mi lanct na di gheselle mijn


het verschroeiende van de pijn
maakt plaats
voor aanvaarding
ik leef
met jou als nabije
dankbaar noem ik je naam
omdat ik zovele jaren
je mijn zoon mocht noemen
mi lanct na di gheselle mijn

het verschroeiende van de pijn
maakt plaats
voor aanvaarding
ik leef
met jou als nabije
dankbaar noem ik je naam
omdat ik zovele jaren
je mijn zoon mocht noemen
waer bestu bleven
de ruimte is terug bewoond
door nabijheid
graag zien
geluk
zoonlief
je bent een verte ingegaan
waarin ik je nog niet wil volgen
het is goed zo
na zoveel jaren
ben ik terug
van weggeweest
op de lange weg van rouwen
je leeft verder in mij
steeds aanwezige afwezige
ik weet
je bent niet alleen uit mij geboren
ook tot mij geboren
we zijn onafscheidelijk met elkaar verbonden
het is goed zo
Egidius
nu spreek ik je naam uit
als een kostbaar geschenk
ik dank het leven
omdat je
vanuit mijn lichaam
in mijn armen opgroeide
dat je die jaren
bij ons mocht zijn
dat ik
in je dood
ontdekte hoe graag ik je zag
je naam is vreugde nu
en de pijn daar rond is
onvervreemdbaar
mijn leven
nochtan moet emmer ghestorven sijn

dan weer
een dag
waarop de pijn zich aanbiedt
zomaar
een herinnering
een stukje muziek
of gewoon
het leven zelf
neem het mij niet af
ook na zoveel jaren
rouw ik om mijn zoon
mijn graag zien
omdat hij niet voorbij is
ik wil niet genezen van mijn kind
ic moet nog zinghen een liedekijn
zoon
het geschreven woord
met je dyslectie
was een vreemdeling voor jou
in je afscheidsbrief
spelde je
hoe graag je ons zag
vroeg je ons
na je dood
het leven te hernemen
dat deden we
ondanks de afgrond van de pijn
tot we rust vonden
in jouw aanwezige afwezigheid
we komen samen
op je verjaardag
op je sterfdag
en elk jaar
op de familiedag
waar we
naar je graf gaan
en dan jou meenemen
om de rest van de dag
te genieten van elkaar
met jou in ons midden
verware mijn stede di beneven

eens zal ik de weg gaan
naar de verte
waarheen jij ging
ik heb geen angst meer voor de dood
alleen
de weg daarheen
schrikt me af
hoeveel gemis moet ik nog dragen
hoeveel dagen
moet ik nog gaan
zonder jou
zonder de andere geliefden
nu bidt vor mi ic moet noch sneven ende in de weerelt liden pijn
in mijn dromen
zie ik je weer
alsof de tijd niet bestaat
die ons onherroepelijk
van elkaar gescheiden houdt
je spreekt
je beweegt
je ademt
bijna kan ik je raken
tot de ochtend komt
zich weer een dag aanbiedt
waarin je niet meer bent
ik herneem
de dagelijkse routine
gemis
als een liefdesverklaring
neem het mij niet af
du coors die doot du liets mi tleven
je kon niet meer
we wisten het beiden
de dag naderde
waarop je weg zou gaan
bij elk afscheid
keek ik je aan
bewust
dat dit voor het laatst kon zijn
tot je
de diepte in sprong
en als een vogel
je vleugels spreidde
naar vrijheid
je diepste begeren
niet meer onderworpen
aan de wetten
van pijn
en onmacht
je liet me achter
met al de anderen die
je naam noemen
in liefde
in gemis
zonder jou
mi lanct na di gheselle mijn
de dagen zijn stil
alsof ze op kousenvoeten
niets willen verstoren
toch zijn ze vol
van jouw aanwezigheid
kon ik je nog eens raken
je aanwezigheid voelen
je lichaamsgeur ruiken
ik weet dat je voorbij bent
en ik moet verder
waer bestu bleven
ik schreeuw
wil je uit de dood terug
bevraag de mensen
muren komen op me af
waar ben je
geen antwoord
alles leegte
oneindige leegte
achter die leegte
nog leegte
uitgeput smeek ik de ruimte
geef me een teken
van hoop
van leven
de dagen
rijgen zich aaneen
terwijl de tijd me ontsnapt
er is alleen pijn
mijn zoon
is uit me weggesneden
verdwenen
hoe leef ik verder
zonder hem
Egidius

je naam
een lied van liefde
alom tegenwoordig
ik spreek je naam
vol tederheid
ik schreeuw je naam
de wolken in
je naam
alleen maar pijn
alleen maar wanhoop als antwoord
in elke ruimte ga ik op zoek
hoeveel muren heb ik nodig
om je naam te schrijven
hoeveel dagen
om je naam te omarmen
nu bestu in den troon verheven

wat van jou
hier blijft
een tabaksdoos
sigaren die je leerde roken
ontwerpen voor houtsculptuur
rapporten
van school
van psychiatrie
van de rechtbank
foto’s
van een vroeger
dat voorbij is
je afscheidsbrief
hoe onbereikbaar je ook bent
je leeft verder
in mijn bewustzijn
in mijn lijf
dat elke dag
vraagt om jou
het sceen teen moeste gestorven sijn

tot je lichaam
ophield met ademen
je bewustzijn de wereld verliet
nog kan ik het niet bevatten
dat je weg bent
en alleen nog in
beelden van herinnering
onrustige dromen
tot mij weerkeert
dat was gheselscap goet ende fijn

ik heb je niet genoeg gezegd
hoeveel ik van je hield
hoe je
toen je
dag na dag groeide in mij
kosmos in de kosmos
mijn wezen vervulde
alle vragen ten einde
hoe je
later
mij brak van zorgen
overgeleverd aan een waanwereld
waarin je tussen de goden ging wonen
en overspoeld werd door agressie
zoon van mij
je ging van mij weg
steeds verder
je keerde niet meer weer
du liets mi tleven

ontspannen
lag je in de rust van de dood
we kwamen afscheid nemen
ik sprak je toe
en in dit spreken werd ik me bewust
dat ik verder moest
leven
dat ik bleef ademen
dat je weg was
dat je
ieder
hoe dierbaar ook voor jou
overliet
aan tijd en ruimte
onherroepelijk was de grens
jij verstild tot de dood
wij
terug geworpen in de tijd
du coors die doot

toen je wezen overmand werd door pijn
en geen troost je bewustzijn kon bereiken
nodigde je
de dood
als laatste reisgezel
je gaf al je geld weg
kocht wellicht nog een laatste joint
rookte op het balkon nog een laatste sigaret
en toen sprong je
van vijf hoog
je bevrijding tegemoet
mi lanct na di gheselle mijn
de tijd
niet te weerhouden
schuift elk moment
eeuwigheden
tussen ons beiden
ik omhels je
voel de kou van je dode lijf
de geur van dood zijn
onherroepelijk
word je uit mijn verlangen
weggeroofd
waar kan ik mijn onmacht uitschreeuwen
waer bestu bleven
toen het leven
je lichaam verliet
was ik
in de wachtkamer van de dood
dicht bij jou
je mocht de weg gaan
die zich voor je ontplooide
je had de pijn van leven
tot het uiterste gedragen
toen je stierf
werd je opnieuw uit mij geboren
ik legde mijn armen
behoedzaam om je heen
lieve zoon van mijn verlangen
zo wou ik je vergezellen
tot aan de grens
waar jij voorgoed
inging
tot je eigen verte
Egidius
toen je viel
en te pletter sloeg tegen de aarde
scheurde je naam
de ruimte uiteen
even hield de wereld
de adem in
stilte
ontzetting
men droeg je weg
een verdwaald kind
de dood tegemoet
Nu op goed papierVan een goede kwaliteit tekenpapier (300gram) maak ik een harmonica. Daarvoor snij ik op 2 cm van de rand zeer licht over het tekenpapier en plooi dit om. Door deze zeer lichte inkerving plooit het papier gemakkelijk. Met houtlijm maak ik de losse stukken aan elkaar vast, er voor zorgend dat het blad in de juiste richting plooit.
In de academie installeer ik me zodat ik het hele harmonica uit kan spreiden: zo kan het bewerkte deel drogen terwijl ik de rest verder afwerk en krijg ik een goed overzicht van het geheel.
Het is plezant werken en door het uitproberen op kaartenkarton heb ik nu genoeg zelfvertrouwen om het water en daarin de Oost-Indische inkt zijn gang te laten gaan.
De tekst zal ik er thuis bij voegen. Ik gebruik daarvoor écoline met warmgrijze kleur en kleine letters, zo valt de tekst nauwelijks op en blijft hij toch goed leesbaar.