Een avondje jazz ...


‘De Glazen Boterham’ is een van de weinige cafés in Werchter. Dit café, naast de academie, biedt een sfeervol decor: de muren bestaan uit rode baksteen, wel netjes gevoegd, de zoldering laat de balken en de plankenvloer zien. En soms wordt dit café omgetoverd tot een jazz-café, zoals vanavond.
Frans Pelgrims treedt op. Frans is niet alleen gekend in Werchter. Hij is de percussionist van het Nationaal Orkest. Daarnaast is hij drummer bij een jazz-band.
Ann en Pol willen naar het optreden gaan en nodigden ons ook uit om mee te gaan. Voor mij hoeft dit geen twee keer gezegd te worden en Karel is er ook wel voor te vinden, hij kan Frans wel waarderen en als bijna-buur vindt hij het leuk om op die manier een goede dag te zeggen.
We spreken af dat, als Ann en Pol bij hen thuis vertrekken met de auto, ze een seintje geven, zodat wij te voet naar het café kunnen gaan. Zo gebeurt het en even later zien we het gele wagentje van Pol de parking oprijden terwijl wij net voorbij stappen. Er is toch nog wat volk over de vloer geweest en ze hebben nog net een kom soep met een boterham kunnen eten. Van ver horen we de muziek in de stille dorpsstraat klinken. Hé, heerlijk de stemming zit er onmiddellijk in.
Wanneer we binnenkomen zit het café natuurlijk al overvol. We zoeken achteraan een staanplaats. Gelukkig is er nog een stoel vrij die ik kan gebruiken en kan Ann een barkruk veroveren. ‘k Bedenk dat het een geluk is dat er niet meer mag gerookt worden. Stel je voor, dan zouden we omkomen door intoxicatie. Nu is het alleen erg warm … tot er iemand beslist om toch maar de deur open te gooien van de rookruimte waar toch niemand zit en de deur naar buiten open te zetten. De frisse lucht stroomt weldoend binnen. Ondertussen komen er nog mensen bij, ook onze zijburen van de tuin. Ze hebben vier leuke kinderen, veel kippen en kalkoenen en nog een geadopteerd klein zwart varkentje: iets tussen een hangbuikzwijn en een mini-varkentje. Grappig om zien.
Maar ik concentreer me op de muziek en laat me meenemen op de tonen en het ritme van de jazz. Ik hou van jazz, het is levenskrachtige muziek, er zit zon in. Ik stel me voor hoe ik die muziek zou omzetten in wit-zwart, in een schilderij.
Ik krijg amper de tijd om rustig te genieten van mijn bier. Mijn glas mag niet eens zijn bodem laten zien of er is weer iemand die trakteert. Maar ik laat het me maar aanwaaien. Vanavond laat ik me nog eens terugvoeren naar sommige avonden in mijn jonge jaren: gesprekken in overvloed, de drank net voldoende en de nachten te kort. Maar nu luister ik vooral en geniet.
Maar ook aan dit sprookje komt een einde. Ann en Pol blijven nog wel even, maar Karel en ik trekken naar huis, we zijn niet direct fervente tooghangers. Er blijft een vol gevoel na: we kunnen de volgende week weer aan.



