Dinsdag 5 januari 2010
De Arnhemse zwaardveger
| De Arnhemse zwaardveger - historisch verhaal - |
| Toen Prins Willem van Oranje in 1568 het veld had moeten ruimen, hadden de Spanjaarden daarover niet weinig praats. Alva zelf ging hun daarin voor. Hij toonde zich overmoediger dan ooit te voren. Hij schreef brieven vol grootspraak over de gelukkige afloop van zijn veldtocht, en zijn hovelingen, officieren en soldaten volgden hem - elk op zijn eigen wijze - in het bluften na. In het veerschip van Antwerpen naar Brussel zat een zwaardveger uit Arnhem, Wolfert geheten, in gezelschap van enige Spanjaarden, die wedijverden in schelden en smalen op de Prins van Oranje, en snorkten en pochten, dat één Spaans lansier tien van die dronken Hoog-Duitsers en vertwijfelde Geuzen aan zijn lans reeg. "Wat!" riep Wolfert, van wie het bloed begon te koken, "van die Spaanse lansiers werp ik er honderd op een rij uit het zadel." - "Dat zal je waar maken!" zeiden de Spanjaarden, en voerden, te Brussel gekomen, de zwaardveger mee naar hun overste, die hem bij Alva ging beschuldigen. De hertog had juist, maar op zijn manier, een vrolijke bui, en zei tot de zwaardveger, die bevend voor hem stond: "Je zult doen, wat je gezegd hebt, of hangen." Wolfert bad en smeekte, gaf nu de schuld aan de losheid van zijn tong, dan aan het bier dat hij gedronken had, maar al te vergeefs. Alva wilde daad of straf. Echter - 't was iets zeldzaams, maar hij was nu eenmaal in een goede stemming - hij liet zich tot afslag bewegen: van honderd kwam hij op vijftig, van vijftig op vijfentwintig, en uiteindelijk daalde hij zelfs af tot drie. Maar minder deed hij het niet, en de zwaardveger moest aan de slag. De hertog beval, dat men hem het beste paard uit zijn stal en een goede lans zou geven. "Of ik hem tegen drie of tegen honderd laat vechten," zei Alva tegen Don Fernando, die naast hem stond, "is toch om het even, want de eerste de beste van uw lansiers steekt hem immers overhoop." In de tegenwoordigheid van de hertog en Don Fernando en het gehele hof had het toernooi plaats, en heel Brussel liep uit om te kijken. Drie moedige Spanjaards reden in het strijdperk; Wolfert tegenover hen. "In Godsnaam!" dacht deze, rende moedig op de eerste af en wierp hem met één loop uit het zadel. "Knap gedaan van zo'n Geus!" dacht Alva, "maar wij zullen zien, hoe hij het met de tweede doet." Precies als met de eerste. Met ingehouden adem letten nu al de toeschouwers op, hoe het met de derde Spanjaard af zou lopen. Blijkbaar legde deze het er op toe, om met een forse stoot de Geus enige voeten achter zijn paard over de kop te laten duikelen. Doch Wolfert ontweek de stoot, maar trof zijn vijand evenmin en beiden vlogen elkaar in pijlsnelle vaart voorbij. Maar even snel wendden beiden, om met een tweede ren beter hun kans waar te nemen; doch nu was Wolfert de Spanjaard één ogenblik te vlug af, en deze maakte juist dezelfde buiteling, die hij de zwaardveger had willen laten doen. Een daverend gejuich begroette de overwinnaar. Don Fernando knarste op de tanden en wilde dat de Geus, die zijn ruiters te schande gemaakt had, toch gehangen zou worden. Maar Alva wilde nu niet tegenover heel Brussel zich aan zulk een woordbreuk schuldig maken; integendeel, hij gaf zich graag eens het voorkomen van rechtvaardig te zijn. En niemand was blijer dan Wolfert, toen hij, na een diepe buiging voor de hertog gemaakt te hebben, op vrije voeten heen mocht gaan. * * * EINDE * * * |
|
| Bron : "De oude tijd; geschiedenis, maatschappelijk en huiselijk leven, monumenten, volkseigenaardigheden, overleveringen, kunst, nijverheid, gebruiken, kleding, volksverhalen, spreekwoorden, liedjes uit Noord- en Zuid-Nederland" door J. ter Gouw met medewerking van vaderlandsche geschied- en oudheidkundigen. A.C. Kruseman, Haarlem, 1871, p. 29-30. |
|
Geschreven door saagje om 07:23
Reageer op dit bericht


6 reacties op dit bericht
ik vind het knap wat je schrijft
rijkdom!!! is gezondheid....fijne avond....bo
Ik ben het helemaal met je eens hou ook meer van zomerse spulen en geuren
Vandaag voor de tweede dag op rij
niet terug naar de les bij Jufke...
hik hik we zijn nog niet thuis geweest !
pst… niet verder vertellen maar ons Fatike hebben we al op de achterbank gestoken,want in den limbuuuurg die mannekes mee der koperknoopjes als die moet blazen dan komen wij nooit meer vrij
Nieuwjaar vieren....kan tot Nieuwjaar duren
leuke is het altijd bij ons Aldatje van brasserie 'In 't Bospiepertje' ....we zijn daar uitgenodigd
en aan straffe drankjes geen gebrek voorraad genoeg...
en ons Emmyke der bokes met spek en eieren (gepikte)die zijn nog lekker zijn belangen nog niet op
en ons juf laat der werk opknappen door lady tuttebel we gaan ons amuzeren zunne
fijne dinsdag wens ik je toe , lieve groetjes en knuff… van ons voor jou
Als zen bloed kookt...
zo'n zwaardveger moest Culenborg hebben
Lieve groetjes dikke knuffel
Groetjes Diana
Lief Saagje