Onze Vader


Denkelijk kreeg ik met de moedermelk de basisgebeden van de Kerk mee: het Onze Vader en het Wees Gegroet. Moeder (1914 – 2005) was een diep gelovige vrouw. Nu bedenk ik: wat hadden de vrouwen in die jaren om zich aan vast te houden buiten het geloof? Er waren episodes dat we ‘als gezin’ samen de ‘pater noster’ baden. Wat duurde dat in mijn beleven vaak lang. Maar de kerk vroeg het van haar gelovigen en mijn moeder zou haar plicht doen. Nu, dat samen bidden had ook een goede kant. We deden dat voor het slapen gaan. We zaten samen in de keuken (een living was er toen nog niet). Handen en gezichten proper gemaakt en dat biddend samen zijn gaf toch iets van geborgenheid en maakte rustig, vooral na een hevige kinderdag. Maar ik vond het wel leuker als vader op zo’n moment een verhaal vertelde, want hij kon heerlijke verhalen vertellen.
Het Onze Vader en het Wees Gegroet heb ik nooit ‘niet gekend’, die gebeden waren even evident als de lucht om in te ademen. Je ratelde dat gewoon af. In de godsdienstles kreeg je dan wel eens uitleg van de betekenis van die woorden. Het best kon ik me vinden in: geef ons heden ons dagelijks brood. Niet dat dit bij ons thuis een probleem was, maar ‘armoede’ was in mijn kindertijd wel een begrip, je zag de armoede op straat. En ik wou voor iedereen wel genoeg boterhammen.
Je groeit op en zolang je opgeborgen zit in een katholiek pensionaat worden die gebeden regelmatig gebruikt. Maar eens van school af en zeker eens van huis weg, verdwenen die gebeden. Sporadisch doken ze nog eens op bij een of andere dienst. De jaren ’68 spoelden die woorden weg. Ik zocht een weg in het leven, maar zonder kerkelijke bemoeienis. ’t Ging niet altijd gemakkelijk. Bij wie wel?
Tot mijn eerste man naar het water ging en uit het leven stapte. Hij kreeg een kerkelijke begrafenis: dat waren de gemakkelijkst bereikbare rituelen. Op het einde van de dienst werd het ‘Onze Vader’ gebeden. Toen de woorden kwamen ‘uw wil geschiede op aarde zoals in de hemel’ zweeg ik: dat was een leugen waarop een ‘nee’ in mij groeide vanuit de diepste diepte van mijn wezen. Daar stond ik, een jonge vrouw met twee kleine kinderen aan de hand … uw wil geschiede? Dank je.
Denkelijk is daar mijn definitieve breuk met de kerk bereikt. Vanuit dat diep ervaren ‘neen’. God een liefhebbende vader en alle positieve eigenschappen die hem toegedicht werden? Als antwoord krijg je steevast: gods wegen zijn niet te doorgronden, hij heeft een speciale bedoeling met jou. Als je dan later gegrepen wordt door geschiedenis, WOI en WOII, de mensen die erna zijn uitgemoord confronteert … ik hoef geen uitleg meer van een god zus en zo. De realiteit is cru genoeg zonder dat een wreedaardige of bestraffende god in zijn diepste oneindigheid dit in zijn alwetende planning heeft betrokken.
We kunnen proberen iets te betekenen voor een ander … het christendom heeft geen eigendomsrecht op naastenliefde, ook zonder een god kan je die waarde vorm geven.
De foto toont het Onze Vader in het Arabisch.











