TR185 - 9KM700 - 0:46:15

Het weer.
Het was zonnig op zaterdag met maxima tussen 22 en 24 graden aan zee en in de Hoge Ardennen en 25 tot 27 graden in de overige streken.
In de loop van de dag ontwikkelden er zich enkele stapelwolken maar het blijft droog.
De matige zuidwestenwind draaide naar westelijke richtingen.
Actueel.
FAUNA
De wasbeer.
Hij ziet er misschien aaibaar uit, maar eigenlijk hoort hij hier niet thuis.
In Wallonië zijn ze al met tienduizenden, maar wasberen duiken ook steeds vaker op in Vlaanderen. Ze zijn al in elke provincie gespot. En dat is geen goed nieuws, want ze brengen risico’s met zich mee.
Het betreft hier de gewone wasbeer, Procyon lotor, een zoogdier uit de familie van de wasbeerachtigen. Met zijn opvallende uiterlijk springt hij meteen in het oog. Je herkent hem aan zijn brede kop met zwarte neus en oogmasker, die een sterk contrast vormen met de witte wenkbrauwen en snuit. De wasbeer heeft verder grote ogen, een spitse snuit en een langharige vacht. Die kan zwart, grijs of roodbruin van kleur zijn. Hij kan 50 tot 100 centimeter groot worden, en zijn staart met donkere en lichte banden is tot 40 centimeter lang. Die geringde staart kan je trouwens gebruiken om hem niet te verwarren met de das, bunzing of wasbeerhond.
Waarschijnlijk ga je het dier niet snel tegenkomen, want het is voornamelijk ’s nachts actief. Maar wat je wel kan zien en snel herkennen, zijn de voetafdrukken van de wasbeer. Aan zijn voorpoot heeft hij vijf lange gespreide tenen. De afdruk heeft daardoor wat weg van die van een klein kinderhandje. Bij de achterpoot staan de tenen dichter bij elkaar en is de afdruk wat langer. Bij beide afdrukken kan je meestal duidelijk de nagels zien.
Vroeger moest je naar Noord-Amerika reizen om een gewone wasbeer te kunnen zien. Vorige eeuw voerde Duitsland het dier echter in om het te kweken voor zijn pels. En de wasbeer werd ook uitgezet voor de pelsjacht. Hierdoor ontstonden na verloop van tijd de eerste in het wild levende populaties in Duitsland door uitgezette en ontsnapte dieren. Daarna vestigde de wasbeer zich in verschillende Europese landen, waaronder België en zijn buurlanden.
De grootste aantallen wasberen, ondertussen tienduizenden, zitten in Wallonië. Maar sinds de jaren 80 hebben wetenschappers de wasbeer ook waargenomen in Vlaanderen. Eerst in Limburg, maar daarna dook het dier ook op in de andere provincies. Ondertussen vermoeden wetenschappers dat de wasbeer zich in zowat alle Vlaamse provincies ook in het wild voortplant.
De vrees is dat de wasbeer een grote negatieve impact zal hebben op de biodiversiteit, bijvoorbeeld door te jagen op bepaalde dieren die voorheen geen roofdier hadden of door te concurreren met bestaande roofdieren. Dit kan de delicate evenwichten in onze Belgische natuur verstoren. Daarnaast veroorzaakt de wasbeer ook problemen buiten de natuur, denk hierbij aan overlast in stedelijke gebieden of in de landbouwsector.
Maar ook wij moeten oppassen voor de wasbeer. Hij ziet er misschien aaibaar uit, toch raak je hem beter niet aan. Hij kan namelijk drager zijn van ziektes en parasieten die gevaarlijk zijn voor de mens (en andere dieren). Een voorbeeld daarvan is de wasbeerspoelworm (Baylisascaris procyonis). In de Nederlandse provincie Limburg is zo’n zes op de tien wasberen hiermee besmet. De parasiet kan ook in ons lichaam terechtkomen door in aanraking te komen met eitjes in de uitwerpselen of vacht van wasberen. De meeste besmettingen verlopen klachtenvrij, maar als er klachten ontstaan, kunnen die ernstig en zelfs fataal zijn.
Allereerst, zorg dat je zeker niet bijdraagt aan de verdere verspreiding van deze invasieve exoot in ons land. Respecteer het verbod op import, kweek, huisvesting en uitzetten van de wasbeer. Zitten er wilde wasberen in jouw buurt, laat dan geen afval buiten liggen en sluit je vuilnisbakken goed af. Ga de dieren zeker niet voederen.
Vermijd ook contact met wasberen. Ze kunnen namelijk agressief uit de hoek komen. Wat je wel kan doen als je er eentje ziet, is het melden op waarnemingen.be, wildinzicht.be of via de app ObsIdentify. Zo help je om de invasieve exoot in kaart te brengen en onder controle te houden.
Terug in de tijd: maandag 4 juli 2011.
Gelopen 12km300 (20 rondjes Finse piste). Chrono 1:00:10. Gestart om 16.30 u. Temperatuur 25°. Beduidend warmer dan de voorbije dagen. Ik voelde bovendien toch nog wat vermoeidheid van de relatief zware training van gisteren. Maar hoe dan ook mag ik niet klagen en ben ik klaar voor een volgende wedstrijd.
De run vandaag.
La ronde des sorcières – Ellezelles – 15.00 uur – 9km700.
Voorbeschouwing.
Enkele wedstrijden van het acrho-criterium werden afgelast wegens de hitte. Ongezien denk ik! Maar vanzelfsprekend noodzakelijk. Het waren echt wel buitengewone omstandigheden. Ook vandaag was het trouwens nog warm. Eigenlijk ook al een beetje op het randje. Maar laat ons zeggen: nog net doenbaar.
Ellezelles. Hier kwam ik ook reeds in 2024 en 2025. We wisten dus een beetje wat ons te wachten stond. Eén merkelijk verschil met de voorbije jaren: het was warmer. En dat komt het tempo niet ten goede. Maar het moet gezegd: de conditie is ook iets minder. Voorlopig niet echt een idee hoe het komt. Het kan toeval zijn en tijdelijk. Er kan ook iets anders aan de hand zijn. De toekomst zal het wel uitwijzen.
Dus ja, dat prima gevoel krijg ik voorlopig niet terug. Neemt niet weg dat ik toch terug eerste werd in mijn categorie. Dus echt klagen doen we dus niet. Maar het zou beter moeten kunnen. De soepelheid is wat geweken!
Lessines was een vrij dichte verplaatsing eerder dit jaar. Maar wat dan gezegd van Ellezelles. Alleen al omdat het zo lekker dichtbij is kan ik deze niet links laten liggen. En al zeker niet op een zaterdagnamiddag. Het tijdstip voor een wedstrijd waaraan ik met voorsprong mijn voorkeur geef.
De accommodatie.
Prima. Misschien ook een van de redenen waarom ik hier graag terugkom. Inschrijving, kleedkamers met douches, prijsuitreiking. Allemaal bij elkaar. Bijkomend pluspunt: groot televisiescherm. We konden er zelf het begin van de Ronde van Frankrijk (ploegentijdrit) meebeleven. Heerlijk! Mooie strijd van het begin af aan nu de reële tijden van elke renner in aanmerking worden genomen.
De opwarming.
Minimaal! Wat loslopen, enkele spurtjes en dan naar de plaats van vertrek. Het voornaamste: ik probeerde te starten zonder dorst. Ik had dus toch al wat water gedronken. Dat bleek wel een meevaller te zijn. En levensnoodzakelijk!
Ondertussen waren de jeugdlopen ook reeds van start gegaan. Ook voor de allerkleinsten. Alles prima georganiseerd. Chapeau voor de organisatie. Het vraagt toch allemaal wat extra werk en mensen om dit ook mogelijk te maken. Als extraatje zeg maar! En een stimulans voor de kleine atleten.
De wedstrijd.
Start precies op tijd.Nagenoeg klokslag 15 uur. Zo hoort het wat mij betreft. Meer dan vierhonderd deelnemers. Ik had er eerlijk gezegd minder verwacht. Met dit warme weer! Maar het ging om een korte afstand en het parcours oogde niet al te zwaar.
Desondanks had ik het lastig. Zeker in het tweede deel van de wedstrijd. Het was dan dat ik begon te voelen dat het niet super liep.
Er waren natuurlijk wel wat niveauverschillen verspreid over het ganse traject. Maar echt steile klimmen zoals we die in Henegouwen wel eens meemaken waren er niet. Maar ook het langzaam stijgen gedurende verschillende honderden meters kan het tempo doen zakken. Dat heb ik vandaag in elk geval geleerd.
Er was ook de wind. Enerzijds zorgde die wel voor enige verkoeling. Zonder wind zou het immers nog warmer geweest zijn en zou de temperatuur boven de 30° uitgekomen zijn. Maar tegenwind blijft moeilijk. En al zeker als het dan tegelijkertijd ook wat bergop gaat.
Er was ook een gedeelte veldwegel. Daar was het toch opletten om het juiste en meest veilige pad te kiezen. Ook hier verminderde het tempo toch wat.
Dus ja, dat allemaal te samen waren er toch wat verzachtende omstandigheden die een echte toptijd niet mogelijk maakten.
Het begin verliep vlot met 4.32 en 4.26. Kilometer drie was moeilijk met 5.01. En ook in de vierde kilometer moest ik nog wat bekomen en klokte ik af in 4.39. Ik keek zowaar al uit naar de helft van de wedstrijd. Niet echt een goed teken als je het mij vraagt. Maar toch een goede chrono in de vijfde kilometer met 4.24.
Maar dan kwamen er dus een aantal moeilijke kilometers. Eigenlijk helemaal tot het eind van de wedstrijd. Het werd respectievelijk 4.50 5.12 4.58 4.57 en de laatste honderden meters in 3.13.
Conclusie: voorlopig zit er niet meer in; als het niet slechter gaat de komende weken komt het allicht wel goed; in het andere geval zit ik waarschijnlijk met een probleem. We zien wel.
Als prijs voor de eerste drie in de categorie werden we getrakteerd op een lekker biertje! Dat gaan we te gelegener tijd toch zeker eens proeven!
Details run: 9km700 - wedstrijd – 0:46:15 – 4.46/km – 612 c – 26,7° - 175 pasfrequentie.





















































