Zoals wij reeds eerder hebben verteld kunt je met behulp van een spiegel talrijke zelfportretten in vooraanzicht tekenen . Je bent op die manier niet afhankelijk van een model en je kunt tekenen wanneer je dit het beste schikt . Voor de opzet van een studie en face gelden vanzelfsprekend dezelfde raadgevingen welke wij in het vorige hoofdstuk gaven . Ook hier moeten wij zoeken naar de hulp - en contructielijnen om tot een goede vorm te komen . Het belangrijkste is ook hier weer de verticale as van de ovaal . Op deze lijn zet je dan de voornaamste horizontale deellijnen uit en bepaalt je de grootste lengte en breedte van de kop . Door die deellijnen zijn dus de plaatsen voor ogen , neus en mond bepaald , evenals de kin en de grenslijn van voorhoofd en haar . Bij het tekenen van de ogen dienen wij nauwkeurig te letten op de afstand tussen de ogen , die - hetgeen je weet - gelijk is aan één ooglengte . De totale breedte van het hoofd komt ongeveer overeen met vijf maal de breedte van een oog . Maar , wij zeiden dit al eerder , neem deze maten niet als vaststaand aan , onderzoek het aan de hand van uw model door met het potlood te meten . Wij schetsen immers nog altijd met een zoveel mogelijk gestrekte arm ! De neus vormt wel een van de belangrijkste elementen . De gelijkenis van een portret hangt grotendeels af van de weergave van de neus . Maak hem dus niet te kort of te lang . Zo moet ook de afstand tussen neustop en mond naukeurig worden bepaald . Nadat wij in grote lijnen de mond hebben geschetst en de afplatting van de kin is weergegeven , begint het gezicht zich al voor ons " af te tekenen " . Het komt er nu nog op aan de oren te schetsen en de haarmassa aan te geven . Op deze opzet moeten wij dus verder gaan . Hoedt je echter voor een kille symmetrie in de kop . Probeer door de beweging in de hals - schouderlijn en door een lichte neiging van de kop een levendig beeld te verkrijgen . In onze illustraties laten wij verschillende voorbeelden van protretstudies en face zien . Zuiver recht van voren gezien zijn ze bijna niet . Altijd ziet je wel een heel kleine wending in het hoofd en juist hierdoor kunnen wij het te symmetrische in de kop vermijden .
Het hoofd in driekwart - aanzicht
Deze stand is wel het moeilijkst te tekenen , omdat wij de minste houvast hebben aan de grondvormen die ons van de verschillende onderdelen bekend zijn . Immers , naarmate de stand van het hoofd verandert , zullen als gevolg van de perspectief de verschillende onderdelen eveneens aan vormveranderingen onderhevig zijn . Begin dan ook met het opzetten van de verticale as . Dit zal de enige houvast blijken waarop je het geheel kunt bouwen . Vanzelfsprekend moet de plaats van de as - en vooral zijn richting , welke afhankelijk is van de stand van het hoofd - heel nauwkeurig worden bepaald . Bestudeer ook goed de stand van het hoofd ten opzichte van de hals , want mede hierdoor moet je dan weer de juiste richting en het verloop van de schouders vaststellen . Dit alles zijn voorwaarden om tot een goed gelijkend portret te komen . Evenals bij het tekenen van andere standen zult je ook bij het driekwart - aanzicht veel steun kunnen hebben aan de beenpunten , welke onder de huid doorschemeren . Deze beenpunten , zoals de voorhoohdknobbels , de wenkbrauwbogen , de jukbeenderen en de onderkaak mogen in de opzet wel degelijk geaccentueerd worden , omdat vooral ook daardoor de contour van het gelaat zuiverder kan worden bepaald . Op deze manier werkende zal het gemakkerlijker worden om de ogen goed in de kassen te plaatsen ; kotom : Je komt tot een verantwoorde opbouw van de kop ! Niet voor niets is het driekwart - aanzicht zo geliefd bij portretschilders . In tegenstelling tot de scherpe uitbeelding van het profiel of de regelmatigheid van het vooraanzicht , krijgt de kop juist door deze stand zo'n levendige aanblik . Hier geven wij de beweging van de kop weer en al zijn de ogen vaak afgewend , toch voelen wij veel meer de blik van de ogen . Ook van deze stand geven wij vele voorbeelden . Bestudeer de tekeningen aandachtig en probeer eens om door middel van een stukje transparant papier , dat je over de afbeelding legt , de verschillende constructie - lijnen terug te vinden . Het is een goede oefening en je zult gemakkelijker kunnen begrijpen hoe deze kunstenaars tot die vormen gekomen zijn .