Klimmen (afor)

Klimmen (afor)
Nu en dan...
ze sprong, huppelde lichtvoetig
danste en hinkelde over tegels heen
onweerstaanbaar de drang
‘t innerlijke kind te laten zegevieren
vreemde ogen staarden
maar zij…
zij gebaarde; ‘kromme haas’
meelijwekkende zuchten verhoogde sensibiliteit
lachkriebels gierden in een stroom
die adembenemend eindigde
de jaren eisten hun tol ondanks de jeugd die ze droeg
‘gek zijn deed geen pijn’
Oorlogskindje
ik ben kind…
verweest en verlaten
staar me niet langer blind
op een wereld zonder haten
ik zie mijn land…
verwoest door hoge machten
niemand reikt me de hand
om pijn en leed te verzachten
ik ben nog klein…
mijn troetelbeertje ben ik verloren
voel zoveel verdriet en pijn
welk lot is mij nu beschoren
50 huwelijksjaren
vingers strelen getaande huid
fluisterwoorden vullen ruimte
vlinderkusjes dwalen tussen plooien van ‘t leven
hoop tekent ogen die nadenkend staren
ze hadden lief, oneindig lief
vijftig voorbijgevlogen jaren vormden ‘wij’
hoofdrolspelers in ’t samenspel van geven en nemen
gedeelde vreugde en smart smeedde alle banden dicht
zonder zijspoor, hand in hand
want ze hadden lief… oneindig lief
Sleutelkind
hij telde de deuren
en wist; rood was nummer zeven
te agressieve kleur
waarachter eenzaamheid verscholen lag
verborgen sleutel
die hem scheidde van de buitenwereld
opende angst
dat ooit slot en sleutel niet meer passen zou
piepende scharnieren
schreeuwden om vergane glorie
onrust kleefde
aan uren die hij telde tot aan ‘t gezelschap
Verdriet 2
wanhoop draagt het kleed van angst
en nestelt zich in de kamers van ’t hart
droefheid sluiert het zicht
wanneer kleurloze lippen gebeden prevelen
genadeloos tikt de tijd
en likt wonden naar het verleden
waar getekend leed zijn sporen laat
Uit het leven...
Inzicht
Hoe je leeft (spreuk)
Lachen of huilen? (wijsheid)

Mijn dag (spreukje)
Mijn dag begon heel goed
want... ik hoorde jou
en dat geeft mij zoveel moed
jij mijn groot geluk
door jou voel ik me opgewekt
mijn dag kan echt niet meer stuk
Marina Geerinck©Hartendame
Limerick 'Dolle pret'
Een heer had in zijn echtelijk bed
met twee vreemde vrouwen dolle pret
maar owee... daar kwam zijn echtgenote er aan
opeens was het met zijn plezier gedaan
hij werd door haar in z'n blootje 't huis uit gezet
Marina Geerinck©Hartendame
Vriend (afor)
Ik droomde...
dat ik jou met zoveel tederheid
omhelsde in de tuin der liefde
je kuste op je spraakloze lippen
en ik geen woorden meer vond
toen ik vertellen wou, hoe lief ik je had
dat jij mij met handen van liefde
streelde en mijn tere snaren raakte
jij jouw mond begroef in het kuiltje
tussen mijn wulpse rondingen
waar huiverende huid je onthaalde
dat jij een spoor trok
naar lager gelegen oorden
en wij in honingzoete fluisterwoorden
elkaar beminden voorbij het ochtendgloren
tot ik… gelukzalig ontwaakte.
Mijn kinderen (fotogedicht)

Liefde (fotogedicht)

Ik ben groot
kijk maar eens echt naar mij
met poppen spelen is voorbij
torens bouwen met houten blokjes
vlechtjes en witte sokjes
dit is nu echt waar… verleden tijd
ik ben niet langer meer je klein meid
heus mama ik ben groot
en verf nu mijn lippen rood
één jongen is nu mijn beste vriend
en hoop dat jij hem ook een hele toffe vindt
ach moeke je vindt dit heus nog wel fijn
als je zal begrijpen dat wij voor altijd
de beste vriendinnen zijn
Marina Geerinck© Hartendame2
Oud worden (afor)
Anderstalig
bijeengeschraapte letters
puzzelt hij tot woorden
die gaten opvullen
in z’n vocabulaire
ongerijmde zinnen
die taalkloof overbruggen
tekenen balken met
humoristische noten
Limerick 'bont'
een dame vroeg voor haar verjaardag bont
maar manlief bezorgde haar een groot affront
hij wilde niet dat dode dieren
het uiterlijk van zijn vrouw zouden sieren
daarom zei hij... dat zij er heel erg dik mee stond
Marina Geerinck© Hartendame2
De wildernis van 't leven
er was een weg
doorheen de wildernis van ’t leven
die krassen liet op de ziel
waar wilde rozen bloeiden
en ‘t onkruid welig tierde
een weg die struikelen liet
over verraderlijke kuilen
bedekt met loze woorden
die duisternis omtoverde
tot rozengeur en maneschijn
het was een weg
waar ’t verdriet regende
bomen die zelfmedelijden droegen
je lieten schuilen onder een afdak
van haat en nijd
op die weg was er de wind
die je om de oren vloog
je fluisterend waarschuwde
voor de wildernis van ’t leven
die krassen liet op de ziel
Marina Geerinck© Hartendame2
Dierbaar vaderland
zinloos de woorden die minachting riepen
droevig de termen gegooid in de strijd
waar galspuwend vuur vrede doofde
ontsporingen volgend door onnadenkend
streven van ‘hen’ die hoge toppen scheren
neerkijkend op hun dienaars die
voor de leeuwen gegooid het rooien moeten
in naam van verdraagzaamheid
hoe heilig is nog onze God
wiens naam op verraderlijke lippen kleeft
‘mijn’ vaderland… ‘mijn’ moedertaal
waar ‘mijn’ voorouders voor streefden
zeg ik jullie straks… vaarwel?
Grote liefde©omdat ik deze zo mooi vind... voor valentijn ©
zij
ogen spreken woorden
die boekdelen des levens
op minnelijke toon verhalen
in zachte plooien tovert een
glimlach herinneringen die
'hem' als een liefdevolle deken
hartverwarmend toedekt
hij
met een blik van liefde
die verbondenheid vertaalt
bekroont hij ‘haar’ zonder
woorden, zijn lach raakt als
een streling haar huid waar
hij huiverend de geur herinnerd
van passievol onthaal
samen
tot één-zijn verweven
in hart en ziel koesteren
ze 't aandenken van een
vruchtbaar verleden, waar
onbreekbare banden door
het eeuwig stromend bloed
van hun nageslacht
Beloven (spreuk)
Na elke teleurstelling
komt er een vaststelling
dat je niet alles mag geloven
wat mensen je beloven
laat je dus niet langer in de luren leggen
en durf voortaan ook eens NEE te zeggen!
Marina Geerinck©Hartendame
Zien (afor)
Verhaaltje 'zwangerschap''Het leven is toch een soep hé?' Waren de woorden waarmee mijn 8 jarige nichtje me begroette.
'Wat zeg jij nu?'
'Dat het leven een soep is en wij zijn de balletjes' klonk het opnieuw vroegwijs.
'Waar heb jij dat gehoord?'
Ik raapte de sla op en liep er mee naar de wasbak, nadenkend keek ik uit het raam. Dit was toch geen onderwerp om aan kinderen te vertellen, jongens waar ging het in deze wereld toch naartoe? Waar was de tijd dat ik als kind dacht dat babytjes met de stoomboot werden gebracht? Of zoals nadien oma zei: 'ze komen uit de bloemkool' waardoor ik me wel vragen begon te stellen of er dan verschil was tussen kindjes van de stoomboot en kindjes uit de bloemkool.
Of erger nog... die ene anekdote uit mijn jonge leven die me helemaal overstuurd maakte. Op een morgen bij het ontwaken vertelde mijn oma me dat mama naar het ziekenhuis was gebracht omdat ze haar been had gebroken, in de namiddag mocht ik met haar mee op ziekenbezoek. Verwonderd was ik dat mijn mama helemaal geen pijn in haar been bleek te hebben maar dat er wel een schreeuwerig iets in een klein bedje naast haar lag. Een broertje!! De ooievaar was langs gekomen en had haar een broertje gebracht en dat... terwijl ik altijd om een zusje had gezeurd!!
Sindsdien waakte ik erover dat mijn mama haar been niet meer zou breken, ik lette goed op en maande haar steeds aan tot voorzichtigheid want die domme ooievaar zou ons geen tweemaal bij de neus nemen!
'De juf zegt ook, als ze die stomme pil maar niet vergeten was dan...'
Ik schrok op uit mijn overpeinzingen, was even sprakeloos en besloot toch mijn schoonzus even aan te spreken en te horen wat zij hiervan dacht.
Zoals ik al vermoedde was ook zij even de kluts kwijt, niet dat ik preuts omga met mijn kinderen, maar het moet niet te ver worden gedreven, klonk het boos want haar dochterje had nu nog iets meer verklapt.
'De juf zegt dat ze ook aan abarn... abrontendingens denkt'
'Aan wat??' klonk het gelijktijdig uit onze mond.
'Awel, aan abro...'
'ABORTUS???' vroeg mijn schoonzus verbijsterd terwijl ik haar een ferme duw gaf.
'Ja zeg, sorry maar ik ga die 'juffrouw' eens serieus onder handen nemen, dat kan gewoon niet dat die zulke zaken aan kinderen vertelt!
Ik gaf haar groot gelijk, had geen woorden voor wat ik hier had gehoord, was ik in mijn schoonzus haar plaats zou ik dat 'mens' eens goed mijn mening geven over wat ik dacht van haar moderne opvoedingsmethode!
Toen ik haar de dag nadien hoorde, gold natuurlijk mijn eerste vraag 'het zwangerschapsonderwerp'
Een diepe zucht weerklonk: 'zwijg... heb me daar een kop als een pioen behaald.
Bleek ons kaatje gestraft te zijn geweest omdat ze tijdens de les haar tong niet in bedwang had kunnen houden. Na enkele opmerkingen plaatste de juf haar in de hoek achter het klapbord, deed dit dicht en zette er nog het grote scherm voor zodat men haar niet meer kon zien. Tijdens de speeltijd was de juf Kaatje vergeten en omdat ze geen bewaking had tijdens de speeltijd, had ze met een collega een babbeltje geslaan in haar klas. Kaatje helemaal onzichtbaar achter het grote scherm had alles kunnen volgen.
De juf merkte te laat dat het kind er nog stond maar heeft nooit gedacht dat haar gesprek zo'n impact kon hebben op een nieuwsgierig aagje. Mens mijn wangen gloeien nog als ik aan mijn onderhoud met haar denk!'
Tja kinderen!
Stroop smeren (spreuk)
Afscheid
zwart omhult droefheid
leeg is de blik
gericht op de treurwilg
waaronder liefde rust
verdwaalde gedachten
nestelen onordelijk de jaren
tranen verborgen
achter rouwsluiers
banen zich een weg
over diepe groeven huid
‘Hij’ was bij machte
veranderde water in wijn
waarom dan niet…
dood in leven!
Limerick 'liedje zingen'
een heer uit Tielt-Winge
ging voor zijn vrouw een liedje zingen
mevrouw vond het echter niet zo fijn
en kreeg bij haar man's gejank hevige hoofdpijn
nog even en ze zou hem… de nek omwringen!
Marina Geerinck© Hartendame2
Onbegrijpbare wereld
stevig geknoopt
waren steeds haar boeien
van onschatbare waarde
aldus haar pooier
onhandelbaar liet haar
delen in de winst
waarvan de interest
blauwe ogen bedroeg
onbegrip des werelds
dat zij dit alles verdroeg
onwetend dat cocaïne
het begin van het einde was
Marina Geerinck© Hartendame2
Schoolpoort
weet je nog ‘héél lang geleden’
-was de vraag-
alsof enkel ‘lang geleden’ niet voldeed
tijd was ontgaan, aan haar en mij
hier stonden we nu saam, hier
waar we ooit ’t kind-zijn achterlieten
vandaag tekende onschuld
niet langer jonge meisjesogen
...
aan jouw hand
kind van jouw kind
Marina Geerinck© Hartendame2
Limerick 'luis'
op een kaal hoofd leefde eenzaam een luis
ze voelde er zich helemaal niet meer thuis
met heimwee dacht ze aan vervlogen jaren
toen er nog overvloed was aan mooie haren
nu dacht ze diep na over een verhuis
Marina Geerinck© Hartendame2
Bloesems van vergetelheid
ze hield tijd aan de pols
blikte nu en dan op verloren momenten
waarin ze bijeengeschraapte lege uren telde
zwart waren de gaten
die als tandloze monden schreeuwden
naar schaduwen uit ‘t verleden
vervlogen herinneringen
kleefden als schimmen tussen nevelflarden
wanneer ze dwaalde door ‘eigen laan’
daar waar bomen
bloesems van vergetelheid droegen
plukten vingers nog steeds verlangend
Levensweg (spreuk)
Doelbewust
hinkelen was niet je sterkste kant
liever raakte je beide voeten aarde
geloof was luchtig en wonderen
bestonden enkel in dromen
wortels waren verankerd die
verplaatsen onmogelijk maakte
hoop was ijl als het doel ontbrak
de horizon beperkt door
hemel en aarde die samenvloeiden
het leven deint verder op golven
van een kunstzinnige zee
die jij ongestoord blijft bevaren
Witte lelies
ogen spreken liefdevolle woorden
laten gevoelens in tedere ranken
groeien die verstrengeld in elkaar
bloesems dragen van de hoop
***
witte lelies
***
geen beloftes op sterk water
of begeertes onder een stolp…
maar zijdezachte eenvoud
in ’t hart bewaard, laat liefde kiemen
***
witte lelies
***
stromend als een klaterend fontein
waar passievolle klanken vloeien
die blijven galmen na mijn heengaan
liefde en hoop zal eeuwig trotseren
***
witte lelies
***
Incognito
hij reisde
op sporen
naar ’t verleden
droeg herinneringen
als gevouwen inktletters
onder z‘n arm
wegwerpkind…was hij
gedoemd tot
eeuwige zoektocht
in de stilte van zijn
eenzaamheid
legde hij ’t masker af
Gekleurde parels
zwart waren de parels
die tranen hadden geoogst
in duistere momenten
van een ver verleden
wit waren de parels
die hoop verschaften
en klaarheid schonken
in het hedendaags bestaan
roos waren de parels
die rozengeur en maneschijn
tekenen, op weg naar een
zorgeloze toekomst met jou
Zwijgen is... goud
ze spaarde woorden
in het diepst van haar ziel
die wijsheid tekenden
op perkamenten huid
parels van vergeving
geplukt uit ’t zilte nat
gepolijst door ware liefde
schenkt zij nu… de spreker
Rouwranden
afspraken vervlogen
tussen ruimte en tijd
wanneer schaduwen
stille vragen tekenden
‘overeenkomst’ was ‘t synoniem
dat hij nooit had herkend
‘Haagse bluf’ kon hem niet redden
zij was niet voor zoet te vangen
ze had een hekel
aan zwarte boordjes
hij wist het en…
verstopte ze achter de rug
Zelfkennis
Man met de pijp
ik zag hem, haast elke dag
onverschilligheid gehuld in grote jas
telde hij straatstenen of
waren ’t de voegen die half weggevreten
door tijd, nog alles bij elkaar hielden
pijp steeds in de mond
onafscheidelijk alsof hij zo geboren werd
droeg ze nog vuur
na de hevigheid van een regenbui
of was alles gedoofd, zoals de liefde in z’n hart
eenzaamheid las vele ogen
tot de dag dat afscheid voor de deur stond
pijp en grote jas verdwenen
verloren tekende zich ’t straatbeeld
dat nooit meer hetzelfde zou zijn
Moeder Aarde
ik wuif 't geel van de maan
naar een volgende nacht
wannneer ochtenddauw met bloedloze lippen
’t groen kust en onzichtbare ogen
parels van kristal tranen
als gescheurde bruidsluiers
tooien nevelflarden moeder aarde
wiens naaktheid verborgen
in de nieuwgeboren dag
die ik blootsvoets onthaal
poëtisch mijn gedachten
die ik deel met jou
vereeuwig ik met woorden
die mij een diep verlangen geven
tot't behouden van deze schoonheid
Doods-angst
zij was al duizend doden gestorven
nog voor ik ‘t levenslicht aanschouwde
kostbaar was de adem
die geen houdbaarheid kende
verdrongen gedachten
braakten zwartgalligheid
die angst door bloedbanen dreef
vertrokken was ze meerderenmalen
aangekomen nooit…
tot de dag die opgetekend
haar voorgoed de ogen sloot
Onvervuld verlangen
altijd zal er weer een morgen zijn
waarin het droef verlangen
weggeborgen ligt achter stoffige nesten
bijeengeschraapte dromen vertellen
hun verhaal dat onbegrepen
generaties overleven zal
Marina Geerinck© Hartendame2
Bijou
uitdagend paradeerde
smaragdgroene ogen
waarin liefdesvuur laaide
hete vonken troffen zijn wezen
als verleidelijke schoonheid
gracieus bewoog
heupwiegend liet ze verstaan
in een taal die enkel hij verstond
*Bijou*
noemde hij haar, zonder meer…
wat enkel een 'gesneden' kater kon
Marina Geerinck© Hartendame
Inzicht-uitzicht (afor)
Ongekend
met vingers van verlangen
schrijft hij blanco vellen
vol met blauwe hoop
angst om tijdverlies doet
spaties vermijden
in gedroogde inktvlekken
leest hij korenbloemen
stramme knokkels eindigen
naamloos als dageraad weer
aanbreekt en ’t gevouwen
liefdesvuur eindigt in een
verborgen lade…
ooit zal hij haar ontmoeten
Levensweg
Mahoniehouten laatjes
hoog op de zolder in een oude kast
liggen in mahoniehouten laatjes
weggeborgen mijn leed en last
heel wat jaren heb ik vergaard
kleine pijntjes, groot verdriet
alles heb ik bij elkaar gespaard
lezend mijn herinneringen van ‘toen’
wieg ik zachtjes mijmerend
in mijn antieke schommelstoel
afdrukken van hoe het ooit is geweest
bewaard in mahoniehouten laatjes
nee, het leven was niet altijd een feest!
op een dag zal ik er niet meer wezen
ik vraag me af of dan iemand anders
in mijn mahoniehouten laatjes
zal komen lezen
Marina Geerinck© Hartendame2