onbenulletje
een keerkring nodig
zijn vele poten staan
te wijd gespreid
en hopelijk vindt hij
snel het veilig water
of zijn bloed raakt
aan de kook
hij heeft het allemaal
al scheef bekeken
hij houdt niet zo
van rood
onbenulletje
Avondzon*
hij is schenker van een bloedvol leven
en dramatiek in een zinvolle betekenis
hij is de rode offersteen die nazindert
na een bloedig treffen in het volle licht
stroperig is het rood bloed dat vloeit
en hard zijn de tranen die verstenen
maar alles wordt zwart in de rook
van te felle vuren, na het avondrood
---
vandaag schrijf ik larie
Geluidloze klankeneen stentorstem sterft niet
luchtledig, de grondtoon is
ook onderaards gedreven
want droevig diep wordt
soms de mond gesloten
de zware klanken drijven
immers op gevoel omhoog
tot de schouders schokken
en de adem stokt in nood
---
Stilstaand beeld
rijgenoten*
ach,
geen weemoed denkt ooit terug
aan te korte dagen, de voeten
in afgedragen wollen sokken
waarin de blote tenen gaapten
woelden en de kou geniepig
voelden
we stampten daarbij op de grond
totdat die week en zacht werd
als een opgezwollen lijk
bleek dat er plassen groeiden
in het slijk
we wachtten toen op zondagen
met een weke buik in te lange rijen
---
berusting
MatchboxradioVandaag iets interessants gevonden
U wenst? Zij dragen voor!
http://www.matchboxradio.nl/
wakkere woorden*
vandaag ben ik zo dwaas ontwaakt
vannacht een keer teveel verdronken
te lang éénzaat geweest bij 't slapen
want 't allerlaaste beeld dat droomde
was haar dat zacht mijn rug nog streelde
ik had geen tederheid verwacht
geen vrouwenhand, geen zalig lijf
aan de andere kant van 't bed
dat halvelings was leeg gebleven
ze brak mijn ademtocht
de plooien in de lakens
ze zijn gewijd gespreid
het slapen sijpelt weg
misschien dan toch
een weke ochtend
---
het hoofd in de wind gezetzijn oudhouten armen
zwaait hij zo windrichtig
en ééntonig stijf, gestrekt
keert hij het krakend hoofd
westwaarts en onverstoord
kreunt zijn hardeiken hart
zoals het hoort en zwijgzaam
malen er gegroefde stenen
het alledaagse graan
tot het bloemen toe
ik bak graag korstig brood
uit vers gemalen zinnen
een grijns in de wolken
ijl in de ochtenden ijle wolken wenken nu
in een glorierijke morgen
ik dicht de witte gaten toe
met eenzaats woorden
Pertinente vragen
Naschrift*
een groot droomloos hoofd
heeft hij naar de zon gericht
hij hoopte zo het tij te keren
hij had al maanden hard
in troosteloze wind gehakt
en hoopte zo de tijd te keren
nu heeft hij vleugels uitgeklapt
zijn armen werden moe en raakten
uitgeput kon hij slechts woorden
fluisteren en ik alleen maar luisteren
---
windmolens*
witte windmolens wentelen
zo statig in mijn blikveld
op hoge witte stammen
hebben ze hun stalen trots
naar strakke wind gekeerd
maar ze missen echter het
krakend huis van de oude
houten molens
ze malen niets
ze slaan slechts de lucht
duchtig aan scherven
zo energiek
zo zelfgenoegzaam
---
middag
de middagzon*
het is de middagzon
dewelke de ogen opent
en niet de nachtmaan
want haar zilverlicht
dat is slechts schijn
onlangs kreeg ik het verwijt
dat ik vaag was met woorden
maar ik geef mezelf niet prijs
ik ben geen open boek
voor vreemden en laat
dus ook geen gluurders toe
het is de middagzon
dewelke een deur kan openen
en niet een nachtmaan
die staat alleen voor waan
en donkere verbeelding
---
OprispingenAanleiding tot een gedicht:
de laatste tijd ben ik zo vreemd geweest
zo buiten adem en zo hartstochtelijk diep
begraven heb ik mijn aardewaartse zinnen
Oprispingen*
ik ben het sterven moe, vader
de laatste woorden, het avondmaal
de troost verpakt in zwart en wit
de gewaden slepend lang gedragen
en het verdriet dat zichzelf insluit
naar de grond gericht
de rouw is zwaar om dragen
en het afscheid neem ik niet
ter harte
---
Vanavond strooi in woorden tot in de hoekenVandaag moet ik mij voorbereiden op een voordracht 's avonds. Mijn stem is echter rauw en ik heb last van hooikoorts.