Via deze knop kom je op een taalsite: + veel achtergrondinfo
Een tekeh of gekko kruipt overal tegenop en kan dus ook van het plafond naar beneden vallen...
Valentijn
Gezellig in bed
Godsdienstigen maakten dit plaatje
Laat ons het verschil maken.
Maak jij een verschil tussen deze eitjes?
Maak je verschil tussen deze twee?
BALI
Mooi toch?
In 1468 verklaarde de katholieke kerk dat hekserij een 'buitengewone misdaad' was. Daardoor konden tijdens een rechtszaak alle regels die normaalgolden opzij worden gezet. Dat betekende bijvoorbeeld dat alleen het bewijs dat iemand schuldig maakte kon worden toegelaten. Pijnigen of martelen om bekentenissen af te dwingen was niet alleen toegestaan, maar werd zelfs aangemoedigd.
Een hindu-garuda
Markt op BALI
Offer op BALI
Tanah Lot - Bali
Vulkaan Bromo - JAVA
Leeuwendans - JAKARTA
Sloppenwijk - SURABAYA
Kuta beach - BALI
Gekleurde kip - SURABAYA
Herfst
Zonnebloem
Waterlelies
Rozen
Zet je
Regen... ...
Transport - Indonesië
Vulkaan op klein eilandje in Indonesië
Indonesië
Indonesië
Indonesië
Indonesië
Balinese dansen
Zonne-energie ook in Indonesië
Over mijzelf
Ik ben Fretteke
Ik ben een vrouw en woon in In 't Brabantse (Belgikske) en mijn beroep is thuiswerkend in het onderwijs en heb prepensioen in zicht.
Ik ben geboren op 07/10/1950 en ben nu dus 74 jaar jong.
Mijn hobby's zijn: geïnteresseerd in van alles.
Heb vier kinderen die al 31, 25, 24 en 23 jaar zijn.
27-02-2006
Een chanteur is niet alleen een 'zanger'
Welke middelen gebruikt de chanteur?
Om zijn zin kost wat kost door te drijven creëert de chanteur FOG (Fear, Obligation, Guilt). Vertaald betekent dit:
Bang maken: doe wat ik zeg want anders... en een aantal bedreigingen volgt zoals: je moet dit doen want anders zal ik je verlaten, ophouden van je te houden, je afkeuren, niet meer met je spreken
Jou verplicht doen voelen om iets te doen wat hij zegt: het is je plicht! B.v. een goede dochter gehoorzaamt haar vader, of op je werk: luister en gehoorzaam de baas
Schuld op jou schuiven: jij bent een slecht persoon als je dat niet doet.
Samenvattend zijn de woorden van de chanteur: je zou, je moet, je bent verplicht, je bent me dit verschuldigd.
Kenmerken van de chanteur
Ze haten verlies
Jij telt niet, alleen zij
Ze willen kost wat kost dat jij doet wat zij willen omdat ze niet met frustratie om kunnen gaan
Ze zijn geheel gericht op zichzelf : "ik wil het NU"
Maken van muggen olifanten
Agressief gedrag doet hen machtig voelen
Eigenlijk zijn het kleine bange mensen
Ze sluiten nooit compromissen
Wijzen altijd met de vinger naar de ander omdat zij beslist niet naar hun eigen gedrag willen kijken, alleen maar naar datgene wat de ander zgn. fout doet.
In plaats van: 'ik kan deze schuldgevoelens niet verdragen, ik kan er niet tegen dat hij kwaad op me is'.
Oefen deze uitspraak in gedachten als iemand jou chanteert. De woorden:" ik kan hier tegen ", worden op deze manier een soort schild tussen jou en zijn of haar woorden of gebaren
Ter afronding wil ik nog zeggen: blijf trouw aan jezelf, verloochen jezelf niet, luister naar je zelf. Zodat jij voor jezelf je beste vriend bent en blijft. Door jezelf niet te verraden, kun je je zelfvertrouwen en zelfrespect behouden en versterken. En alleen dan zijn werkelijk plezier en genieten van het leven dat jou gegeven is, mogelijk
Iets zeg je AGRESSIEF of ASSERTIEF, een toelichting:
Er is een verschil in de volgende twee boodschappen:
"Zou je misschien hier niet willen roken, ik heb er last van."
"Wil je nou eens ophouden met dat gerook, alles stinkt ernaar.
De eerste boodschap is een assertieve boodschap, de tweede een agressieve boodschap. Hoe komt dat? In het eerste voorbeeld houdt de spreker de boodschap 'bij zichzelf', door te zeggen: 'ik heb er last van'. De ander kan erop reageren: "O sorry, ik ga wel even naar buiten." De spreker heeft de boodschap gebracht als een 'ik-boodschap', waardoor het verzoek overkomt als een redelijke vraag. Op een redelijke vraag heeft de ander veel verschillende mogelijkheden om te antwoorden.
De tweede boodschap is een directe aanval op de ander en is verwijtend van toon. Deze persoon zal het gevoel hebben dat hij zich niet zonder gezichtsverlies uit de situatie kan redden. Hij heeft eigenlijk alleen de mogelijkheid om te ontkennen: "het stinkt hier helemaal niet, waar bemoei je je mee?" Voel je de agressie?
Het verschil in agressieve en assertieve boodschappen zit hem in de volgende dingen:
Het belangrijkst is natuurlijk dat je leert in te zien waarom je vaak agressief wordt en last hebt van woedebuien. Dat vergt vaak een heel proces. Agressieve mensen moeten leren anders om te gaan met situaties die bij hen woede oproepen.
Iemand die door zijn ouders vroeger vaak kleinerend is behandeld, zal misschien bij de kleinste plagerij is woede ontsteken. Zo iemand moet leren dat plagerijen erbij horen en niet per definitie kleinerend bedoeld zijn, of als ze dat wel zijn, dat hij er ook zijn schouders over kan ophalen.
Veel agressieve mensen denken in complotten en beschouwen zichzelf als slachtoffer. 'Zie je wel, ze moeten mij weer hebben', of 'ik heb het al gezegd, ze doen het expres.' Het is belangrijk deze gedachten te leren herkennen en er een rationele gedachte voor in de plaats te zetten. Want al denkt de persoon in kwestie dat het echt zo is, bij nadere beschouwing zijn de gedachten meestel helemaal nergens op gestoeld.
Dit alles klinkt makkelijker gezegd dan gedaan. In werkelijkheid zul je als agressief persoon hulp van buiten moeten zoeken om werkelijk van je agressieve buien af te komen en anders te leren aankijken tegen je gedrag en je gedachten.
Soms hoor je iemand zeggen: Ik ben een tolerant mens. Maar eigenlijk weet je dan nog niets van die persoon. Of je hoort iemand zeggen: We moeten toleranter worden. Ook dat zegt niets. Want tolerantie in zn algemeenheid bestaat niet. Het is een leeg begrip. Tolerantie kan alleen in een bepaalde context worden gezien. Het gaat in alle gevallen om de vraag: tolerant ten opzichte van wie of wat?
Het hangt er maar vanaf
We kunnen heel tolerant zijn ten opzichte van vreemdelingen maar aan de andere kant kunnen we ten opzichte van criminelen voor een beleid van strenge straffen zijn. Mensen kunnen heel tolerant zijn ten opzichte van SGP aanhangers, die geen vrouwen als volwaardig lid van de partij verdragen, en tegelijkertijd intolerant zijn als het om kinderen gaat die hun autospiegel slopen.
Humeur
Ook is het zo dat onze tolerantie erg afhankelijk is van ons humeur. Wanneer we een bewering of daad de ene keer wel accepteren, accepteren we het een andere keer niet. Omstandigheden als tijd en plaats zijn daarnaast ook van invloed. Onze tolerantie ten opzichte van een Jehovagetuige die ons op zaterdagmorgen uit bed belt, is anders dan wanneer we deze persoon op een ouderavond ontmoeten. We kunnen twee soorten tolerantie onderscheiden, persoonlijke tolerantie en politiek-maatschappelijke tolerantie. Deze twee vormen staan niet zelden haaks op elkaar.
Persoonlijk en maatschappelijk
Stel: uw Irakese buurman wordt voortdurend lastig gevallen door een groep intolerante jongens. U tolereert het niet omdat u verdraagzamer bent dan die jongens. U trekt partij voor de Irakese buurman en vindt dat er moet worden opgetreden tegen onverdraagzaamheid. U gaat naar de politie of u belt het Anti Discriminatie Bureau in uw woonplaats. Dat is van u niet tolerant ten opzichte van de jongens. Als u optreedt tegen intolerantie accepteert u niet, en tolereert u dus niet, de onverdraagzaamheid. Als u de jongens gewoon hun gang laat gaan, tolereert u dus hun gedrag. Maar als u niets doet aan intolerantie, stimuleert u deonverdraagzaamheid.
Onverschilligheid
Veel mensen beleven tolerantie als iets positiefs. Toch is het niet zo dat tolerant synoniem is aan goed. Een hoge mate van tolerantie, grenst aan onverschilligheid. Toelaten van geweld of het accepteren van armoede kan het gevolg zijn van machteloosheid. Persoonlijke tolerantie vanuit gemakzucht, onverschilligheid of machteloosheid (Het helpt toch niet of Niemand reageert, waarom zou ik iets doen?) leidt niet tot een samenleving waar mensen elkaar respecteren.
Persoonlijk en maatschappelijk
Persoonlijke tolerantie is meer het gevolg van de persoonlijkheid en karaktereigenschappen. De ene opvoeder kan veel meer hebben van kinderen dan een ander. De één wordt nu eenmaal sneller geïrriteerd dan de ander. Mensen die makkelijk overlast van hun buren accepteren en die veel geduld met hun kinderen hebben en dus in de omgang tolerant zijn, hoeven lang niet altijd in maatschappelijk opzicht voor tolerante politieke maatregelen te kiezen. Een keuze op politiek-maatschappelijk terrein is van een ander niveau dan de persoonlijke keuzen in de omgang met andere mensen.
Tolerantie: waar ligt de grens
Politieke en maatschappelijke tolerantie verschuift langzaam. Tolerantie is een gebeuren achteraf. Het voorval of de daad heeft plaats gevonden. Er worden maatschappelijke grenzen overschreden. De vraag dringt zich op: Waar ligt uw grens? Accepteert u dit nog of vraagt dit om zero tolerance? Die grens kan werken als een balans die doorslaat of als druppel die de emmer doet overlopen. Een cabaretier balanceert tussen humor en belediging. En woorden van een imam zweven tussen vrijheid van meningsuiting en oproep tot discriminatie. De formulering luistert nauw.
Geschreven taal en de ontwikkeling van beschaving:
Zolang er alleen maar gesproken taal was was de informatieoverdracht en vooral de informatiebewaring niet erg secuur. Informatie kon alleen maar in breinen bewaard worden en breinen zijn daar niet erg goed in. We weten hoe makkelijk er in het menselijk geheugen vervorming optreedt. Hoe makkelijkook de informatie vervormd geraakt bij mondelinge overdracht. Stel dat persoon A iets meemaakt. Ik vertel A bvb. een verhaaltje; A moet het doorvertellen aan B, B aan C, etc. Eer we 10 schakels ver zijn in de communicatieketting blijft er van het oorspronkelijke verhaal niet veel over. M.a.w. informatieoverdracht via gesproken taal is alles behalve secuur.
Eens er geschreven taal bestaat wordt de bewaring van informatie plots veel nauwkeuriger. Bovendien kan plots veel meer informatie bewaard worden. De overgrote massa van informatie waarover onze soort nu beschikt zit niet meer in mensenbreinen, maar in boeken. Er zijn veel meer boeken dan mensenbreinen. Bovendien raakt de informatie daarin niet vervormd. Een boek kan de informatie trouw, exact bewaren, in tegenstelling tot een menselijk brein. De ontwikkeling van onze soort is in een stroomversnelling is terecht gekomen door de ontwikkeling van de geschreven taal.
Wij schatten dat de oudste geschreven talen zo'n 5.000 jaar geleden zijn ontstaan. Maar ze waren lang niet zo efficiënt als moderne geschreven talen. Moderne alfabetische talen, waarin de schrijftekens fonemen (klanken) voorstellen, waarin het visuele en het auditieve symboolsysteem gecombineerd worden, zijn slechts een kleine 3.000 jaar oud. De boekdrukkunst is slechts in de 16de eeuw opgekomen. Is het toeval dat haar ontwikkeling samenvalt met de ontwikkeling van wat wij de moderne wetenschap noemen?
Wat ons treft als wij oudere teksten lezen die van voor de boekdrukkunst dateren is het gebrek aan betrouwbaarheid, deugdelijkheid van de informatie. De moderne lezer is verbaasd over de argeloosheid waarmee bvb. in middeleeuwse teksten waarheid en verzinsels (leugens lijkt een te hard woord) door elkaar worden geweven. De échte kennis was zo gering, alles wat werd meegedeeld was zo onzeker en betrekkelijk dat ook het onderscheid tussen leugen en waarheid wazig moet geleken hebben. De idee van wat wij nu 'harde feiten' noemen (beweringen die verifieerbaar, controleerbaar, repliceerbaar zijn) lijkt vrijwel geheel ontbroken te hebben. De ethos van het zorgvuldig rapporteren van feiten, het sober beschrijven van observaties, die nu in onderwijs en wetenschappelijk onderzoek zo'n centrale plaats inneemt, is pas in de laatste drie eeuwen, na de opkomst van de boekdrukkunst gegroeid. Niemand nam het bvb. nauw met de spelling van een naam. Soms vinden we wel vijf of zes spellingsversies. De stijl van een middeleeuws verslag is goed te vergelijken met die waarin de moderne Europeaan - in licht benevelde toestand - zijn vrienden over zijn voorbije vakantieavonturen informeert of die waarin de opgewonden student 's avonds in het café een relaas geeft van zijn examenervaringen. Hij rekent erop dat zijn gehoor toch niet in staat zal zijn zijn relaas te verifiëren en hij vindt dat betrouwbaarheid hier niet zo ter zake doet: het komt er op aan een goed verhaal te vertellen dat mensen verbaast, epateert en amuseert. Het kan geen kwaad zijn fantasie te gebruiken om de gebeurtenissen wat op te smukken. De onbetrouwbaarheid van de oude kronieken is voor de moderne historicus een voortdurende bron van misleiding en de professionele geschiedkundige heeft geleerd de 'feiten' van zijn voorouders stelselmatig te wantrouwen en te toetsen aan onafhankelijke bronnen. Namen, data en getallen worden behandeld met een nonchalance die niet ophoudt ons te verbazen.
De Amerikaanse historica Barbara Tuchman schrijft: "the chronic exaggeration of medieval numbers - of armies, for example, - ...has led in the past to a misunderstanding of medieval war...It should be assumed that medieval figures...are generally enlarged by several hundred percent. This is because the chroniclers did not use numbers as data but as a device of literary art to amaze or appall the reader"
In de eerste vliegende couranten verschenen de vreemdste berichten. In een Hollands stadje was een vrouw in één keer van 68 kinderen bevallen. Op een andere plaats was een jongen ter wereld gekomen in een fluwelen pak met een kanten kraag. Een andere courant berichtte over een pasgeborene die vlak na de bevalling kwiek de benen nam, zich onder een bed verstopte en vanuit zijn schuilplaats in mooie Latijnse volzinnen op vragen antwoordde. De omwenteling die zich in de daaropvolgende paar eeuwen heeft voltrokken in het denken van de Europese intellectuelen is verbijsterend. (Bron: J. De Laender)
Jared Diamond, een antropoloog van de UCLA, heeft in 1991 een boek geschreven met als titel: "The third Chimpansee", waarin zijn centrale thesis is dat als men objectieve en kwantitatieve criteria gebruikt voor de classificatie der soorten, het verkeerd is de mens en zijn uitgestorven voorouders tot een aparte familie te rekenen; het is zelfs fout ze tot een apart genus te rekenen; eigenlijk behoren wij, samen met de twee andere nog levende chimpanseesoorten, Pan troglodytes (de gewone chimpansee) en Pan paniscus (de dwergchimpansee), tot hetzelfde genus. Dat genus zou dan drie soorten omvatten, Homo sapiens, Homo troglodytes en Homo paniscus.
Het genetisch verschil tussen mensen en de twee chimpanseesoorten was 1,6%. Het verschil is ongelooflijk klein. Het is bvb. kleiner dan dit tussen twee nauw verwante gibbon-apensoorten (2,6%); kleiner ook dan dat tussen twee vogelsoorten die de meeste leken bij oppervlakkige beschouwing niet van mekaar kunnen onderscheiden, zoals de roodogige en de witogige vireo (2,9%). Hemoglobine, de zuurstofvervoerende molecule in het bloed van mensen en gewone chimpansees, is opgebouwd uit dezelfde 287 aminozuren. Slechts één van die aminozuren heeft een andere positie in de ketting bij de twee soorten. Bij de 1.271 aminozuren in proteïneketens die tot nu toe zijn vergeleken bij de mens en de gewone chimpansee heeft men slechts 5 verschillen kunnen ontdekken: één aminozuur verschilt in een proteïne die in spiercellen voorkomt (m.n. myoglobine); één aminozuur neemt een andere positie in in één van de kettingen (de deltaketting) die hemoglobine vormen; drie aminozuren verschillen in een proteïne die koolzuuranhydrase wordt genoemd. De genetische afstand tussen mensen en gorilla's is wat groter: ze verschillen in 2,3% van hun genen en dat is ook de genetische afstand tussen chimpansees en gorilla's. Orang-Oetans en mensen verschillen voor 3,6%.
Men schat dat chimpansees (Pan troglodytes) over zo'n 150 verschillende stemgeluiden beschikken die door soortgenoten kunnen worden geïnterpreteerd. Bij soorten die niet over een taal (een symbolisch communicatiesysteem) beschikken, worden dus wél genetisch voorgeprogrammeerde stemgeluiden gebruikt om aan communicatie te doen. Dit erfelijk communicatiesysteem is echter arm (het aantal tekens is klein) en het is star (de tekens zijn genetisch vastgelegd en vertonen van generatie op generatie geen veranderingen).
EEN PLEIDOOI VOOR BEGRIP EN GEDULD tegenover islamitische broeders en zusters
Inzending - De Volkskrant (Nederland) van 11-02-06 Het verstand krijgt de overhand Vijfenzeventig jaar geleden was ik een jongetje van tien. Ik werd katholiek opgevoed en nam klakkeloos aan dat onze god aan een vader opdroeg zijn onschuldige zoon te vermoorden, dat hij door een tsunami bijna de hele toenmalige mensheid uitmoordde. Als kind leefde ik toch in angst voor die - liefdevolle god - want zo was mij ingeprent, zelfs een doorgeslikt sneeuwvlokje was genoeg om mij voor eeuwig te laten branden in het helse vuur. Bij de preken in de vastentijd werd de toorn van god zo dreigend over ons uitgestort, dat het misbaar van een schreeuwerige imam van nu er bij zou verbleken. Net als een aantal van mijn klasgenoten besloot ik op mijn dertiende naar het klooster te gaan. De - eeuwige geloften van armoede, kuisheid en gehoorzaamheid - waren de beste garantie om het vuur van de hel te ontlopen. Probeert u zich nu eens voor te stellen dat in de kranten van toen een spotprent was verschenen van onze katholieke god of zijn profeet Jezus verliefd kijkend naar Maria Magdalena met een opvallende bobbel onder zijn lendendoek. Misschien zou voor de dader weer een brandstapel worden opgericht. Het kloosterleven heb ik achter mij gelaten. Ondanks enige jaren van psychotherapie draag ik ten dele nog de gevolgen van mijn roomse opvoeding met mij mee. Veel katholieken van nu worden niet langer overheerst door angst, zij laten zich leiden door hun verstand. Zij hebben de moed de schouders op te halen over de banvloeken van de paus. Er is geen behoefte meer aan fanatisme. Laten wij onze islamitische broeders en zusters wat tijd gunnen. Ook bij hen zal het verstand eens de overhand krijgen. En laten wij ondertussen onze eigen verdrongen agressie tegen die vroegere religie van ons, niet projecteren op hen door hen te kwetsen met onze spotprenten over hun religie. Jan Schrijver, Oss
Oscar Wilde Ierse dichter en schrijver 1854 - 1900 Het ware mysterie van de wereld is het zichtbare, niet het onzichtbare.
Henny Youngman Amerikaans stand-up comedian 1906 -1998 Vroeger wilde ik atheist worden, maar ik zag er van af, ze hebben geen feestdagen.
George Bernard Shawtoneelschrijver 1865 - 1950 Het feit dat een gelovige gelukkiger is dan een scepticus heeft niet meer betekenis dan het feit dat een dronken man gelukkiger is dan een nuchtere. Het geluk van lichtgelovigheid is van goedkope en gevaarlijke kwaliteit.
Susan Brownell Anthony Am. feministisch leidster 1820 - 1906 Ik wantrouw die mensen die zo goed weten wat God wil dat zij doen, omdat het me opvalt dat dat altijd overeenkomt met hun eigen wensen.
Richard Dawkins Brits bioloog en auteur, 1941 Ik ben tegen religie omdat het ons leert tevreden te zijn met het niet begrijpen van de wereld. -
Religie leert ons de gevaarlijke nonsens dat de dood niet het einde is.
Geloof is krachtig genoeg om mensen immuun te maken tegen een beroep op medelijden, tegen vergeving, tegen fatsoenlijke menselijke gevoelens. Het maakt ze zelfs immuun voor angst, als ze eerlijk geloven dat een martelarendood ze rechtstreeks naar de hemel stuurt.
Steven Weinberg1933 Amerikaans natuurkundige Met of zonder religie heb je goede mensen die goede dingen doen, en slechte mensen die slechte dingen doen. Maar om goede mensen slechte dingen te laten doen, heb je religie nodig.
De laatste weken, ben ik zo een beetje gaan ronddwalen op blogs in seniorenland. Vanalles heb ik gezien: van een stukje Frankrijk over tientallen mooie plaatjes en zelfgemaakte kaarten, grappige verhalen, prachtige natuurfoto's, wonderlijke kindersnoetjes, diervriendelijke oplossingen voor vossenplagen, nieuwsfeiten, adviezen van alterneuten tot een blog vol Christusverheerlijking. Ik vergeet nog de spelletjes en quizvragen. Buiten een blog met de vraag naar steun voor Belgen in nood (in Frankrijk) zag alles er zorgenloos en mooi uit, zo vol vertrouwen in de goedheid van de mens... Vinden wij onze wereld dan echt zo mooi of zwijgen we maar over de ellende om die te vergeten? Al het moois van de blogs kon mijn aandacht niet vasthouden - ik dwaalde meer dan eens af naar de cartoonprotesten, de doden die nu in Indonesië gevallen zijn bij zo'n betoging. Het beeld van woedende en vernielende islamieten lijkt wel op m'n netvlies gebrand. Als gewone westerling doe ik mijn best om alle mensen als gelijken te zien en ze ook te begrijpen, maar dit ...deze massahysterie doet een hoop vragen rijzen, waaronder deze: ben ik niet te tolerant? Nee, niet te tolerant tegenover andersdenkenden, maar te tolerant tegenover de invloed van godsdiensten tout court.
Onlangs hoorde ik op de radio een boekbespreking. Het ging over het boek van Michel Onfray: 'Atheologie. De hoofdzonden van jodendom, christendom en islam'. Ik wist het meteen, dat boek wou ik lezen, net zoals 500.000 Fransen en Italianen dat al gedaan hadden. Vandaag is het zover. Het boek ligt voor me . Ik ben van plan om geregeld wat neer te pennen over wat er te lezen valt.
Alicja Tysiac (34) is bijna blind omdat ze geen abortus mocht plegen
De Morgen, 10-02-06
Brussel, 10 febr. 2006 Een Poolse vrouw die een abortus werd geweigerd ondanks waarschuwingen dat ze blind zou worden als ze de baby zou baren, stapt naar het Europees Hof voor de Rechten van de Mens. De zaak zorgt voor beroering in katholiek Polen.
Alicja Tysiac (34) werd in 2000 zwanger van haar derde kind, maar wilde abortus plegen omdat specialisten haar herhaaldelijk hadden gewezen op het gevaar van blindheid. In Polen gelden echter strenge regels met betrekking tot abortus, waardoor artsen niet ingingen op het verzoek van de vrouw uit Warschau. Tysiac verloor na de bevalling drie vierde van haar gezichtsvermogen. Alicja Tysiac lijdt aan bijziendheid. Drie oogspecialisten bevestigden in februari 2000 dat een zwangerschap haar gezicht nog zou verslechteren. Alledrie weigerden ze echter een certificaat voor een abortus te ondertekenen. Zelfs toen Tysiac een dioptrie van -24 had tijdens de tweede maand van zwangerschap hielden ze voet bij stuk. Eind april onderzocht haar gynaecoloog haar, maar die vond geen therapeutische gronden voor een abortus. Nadat ze het leven had geschonken aan haar derde kind, verminderde haar gezicht drastisch door bloedingen op het netvlies, waarvoor ze dagelijks behandeld moet worden. Werken kan ze niet meer. De rechtszaak die ze tegen haar gynaecoloog aanspande, verloor ze. Volgens het Poolse gerecht zou de beslissing van de dokter niets te maken hebben met het gezichtsverlies van de patient. Niet alleen zijzelf maar ook haar kinderen zijn nu het slachtoffer van de strenge Poolse abortusregels. Het gezicht van Alicja Tysiac is sinds de bevalling beperkt tot 1,5 meter. Bovendien bestaat de kans dat ze helemaal blind zal worden. Als alleenstaande moeder met een invalide-uitkering van 140 euro per maand kan ze nog nauwelijks haar kinderen opvoeden. Tysiac is er zeker van dat zij zich niet in deze penibele situatie zou bevinden als haar het recht op abortus was toegestaan. Daarom stapt zij naar het Europees Hof voor de Rechten van de Mens. Hiervoor beroept zij zich op het recht van privacy, recht op behandeling en het discriminatiebeginsel. De Poolse strenge wetgeving dateert van de postcommunistische periode waarin de nieuwe katholieke regering komaf wilde maken met abortus zonder geldige reden. Sindsdien is abortus alleen mogelijk als het leven van de moeder bedreigd wordt, wanneer de foetus onherstelbare handicaps heeft opgelopen of wanneer de zwangerschap te wijten is aan verkrachting of incest. Wanda Nowiska van de Poolse Federatie voor Vrouwen en Familieplanning bevestigt: - In Polen is de abortuspraktijk nog strenger dan de abortuswetten. Daardoor worden niet meer dan tweehonderd legale abortussen per jaar uitgevoerd. - Geschat wordt dat jaarlijks 80.000 tot 200.000 vrouwen via illegale weg abortus plegen. Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens kan de Poolse wetten niet veranderen, maar kan wel aantonen dat Alicja Tysiacs rechten zijn geschonden en eisen dat een soortgelijke rechtsschending zich niet meer herhaalt. Een dergelijk arrest zal de gemoederen in Polen onvermijdelijk verhitten. Vorig jaar nog werd het voorstel van de Linkse Alliantie om abortus toe te laten tot de twaalfde week van de zwangerschap, met een meerderheid van stemmen verworpen.
Bertrand Russell (1872 - 1970) : wellicht de grootste filosoof van de twintigste eeuw.
- De mens is een lichtgelovig dier, en moet ergens in geloven; bij afwezigheid van goede gronden voor geloof, neemt hij genoegen met slechte.
- De mate van iemands emotie is omgekeerd evenredig aan zijn kennis van feiten, hoe minder men weet, hoe meer opgewonden men raakt.
- De meest primitieve conflicten zijn over die zaken waarover geen goed bewijs voor of tegen bestaat. Vervolging wordt uitgeoefend in theologie, niet in rekenen.
Straf... vind net een artikel van de Engelse professorRichard Dawkins met als (vertaalde) titel: "Stop het respecteren van religie ....... en onderwerp religie aan hetzelfde kritische onderzoek als andere ideeen en argumenten."
Hier een weergave van het artikel. Oordeel zelf...
Als je interesse gewekt is, kan je dit artikel verder lezen - klik op:
Het einde van het artikel wil ik u niet onthouden:
"De menselijke geest lijdt aan twee grote ziektes: de aandrang om een vendetta generaties lang te onderhouden, en de tendens om etiketten te plakken op groepen mensen, in plaats van ze als individuen te zien. Religie voorziet beiden van brandstof. Alle gewelddadige vijandschappen in de huidige wereld tanken bij dit heilige benzinestation. Degenen onder ons die al jarenlang uit beleefdheid hun verachting voor de gevaarlijke collectieve valse voorspiegelingen door religie verborgen hebben weten te houden, moeten nu opstaan en van zich laten horen. Dingen zijn veranderd na 11 september. Laten we eens ophouden met zo verdomd respectvol te zijn!" < body>
*Aan ware liefde en rheumatisme gelooft men pas echt wanneer men er door overvallen wordt.(M.von Ebner-Eschenbach)
*Zolang je van iemand houdt om zijn kwaliteiten is er niets ernstigs aan de hand. Maar als je hem begint te beminnen om zijn fouten, is er liefde in het spel.(S.Guitry)
*Geen liefde is oprechter dan de liefde voor eten.(Shaw)
*Make love not war. Ik ben gehuwd, ik doe beide.(W.van Broeckhoven)
*Wie gek wordt van liefde zou het vroeger of later ook wel zonder liefde geworden zijn.(G.Lessing)
*Liefde is vaak een vrucht van het huwelijk.(Molière)
*De liefde geeft mannen vleugels, het huwelijk houdt hen in evenwicht.(A.Quinn)
*Kinderen hebben liefde nodig, vooral als ze het niet verdienen.(H.S.Hulbert)
*Velen kussen het kind uit liefde voor het kindermeisje.(Wright)
*Het leven moet met liefde en humor worden geleefd: liefde om het te begrijpen en humor om het te dragen.(C.Fisas)
*Om zijn liefde voor haar te bewijzen beklom hij de hoogste berg, zwom over de diepste rivier en doorkruiste de grootste woestijn. Zij verliet hem. Hij was nooit thuis.(Clements)
Jaloers zijn op een vriend bewijst dat je niet echt zijn vriend bent.
"Je kan liefde veinzen, maar het is onmogelijk vriendschap te veinzen."
P.Soupault, (1897 1990) is een surrealistisch schrijver. Samen met zijn vriend Breton paste hij het automatisme toe, een techniek waarbij hij zo snel mogelijk optekende wat in hem opkwam zonder er bij na te denken. Zo hoopten zij wezenlijke zaken op papier te krijgen, zaken die het innerlijk van de mens beroeren zonder dat men zich daarvan bewust is. Breton en zijn medesurrealisten trachtten een soort droomtoestand te bereiken. Het verstand moest hierbij zoveel mogelijk worden uitgeschakeld, zodat de impulsen direct uit het onbewuste kwamen.
In mijn schilderijen toon ik datgene wat mensen niet in het echte leven kunnen zien. Ik toon individualiteit, dromen en emoties, dat ieder mens verschillend is en net daardoor ook zo mooi.
(I show in my paintings what people cannot see in real life. I show individuality, dreams, and emotions, that every human being is different, and because of that they are beautiful.)
Deze prachtige film toont het levensverhaal van John Forbes NASH jr.die schizofreen wordt
John Forbes NASH jr. (°1926) publiceerde zn eerste paper toen hij 17 was. Rond zijn 30ste verjaardag werd hij Schizofreen. Dit had tot gevolg dat er een dertigtal jaren verloren gingen. Heel geregeld werd hij gehospitaliseerd en af en toe trad verbetering op.
Al die tijd was hij niet in staat om te werken, serieus te studeren, of werk van enig wetenschappelijk belang te produceren. Nash' lichamelijke conditie verbeterde heel langzaam aan. Zijn belangstelling voor wiskundige problemen kwam even geleidelijk terug en daarmee ook zijn logisch denkvermogen. Hij ontwikkelde tevens een nieuwe interesse: het programmeren van computers. De jaren negentig gaven Nash zijn oude genialiteit terug, hoewel hij natuurlijk ouder was geworden en bleef kampen met een enigszins labiele geest. Ondertussen kreeg hij heel wat erkenning voor zn werk: de von Neumann prijs, lid van de econometric Society en de American Academy of arts and Sciences, lid van de U.S. National Academy of Sciences en uiteindelijk de Nobelprijs(1994).
Hier de echte 'Nash' tijdens de uitreiking van de Nobelprijs in 1994.
Schizofrenie is een ernstige psychiatrische ziekte waaraan bijna een op de honderd mensen lijdt. De ziekte komt voor in alle lagen van de bevolking en treft net zo veel mannen als vrouwen. Meestal openbaart schizofrenie zich voor het eerst in de leeftijd van zestien tot zesentwintig jaar.
Nash leed aan Paranoïde schizofrenie Het essentiële kenmerk van het paranoïde type schizofrenie is de aanwezigheid van overheersende wanen of gehoorshallucinaties tegen de achtergrond van een relatief goed denk- en gevoelsvermogen.
Symptomen die je in defilm kan herkennen zijn:
beweert stemmen te horen of praat met denkbeeldige, voor anderen niet werkelijk aanwezige personen
verhalen ophangt over komplotten of geheime organisaties en daarin soms het eigen gezin of de partner betrekt
vreemd loopt of beweegt, op zo'n manier dat anderen zich er ongemakkelijk bij voelen
zegt dat anderen gedachten uit zijn/haar hoofd trekken of er juist gedachten inbrengen.
De meeste studies van het verloop en de prognose van schizofrenie wijzen er op dat het verloop variabel is. Sommige individuen laten alleen episodisch ernstige uitbarstingen zien en herstellen. Anderen blijven chronisch ziek. Vanwege de verschillende definities en de wijze waarop schizofrenie wordt vastgesteld is het niet mogelijk te komen tot een accurate samenvatting van het beloop van schizofrenie op de lange termijn. Een compleet herstel( te weten een terugkeer naar het functioneren voor het begin van de ziekte) komt waarschijnlijk niet vaak voor bij deze stoornis.
*De liefde is de toestand waarin de mens de dingen het meest ziet zoals ze niet zijn.* *Nietzsche* *Liefde: een hele nacht wakker blijven met een ziek kind - of met een gezonde volwassene.* *David Frost* *Hoe groter de liefde, hoe kleiner de dingen die je elkaar vertelt.* *B.Mesotten* *Liefde is een fanclub met slechts twee leden.* *Adrian Henry* *Aan reuma en echte liefde gelooft men pas wanneer men ze heeft opgelopen.* *Ebner-Eschenbach* *In de liefde kent men elkaar omdat men elkaar bemint. In de vriendschap bemint men elkaar omdat men elkaar kent.* *Schulz* *De enige echte liefde is de onmogelijke liefde.* *Goethe* *De afgrond voor elkaar verborgen houden. Dat is liefde.* *J.Green*
De gele structuren op de tekening hiernaast duiden de hersendelen aan die verantwoordelijk zouden zijn voor ons 'bewustzijn'.
Ik denk, dus ik ben. Tenminste, dat meende de Franse filosoof René Descartes eind 16e, begin 17e eeuw. Nu kun je dit een heel diepzinnige gedachte vinden of gewoon grote kul, vast staat dat die kerel toch niet helemaal gek moet zijn geweest: zonder bewustzijn zou je inderdaad niet weten dat je bestaat. Alleen: wat is bewustzijn precies?
Er zijn nog steeds mensen die beweren dat je het bewustzijn niet gewoon kunt verklaren met de biologische werking van de hersenen. De meeste wetenschappers zijn echter overtuigd dat het wél te verklaren moet zijn. Dit neemt niet weg dat ze de nodige problemen tegenkomen op hun weg naar wetenschappelijke voldoening.
Bewustzijn kan nu nog getover lijken, maar met wat geluk is er in 2050 een goede biologische basis voor gevonden.
Bewustzijn zou je kunnen verdelen in 2 eigenschappen:
·De film-in-je-hoofd Deze film bestaat uit alle sensorische prikkels (visueel, gehoor, reuk, aanraking) die je een soort multimediale ervaring geven, het bewustzijn, dat je in de wereld rondloopt.
·Het gevoel dat je jezelf bent en dat die film jóuw film is Wernicke en Broca (van de taalgebieden) waren de eersten die beweerden dat een bepaalde locatie in de hersenen een vaste functie had. Inmiddels kunnen we door middel van PET en fMRI eigenlijk heel goed zien waar bijvoorbeeld de verwerkingsplek ligt van kleur, geur of geluid. Ook het onderzoeken van mensen met een bepaalde hersenbeschadiging kan helpen.
Het lukt ons vrij goed om bij een bepaalde handeling een actief gebied in de hersenen te vinden. Het lijkt een kwestie van tijd tot de techniek verfijnd genoeg is om tot op één zenuwcel nauwkeurig de hersenen door te meten. Daarmee hoeft de film echter nog niet helemaal verklaard te zijn want uit bepaalde onderzoeken blijkt dat bepaalde functies bij iedere mens op een andere plaats liggen. Ook het feit dat wij de wereld als één totaalervaring meemaken zonder dat er een centrale controle- en regelkamer in onze hersens ligt, blijft merkwaardig.
Uit evolutionair oogpunt is het voor de hand liggend dat wij een gevoel moeten hebben dat we onszelf zijn. Want waarom zou je vluchten als de film in je hoofd een roofdier laat zien dat dichterbij komt, en je niet in de gaten hebt dat jíj persoonlijk bedreigd wordt daardoor.
Het kan akelig lijken dat we over een bepaalde tijd precies weten waar al deze gevoelens vandaan komen, maar kennis over ons bewustzijn zal het ingewikkelste orgaan wat er is op aarde niet minder mooi maken. Zoals Damasio het zegt: Je bewustzijn zal een verklaring overleven, net als rozengeur waarvan de molecuulstructuur weliswaar bekend is, maar die nog steeds even lekker ruikt. (Thinkquest)
Antarctica is het koudste, winderigste, droogste en hoogst gelegen continent ter wereld en is voor 99,6 procent bedekt met ijs.
Met een oppervlakte van 14,2 miljoen vierkante kilometer is Antarctica het vijfde grootste continent van de wereld. Het meest zuidelijk gelegen continent is drie keer zo groot als Europa. Antarctica vertegenwoordigt tien procent van het land op onze planeet. Het is het hoogste continent. Het ligt gemiddeld 2250 meter boven de zeespiegel. Het hoogste punt is het Vinson Massif (4897 meter) dat deel uitmaakt van de Ellsworth Mountains.
Als je het continent op een kaart bekijkt, heeft Antarctica iets weg van een olifantenkop. De slurf, het schiereiland, wijst naar Zuid-Amerika. De kop bestaat uit twee delen: Oost-Antarctica, ook wel Groot-Antarctica genoemd en West-Antarctica of Klein-Antarctica, van elkaar gescheiden door een bergketen, de Transantarctic Mountains. Oost-Antarctica bestaat uit een hoog plateau dat overdekt is met ijs. West-Antarctica is een archipel van bergachtige eilanden, ook weer overdekt met een ijskap.
Op enkele honderden wetenschappers na is Antarctica onbewoond. Toch krioelt het er van leven, vooral langs de kusten van het continent. Antarctica is de thuishaven van zeven pinguïnsoorten. Ontelbare robben luieren er op ijsschotsen. Walvissen komen er hun omvangrijke buiken volstoppen met krill. Miljoenen vogels laten zich meedrijven met de immer ontembare wind. Het meest onzichtbaar zijn de vissen, die verbazend genoeg niet bevriezen in de ijskoude Antarctische wateren.
Racisme is de verzamelterm voor alle opvattingen die aan het begrip ras een doorslaggevende betekenis toekennen bij het indelen van de mensheid.
Zuiver theoretisch racisme geeft geen kwalitatief waardeoordeel over de verschillende mensenrassen. Het erkent hooguit de verschillen zonder daar een waardeoordeel overte geven.
Waardeoordelen over raciale eigenschappen gaan dan doorgaans ook gepaard met vooroordelen en onbegrip tegenover mensen van een ander ras.
Discriminatie is het maken van onderscheid op onterechte gronden, met als gevolg dat iemand of een groep nadeel ondervindt.
Discriminatie betekent dat mensen verschillend waarderen en handelen op basis van kenmerken die helemaal niet belangrijk zijn.
Er wordt nu wereldwijd aandacht besteed aan de cartoons van Mohammed die in een Deens dagblad verschenen en hoe???. De cartoons waren al verschenen op30 september 2005. Een aantal ervan werd herdrukt in het Noorse christelijke dagblad Magazinet op 10 januari van dit jaar, en later in andere Europese bladen.
De tekeningen bevatten afbeeldingen van de profeet en waren bedoeld als satirische illustraties bij een artikel over zelfcensuur en vrijheid van meningsuiting. Bepaalde groepen (moslims maar ook niet-moslims) namen er aanstoot aan en zagen ze als provocatie, beledigend of godslasterend. De islamitische leer verbiedt het afbeelden van de profeet.
De Deense iman Ahmad Abu Laban nam aanstoot aan de afbeeldingen en wilde de Deense regering daarop aanspreken. Hij kreeg nul op het rekest en heeft de afbeeldingen verspreid in het Midden-Oosten in de hoop iemand te vinden met voldoende status om door de Deense regering te worden ontvangen voor een gesprek.
EN kijk nu wat een zinloos geweld het gevolg is!!!!
Hoeveel bloed is er al gestroomd in de naam van een godsdienst, dat stemttot nadenken, niet?
Als al de godsdiensten ter wereld konden vervangen worden door de rechten van de mens dan pas zou de zaak van de vrede gediend worden. Dit kan aanstootgevend klinken, ik weet het, temeer omdat er nog zoveel mensen zijn die 'geloven' wat hun voorgespiegeld wordt.
Het onderstaande betoog is anders wel de moeite om door te nemen.
DE FUNDAMENTELE INTOLERANTIE VAN DE GODSDIENST
Als het gaat om de vraag of godsdiensten wel of niet tolerantie bevorderend zijn, worden mijns inziens de verhoudingen steeds omgedraaid. Dat leidt tot een voor het atheisme noodlottige vertekening van de godsdiensten in kwestie. Je vraagt je af hoe dat komt; verlangt het moderne denken van ons dat wij de godsdiensten zonder meer positief benaderen, of zijn wij blind voor enkele onderscheidingen die, bij het nadenken over het fenomeen godsdienst, beslist gemaakt moeten worden? Ik denk het laatste !
Een poging tot verduidelijking...
Lang geleden heb ik eens in een artikel in dit blad gesteld dat er een verschil is tussen het begrip godsdienst en het begrip geloof. Ik herinner mij nog levendig dat er toen nogal wat geestverwanten waren die een dergelijk onderscheid niet wensten te maken, voornamelijk omdat de inhoud van dat begrip geloof hen niet beviel. Het is niet uitgesloten dat dit nog steeds bij een aantal vrijdenkers het geval is, zodat zij het hierna volgende betoog ook zullen willen bestrijden. Het zij zo. Jammer is alleen dat hierdoor het vraagstuk van het al of niet tolerantie bevorderende karakter van godsdiensten niet behoorlijk opgelost kan worden.
De grondslag van een godsdienst
Elke godsdienst is voortgekomen uit de een of andere vorm van een geloof. Zo'n geloof is een op intuitie berustend complex van voorstellingen. In de mensen ontstonden, zomaar vanzelf, bepaalde vermoedens omtrent de aard van de werkelijkheid en die vermoedens, waarvan de herkomst geenszins rationeel verklaarbaar was, kregen gaandeweg een steeds meer overtuigend karakter. Het werd voor de mensen almaar meer aannemelijk dat het bij die vermoedens inderdaad over de ware werkelijkheid ging. De mensen gingen geloven in hun eigen voorstelling van de werkelijkheid. Het begrip geloof heeft op die zaak betrekking.
Het zal duidelijk zijn dat de waarheid van zo'n voorstelling voor de individuele mensen in principe niet het gevolg was van indoctrinatie en andere vormen van inprenting maar van wat je zou kunnen noemen collectieve intuitie. Een intuïtie dus die de overgrote meerderheid van de leden van een collectief met elkaar gemeen hebben. Natuurlijk spraken de mensen daarover met elkaar en het kan niet uitblijven dat zij elkaar van allerlei duidelijk probeerden te maken inzake hun waarheid. Aanvankelijk drukten de mensen zich nog niet uit in formules, zoals dat bij de moderne mensen het geval is. Hun manier van uitdrukken was die van het verhaal en bij zo' n verhaal ging het erom de medemens een beeld van de werkelijkheid voor te toveren. Langs de weg van dit 'toveren' - in zekere zin een artistieke en in ieder geval een uiterst creatieve bezigheid kwam men met elkaar tot overeenstemming inzake de werkelijkheid en haar waarheid. Dat oproepen in de medemens van een beeld van de werkelijkheid is volstrekt geen zaak van indoctrinatie. Het is een kwestie van meebeleven, van het ondergaan van iets groots en schoons. Min of meer kennen wij dat nog als het ondergaan van de schoonheid van een kunstwerk. Vooral bij muziek is het beleven van schoonheid vaak het geval. Het intuïtief aanvoelen van het karakter van de werkelijkheid, of anders gezegd: het bij intuïtie weten hoe de werkelijkheid is (ik zeg niet: weten wat de werkelijkheid is, want daarvoor heb je analytisch onderzoek nodig), houdt onvermijdelijk ook in dat de mensen vertrouwd zijn met het feit dat er binnen het geheel van de werkelijkheid een schier oneindige verscheidenheid aan bestaansvormen aanwezig is. En men weet dat er daarvan geen enkele uitgesloten kan worden, althans niet zonder de werkelijkheid en de waarheid geweld aan te doen. Zo was daar het verhaal van de Grote Moeder die de voortbrengster was van al het bestaande en die als een oneindig grote baarmoeder het totale heelal omvatte. Natuurlijk bestond die 'Grote Moeder' niet echt.
Het ging slechts over een verhaal dat de mensen elkaar vertelden. Maar, hoewel dat verhaal niet feitelijk juist was, was het wel degelijk waar. Dat nu is de essentie van een echt en oorspronkelijk geloof... het is niet juist, maar het is wel waar! Hoewel het eigenlijk overbodig is wil ik er toch nog met klem op wijzen dat dit begrip geloof niet samenvalt met wat men in de westerse denktraditie onder 'geloof' is gaan verstaan. In die traditie betekent het begrip geloof niets meer dan dat je aanneemt dat een bepaalde bewering juist is. Je neemt bijvoorbeeld aan dat de bewering dat god bestaat een juiste bewering is. Uiteraard gaat het hierbij om een godsdienst en niet om een geloof.
Tolerantie als kenmerk van een geloof ???
Uit het feit dat al het bestaande vanzelfsprekend opgenomen is in één alomvattend (oermoederlijk) geheel is gemakkelijk af te leiden dat de oorspronkelijk gelovige mensen uit het grijze verleden qua geloof uiterst tolerant waren. Dat wil zeggen dat zij in hun voorstellingen van de werkelijkheid en dus ook in hun denken een grote ruimhartigheid aan de dag legden. Omdat die voorstellingen en dat denken op de wijze van verhalen tot uitdrukking werden gebracht tref je daarin een vaak tot op de dag van vandaag verbazing wekkende edelmoedigheid en ruimhartigheid aan. Het is zelfs zo sterk dat je eigenlijk niet eens van tolerantie kunt spreken, want feitelijk vooronderstelt het gelden van dit begrip dat er een wezenlijk onderscheid tussen het een en het ander, de een en de ander, gemaakt wordt. Maar zelfs dat onderscheid lag in de oudheid ver op de achtergrond omdat het 'oermoederlijk' besef van het alles voortbrengende en alles omvattende nagenoeg volledig dominant was. In de geloofsvoorstellingen die in de vorige eeuw door toedoen van westerse onderzoekers Hindoeisme zijn gaan heten vind je nog veel van het bovenstaande terug. Men was destijds in de Hindoeistische wereldbeschouwing van mening dat de grondslag en de uiteindelijke 'waarheid' van ieder individueel mens dezelfde was, zodat het niet van belang gevonden werd hoe iemand tegen de dingen aankeek en welke weg iemand volgde om zich als 'mens' te verwerkelijken. Nadrukkelijk gold: ieder het zijne. Ook in het geloof dat aan het Christendom ten grondslag ligt is het begrip tolerantie naar zijn uiterste inhoud terug te vinden. In de zogenaamde Evangelien komt als grondgedachte naar voren dat de werkelijkheid in laatste instantie in het teken van de liefde staat en dat betekent niets anders dan dat alles ineen is en er dus geen onderscheid en scheiding tussen het een en het ander, de een en de ander, geldt. Zo kun je steeds vaststellen dat oorspronkelijk elk geloof zonder meer tolerantie inhield.
Godsdienst als misbruikt geloof
In zeker opzicht zou het mooi zijn geweest als de mensen 'gelovig' gebleven zouden zijn. Hoewel zo'n gelovigheid geen enkele garantie voor de juistheid van de voorstellingen omtrent de werkelijkheid en dus ook wat betreft de juistheid van de verworven kennis biedt, vervult zij toch wel degelijk een uiterst belangrijke functie, namelijk die van een spiegel die de mensheid zich voorhoudt om de eigen cultuur, de samenhang tussen en de betekenis van de verworven kennis, kortom de realiteit van alle dag, te beoordelen. Anders gezegd: een toetssteen om niet voortdurend in het duister te tasten en als een blinde rond te dolen. Het geloof fungeert zogezegd als een spiegel der waarheid. Daarvoor is het helemaal niet noodzakelijk dat alle voorstellingen een wetenschappelijke toetsing op juistheid hebben doorstaan. Net als in de kunst heeft de waarheid in dit verband nauwelijks iets met de juistheid te maken. En net als in de kunst gaat er - als het goed is! - een louterende en inspirerende werking van een dergelijke waarheid uit. Het ligt echter in de logica dat de mensheid haar aanvankelijke fase van geloof ('het gouden tijdperk') achter zich laat en op zoek gaat naar de juiste kennis omtrent de verschijnselen. Het zoeken naar juiste kennis en het ontwikkelen van criteria van betrouwbaarheid gaat onvermijdelijk ook zijn invloed doen gelden op de intuïtieve voorstellingen, het geloof dus. Omdat er daarbij echter niets onderzocht noch gecontroleerd kan worden en er tegelijkertijd geen twijfel aan de aangevoelde waarheid bestaat komt het geleidelijk tot een machtsstelsel. Bepaalde figuren gaan zich opwerpen als kenners der 'waarheid', en die 'waarheid' is natuurlijk van een hogere orde dan de alledaagse realiteit van het menselijk leven. Dat hogere is uiteraard niet alleen Ontoegankelijk voor onderzoek en kritiek, maar het is vooral dwingend. De zogenaamde 'waarheid' geldt voor iedereen en dus zal iedereen zich eraan onderwerpen, zonder er over na te denken en zonder er vragen over te stellén. Deze dwingende en onaantastbare waarheid vormt het materiaal waaruit de godsdiensten zijn opgebouwd. En wat eerst intuïtief werd aangevoeld is binnen het kader van de godsdienst geworden tot een complex van voorstellingen dat stelselmatig wordt ingeprent en dat geen twijfel meer toelaat. Zo worden de mensen het slachtoffer van misbruik en paradoxaal genoeg hebben zij dat te danken aan hun eigen hang naar juiste en dus onbetwijfelbare kennis. Zodra het intuïtieve voor de mensen de status van kennis krijgt wordt het voor uitgeslapen enkelingen een buitengewoon efficiënt middel om macht uit te oefenen.
Het machtsstelsel van de godsdienst
Binnen de sfeer van het geloof - in de zin zoals ik dit begrip hanteer - worden er van allerlei verhalen verteld over de werkelijkheid en de daarin voorkomende processen en toestanden. AI die processen en toestanden zijn van een de mensen overstijgend karakter: het is een werkelijkheid die groter en grootser is dan de individuele mens. Dat is voor de gelovige echter volstrekt geen uitwendige en hogere zaak. Het is iets waaraan geen speciale waarde gehecht wordt en wat dus ook niet als een zaak van macht kan worden beschouwd. Dat zou overigens ook niet kunnen, want voor die gelovige behoort immers alles, ook de mens, tot diezelfde werkelijkheid en dus is dat allemaal om zo te zeggen 'gelijkwaardig'. Als men dan ook verhaalde van goden en godinnen, licht en donker, goed en kwaad, machtig en onmachtig, plaatselijk en universeel, dan ging het er om een beeld te schetsen van wat er in de werkelijkheid gaande is, zonder dat men daarmee zeggen wilde dat al die goden, godinnen en dergelijken feitelijk zouden bestaan. En een onderscheid qua macht lag ook volledig buiten het denken.
Terzijde: men zou hier van atheisme' kunnen spreken, ware het niet dat dit begrip, als zijnde een ontkenning, een erkenning van bestaande hogere en machtige goden vooronderstelt, hetgeen bij de door mij geschetste alsnog 'gelovige' mens niet aan de orde is. Maar alles werd al spoedig anders. De zaak gaat zich omzetten tot een godsdienst: vanaf dit moment treden er lui op de voorgrond die de waarheid bezitten en die elke afwijking daarvan als ketterij beschouwen. Bovendien beweren die lui dat er wel degelijk goden en godinnen bestaan en dat die beslist veel machtiger zijn dan de mensen. In feite gebruiken die lui dezelfde ingrediënten die binnen de sfeer van het geloof voorkwamen, alleen met dit verschil dat a) de oorspronkelijke beelden van goden en dergelijken nu als feitelijkheden voorgesteld worden, b) er aan de juistheid van de voorstelling niet getwijfeld kan worden en c) dat het gaat over hogere machten. Deze drie grootheden bij elkaar zijn essentieel voor de godsdienst. Dat heeft verscheidene consequenties...
Intolerantie is bij de godsdienst fundamenteel
Als we eenmaal te doen hebben met een godsdienst doet de intolerantie zijn intrede. Dat kan niet anders ! Zelfs al zouden de godsdienstigen het zo niet willen, bijvoorbeeld doordat zij herinneringen bewaren aan de fase van geloof toen voor hen alles harmonieus 'ineen' was in een 'oermoederlijke' werkelijkheid, zonder dat er ook maar iets buitengesloten of minderwaardig was, dan nog zouden zij niet kunnen ontkomen aan de intolerantie. Dat komt doordat het nu om iets absoluuts gaat: het bestaan van god is absoluut (niet tijdelijk en plaatselijk), de kennis omtrent god is absoluut (laat geen twijfel en geen tegenspraak toe) en zijn macht is absoluut (de zogenaamde almacht). Er valt dus voor goedmoedige godsdienstigen niets te willen. Een ieder die afwijkt van de absolute waarden deugt niet en moet bekeerd worden. Wordt dat niet geaccepteerd, dan verliest zo'n afwijkend iemand zijn of haar bestaansrecht. Dat is heel simpel en inderdaad ijzig consequent! De intolerantie is overigens niet alleen maar het gevolg van het absolute karakter van de godsdienst. Er is namelijk, samenhangend met dat absolute, ook nog het machtsaspect. De, de mensen overstijgende, grotere en grootsere kosmische werkelijkheid wordt er een van een hoger niveau. Zij komt niet alleen buiten, maar ook letterlijk boven de mens te staan en wordt als zodanig een macht waaraan alle mensen onderworpen zijn. Vandaar dat wij indertijd van godsdienst zijn gaan spreken. Het gaat inderdaad om een dienstbaarheid aan een hogere macht, aan een god. Men heeft destijds heel goed begrepen hoe de vork in de steel steekt! Ook dienstbaarheid laat geen tolerantie toe. De dingen moeten gebeuren zoals ze verordonneerd worden. Het gedrag van de dienstbare moet voor de regeerder absoluut voorspelbaar zijn. Logisch, want anders heeft regeren helemaal geen zin. Als niemand zich iets van de bevelen aantrok - wat inderdaad een opluchting zou zijn! - bleef er van de begrippen macht, regeren en dienstbaarheid niets over. Dat zou ook wat betreft de tolerantie een grote vooruitgang betekenen omdat dan in ieder geval in de praktijk het geringeloor onmogelijk zou zijn geworden. Maar zover is het nog lang niet! Indachtig het bovenstaande blijkt het dus onmogelijk de intolerantie anders dan als fundamenteel te beschouwen. Omdat menigeen met deze conclusie geen vrede zal hebben wijs ik er voor de aardigheid op dat het niet zonder grond is als atheisten en humanisten opgetogen zijn als zij godsdienstigen ontmoeten die tolerant blijken te zijn. Zij komen dan met enthousiaste verhalen en leggen gretig uit dat 'moderne' godsdienstigen eigenlijk net zo denken als zijzelf. Ik denk dan: kennelijk hadden die atheisten en humanisten onbewust iets anders verwacht van godsdienstigen. En dat is nu precies wat ik bedoel !
Dissidente godsdienstigen
Bijna altijd wordt de zaak zo voorgesteld dat het helemaal niet vanzelfsprekend is dat godsdiensten aanleiding zijn tot intolerantie. Sterker nog: men wijst er met graagte op dat de godsdiensten eigenlijk buitengewoon tolerant zijn.
De geestdrijvers, de vaak moordlustige fanatici en de zogenaamde fundamentalisten zouden dan uitzonderingen zijn, minderheden die bepaalde machtsdoelen voor ogen hebben. Nu is het verwarrende dat dit inderdaad een feit is. Het zijn minderheden die doorgaans ook door de meeste leden van hun eigen godsdienst afgewezen worden. Maar dat is niet doordat zo'n godsdienst in wezen tolerant zou zijn, maar daarentegen juist doordat zo'n godsdienst allang door zijn eigen (intolerante) fundamenten heen gezakt is. Men is niet meer zo erg overtuigd van de juistheid van de godsdienstige dogma's, stellingen en theorieën. Bij alle wereldgodsdiensten zie je het verschijnsel dat de meeste leden een ernstige mate van twijfel en een zekere mate van redelijkheid en tolerantie ontwikkeld hebben. Maar die mensen zijn beslist geen afspiegeling van het wezen van hun godsdienst.Zij zijn juist de dissidenten binnen hun godsdienst en zij worden voortdurend bestraffend toegesproken! Nergens kun je dit beter waarnemen dan bij het katholicisme. Een vergelijking tussen het gedoe van de prelaten van de Roomse Kerk en dat van de gewone godsdienstigen leert dat juist die gewone mensen, die de meeste geloofswaarheden allang in de praktijk afgezworen hebben, bij voortduring terechtgewezen worden:zij zijn dissidenten, mensen die van de ware leer afwijken. Begrip voor andere godsdiensten en overtuigingen, ruimhartigheid ten aanzien van ander gedrag zijn symptomen van ontrouw aan de rechte leer. Ontmoet je dus 'aardige' godsdienstigen - en dat is in onze moderne westerse wereld meer regel dan uitzondering - dan heb je te maken met tolerantie die als dissidente godsdienstigheid getypeerd moet worden. Dus zijn niet de geestdrijvers, fanaten en fundamentalisten de uitzonderingen, maar de ruimhartige en tolerante godsdienstigen, die in belangrijke mate door hun eigen godsdienst heen gezakt zijn. De verwarring inzake het al of niet tolerant zijn is zonder twijfel ontstaan vanuit het in de moderne cultuur gebruikelijke kwantitatieve denken. Dat is een denken dat alleen maar uit de voeten kan met datgene dat in getallen, hoeveelheden en waarden uit te drukken is. Omdat er van de tolerante godsdienstigen tegenwoordig de meeste zijn wordt dat voor het kwantitatieve denken vanzelfsprekend de regel, terwijl de minderheid, die dus uit die intoleranten bestaat, als uitzondering gezien wordt. Kwantitatief gezien is dit dus juist, maar door deze eenzijdige benadering ontstaat er toch een geheel vertekend beeld: de godsdienst bevordert plotseling tolerantie ! Daar klopt natuurlijk, ook historisch gezien, niets van. Wie tolerantie bevorderen zijn de dissidente godsdienstigen...
Bovenstaande tekst is geschreven: door Jan Vis, filosoof.
Een vriend is iemand die tijdens je leven tegen je zegt wat anderen na je dood vertellen.
"Zelfs al is er maar één God, hij is zeker de onze niet."
"Er zijn mensen die hun dankbaarheid uitsluitend bewijzen door naar uw begrafenis te komen."
"Zelfs 's nachts kan een ambtenaar slapen."
"Vooral uit schrik blijven we zo lang mogelijk eerlijk."
"Zelfs een voetganger heeft het recht in zijn bed te sterven."
"Vooral gestolen schilderijen herinneren ons aan hun bestaan."
"Vooral wat ge vergeet draagt bij tot uw geluk."
Karel Jonckheere (1906 - 1993)
Karel Jonckheere werd geboren te Oostende op 9 april 1906. Hij behaalde het diploma geaggregeerd leraar middelbaar onderwijs (Germaanse talen). In 1944 werd hij leraar te Gent. In 1945 was hij enige tijd secretaris van de minister van Binnenlandse Zaken. Nog datzelfde jaar werd hij directeur van de Rijksmiddelbare School te Veurne. In 1953 trad hij als ambtenaar bij de Dienst der Letteren van het Ministerie van Nationale Opvoeding en Cultuur in dienst. Karel Jonckheere was een wereldreiziger. Hij bezocht Cuba, Roemenië, Mexico, de Verenigde Staten, Zuid-Afrika, Kongo, India, de Balkan en de West-Euopese landen. Hoewel hij ook novellen, reisverhalen, kritieken en essays heeft geschreven, was hij in de eerste plaats dichter.
"Toen God de mens schiep naar zijn evenbeeld en gelijkenis pleegde hij plagiaat van de slechtste soort."
"Het zijn de onverbeterlijken die de wereld verbeteren willen."
Bertus Aafjes (1914 - 1993), pseudoniem van Lambertus Jacobus Johannes.
Nederlands dichter en prozaïst. Aafjes volgde een tijd een priesteropleiding, studeerde daarna archeologie in Leuven en Rome en werd uiteindelijk journalist. Aafjes heeft veel gereisd in zijn leven en dat heeft grote invloed gehad op zijn oeuvre. Uit zijn eerste werk blijkt dat hij een grote voorkeur heeft voor romantische motieven: verliefdheid en weemoed, de schoonheid van de vrouw en van de natuur.
"Een grote hinderpaal voor het geluk is de droom van een te groot geluk."
"Het is een bewijs van bitter weinig verstand antwoorden te vinden op vragen waarop geen antwoord te geven is."
"Het grote geheim van geluk is: met zich zelve goed te staan."
Bernard de Fontenelle (Frankrijk: °1657 - +1757). Hij was opgevoed in een Jesuïtencollege in Rouen. Hij schreef over de geschiedenis van de wiskunde en over de filosofie van wiskunde en wetenschap. Hij verzamelde een schat aan informatie over de wetenschappers uit zijn tijd.
"Een concert: de ouverture tot een collectieve hoestbui."
"Een hoofd vol gedachten geeft als een zaal vol mensen: ongearticuleerd geroezemoes."
"Leugens dienen vaak om de waarheid aannemelijk te maken."
"Het geluk is makkelijker te bereiken per auto dan op de fiets."
Johan Goudsblom (°1932) studeerde sociale psychologie aan de Universiteit van Amsterdam, promoveerde op het thema 'Nihilisme en cultuur' (1960) en is emeritus hoogleraar van de vakgroep Sociologie van diezelfde universiteit. Hij werkte intensief samen met zijn grote inspirator Norbert Elias en daaruit ontstond in Amsterdam de school van de figuratiesociologie. Zijn onderzoek heeft betrekking op sociologische langetermijnprocessen. Zijns inziens biedt het onderzoek naar zulke processen de socioloog veel inzichten. Zonder historisch inzicht krijgt de sociologie te maken met een steeds verder doorgaande specialisering en daar is hij niet enthousiast over. 'Mijn specialisme is het generalisme', vindt Goudsblom.
Onlangs kwam een Free bij ons op bezoek. Hij was van plan om samen met zijn vrouw Frie een buitenlandse baby te adopteren.De cursus voor adoptieouders die men nu verplicht dient te volgen, zat er voor hen bijna op. Hij kwam gewoon eens praten over adoptie omdat hij wist dat Herman en ik drie adoptiekinderen hadden die nu allemaal ouder dan 23 jaar zijn. Er is een tijd geweest dat ook wij ervaringsdeskundigen opzochten. Free praatte enthousiast en vol vertrouwen in zijn voornemen. Ergens moet je als ouder toch ook rekening houden met het fenomeen racisme zei ik. Allez gij sprong hij op dat is nu toch niet meer zo. Racisme is nu nog altijd een zorg voor ons, ouders van gekleurde kindjes en de groeiende aanhang van het Vlaams Belang zal deze toestand niet verbeteren. Zij leggen een stigma op de gekleurde medemens die een etiket opgekleefd krijgt van profiteur, fraudeur, dief, agressieveling, Kortom al wat slecht gaat in onze maatschappij is de schuld van de gekleurde medemens.
Van onze aangenomen kinderen hebben er twee een kleurtje; de ene lijkt op een Chinees en de andere op een Indiaantje. De derde is gemaakt door blanke ouders. Matje, ons Chinezeke met een licht kleurtje kwam recht uit de materniteit bij ons wonen. Hij is een jongen met een gouden hart het leven is mooi hij heeft meer vrienden dan zijn vrienden, vrienden hebben. In de dorpsschool was hij de favoriet van velen en toch Toen hij tijdens de collegejaren in een kleine stad aan een bushalte stond te wachten, kwam een man op hem af: zeg joeng, maakt eens da ge na huis ga. Ga naar waar ge vandaan komt. Hij duwde Matje met de elleboog. Gelukkig was hij sociaal vaardig genoeg om niet te reageren en op te stappen naar een volgende bushalte. Hij kwam thuis bleek en ontdaan toe. 16 jaar kleine stad: eerste ervaring met racisme. Nu hij in Leuven aan de universiteit studeert en met kameraden op stap gaat, zagen we het weer gebeuren. Deze keer waren het alcoholgevulde of gedrogeerde leeftijdsgenoten Op een keer had Mat met vrienden afgesproken om op de oude markt aan een bepaald café samen te komen; hij was wat vroeg en stond dus te wachten. Er nadert een luidruchtige bende. Ter hoogte van Matti waait een arm uit de groep die Matti op het gezicht mept en in een paar seconden zijn ze straat al uit. Versuft realiseerde Matti wat hem overkomen was. Hier kwam racisme langs! Hoe voel je je als mama wanneer je kind wordt aangevallen? Ook de daders hebben ouders. Zouden zij goedkeuren wat hun kinderen deden? Ik vraag me dat dikwijls af.
Een volgend voorval moest zusje overkomen. Zij houdt vanmountainbiken en is dus veel alleen op de baan. Op een dag rijdt ze op een smalle fietsstrook van Aarschot naar Scherpenheuvel. Ze is haast niet te herkenen: strakke bijna mannelijke mountainbikekleding, fietshelm op, alleen bruine armpjes en beentjes verraden haar kleur. Zonder aanwijsbare reden vertraagt een auto naast haar, een jonge Onslow achter het stuur in zn onderhemdje en mevrouw op de passagierszetel. Het was warm en mevrouw draait het raampje open. Meneer roept iets door het raam en probeert zusje de weg af te snijden. Verbaasd ziet ze dat een jongetje van ongeveer vijf achter in de auto tegen de ruit plakt en zijn tong en middenvinger uitsteekt. Ze lachen allemaal. Even verder stapt de man uit zn wagen en wacht zus dreigend af op het fietspad. Zus steekt de brede baan over en raakt voorbij. Na nog wat schelden en lachen verdwijnt het jonge gezin. Wat heeft die mensen in godsnaam bezield? Omdat zus donkerder van kleur is, heeft zij de meeste onaangename ervaringen gehad, een stuk of vier, denk ik.
Geen racisme tegenover je gekleurde kinderen? Vergeet het! Begrip en verdraagzaamheid blijven ook vandaag nog belangrijke waarden.
Rebbetzin Tzipporah Heller is sinds 1980 lid van de faculteit aan de Neve Yerushalayim universiteit van Jeruzalem. Haar expertise betreft analyse van bijbelteksten en Joodse filosofie. Ze doceert binnen de filosofie vooral Mainmonides en Maharal.
"Een man die veel leest en te weinig zijn hersenen gebruikt, wordt al te vlug een geestelijke luilak"
"Om een onberispelijk lid van een schaapskudde te zijn, moet men vóór alles een schaap zijn."
"De enige verstandige manier van opvoeden bestaat eruit een voorbeeld te zijn, desnoods een waarschuwend voorbeeld."
"Alles moet zo simpel mogelijk gemaakt worden, maar niet simpeler."
"Een vooroordeel is moeilijker te splitsen dan een atoom."
"Een avond waarop iedereen het eens is, is een verloren avond."
"Alles dat werkelijk groots en inspirerend is, is gecreëerd door een individu dat kon werken in vrijheid."
"Logica brengt je van A naar B. Verbeelding brengt je overal."
"Twee dingen zijn oneindig, het universum, en menselijke domheid. Maar van het universum weet ik het nog niet helemaal zeker..."
"Het probleem vandaag de dag is niet de atoomenergie, maar het hart van de mens."
Albert Einstein (1879 - 1955)
Een in Duitsland geboren, Amerikaanse natuurkundige. Hij is bekend geworden met zijn vooruitstrevende theorien over relativiteit en het bestaan van deeltjes in licht. Voor het laatste onderwerp heeft hij de nobelprijs gekregen.
Einstein is op 14 maart 1879 geboren in Ulm en heeft het grootste deel van zijn jeugd doorgebrachten in Munchen, waar zijn ouders een winkeltje hadden. Al op jonge leeftijd had hij een grote belangstelling voor natuurkundige en het talent om ingewikkelde wiskundige concepten te begrijpen: op zijn twaalde leerde hij zichzelf Eucledische geometrie.
(11) Reis naar Indonesië: derde en laatste dag Jakarta
Na het ontbijt kon ons busje niet gauw genoeg vertrekken richting de babys. Negen uur en al weer drukkend en klam warm. Kleine Sari lag er slapjes bij en nog altijd even bleek. In de reiswieg lag ze een beetje verloren. Ik stopte een opgerold dekentje achter haar rugje dat hielp. Een dun lakentje liet alleen haar neusje nog vrij. Na het afrekenen van onkosten vertrokken we. De weg naar de luchthaven, het inchecken, bagagecontrole eigenlijk weet ik daar bijna niks meer van. Mijn gedachten waren bij het zwakke Saartje. Met de straffe pil tegen diarree op zak duffelde ik haar goed in want de airco zorgde voor koude lucht. Tijdens de vlucht was Saartje alleen rustig als haar kleine handje mijn vinger kon vasthouden of als ze tegen mij aan lag.
Om de vier uur kreeg ze een flesje en tijdens de tussenstops mocht ik met haar in het vliegtuig blijven zitten. Het garudapersoneel was erg attent.
Twintig uren later landden we in Shiphol. Paps wachtte ons op en dolgelukkig kon hij Saartje tegen zich aandrukken. Twee uren later kregen we van de pediater de toestemming ons dochtertje mee naar huis te nemen, mits het toedienen van medicatie en dagelijks telefoneren over haar gewicht. Eind goed al goed: op twee weken tijd werd Sari Indrawati (we vonden haar originele naam zo mooi en hebben hem als tweede voornaam behouden) een flinke brok!
Indonesiërs van Chinese afkomst, ook al zijn ze derde, vierde generatie Chinezen, hebben het erg te verduren op momenten van crisis. Ze zijn een beetje de joden van het Java.
Tweede dag in Jakarta. Op het einde van deze dag was het begeerde visum in mn bezit, de terugvlucht geconfirmeerd en had ik veel zweet gelaten door de warmte en vooral de traagheid der dingen Ik ging op bezoek bij Saartje,bezorgd over haar toestand en schrok me en bult toen ik haar zag. Ze lag in hetzelfde bedje als het Duitse meisje geen probleem- en op elk tutje stond een naam. De Duitse baby was snipverkouden en Saartje had haar tutje in de mond . Dat ze verkouden zou worden was niet zo erg, maar ze was er al zo slecht aan toe, op het randje van uitdroging. Ik werd erg ongerust over wat komen moest.
In het hotel deed ik een fax: alles geregeld morgen vlucht naar Shiphol kleine Sari is zwakjes. Als antwoord kwam een paar uur later het volgende: Afspraak gemaakt bij pediater we kunnen onmiddellijk op consultatie als je thuis komt - we zullen in Shiphol zijn. Als we het halen tot na de vlucht dan komt alles in orde.
Ik pak de reiswieg uit die ik van thuis had meegebracht en stop al mijn gerief in een valies. Kleine Sari zou wel drie keer in de reiswieg kunnen.
Vandaag was het zover. Ik mocht Sari meenemen naar Jakarta en vandaar zouden we twee dagen later naar huis vliegen.
Eén van de kindermeisjes had Saartje al aangekleed. Ik bedankte, vereffende de rekeningen van dokter en apotheek en vertrok terwijl de tuinman vriendelijk knikte.
We werden naar de luchthaven gereden. Gelukkig hielp de chauffeur met de bagage. Ik had alle moeite om in de wieg te vrijwaren van geduw en geprang. Nu zou het veel makkelijker gegaan hebben met bijvoorbeeld een zak om het babytje op je borst te dragen. Een wuivende chauffeur in een woelige menigte is het laatste beeld dat ik van Surabaya heb. De dag zou nog zwaar worden
In het vliegtuig was Saartje alleen rustig als ik haar tegen me aan hield wel een zalig gevoel.
In Jakarta reden we met een taxi naar het weeshuis waarvan het adres op een briefje stond. We werden daar heel vriendelijk onthaald en de babys lagen daar per twee in een proper bedje. Ik vroeg om Saartje goed in t oog te houden vanwege haar diaree en laag gewicht. Geen probleem ze hadden alle informatie doorgekregen. Hoewel ik me vrij gerust voelde, vertrok ik niet graag maar ja het moest.
Zo vlug als mogelijk ging het richting Belgische ambassade want overmorgen zou ik in het bezit moeten zijn van een visum voor Saartje.
Het was nog 20 minuten rijden voor we aan de Ambassade kwamen, een mooi verzorgde villa. Nu zit de ambassade op een zestiende verdiep van de Duitse bank building ja tijden veranderen. Ons verhaal speelt zich tenslotte 25 jaar geleden af.
Binnen zat een knappe Indonesische achter de onthaalbalie. Of ik een visum kon aanvragen. Ja dat kon maar de vervanger van de ambassadeur was er niet en die moet zn handtekening zetten. Het werd wachten, wachten en nog eens wachten.Uiteindelijk kreeg ik een ontkennend antwoord op de vraag Benarkah dia akan datang? (is het zeker dat hij nog gaat komen). Ik zou de volgende dag dan terugkomen
Die avond ontmoette ik de oudere zussen van mijn Indonesische vriendin in België. Lhee en Ting namen me mee naar een uitvoering van Balinese dansen in de tuinen van het Hyatt hotel. Prachtig hoe sierlijk en beheerst die dansers zich bewogen onwezenlijk mooi klonk ook de begeleidende muziek. En toch voelt het wat wereldvreemd aan zeker als je denkt aan de stakkers in de kampung
Morgen naar de ambassade en de dag daarna naar huis als alles goed loopt toch.
KERKELIJKE MACHT! "In christelijk Nederland zijn er diepgaande verschillen van inzicht betreffende homoseksualiteit. Kerken en gemeenten die de Bijbel als norm hebben, gaan ervan uit dat homoseksueel gedrag op grond van Gods Woord niet te verdedigen is." (uit:site kerk & homofilie)