Naar de inhoud

Julius V.E. Dreyfsandt zu Schlamm : Gedichten 1a

akke.beakke.be

Archief

opstijgen om te dalen




hijgend rende ik...

de rand op de top
wachtte op mij
dat voelde zo aan
geen weg terug
naar de grens van 't leven
de afgrond, waar het water
stotend bruiste


gedagzeggend tegen
wie ook, kom maar
spring maar
daar op die plek,
kijkend omlaag
sprak ik de schepper aan


ik schreeuwde
het was mijn verloren kind
ik krijste, het was de oude man
in mij,
en veel daar tussen, tussen, tussen,,,,


ik dacht in de echo
nog kussen te horen
maar het was de valse hartslag
met hijgende tranen


zweefde al in mijn hoofd
zonder al te vallen
voelde nog wel de aarde
was de hoogste richel
van de stenen rots


in zwart-wit of minstens grijs
flikkerde de dolgedraaide film
alles als grabbelton voorbij
uitpakken. uitpakken
ja nu.....




Geschreven door Julius Dreyfsandt zu Schlamm om 00:00

Hanse panse knoeiertje




Hansje was een dromer
vooral als het winter was
dan dacht hij aan de zomer
met een ijsje op het terras


hij kon zo lekker likken
maar drupte op zijn shirt
dat moet je niet meer flikken
zei moeder op haar beurt


ach, zei kleine Hans gedwee
jij wast toch met een machien
maar moeder was niet tevree
zij wilde geen vlekje meer zien


maar Hansje kon goed brassen
en morste bij de vleet
zijn mam was te lui om te wassen
en klaagde bij elke scheet



Geschreven door Julius Dreyfsandt zu Schlamm om 00:00

Zoete Lieve-Vrouwe van Den Bosch


als tranen worden gehuild
die de Bosche Vrouwe
aldoor zijn toevertrouwd
zou de Dieze overstromen
zouden hoge stadse
kades worden gebouwd
 
eeuwenlang kaarslicht
beschijnt het beeld
van de kleine Madonna
de koningin van troost
voor het menselijk drama
 
alle zorg en leed
worden ongezien beschreven,
in stilte uitgesproken
 
ontvangen is haar antwoord
het zwijgend medeleven
in haar gestalte verwoord
 
in deze koude kapel
met ramen van glas in lood
leggen wij  vaak,
ten einde raad,
onze menselijke
kwetsbaarheid bloot
 
 
 
Geschreven door Julius Dreyfsandt zu Schlamm om 00:00

de man in het zwart




hij is lang van stuk
deze man
voortstappend in een
doortastende pas
gedragen door
zijn zwarte jas
waaronder, onzichtbaar,
zijn schraal postuur;
een lopend skelet alras


zijn bleek gelaat
met ingevallen wangen
en uitstekende botten
lijken de ogen achter
tralies te hebben gevangen
en de geest te verrotten


zijn vilten hoed
ruim om het hoofd gerand
verspreidt de uitgeblazen rook
tot een weids aureool
de sigaret tot de vinger opgebrand
en gebruinde nagels resteren
als doelloos levenssymbool



Geschreven door Julius Dreyfsandt zu Schlamm om 00:00

staren naar de einder

Klik op de afbeelding om de link te volgen 












staren naar de einder
is verder willen zien
dan ik nu al ben


het is ook kijken
naar al wat was
en ik nog steeds
achterna ren


op deze plek
van tegengestelde of
ver-springende
gedachten


hoor ik de zee ruisen
in zandbanken van rust

zo vergaat het vaak
dat dan mildheid komt


wanneer de wind
mij meeneemt
en mijn gemoed
wordt gesust





Geschreven door Julius Dreyfsandt zu Schlamm om 00:00

hoogtij




viert gij hoogtij deze dagen?

niet dat ik weet
is mijn antwoord


vanwaar dat u daar
over begint
of ziet u met
lede ogen aan
dat ik zozeer word bemind?


in dat geval
strekt het u tot eer
zulk een asemend lijf
in uw blik te vangen
of nog beter,
ik bloei in hogere sferen
en u tracht mijn warme zucht
op uw edele huid te eren
met sprakeloze gezangen


wees niet bevreesd
ook mijn genegenheid
is aan u besteed


zie met open ogen
dat mijn ziel
in vreugde,
ten bate van allen,
wordt meegezogen


Geschreven door Julius Dreyfsandt zu Schlamm om 00:00

ik, het kunstwerk





ik weet niet
welk beeld je
uit mij houwt
of in welke stijl
jij mij graag bouwt


maar onderwijl
zijn mijn rondingen
romaans
met een vleugje
jugendstil


ik spreek maar niet
over datgene
dat zich bij tijd en wijle
gothisch gedraagt
maar waarvan je al zei
dat het beviel


mijn buik hangt
wat boers over mijn riem
dus ook genesteld
tussen de benen
en wordt enigszins als
vormloze intimiteit gezien
die geen kunstenaar wil lenen


eer je begint te herscheppen
nog een welgemeende raad
vergrijp je niet aan de esthetiek
van mijn unieke bil(len)naad





Geschreven door Julius Dreyfsandt zu Schlamm om 00:00

verstild


mijn hand
al gerimpeld, het vel,
dat wel
mijn hand dus
strekt zich uit
over de stilte


sneeuw,
een onzichtbaar
dik tapijt
helder wit geweven
haast glanzend
sluipt op tegen een
lichtglooiende
heuvel


mijn korte vingers
begeleiden de opgaande lijn
in de vallende rust
naar de verte toe


zelfs mijn denken,
mijn denken,
vraag ik me af
zakt weg, nog verder dan,
als daarvoor
in niets

ik ben daar
met het geheel

alleen



Geschreven door Julius Dreyfsandt zu Schlamm om 00:00

lege stoel



kijk daar, verder op
zei ik
daar gaat je broer

fietst met kleinkind
achterop;
nog zo stoer

in de terrasstoel,
naast mij,
met een leegte
van verbeelde
aanwezigheid,
spreekt zij geen woord

ik roep naar de overkant
hé, Jan...zie ons hier

hij ziet mij niet
sinds jij niet meer
bij mij hoort


Geschreven door Julius Dreyfsandt zu Schlamm om 00:00

uitgeblust




op de eerste etage
slungelden haar benen
uit het raam
over het al haast
verrotte houten kozijn
van een herenhuis
met verloren faam


ze daagde mij uit
met blote benen
en lonkende ogen
die mijn lust wilden lenen


onder het gewuif
van een luchtige rok
ontsnapte mijn verstand
geenszins aan deze ruif
en mijn hart haastte zich
als een opgejaagde klok


nog twintig treden te gaan
naar dit hemels genot
langs gore wanden
met verbleekte sterren
maar daar boven aangekomen
kwam ik al adem tekort
om nog verder op te stomen




Geschreven door Julius Dreyfsandt zu Schlamm om 00:00

Meer van Julius V.E. Dreyfsandt zu Schlamm : Gedichten 1a

↑ Terug naar de berichten