boeken op zolder
Vol energie was ik begonnen aan het opruimen van de zolder. Door de jaren was de oorspronkelijk lege zolder uitgegroeid tot een overvolle stapelplaats waar een kat haar jongen niet meer kon terugvinden. Er ligt onder meer een enorme verzameling boeken. Van de allereerste kinderboekjes tot volwassenenromans, allerlei naslagwerken, studieboeken, je vindt het er allemaal. Als ik de zolderopruiming zou beginnen met een aantal boeken weg te geven, dan was er al een groot werk gedaan. Ik maakte stapels per leeftijd en onderwerp en was in gedachten aan het nagaan welke gezinnen in onze kennissenkring ik er misschien mee kon plezieren. Dan kleefde ik er een briefje op en droeg ze naar beneden.
Op een avond stapte ik met mijn armen vol boeken van de steile zoldertrap. Wat er precies gebeurde weet ik niet, maar het volgende ogenblik hing ik met één arm aan de leuning, het hoofd naar beneden, terwijl mijn benen ergens bovenaan bleven haperen. De boeken donderden met veel gedruis de trap af. Ik slaakte een gil toen ik een scherpe pijn door mijn enkel voelde schieten. Ons zoontje van amper twaalf probeerde mij tegen te houden opdat ik niet verder de trap zou afschuiven. Met het hoofd naar onderen zou dat nooit goed aflopen. Ik slaagde er niet in mijn benen te verplaatsen. Ze leken als verlamd van de pijn. Ik voelde stilaan de kracht in mijn armen afnemen. Zo zou ik het niet meer lang volhouden.
Als bij wonder kwam toen, als een ware redder in nood, mijn man thuis van het werk. Hij slaagde erin me heelhuids van de trap te takelen.
Ondanks de ijscompressen bleef mijn enkel de ganse avond fel pijn doen. Op aandringen van mijn man zijn we dan toch maar naar de spoed gereden om een fotootje te laten nemen. En ja, het onderste stukje van het kuitbeen, aan de buitenenkel, was afgebroken. Ik kreeg een open gips. Die moest een week blijven tot gevaar op zwelling verdwenen was, en daarna kreeg ik een gesloten gips voor de volgende vijf weken. Ik was voor zes weken ‘gepleisterd’. Het opruimen van de zolder zou een tijdje op de wachtlijst komen te staan.
Pas naderhand bedacht ik welk een ongemak zo’n gips aan de voet met zich meebracht. Ik zou namelijk zes weken lang niet met de auto kunnen rijden! Wie zou de boodschappen doen? En wie zou de kinderen van en naar de sportclubs brengen? En zou ik niet een beetje gek worden met zes weken huisarrest?
© Karlijn Koninckx

