klein zijn onbeholpen heel lang geleden ja was nee nee was dat ook ik vond veel de juiste woorden niet moeder gaf mij een harde schudding ik zei aai goed zei ze en ik voelde dat ze begreep de pijn bleef.
Dit is geen distel maar de Kardoen en dit is een keukenkruid. De gebleekte stengels en bladeren kunnen geconsumeerd worden. Zelf heb ik in mijn siertuin een paar exemplaren staan waarvan eentje het reeds zeven jaar uithoudt. Deze plant is zeer decoratief en is bij mij tussen 2,5 tot 3m hoog. (bijgevoegd, naar aanleiding van een reactie)
zolang ik kan genieten van jouw mysterie jouw zwevende vreemde kleur om je knoppen heen juist als deze op springen staan tot bloei en pracht dat ik het jaarlijkse wonder beleven kan zo lang zal ik gelukkig zijn.
ik kijk in je diepe blije blik voel me vrij voel me zweven een fel gekleurde vlinder in mijn hart in de lucht in jouw ogen en voel me blij zoals jij ik ben opnieuw met jou een kind maar heel vlug komt de traan in mijn hart terug als ik opnieuw grote mens moet zijn.
Ook al zijn mijn poëmen meestal gericht naar één persoon, Toch zijn de gevoelens gewoonlijk opgewekt door meerderen. Ik kom met veel personen in aanraking en ik weet niet wat ik heb maar ik heb het blijkbaar wel...het is zelden dat ze me niet heel vlug over hun lijden of tegenslagen vertellen. Meestal kan ik alleen maar luisteren en meestal is dat reeds voldoende maar de noden liggen soms zo diep dat je er niet bij kan. Op zo'n moment ben ik blij gelovig te zijn en te kunnen bidden, in stilte want dat is dan alles wat je nog rest.
naar je kijken je was er niet met je praten je was er niet je zachtjes knuffelen je was er niet je steunen met een blik je was er niet jouw hoofd tussen mijn handen nemen je was er niet
je bent er nooit tenzij zo nu en dan voor een paar ogenblikken een glimp meer niet
je zal er nooit zijn
zo rest mij toch ik dacht aan jou ik denk aan jou ik zal blijven aan je denken hoe lang nog weet ik niet