Oprispingen
Aanleiding tot een gedicht:
de laatste tijd ben ik zo vreemd geweest
zo buiten adem en zo hartstochtelijk diep
begraven heb ik mijn aardewaartse zinnen
OprispingenAanleiding tot een gedicht:
de laatste tijd ben ik zo vreemd geweest
zo buiten adem en zo hartstochtelijk diep
begraven heb ik mijn aardewaartse zinnen
Oprispingen*
ik ben het sterven moe, vader
de laatste woorden, het avondmaal
de troost verpakt in zwart en wit
de gewaden slepend lang gedragen
en het verdriet dat zichzelf insluit
naar de grond gericht
de rouw is zwaar om dragen
en het afscheid neem ik niet
ter harte
---
Vanavond strooi in woorden tot in de hoekenVandaag moet ik mij voorbereiden op een voordracht 's avonds. Mijn stem is echter rauw en ik heb last van hooikoorts.
lusteloze stappen*
Mijn blikveld richt zich aardewaarts
mijn trage stappen blijven achteloos
het stof verstoren, ze slenteren
ik zoek terwijl naar volle klanken
in ijle vlaktes om mij heen
er is geen echo die me vinden kan
geen weerklank om het hart te warmen
slechts achtergrond en vaag het zicht
de grijze mist blijft spaarzaam hangen
hier is geen hartstocht meer
om te verdampen
slechts zurig zweet
en boven al de stilte
---
Morgen donderdag - podium dagDonderdag 9 juni 2005
79ste poëzie-avond in de reeks
De Muzeval
met gastauteur
ED de WINTER
aanvang 20 uur stipt. TOEGANG VRIJ
na de pauze:
Vrij Poëzie Podium
Vrijpodiumcafé "De Muziekdoos" (bij de Waterpoort)
Verschansingstraat 63, ANTWERPEN-Zuid
Dagelijks open vanaf de vooravond (dinsdag gesloten)
Bus 6, 23, 34. Tram 8 (Museum S.K.)
..
“DE MUZEVAL” vindt plaats elke tweede donderdag van de maand.
Ik keer mijn zinnen aardewaarts*
ik keer mijn zinnen aardewaarts
ze bleven tussen wolken hangen
mijn adem werd er afgesneden
hier aan de waterkant
loopt een veelbetreden pad
langs de rand
de rest is wildernis
misschien moet ik eens
door het water waden
vandaag heb ik zeepbellen
de lucht in vervoering
zien spelen
zij voeren hemelwaarts
---
gevouwen zinnen*
vandaag rouw ik mijn zinnen
viervouwig op een stapel
en manshoog berg ik ze weg
ik sluit ze op voor later
ik ben ook geen kind meer
en heb mijn vaders handen
gezien, in gebed gevouwen
voor het allerlaatste maal
---
Verstrooiing*
met een trage tederheid
en zelfzekere gebaren
die mij zo vreemd waren
begroef ik gedachten onderaards
bleef er geen korrel zand verstoord
geen woord dat ik niet kennen wou
vandaag breek ik de lucht
aan scherven met verkrampte handen
hard en grondig vaag ik ouderliefde weg
die strooi ik nu behoedzaam rond
over oude aarde, zo blijft er nog vuur
voor handen in mijn gemoed
tenslotte heb ik er ooit het stof
zien dansen in het schaduwduister
toen mijn daklicht open stond
een rode zon heeft het gedicht
---
opklaring*
ik heb het stof zien dansen
in het schaduwduister want
mijn zolderluik stond open
en de zon heeft het gedicht
---
in memoriammet een tederheid
waarvan ik geen weet had
en met trage gebaren
begraaf ik gedachten
onderaards
blijft er geen korrel zand verstoord
geen woord dat ik niet kennen wil
dan breek ik de lucht aan scherven
met verkrampte handen hard
en grondig vaag ik ouderliefde
weg met hun grijze asse
die strooi ik behoedzaam rond
over oude aarde, maar dan
blijft er nog het vuur
in mijn gesternte
---
geluidloosAanleiding tot een gedicht
Nog steeds zoek ik woorden voor het onuitspreekbare, de Jota ken ik als de kleinste letter, en zelfs die begrijp ik niet.
De Alfa en de Omega, begin en einde, voor een strak geordende wereld die er nooit geweest is.
misschien zoek ik niet harts
genoeg en ook niet grondig
naar de kalme kant des levens
bomen hebben een zware stem
hun woorden ruisen zo graag
ze laten zich weldadig dragen
door een kille wind die vandaag
hun groene bladeren krullen laat
zelfs het pas geschoren gras ademt
heel diep de dauw en lage stemmen
daarom dat mist er soms blijft hangen
---
Trage dagen*
geen richting heb ik meer
want mijn volgzaamheid
ben ik verloren onderweg
de paden worden immers graag
verstoord door rusteloze stoffen
de voegen werden opgevuld
en de wegen weg geborgen
ik zal mijn weg wel vinden morgen
als het licht wat heller is dan vandaag
en geen wolken meer
de nacht verlengen
dan zie ik minder vaag
de sporen van diegenen
die mij zijn voorgegaan
---
zonnevreemdmijn bronnen liggen droog
en nu wordt het blauwe water
van het bergmeer zo groen
er is geen versheid meer
slechts wolken tuimelen
over de toppen heen
ze stormen naar de dalen
en zijn zo wit als sneeuw
en lager, steeds lager
kruipt het smeltijs
verder
Hij kent geen richting*
hij dacht een koningskind te zijn
en gul en overdadig strooide
hij zijn minzaamheid in 't rond
groene korenvelden neigen naar hem toe
zolang er hemelwater uit zijn handen vloeit
maar bomen staan reeds schuin gebogen
zo komt het dat ze hem de rug toekeren
zij buigen enkel voor een strakke wind
en hij, hij weet immers nooit waarheen
heeft hij onlangs het oosten nog verloren
misschien dat ik hem nooit voldoende
stormen heb laten zien en ondergaan
misschien komt hij ook teveel zichzelf
tegen onderweg, vergeet hij rond te kijken
---
fantasia*
mijn hoofd bezit verborgen hoeken
waar elfen graag vertoeven
en toverhalen zinnig klinkt
ik heb er met mijn eigen woord
geschapen en een wereld die me zint
en ook een koude weg verlaten
die me naar geen einde voert
---
strak aan de buitenkant*
vandaag plooi ik mijn zinnen
viervouwig als een zakdoek
ik strijk ze straks een keer
dan kan ik ze zo bewaren
op een stapel die niet omvalt
als ik ze terug openvouw
heb ik gedicht misschien
of één of andere vrouw
haar ziel intiem gemaakt
ik heb mijn zinnen glad gestreken
en zelf de plooien vast gelegd
en toch
ben ik de droefheid zelve
ik heb mij veel te veel ontzegd
---
vlak na middernacht*
op dit middernachtelijk uur
is mijn vagevuur slechts asse
want wolken heb ik al verjaagd
en de maan heeft het geweten
die is vannacht te vroeg vergaan
---
in de wolken*
soms probeer ik
wolken in te pakken
statig is het woord
ze zijn zo langzaam
ze strekken zich lui
en laten zich immers
zo graag bewonderen
vandaag heb ik getracht
ze weg te vagen
zonder ze aan te raken
de slierten slepen zich
nog altijd voort
ze zijn toch zo onhandig
om aan te voelen
ook al hebben ze
een zilveren boord
---
sentimenteeljij schrijft fronsen
ik vouw mijn rimpels op
jij klaagt tranen in een meer
en ik zeg,
waterlanders die treuren om oud zeer
je gebruikt het woord verdriet
soms veel te veel
en de liefde en het minnen
en het hartverscheuren
en het breken van de spiegel
dan laat ik maar mijn tovertaling wieken
over 't water scheren en nog meer
ik laat graag de bloemen tussen 't gras
verschieten en de wind die neem ik mee
ik ben een zonaanbidder
die de maan aanschouwt
en zichzelf een spiegel
waant en zilvergoud
mijn vingers graven
diepe voren in de aarde
ze dreigen nu ook
met het scheuren van het hart
het schokken van de stem
en het handgewring
ik hou mijn adem in
tot ik blauw zie
droomloos*
mijn huid schaaft vurig rood vandaag
het lijkt wel of ik stenen bloeden laat
mijn keel is leer en rauw het vlees
waarover ik mijn tong beweeg
mijn stemgenoot heeft zich diep
gegraven en hoest zich droog
ik heb een hele nacht verslapen
en mijn dromen leeg gelaten
mijn zinnen had ik afgesloten
in mijn poging
om zijn afwezig
zijn te naderen
---