gisteren de hele dag zaagde ik hout voor de kachel de hele wintervoorrraad tegen alle regels in geen rekening houdend met mijn tere rug enkel mijn instinkt volgend morgen gaat het regenen maar vandaag leef ik in niemandsland doch mijn vrouw zaagt me de oren van het lijf doe eens dit en probeer eens dat de hele tijd door ik ben tot niets in staat maar puur uit noodzaak verzet ik nu geen poot.
uit mijn vlot en stevig ritme gevallen op de dool op zoek naar wat evenwicht het ligt niet zo maar voor het grijpen een steun wijkt terug zet mij in eenzaamheid
wegvluchten in tuinarbeid lukt niet meer een vriend komt dichterbij wonen als een hemelgeschenk valt het over me heen welkom zijn en ook welkom mogen heten
weggevlucht uit een steriele traditie liep ik wat verloren in nieuwe vormen dreigde er in tenonder te gaan vriendschap geeft weer hoop door steun.
van maart tot mei giet een merel van op de nok van buurman's schuur vanaf het vroege ochtendgloren maar ook bij tij en ontij zijn heldere klanken uit over onze tuin
zijn lied klinkt niet altijd even vrolijk de blijde toon wil wel eens wegvloeien in een droevig bitter bijrefrein zo bekomt hij eb en vloed van vreugde en heel regelmatig van diepe treurnis
nu hoor ik reeds een tijdje lang in mijn woordentuin van blogs een merel van andere pluimage zijn gevoelens uithalmen in klaterheldere poëzietaal
ook hier luister ik elke morgen naar zowel bijtende pijntonen als naar deugdoende vreugdeklank zo is het leven lieve merel dat weet jij maar al te goed.
en maar vertellen allemaal zelf beleefd over moeilijke maar ook gemakkelijke mensen
en hoe ze ontevredenheid steeds moet tegengaan wegwerken als het kan over slecht eten dat helemaal niet slecht is over gebrek aan keuze uit steeds een twintigtal gerechten kom zeg onredelijkheid verwende verwaande kwasten en steeds maar hetzelfde gezaag maar kalm en rustig moet al kook je over vanbinnen
en dan de mooie verhalen van dankbaarheid meestal met kinderen die de hoofdrol beleven maar zelf vecht je in een boeiende vermoeiende job
einde van de maand opnieuw vooruit egypte nu de kidsclub drie maanden weer intens genieten.
geen feest als een ander totaal alternatief in een jeugdkamphuis een opgekallefaterd kasteel waar de gasten hun roes konden uitslapen in stapelbedden
een donkere trap versiert met hop uit onze tuin rechtstreeks leidend naar de bruidskamer symbolisch voorzien van kaarsjes die nooit zouden oplichten wegens brandgevaar enkel voor de stemming aangebracht door twee vlijtige lieve moeders
de jongeren ïmproviseerden een slaapstede voor het paar matrassen op de grond grondig omkaderd door de lege stapelbedden en allerhande versieringen het geheel lijkend op een rommelig magazijn
moraal van het verhaal als je moe bent slaap je overal heel dicht bij elkaar.
de zon jouw lach lieve woorden vol begrip niets dat helpt het komt niet los blijft maar woelen diep in mij of zal het verteren tot er eindelijk niets meer over blijft dan rust.
Onze oudste dochter trouwt voor de kerk. Twee universitairen die elkaar het jawoord geven.
eventjes is er geen verleden vandaag drukke voorbereiding morgen eeuwige trouwbelofte voor de gemeenschap van twijfelende gelovigen getuigen van jong geloof of overmoed
in al dat gewoel een rustmoment de plechtigheid wie ben ik waar sta ik waar wil ik heen klaar en duidelijk.