de zachte vleugels van een klaproos

de zachte vleugels van een klaproos
nu en alles
ligt ginds
de ik- en de jij-vorm
wij als afscheid in het geluid
van klaprozen
ik weet niet meer
of wij waren
en de gebaren die ik losmaakte
uit jouw haren
keerden zich naar binnen
nog voor de nacht brak en wolken legde
in onze adem
ik voelde hoe jij wilde vliegen
verder dan wij hadden verwacht

kerima ellouise ©


















