bel20-aex 20/12/2012
|
Slotkoers Bel20 20 december 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
|
Slotkoers AEX 20 december 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
|
bel20-aex 20/12/2012|
Slotkoers Bel20 20 december 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
|
Slotkoers AEX 20 december 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
Bruine wapendrager
![]() |
| B b B b 18 u 97 | |
| Bruine wapendrager | |
|
De bruine wapendrager (Clostera curtula) is een vlinder uit de familie van de tandvlinders (Notodontidae), die De wetenschappelijke naam van deze soort is beschreven door Linnaeus (Carl Linnaeus was een Zweeds arts, plantkundige, zoöloog en geoloog.) in 1758. Deze tandvlinder komt verspreid over Europa voor tot aan Siberië. Engels : Chocolate-tipDuits : Erpelschwanz-Rauhfussspinner Frans : le Courtaud , la Hausse-queue blanche Oude Nederlandse naam : bruin matje, kleinste wapendrager |
|
Bruine wapendrager auteur : H.Baas op www.freenatureimages.eu |
|
|
Hij heeft een spanwijdte van 27 tot 35 mm. Heeft globaal hetzelfde uiterlijk als de beide andere inheemse Clostera-soorten. De bruine wapendrager lijkt veel op de donkere wapendrager (C. pigra), deze is kleiner en heeft bij de vleugelpunt een veel kleinere en lichtere roodbruine vlek, die niet duidelijk afgetekend is. |
|
Clostera curtula auteur : Fvlamoen CC 3.0 |
|
|
Een gewone soort die verspreid over het hele grondgebied van Nederland en België voorkomt. Zijn habitat zijn bossen, struwelen, populierenaanplanten en windsingels, ook parken en tuinen. De waardplanten van de bruine wapendrager zijn (ratel)populier en wilg. |
|
Rups van de bruine wapendrager auteur : Harald Süpfle CC 3.0 |
|
|
De vliegtijd is half april-half september in twee generaties. De rups : mei-begin oktober. Meer over de Nederlandse naam : Wapendrager is een al lang bestaande naam en wordt al gebruikt door Ter Haar in 'Onze vlinders'. Clostera : kloster = een spoel, naar de vorm van het abdomen die slank is en taps toeloopt in de anale segmenten. curtela : kurtos = gebogen, gebocheld, naar de rups die Linnaeus omschrijft als 'turrita' met torens of bochels. Pickard en Macleod houden het op curtus, afgehakt, een omschrijving van de bruine punt op de voorvleugel. |
|
|
Bron : - Wikipedia CC 3.0 - De Vlinderstichting/Werkgroep Vlinderfaunistiek, 2008. Vlindernet, versie 2 - tinternet |
Bruine wants
![]() |
| B b B b 18 u 96 | |
| Bruine wants | |
|
De bruine wants (Eurygaster testudinaria) is een wants uit de familie Pentatomidae. De wetenschappelijke naam van deze soort is beschreven door Geoffroy (Étienne Geoffroy Saint-Hilaire was een Frans natuurvorser die het principe van homologieën tussen verschillende soorten ontdekte.) in 1785. Deze soort komt in heel Europa voor. Engels : Tortoise Bugs, Eurygaster testudinariaDuits : Schildkrötenwanze Frans : Eurygaster testudinaria |
|
Bruine wants auteur : James Lindsey at Ecology of Commanster CC 2.5 |
|
|
De wants is meestal bruin van kleur, maar groene, rode en zelfs gele exemplaren komen ook voor. Deze soort wordt soms ook wel schildpadwants genoemd, vanwege het scutellum dat het hele achterlijf bedekt, maar bij veel andere soorten wantsen veel kleiner blijft. |
|
Bruine wants auteur : zimbart CC 2.0 |
|
|
De bruine wants leeft op planten als grassen en zuigt de sappen op waar hij van leeft, liefst in wat vochtige omgevingen als graslanden. Ter verdediging kent de bruine wants een stinkende afscheiding die te vergelijken is met die van de groene stinkwants (Palomena prasina). De eitjes worden aan de onderzijde van bladeren afgezet, de nimfen vervellen vijf keer voor ze volwassen zijn. |
|
|
Bron : - Wikipedia CC 3.0 - tinternet |
bel20-aex 19/12/2012|
Slotkoers Bel20 19 december 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
|
Slotkoers AEX 19 december 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
Bruine vuurvlinder
![]() |
| B b B b 18 u 95 | |
| Bruine vuurvlinder | |
|
De bruine vuurvlinder (Lycaena tityrus of Heodes tityrus) is een dagvlinder uit de familie Lycaenidae, de kleine pages, vuurvlinders en blauwtjes. De wetenschappelijke naam van deze soort is beschreven door Poda in 1761. De vrij kleine vlinder komt in graslanden, heiden en venen voor in heel Centraal- en Zuid-Europa. De bruine vuurvlinder is een schaarse standvlinder die in Nederland de noordgrens van zijn areaal bereikt. Engels : Sooty CopperDuits : Brauner Feuerfalter, Schwefelvögelchen Frans : l'Argus Myope, le Cuivré fuligineux Oude Nederlandse naam : bruin vuurvlindertje |
|
Bruine vuurvlinder (mannetje) auteur : Olaf Leillinger CC 3.0 |
|
|
De voorvleugellengte bedraagt ongeveer 14 millimeter. De onderkant van de achtervleugel heeft in tegenstelling tot de andere vuurvlinder-soorten een geelbruine grondkleur. De bruine vuurvlinder lijkt veel op de kleine vuurvlinder. |
|
parende bruine vuurvlinders (vrouwtje boven) auteur : Loz (L. B. Tettenborn) CC 3.0 |
|
|
In Nederland komt de vlinder voor op de zandgronden van de Veluwe, in Drenthe en delen van Twente. Zijn habitat zijn enerzijds droge gebieden op de zandgronden, zoals kruidenrijke heide en droge, schrale, bloemrijke graslanden, anderzijds vochtige gebieden, zoals schraal kruidenrijk grasland in laagveenmoerassen. De waardplanten van de bruine vuurvlinder zijn diverse soorten zuring, waaronder vooral schapenzuring en veldzuring. |
|
Bruine vuurvlinder (vrouwtje) auteur : Kenraiz CC 3.0 |
|
|
De vliegtijd is begin mei-eind juni en begin juli-eind augustus in twee generaties. De rups : half augustus-begin mei en begin juni-half juli. tityrus : Tityus is de naam van een schaapsherder genoemd in de Eclogues van Virgilius. In Nederland staat de bruine vuurvlinder op de rode lijst vermeld als zeldzaam. |
|
|
Bron : - Wikipedia CC 3.0 - De Vlinderstichting/Werkgroep Vlinderfaunistiek, 2008. Vlindernet, versie 2 - tinternet |
bel20-aex 18/12/2012|
Slotkoers Bel20 18 december 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
|
Slotkoers AEX 18 december 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
Bruine vloot
![]() |
| B b B b 18 u 94 | |
| Bruine vloot | |
|
De bruine vloot is de aanduiding voor de professionele passagiersvaart (chartervaart) met traditionele zeilschepen en motorschepen in Nederland. |
|
De Eben Haëzer een Friese vrachtaak foto op zeilcharter.nl |
|
|
De vloot bestaat uit meer dan 500 schepen, waarmee in het verleden vracht werd vervoerd. Met deze schepen kunnen tegenwoordig vaarvakanties gemaakt worden variërend van 1 dag tot meer dan 4 weken. De term verwijst naar de oorspronkelijke kleur van de zeilen op deze schepen. De kleur ontstond door het tanen van de zeilen met cachou. |
|
de Bracksand op de wadden foto op www.kombuispraat.com |
|
|
De meeste van deze schepen zijn van het type platbodem en rondbouw, maar ook andere types als de rivierklipper worden daarbij geteld. Vaak worden alle varende monumenten gezien als "Bruine vloot", maar zeker niet alle historische schepen worden nog beroepsmatig gebruikt. Schepen van de vloot varen voornamelijk op het Markermeer, het IJsselmeer een de Waddenzee. |
|
|
Bron : - Wikipedia CC 3.0 - tinternet |
bel20-aex 17/12/2012|
Slotkoers Bel20 17 december 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
|
Slotkoers AEX 17 december 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
Bruine vierbandspanner
![]() |
| B b B b 18 u 93 | |
| Bruine vierbandspanner | |
|
De bruine vierbandspanner (Xanthorhoe spadicearia) is een nachtvlinder uit de familie Geometridae, de spanners. De wetenschappelijke naam van deze soort is beschreven door Denis & Schiffermüller in 1775. De vlinder is in Nederland en België algemeen. Engels : Red Twin-spot CarpetDuits : Heller Rostfarben-Blattspanner Frans : l'Oxydée Oude Nederlandse naam : valse vierbandspanner |
|
Bruine vierbandspanner auteur : ©entomart |
|
|
De voorvleugellengte bedraagt 12 - 13 millimeter. Vrij opvallend is de duidelijke dubbele vlek in het zoomveld, dicht bij de vleugelpunt, bij de meeste verwante soorten is deze vlek minder duidelijk of afwezig. De vierbandspanner (X. ferrugata) lijkt veel op de bruine vierbandspanner. |
|
Xanthorhoe spadicearia auteur : James Lindsey at Ecology of Commanster CC 3.0 |
|
|
De kleur- en contrastvormen die elkaar in het midden raken leveren echter vaak een groot probleem op bij de determinatie. Zijn habitat zijn vooral tuinen, bossen, struwelen, graslanden, moerassen, natte heiden en duinen. De waardplanten van de bruine vierbandspanner zijn diverse kruidachtige planten. |
|
Rups van de bruine vierbandspanner auteur : James Lindsey at Ecology of Commanster CC 3.0 |
|
|
De vliegtijd is van half april-half oktober in twee, soms drie generaties. De rups : juni - augustus. Een woordje bij de Nederlandse naam : De bandspanners hebben een bandtekening dwars over de vleugels. Er zijn drie soorten in het Genus Xanthorhoe die aangeduid worden met vierbandspanner . Hier gaat het om de meest bruine van deze drie. Xanthorhoe : xanthos = geel en rhoe = een stroom, een rivier; verwijzend naar de gelige kronkellijnen die een aantal soorten van dit genus kenmerken. |
|
|
Bron : - Wikipedia CC 3.0 - vlindernet - tinternet |
bel20-aex 14/12/2012|
Slotkoers Bel20 14 december 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
|
Slotkoers AEX 14 december 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
Bruine tandbaars
![]() |
| B b B b 18 u 92 | |
| Bruine tandbaars | |
|
De bruine tandbaars (Epinephelus marginatus), uit het geslacht Epinephelus. De wetenschappelijke naam van deze soort is beschreven door Lowe in 1834. Komt vooral voor langs de rotsachtige kusten van de Middellandse Zee. Engels : Dusky GrouperDuits : Braune Zackenbarsch Frans : Le mérou brun, mérou de Méditerranée, mérou noir, mérou rouge, mérou sombre |
|
Bruine tandbaars auteur : Albert Kok GNU 1.2 |
|
|
De bruine tandbaars heeft een lengte tussen de 50cm en 1m en een gewicht van 3 tot 10kg. Deze baars kan maximaal 50 jaar oud worden en een gewicht van 60 kg bereiken. In de juveniele stadia zijn ze groen van kleur en van het vrouwelijk geslacht, ze bereiken het man-stadium tussen 9-12 jaar. |
|
Epinephelus marginatus auteur : Parent Géry CC 3.0 |
|
|
Ze worden ook aangetroffen langs de West-Afrikaanse en de Braziliaanse kust en in zeldzame gevallen in de Indische Oceaan, langs Uruguay, Argentinië de Noord-Franse kust of langs de Britse eilanden. De bruine zeebaars dreigde uit te sterven langs de kusten van de Middellandse Zee, mede door het feit dat hij makkelijk te vangen was door beroeps- en sportvissers. |
|
bruine tandbaars auteur : Max Ryazanov CC 3.0 |
|
|
Ze worden zelden waargenomen op diepten beneden de 60 meter Door een verbod om op deze vis met een harpoen of vishaak te jagen is hun aantal in Frankrijk in de afgelopen 20 jaar weer flink toegenomen. |
|
|
Bron : - Wikipedia CC 3.0 - tinternet |
bel20-aex 13/12/2012|
Slotkoers Bel20 13 december 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
|
Slotkoers AEX 13 december 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
Bruine taling
![]() |
| B b B b 18 u 91 | |
| Bruine taling | |
|
De bruine taling (Anas chlorotis) is een eend uit de familie van de Anatidae. De wetenschappelijke naam van deze soort is beschreven door Gray in 1845. De Maori naam voor de bruine taling is Pāteke Het is een endemische vogelsoort van Nieuw-Zeeland. Engels : Brown Teal, New Zealand TealDuits : Neuseelandente, Grünohrente Frans : La Sarcelle de Nouvelle-Zélande |
|
Bruine taling auteur : Sabine's Sunbird CC 3.0 |
|
|
De bruine taling lijkt sterk op de aucklandtaling en werd vroeger wel als een ondersoort beschouwd. De vogel is 48 cm lang. |
|
Anas chlorotis auteur : Duncan CC 2.0 |
|
|
De bruine taling kwam tot 1890 overal in Nieuw-Zeeland voor. De bruine taling is 's nachts actief omdat er dan minder van de oorspronkelijk op Nieuw-Zeeland aanwezige roofdieren (vooral vogelsoorten) op jacht zijn. De bruine taling voedt zich met ongewervelde dieren zoals waterinsecten, hun larven, schaaldieren en weekdieren. |
|
bruine taling auteur : Avenue CC 3.0 |
|
|
Rond 2004 komen alleen aanzienlijke populaties van de bruine taling voor op Great Barriereiland (600 exemplaren), Northland (600 ex.) en Coromadel (700 ex.). De IUCN handhaaft de status bedreigd omdat ze er nog niet 100% zeker van zijn dat dit herstel duurzaam is. |
|
|
Bron : - Wikipedia CC 3.0 - tinternet |
bel20-aex 12/12/2012|
Slotkoers Bel20 12 december 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
|
Slotkoers AEX 12 december 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
Bruine stekelnekagame
![]() |
| B b B b 18 u 90 | |
| Bruine stekelnekagame | |
|
De bruine stekelnekagame (Acanthosaura lepidogaster) is een hagedis uit de familie agamen (Agamidae). De wetenschappelijke naam van deze soort is beschreven door Cuvier in 1829. De bruine stekelnekagame komt voor in Cambodja, zuidelijk China (alleen Hainan), Myanmar, Vietnam, Thailand en Laos. Engels : Brown Pricklenape, Scale-bellied Tree Lizard, Mountain Horned Dragon, Pricklenape LizardDuits : Schwarzkopf-Nackenstachler Frans : Acanthosaura lepidogaster |
|
Bruine stekelnekagame foto op www.siamreptile.com |
|
|
De soortnaam betekent letterlijk schubben-buik (lepido-gaster) omdat op de buik wat ruwere gekielde schubben aanwezig zijn. De agame is te herkennen aan de rugkam met erg kleine stekels die voor de nek overgaat in juist zeer lange, naaldachtige stekels. De bruine stekelnekagame wordt ongeveer 25 centimeter lang, de vrouwtjes blijven iets kleiner. |
|
Acanthosaura lepidogaster foto op www.exzootica.com |
|
|
De juvenielen kunnen groen, grijs en ook rood zijn met een lichtere vlekkentekening. Kenmerkend voor deze soort zijn de zeer grote en donkerbruine tot zwarte oogvlekken die soms de hele bovenzijde van de kop kleuren, en er zit een donkere, dunne band om de nek, en een meestal gebandeerde staart in dezelfde kleuren als de dwarse rugstrepen. |
|
bruine stekelnekagame auteur : Hoang Thach op ngm.nationalgeographic.com |
|
|
Het is zowel een klimmende als bodembewonende soort die zelfs van water houdt, waar het dier in vlucht bij gevaar. De agame leidt een zwervend bestaan en houdt van dichtbegroeide tropische bergwouden waar het erg warm en vochtig is en met open plekken om te kunnen zonnen. Het voedsel bestaat uit insecten en andere ongewervelden, maar ook kleine zoogdieren en amfibieën worden gegeten. |
|
|
Bron : - Wikipedia CC 3.0 - tinternet |
bel20-aex 11/12/2012|
Slotkoers Bel20 11 december 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
|
Slotkoers AEX 11 december 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
Bruine sprinkhaan
![]() |
| B b B b 18 u 89 | |
| Bruine sprinkhaan | |
|
De bruine sprinkhaan (Chorthippus brunneus) is een rechtvleugelig insect uit de familie veldsprinkhanen (Acrididae), onderfamilie Gomphocerinae. De wetenschappelijke naam van deze soort is beschreven door Thunberg in 1815. De bruine sprinkhaan is in vrijwel heel Europa algemeen en komt overal in Nederland en België voor. Engels : common field grasshopperDuits : Braune Grashüpfer Frans : le Criquet duettiste |
|
Bruine sprinkhaan auteur : Alvesgaspar CC 3.0 |
|
|
De bruine sprinkhaan lijkt sterk op de snortikker en de ratelaar. De habitat bestaat uit verschillende begroeide omgevingen van wegbermen tot open plekken in het bos en graslanden, er is niet echt een voorkeur wat waarschijnlijk het grote verspreidingsgebied verklaart. |
|
Chorthippus brunneus (mannetje) auteur : Jörg Hempel CC 3.0 |
|
|
De kleur is overwegend bruin maar kan soms ook groen zijn. De bruine sprinkhaan is langgevleugeld, de vleugels hebben een chorthippuslobje en reiken bij beide seksen tot voorbij de achterlijfspunt. |
|
bruine sprinkhaan (vrouwtje) auteur : G.-U. Tolkiehn CC 3.0 |
|
|
De bruine sprinkhaan is als volwassen insect te zien van juni tot september en is vooral actief tussen negen uur in de ochtend en zeven uur in de avond. |
|
|
Bron : - Wikipedia CC 3.0 - tinternet |
Bruine spoorkoekoek
![]() |
| B b B b 18 u 88 | |
| Bruine spoorkoekoek | |
|
De bruine spoorkoekoek of andamanspoorkoekoek (Centropus andamanensis) is een koekoek die alleen voorkomt op de Andamaneilanden. De wetenschappelijke naam van deze soort is beschreven door Beaven in 1867. De bruine spoorkoekoek komt voor op de Andamaneilanden en de Kokoseilanden daar ten noorden van die tot Myanmar behoren. Engels : Andaman Coucal, Brown CoucalDuits : Andamanenkuckuck Frans : Le Coucal des Andaman |
|
Bruine spoorkoekoek auteur : T. R. Shankar Raman CC 3.0 |
|
|
De bruine spoorkoekoek is een grote koekoek. De bruine spoorkoekoek werd vroeger als een ondersoort van de Chinese spoorkoekoek (C. chinensis) beschouwd. |
|
Centropus andamanensis auteur : Jonathan Hornbuckle op jonathanhornbuckle.webs.com |
|
|
Het is een algemene vogel van bossen, struikgewas, secondair bos, bosranden, mangrove, rijstvelden en tuinen. Net als de andere spoorkoekoeken is deze soort geen broedparasiet, maar bouwt zelf een nest en broedt de eigen eieren uit. |
|
bruine spoorkoekoek auteur : Vijay Cavale op orientalbirdimages.org |
|
|
De bruine spoorkoekoek heeft een beperkt verspreidingsgebied. |
|
|
Bron : - Wikipedia CC 3.0 - tinternet |
bel20-aex 10/12/2012|
Slotkoers Bel20 10 december 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
|
Slotkoers AEX 10 december 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
Bruine snuituil
![]() |
| B b B b 18 u 87 | |
| Bruine snuituil | |
|
De bruine snuituil (Hypena proboscidalis) is een middelgrote donkerbruine, slankgebouwde nachtvlinder uit de familie van de spinneruilen (Erebidae) De wetenschappelijke naam van deze soort is beschreven door Linnaeus in 1758. Wijdverbreid in Europa, van het Iberisch schiereiland via Frankrijk, Italië en de Balkan tot Griekenland en Turkije. Duits : Nessel-Schnabeleule Frans : la Noctuelle à museau , l'Hypène proboscidale Oude Nederlandse naam : snuitvlinder |
|
Bruine snuituil auteur : ©entomart |
|
|
De voorvleugellengte bedraagt tussen de 15 en 19 millimeter. De 'snuit', die deze uil gemeen heeft met de andere Hypena-soorten en verwante uilen is door de extra lange, omhoog gerichte palpen zeer opvallend. |
|
Hypena proboscidalis auteur : ©entomart |
|
|
In Nederland en België is de bruine snuituil een heel gewone soort die verspreid over het hele land voorkomt. Zijn habitat zijn bossen, struwelen, heiden, ruige graslanden, rivieroevers, natte weilanden en tuinen. De waardplant van de bruine snuituil is brandnetel |
|
Rups van de bruine snuituil foto : Jeroen Voogd op ukmoths.org.uk |
|
|
De vliegtijd is van begin mei-half oktober in twee generaties. De rups : juli - mei. Een woordje bij de Nederlandse naam : De snuituilen hebben opvallend naar voren uitstekende palpen (de snuit) op de kop van de vlinder. Hypena : hypene = een snor of een baard, naar de behaarde labiale palpen en mogelijk ook naar de haarborsteltjes die op de poten van een aantal soorten zitten. Hypena had aanvankelijk de status van een familie. |
|
|
Bron : - Wikipedia CC 3.0 - vlindernet - tinternet |