ijl in de ochtend
de kieren zijn gewijd
geworden, het galmen
sijpelt langzaam weg
en ijle wolken wenken nu
in een glorierijke morgen
ik dicht de witte gaten toe
met eenzaats woorden
ijl in de ochtenden ijle wolken wenken nu
in een glorierijke morgen
ik dicht de witte gaten toe
met eenzaats woorden
Pertinente vragen
Naschrift*
een groot droomloos hoofd
heeft hij naar de zon gericht
hij hoopte zo het tij te keren
hij had al maanden hard
in troosteloze wind gehakt
en hoopte zo de tijd te keren
nu heeft hij vleugels uitgeklapt
zijn armen werden moe en raakten
uitgeput kon hij slechts woorden
fluisteren en ik alleen maar luisteren
---
windmolens*
witte windmolens wentelen
zo statig in mijn blikveld
op hoge witte stammen
hebben ze hun stalen trots
naar strakke wind gekeerd
maar ze missen echter het
krakend huis van de oude
houten molens
ze malen niets
ze slaan slechts de lucht
duchtig aan scherven
zo energiek
zo zelfgenoegzaam
---
middag
de middagzon*
het is de middagzon
dewelke de ogen opent
en niet de nachtmaan
want haar zilverlicht
dat is slechts schijn
onlangs kreeg ik het verwijt
dat ik vaag was met woorden
maar ik geef mezelf niet prijs
ik ben geen open boek
voor vreemden en laat
dus ook geen gluurders toe
het is de middagzon
dewelke een deur kan openen
en niet een nachtmaan
die staat alleen voor waan
en donkere verbeelding
---
OprispingenAanleiding tot een gedicht:
de laatste tijd ben ik zo vreemd geweest
zo buiten adem en zo hartstochtelijk diep
begraven heb ik mijn aardewaartse zinnen
Oprispingen*
ik ben het sterven moe, vader
de laatste woorden, het avondmaal
de troost verpakt in zwart en wit
de gewaden slepend lang gedragen
en het verdriet dat zichzelf insluit
naar de grond gericht
de rouw is zwaar om dragen
en het afscheid neem ik niet
ter harte
---
Vanavond strooi in woorden tot in de hoekenVandaag moet ik mij voorbereiden op een voordracht 's avonds. Mijn stem is echter rauw en ik heb last van hooikoorts.
lusteloze stappen*
Mijn blikveld richt zich aardewaarts
mijn trage stappen blijven achteloos
het stof verstoren, ze slenteren
ik zoek terwijl naar volle klanken
in ijle vlaktes om mij heen
er is geen echo die me vinden kan
geen weerklank om het hart te warmen
slechts achtergrond en vaag het zicht
de grijze mist blijft spaarzaam hangen
hier is geen hartstocht meer
om te verdampen
slechts zurig zweet
en boven al de stilte
---
Morgen donderdag - podium dagDonderdag 9 juni 2005
79ste poëzie-avond in de reeks
De Muzeval
met gastauteur
ED de WINTER
aanvang 20 uur stipt. TOEGANG VRIJ
na de pauze:
Vrij Poëzie Podium
Vrijpodiumcafé "De Muziekdoos" (bij de Waterpoort)
Verschansingstraat 63, ANTWERPEN-Zuid
Dagelijks open vanaf de vooravond (dinsdag gesloten)
Bus 6, 23, 34. Tram 8 (Museum S.K.)
..
“DE MUZEVAL” vindt plaats elke tweede donderdag van de maand.
Ik keer mijn zinnen aardewaarts*
ik keer mijn zinnen aardewaarts
ze bleven tussen wolken hangen
mijn adem werd er afgesneden
hier aan de waterkant
loopt een veelbetreden pad
langs de rand
de rest is wildernis
misschien moet ik eens
door het water waden
vandaag heb ik zeepbellen
de lucht in vervoering
zien spelen
zij voeren hemelwaarts
---
gevouwen zinnen*
vandaag rouw ik mijn zinnen
viervouwig op een stapel
en manshoog berg ik ze weg
ik sluit ze op voor later
ik ben ook geen kind meer
en heb mijn vaders handen
gezien, in gebed gevouwen
voor het allerlaatste maal
---
Verstrooiing*
met een trage tederheid
en zelfzekere gebaren
die mij zo vreemd waren
begroef ik gedachten onderaards
bleef er geen korrel zand verstoord
geen woord dat ik niet kennen wou
vandaag breek ik de lucht
aan scherven met verkrampte handen
hard en grondig vaag ik ouderliefde weg
die strooi ik nu behoedzaam rond
over oude aarde, zo blijft er nog vuur
voor handen in mijn gemoed
tenslotte heb ik er ooit het stof
zien dansen in het schaduwduister
toen mijn daklicht open stond
een rode zon heeft het gedicht
---
opklaring*
ik heb het stof zien dansen
in het schaduwduister want
mijn zolderluik stond open
en de zon heeft het gedicht
---
in memoriammet een tederheid
waarvan ik geen weet had
en met trage gebaren
begraaf ik gedachten
onderaards
blijft er geen korrel zand verstoord
geen woord dat ik niet kennen wil
dan breek ik de lucht aan scherven
met verkrampte handen hard
en grondig vaag ik ouderliefde
weg met hun grijze asse
die strooi ik behoedzaam rond
over oude aarde, maar dan
blijft er nog het vuur
in mijn gesternte
---
geluidloosAanleiding tot een gedicht
Nog steeds zoek ik woorden voor het onuitspreekbare, de Jota ken ik als de kleinste letter, en zelfs die begrijp ik niet.
De Alfa en de Omega, begin en einde, voor een strak geordende wereld die er nooit geweest is.
misschien zoek ik niet harts
genoeg en ook niet grondig
naar de kalme kant des levens
bomen hebben een zware stem
hun woorden ruisen zo graag
ze laten zich weldadig dragen
door een kille wind die vandaag
hun groene bladeren krullen laat
zelfs het pas geschoren gras ademt
heel diep de dauw en lage stemmen
daarom dat mist er soms blijft hangen
---
Trage dagen*
geen richting heb ik meer
want mijn volgzaamheid
ben ik verloren onderweg
de paden worden immers graag
verstoord door rusteloze stoffen
de voegen werden opgevuld
en de wegen weg geborgen
ik zal mijn weg wel vinden morgen
als het licht wat heller is dan vandaag
en geen wolken meer
de nacht verlengen
dan zie ik minder vaag
de sporen van diegenen
die mij zijn voorgegaan
---
zonnevreemdmijn bronnen liggen droog
en nu wordt het blauwe water
van het bergmeer zo groen
er is geen versheid meer
slechts wolken tuimelen
over de toppen heen
ze stormen naar de dalen
en zijn zo wit als sneeuw
en lager, steeds lager
kruipt het smeltijs
verder
Hij kent geen richting*
hij dacht een koningskind te zijn
en gul en overdadig strooide
hij zijn minzaamheid in 't rond
groene korenvelden neigen naar hem toe
zolang er hemelwater uit zijn handen vloeit
maar bomen staan reeds schuin gebogen
zo komt het dat ze hem de rug toekeren
zij buigen enkel voor een strakke wind
en hij, hij weet immers nooit waarheen
heeft hij onlangs het oosten nog verloren
misschien dat ik hem nooit voldoende
stormen heb laten zien en ondergaan
misschien komt hij ook teveel zichzelf
tegen onderweg, vergeet hij rond te kijken
---