen, in de eerste plaats voor onze echtgenoten die wilden genieten van enkele dagen ski in supersneeuw. Vail is een echte skistad, gelegen in Eagle County in de VS staat Colorado.  Mountain Vail leek een ideaal skigebied en er werd een skistation uitgebouwd dat in december 1962 in gebruik werd genomen. Het is het tweede grootste skistation van Noord Amerika, na Whistler Blackcomb. Vail beschikt over ideale skimogelijkheden en de sneeuw is er van superkwaliteit.

Natuurlijk moest ik weeral roet in het eten strooien …


© Karlijn  Koninckx

Hoe vind je dit bericht?
Reageer op dit bericht

Klaar voor vakantie

Vandaag 16 februari krijg ik het tweede deel van de tweede CMF kuur.

Daarna krijg ik nog een bloedeenheid toegediend en tot slot geven ze mij nog een paar Neupogenspuitjes mee naar huis. Alles om mij 100% te krijgen voor een weekje vakantie van 26 februari tot en met 4 maart. Ik kijk al uit naar deze reis van oktober vorig jaar toen we alles vastlegden. We gaan op reis met P & A, een koppeltje uitermate leuke vrienden. De oncologe steunt me volop met de reisplannen en doet haar uiterste best om de chemo aan te passen, mij van alle goede zorgen te voorzien, zodat er niets zou kunnen mis lopen

De laatste week ga ik naar de schoonheidsverzorging, iets wat maximaal eenmaal per jaar gebeurt, laat mijn nagels verzorgen en breng een bezoek aan de kapper. Er mag niets mislopen. Dit wordt een vakantie van “alles mag en niets moet”, zoals Anne het zo leuk uitdrukte.


© Karlijn  Koninckx

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Reageer op dit bericht

Mis poes!

Omdat ik me de laatste dagen zo verschrikkelijk moe voelde –zaterdag en zondag haast de ganse dag geslapen–  had ik zondag langs het internet een afspraak gemaakt met de huisdokter. Maandagmorgen om tien uur, mocht ik langs komen. Waarschijnlijk waren mijn rode bloedlichaampjes weer gezakt en had ik extra bloed nodig. Maar neen, het bleek dat de rode bloedcellen weliswaar laag stonden, evenals de witte, maar niet laag genoeg voor een transfusie. De bloedplaatjes stonden wel onder de minimumgrens. Er rest me dus niks anders dan de vermoeidheid er uit slapen.

Donderdagmorgen om 9u30 stap ik het reeds overvolle ziekenhuis binnen. Mijn bedje staat klaar, ik word snel aangeprikt, alles verloopt naar wens. Een uurtje later ben ik bij de oncologe. Ze heeft op dat ogenblik nog geen resultaten gekregen van het labo. Opgewekt vertel ik haar dat mijn bloedwaarden waarschijnlijk prima zijn voor een chemo. Even later verschijnen de resultaten op het beeldscherm van de dokter. Mis poes! Weeral mis! Zowel de rode als de witte bloedcellen evenals de bloedplaatjes staan zo laag dat ik absoluut geen chemo mag hebben. Hoe kan dat nu? Op enkele dagen tijd. De arts verzekert me dat dit geen uitzondering is. De chemo werkt door en kan inderdaad op zo’n korte tijd zo’n verwoesting aanrichten. In de plaats van chemo krijg ik dus een zakje bloed toegediend. Het duurt tot half één eer het bloed aankomt en 2u30 later is alles ingelopen.

Hopelijk is alles weer goed tegen de volgende donderdag, anders ligt mijn schema al overhoop vanaf de tweede kuur. Dat is ook maar slappekes he? We gaan ons best doen. Voldoende rusten en voldoende krachtvoer zullen me er weer bovenop krijgen. Vanavond een stevige beefstuk op het menu. Volgens de ene word ik daar sterker van, volgens de andere maakt dit niets uit, maar smaken zal het alleszins!

 

© Karlijn  Koninckx

 

Hoe vind je dit bericht? 11 stemmen
3 reacties Reageer op dit bericht

wiskunde

We hebben de eerste infusen van de tweede kuur er op zitten. De dag dat ik de CMF krijg toegediend (dag 1) heb ik geen last. Ze geven me anti misselijkheids middelen, cortisonen, anti allergische middelen, en god weet wat nog allemaal, om mijn lichaam tegen die plotse grote gifinspuiting te beschermen. De dag daarop geraken die middelen stilaan uitgewerkt. Ik krijg voor dag 2 en 3 een extra pilletje mee om misselijkheid tegen te gaan. Verder trek ik mijn plan met Liticantabletjes. Daarvan mag ik er tot 6 per dag innemen. Dag 2 valt doorgaans nog mee. Ik vermoed dat de toegediende medicatie van dag 1 nog wat nawerkt. Dag 3 is slecht. Meer wil ik daarover niet kwijt. Deze keer was ook dag 4 niet om over naar huis te schrijven. Dag 5 heb ik haast de ganse dag geslapen, maar daarna werd het weer beter. Terug op de goede weg. Het eten smaakt, ik kan weer wat doen in het huishouden, zonder er teveel van af te zien. Dag 6 en 7 kom ik terug onder de mensen en geniet ik van het stralende zonnetje en het mooie witte sneeuwlandschap.

Morgen is het dag 8. Dan krijg ik de tweede dosis CMF. Het verhaal van de vorige week zal zich herhalen, met het grote verschil dat er geen derde dosis zal komen. Immers, dag 15 en dag 22 zijn rustdagen. Pas op dag 29 zal de derde kuur beginnen. Dag 29 wordt dan dag 1 van kuur 3. Het lijkt wel wiskunde he?

 

© Karlijn  Koninckx

Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Reageer op dit bericht

feestje

Mijn vriendinnetjes hebben me verrast met een verjaardagsfeestje. Hoewel mijn energievlag nog maar half stok hing, heb ik me toch laten verleiden. Bratske had gekookt, super lekker zag het eruit en smaken deed het zo mogelijk nog meer. Onze kok had ervoor gezorgd voor een lichte maaltijd Het was het eerste dat mijn maagje naar binnen kreeg sinds de chemodag op mijn verjaardag, en ik heb mijn bord jammer genoeg niet helemaal uit gekregen. Maar lekker dat het was!!!

Eigenlijk heb ik toch super vriendinnen. Ons Bratske, zoals ik al zei, heeft gekookt. Haar man heeft de haard aangestoken zodat er een gezellige warmte straalde in huis. Erika is komen opdagen ondanks haar stevige verkoudheid. En Stippeltje was er ook, terwijl ze de volgende dag al om 03u30 terug uit bed moest. Ze hadden allemaal leuke geschenkjes mee. Erika had zelfs verjaardagskaarsjes mee voor op de taart. Tot slot hebben ze allen gezongen. 

Wat ben ik toch verwend! Maar ik kan dat goed verdragen hoor J !

 

© Karlijn  Koninckx

 

 

Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
1 reactie Reageer op dit bericht

Jarig

Er is er eentje jarig vandaag. Toch moet ik naar mijn buitenverblijf, voor de volgende chemo.

Een beetje raar, dat wel, maar eigenlijk is het een dag als een andere. Heb een doos chocolaatjes mee voor de verpleegkundigen en al wie mijn deurtje daar voorbij loopt. De man die de kar met het middageten komt ophalen is aangenaam verrast als ik hem naar binnen lonk, en ook de poetsvrouw met haar stralende glimlach, kan genieten van de extra energie van die godensnoep.

Gisterenavond met opa en oma en ons ganse gezinnetje uit eten geweest. Mmmh, lekker. Het smaakte me des te meer, omdat ik wist dat de dag erna mijn geluk weer ging keren. Ik heb er extra van genoten. Het eten was lekker, de sfeer was goed, en opa heeft getrakteerd. Wat wil een mens nog meer?

 

© Karlijn  Koninckx

 

 

Hoe vind je dit bericht? 3 stemmen
1 reactie Reageer op dit bericht

het betert weer

Vlak na de chemo ben ik drie dagen misselijk en ziek, daarna mindert de misselijkheid. De week erop herhaalt het verhaal zich en ben ik opnieuw minstens drie dagen misselijk.

Vanaf dan gaat het beter. Ik heb nu twee donderdagen geen chemo en voel me met de dag meer levend worden. De eetlust komt terug, ik kan weer drinken, sta steviger op mijn benen, krijg zin om vanalles te doen. De voorbije tien dagen is ook de pijn in rug en ribben stilletjes beter aan het worden. Of dat iets te maken heeft met de chemo weet ik niet. Normaal gezien heb je niet zo snel een effect van de chemo. Maar ik ben alleszins heel blij met het feit dat de pijn mindert.

Mijn energie komt terug. De laatste tien dagen heb ik elke dag zelf brood gebakken. Ik had er zo’n zin in en het is leuk om eens iets positiefs te doen. Verder ben ik begonnen mijn kleerkast uit te ruimen. Je kent dat wel: de kast hangt vol en toch heb je niets om aan te doen. Hoog tijd om orde op zaken te brengen. Dat werkje is wel minder gunstig voor de pijnlijke rug. Dus doseer ik en werk er elke dag een tijdje aan, waarna ik rust neem.

De voorbije week heb ik het gewaagd om nog eens met de auto te rijden. Ik durfde lange tijd niet met die pijnlijke ribben. Als ik een onverwachte handeling moet doen en mijn tussenribspieren schieten in kramp, dan kan het wel gevaarlijk worden op de weg. Het deed deugd om nog eens zelf inkopen te gaan doen. Aan de winkel leg ik elke aankoop stuk voor stuk in de plooibox in de koffer van de wagen. Thuis gekomen vraag ik dan aan de zoon of hij de doos naar binnen wil dragen. Zo lukt het ook.

Ja, ik voel me terug gelukkig. Minder hulpeloos en afhankelijk van anderen, dat doet deugd.

Volgende woensdag krijg ik de tweede kuur. Dan komt de misselijkheid terug en zal ik het weer twee weken moeilijk hebben. Maar ik weet dat die slechte dagen voorbij gaan en dat het daarna terug beter wordt. Dat is goed om weten. Misschien gaat deze CMF chemo er toch in slagen om me wat meer respijt te geven. Kwalitatief respijt. Zoals de voorbije twee weken. Daar kan ik goed mee leven. Ik kan me zelfs met moeite herinneren dat ik vorige maand zo slecht was. Wat een geluk dat ik de slechte dagen zo snel kan vergeten. Maar ja, ik leef maar één keer en daar moet ik ten volle van genieten. De aanmoedigende berichtjes op mijn blog hebben me geholpen om de slechte dagen te vergeten en weer vol goede moed vooruit te blikken. Hartelijk dank aan alle meelevende bloglezertjes.

 

© Karlijn  Koninckx

Hoe vind je dit bericht? 6 stemmen
4 reacties Reageer op dit bericht

Flink en moedig zijn?

Het is niet gemakkelijk om moedig en flink te zijn en om door te zetten wanneer je kronkelt van de pijn en ziek en misselijk bent. Dan blijft er van goede voornemens weinig of niets over. Dan wil ik liefst in de zetel wegkruipen onder de warme pelsen deken, omringd door kersenpittenzakjes. Moeilijk de juiste houding te vinden, lezen kan niet, tevee kijken is te vermoeiend en aan de laptop zitten te pijnlijk. Alleen genieten van de zalige warmte die de kachel verspreidt. Met de emmer naast de zetel, klaar in geval er een “terugvrachtje” komt. Niemand die me hoort zuchten en klagen, niemand die ziet hoe belabberd ik ben, niemand die me tranen met tuiten ziet snotteren. Van flink zijn is op dat ogenblik geen spoor te bekennen, moedig zijn kan me gestolen worden. Ik wil weg van deze wereld. Slapen brengt enig soelaas, omdat ik minder pijn voel. Suf van de verhoogde dosis morfine, die de pijn moet temperen. Zo glijden de dagen voorbij, op naar de volgende chemo. Dat ik het niet opgeef heeft te maken met instinctieve overlevingsdrang, daar komt geen moed of doorzetting aan te pas.


Wanneer de misselijkheid is weggeëbd en de pijn draaglijker wordt, is het meteen veel gemakkelijker om dapper en flink te zijn. Dan komt de levenslust terug, de zin om iets te doen, het verlangen om terug onder de mensen te komen. Ik ga de spiegel te lijf met potjes antirimpel, teken de weggevallen wenkbrauwen bij, zet de wimpers aan met mascara en borstel wat zonnepoeder over mijn gelaat. Meteen zie ik me liever. Er komt terug uitdrukking op dat ziekelijk bleke gelaat.

Heb ik geluk dat ik zo’n sterk lichaam heb, dat er in slaagt om elke nieuwe aanval op mijn gestel af te weren en weer te boven te komen? Ik geloof het wel. Ik ben er mijn ouders dankbaar voor dat ze me zulke goede genen hebben meegegeven. Eenmaal de ellende voorbij, ben ik alles snel vergeten en kan ik gauw weer genieten van wat het leven te bieden heeft. Dat besef houdt me recht. Het weten dan na regen weer zonneschijn komt. Daaraan trek ik me op, dat probeer ik me in te prenten op ogenblikken dat ik het niet meer zie zitten.

Als je dan zoals ik, op de koop toe het geluk hebt een lieve vriendin te hebben die me met de glimlach naar de kapper brengt (zelf rijden is moeilijk met de gehavende wervels en ribben). Dàn wordt moedig en flink zijn meteen een stuk gemakkelijker.

In de grote spiegel zie ik de geestdriftige kapper, gewapend met kam en schaar, rond mijn stoel dansen. Als een volleerd meester tovert hij mijn te lang geworden en uitgezakte kapsel kunstig om tot een pittig leuke snit, waardoor ik me meteen 10jaar jonger voel. Hij knipt en woelt door mijn haar, hij kneedt het met liefde en kunstenaarschap, en het resultaat mag gezien worden. Oh ja, ik voel me al heel wat flinker en dapperder, ik voel de moed door mijn aderen stromen. Laat de wereld maar komen, we kunnen er weer tegenaan. Het is de eerste dag in lang dat ik terug onder de mensen kom. Ik waag het om samen met die schat van een vriendin een koffietje te gaan drinken, met een lekker stukje taart erbij. Moedig? Flink? … 

© Karlijn  Koninckx

Hoe vind je dit bericht? 9 stemmen
5 reacties Reageer op dit bericht

Driekoningen

Caspar, Melchior en Balthasar, de drie Wijzen uit het Oosten, zijn op 5 januari (één dag voor hun bezoek aan het kindeke Jezus) ook bij mij hun geschenken komen brengen. Voor mij echter geen goud, wierook en mirre, maar wel Cyclofosfamide, Methotraxaat en Fluorouracyl. Het "Nu sijt wellecome" heb ik dit jaar met iets minder overtuiging gezongen dan andere jaren.

Inderdaad, op donderdag werd de CMF-kuur opgestart. De laatste lijn behandeling. Alle conventionele behandelingswegen zijn uitgewandeld.We zitten nu op de weg van gissen en missen, van tasten in het duister, hopen op succes, zonder de minste hoop op enig resultaat.
Als deze kuur niet aanslaat, of als mijn lichaam te zwak is om ze te verdragen, wat dan? 
Dan moeten we stoppen met alle chemo's zegt de dokter alsof het om een akkefietje gaat.

© Karlijn  Koninckx

Hoe vind je dit bericht? 3 stemmen
4 reacties Reageer op dit bericht

Welkom 2012 !

2011 is verdwenen, maar daar gaan we niet om wenen

2012 is al hier, met voor ieder veel plezier

 

 

aan alle bloglezertjes 

onze hartelijke wensen voor een zonnig, gezond 

en een heel gelukkig nieuw jaar!

 

dat in 2012 al onze wensen in vervulling mogen gaan !

 

Karlijn

 

Hoe vind je dit bericht? 5 stemmen
2 reacties Reageer op dit bericht

Meer van ontboezemingen

↑ Terug naar de berichten