De Groote Oorlog II
Ik heb geen zin te wachten tot ik de naam ontvang van het slachtoffer waarrond ik ga werken. Vanuit mijn eerste ontwerp: de evolutie van boom tot graf, maak ik een tweede ontwerp. De bedoeling is zes tekeningen van 70 cm op 50 cm te maken, die één geheel vormen. Ik zou die dan inlijsten in een kader met dunne zwarte lijst en ze dan tegen elkaar tonen, zonder tussenruimte. Het zou dan een werk van ca.155 cm op 145 cm worden. Of ik het kan gebruiken voor Aarschot vraag ik me niet af. Er is tijd genoeg om nog andere werken te maken.
Het ontwerp dat ik maak is zowat 49 op 52 cm. Ik geef niet alleen aandacht aan de bomen, maar ook aan de bommen. Vlaanderen werd, vooral in de frontstreken, onder een bommentapijt bedolven, Nu nog komen dagelijks bommen uit WOI boven bij het bewerken van het land, meestal bij het ploegen … maar ook bij het uitgraven van kelders of fundamenten bij het bouwen. Hoeveel kilo munitie is al bovengehaald in West-Vlaanderen?
Niet alleen West-Vlaanderen is ‘besmet’ gebied. De ‘mijngebieden’ in landen ‘ver van ons bed’ kennen dagelijks slachtoffers van naoorlogse explosies.
Ik laat de bommen vallen op huizen (links onderaan) waardoor de veiligheid die zo’n huis bood meteen uiteenspat tot brokstukken. Daartussen vindt men de bomen die afgeknakt zijn en stilaan evolueren naar graven, nog nauwelijks zichtbaar. Vanuit de wereld van de natuur (bomen links) vliegen vogels weg die stilaan veranderen van vorm tot bommen en verder tot de afwezige slachtoffers die begraven liggen onderaan.
De gedachten achter de tekening vind ik goed, de uitwerking dient nog bijgeschaafd … maar daar dient een ontwerp voor. Ik kan al zien hoe de tekening zich zal aandienen als ze in het groot uitgewerkt wordt. Ik heb er echt zin in.

















