Zondag 28 mei 2006
ART . NR . 25 . a - DE GEWASSEN TEKENING EN AQUAREL
Art . Nr . 25 . a ,
De Gewassen tekening en Aquarel .
Het spreekt vanzelf dat de gewassen tekening , uitgevoerd in één kleur waterverf , niet zo moeilijk is als de aquareltechniek .
Wij gaan eerst eens zien welke materialen wij nodig hebben ;
Palet of een witglakt blik
Een tube waterverf ( naar keuze : ivoorzwart , lampenzwart , sepia , Van Dijckbruin of Sienna ) .
Een drietal penselen van marter - of dashaar waarvan een ( dikte van de buik ca. 13 mm , 9 à 10 mm , en een dunner 6 à 7 mm .
Een waterpotje .
Een tekenbord of een zelfgemaakt dik tekenkarton .
Enige vellen aquarelpapier van niet te dunne kwaliteit met een fijne korrel .
En een schilderstoeltje .
De techniek .
Bij de gewassen tekening komt het er dus op aan , dat wij een voorwerp in toon zetten door middel van een penseel met water en een zekere hoeveelheid verf . Hoe meer de verf verdund wordt , des te lichter wordt de tint ; hoe minder de verf verdund wordt , des te donkerder wordt deze .
Daar wij slechts de beschikking hebben over één kleur , moeten wij dus alle kleuren van ons onderwerp herleiden tot grijze , gaande van heel licht tot heel donker . Voorts dienen wij er aan te denken dat alle tinten in de gewassen tekening ( en ook in de aquarel ) in zekere mate doorschijnend moeten blijven , in tegenstelling tot andere technieken , zoals gouache of olieverf , waarin wij " dekkend " werken . Vermijdt dus te allen tijde dikke verfpartijen . Bij de gewassen tekening en de aquarel doet het witte papier dienst als wit . Bij dekkende technieken wordt het wit als verstof wel gebruikt om de tint van een kleur lichter te maken .
De volgende waarschuwing bij deze tecniek en de aquarel is dat je nooit een nog vochtige tint mag overschilderen met een andere . Wacht tot de eerste droog is , anders onstaan er kringen en vlekken welke je niet meer herstellen kunt .
Toch is het wel mogelijk een tint in een natte partij te zetten , doch dan moet de toonwaarde daarvan zoveel krachtiger zijn dat de laatste mooi kan uitvloeien . Men kan op die manier op bepaalde plaatsen enige versterkingen aanbrengen die aan de randen ineenvloeien met de waarde die zij versterken . Met deze manier van werken dienen wij evenwel voorzichtig te zijn want een teveel aan dergelijke effecten doet een te bont onsamenhangend geheel onstaan , ook al zijn de handelingen goed uitgevoerd .
Maar hoe dan ook , wanneer je een tint over een andere moet zetten of in een andere wilt laten vloeien , doe het voorzichtig . Wrijf niet te hard met het penseel op de eerste tint , anders gaat de waarde daarvan verloren .
Ook wanneer twee tinten scherp tegen elkaar moeten komen te staan , wacht dan tot de eerste droog is alvoren de tweede aan te brengen . Een uitzondering is het natuurlijk wanneer je beide tinten ineen wilt laten vloeien , waarbij dan gezorgd moet worden voor een groot contrast tussen deze beide tinten .
Het is mogelijk om tijdens het werken een tint in kracht te laten afnemen . Je zet de eerste streek neer , dop dan het penseel met de punt even in het water en zet de volgende streek neer welke natuurlijk mooi bij de eerste moet aansluiten . Dit kunt je enige malen herhalen totdat het vlak waarmee je bezig bent zijn juiste verloop heeft . Iedere keer dat je het penseel in het water dop moet je er een paar draaiende bewegingen op het palet mee maken opdat de verf en het water gemengd worden . Dat deze methode een vlug werken vereist behoeven wij je wel niet te zeggen . Wacht men even te lang dan kan de tint al aangedroogd zijn en al ons werk is voor niets geweest . Natuurlijk kunnen wij ook omgekeerd te werk gaan en zwakere tinten langzamerhand versterken door in opeenvolgende streken steeds meer verf aan het penseel te nemen . Op welke wijze kunnen wij nu zien of het papier voldoende droog is wanneer wij beginnen of het werk voortzetten ? Houdt het tekenkarton horizontaal , neig het hoofd enigzins en kijkt zo langs de opervlakte van het papier tegen het licht in . Glimt het oppervlak niet meer dan is het water voldoende in het papier getrokken en kunnen de volgende tinten opgezet worden zonder dat zij zullen " uitlopen " .
Nog een belangrijk punt : in een gewassen tekening ( en aquarel ) dringen bepaalde kleurstoffen diep in het papier . Dit komt door de aard van de verschillende kleurstoffen . De " zware " kleuren , bijvoorbeeld gele oker , dat het water meer vasthoudt dan dat het er zich mee vermengt , dringen haast niet in het papier . Andere kleurstoffen welke zich meer met het water verbinden dringen tegelijk met het water in het papier . Drogen deze tinten op dan worden zij lichter van kleur en het afnemen van de kleurkracht wordt sterker naarmate het papier tijden het werken natter wordt gehouden .
Alleen door ervaring zult je leren hoeveel meer kracht je bepaalde tinten moet geven omdat zij na droging hun juiste waarde behouden . Tijden de eerste oefeningen behoeft je daar nog niet zo op te letten . Mocht een tint te licht uitvallen zijn zet er dan gerust even een donkerder overheen .
De Aquarel
Voor het schilderen met waterverf gebruiken wij dezelfde materialen als voor de gewassen tekening , waarbij dan de kleuren komen welke op het einde van de les , Art .Nr . 25 genoemd zijn . Ieder hokje van ons palet vullen wij met een van deze kleuren , waarbij steeds dezelfde volgorde wordt aangehouden . Ons eerste werk is het aanbrengen van algemene kleur van het voorwerp , doch dan wel in de lichtste tint . Meteen daarna geven wij de diepere tinten aan . Pas echter op , wij zeiden diepere tinten , maar geen schaduwen !
De Gewassen tekening en Aquarel .
Het spreekt vanzelf dat de gewassen tekening , uitgevoerd in één kleur waterverf , niet zo moeilijk is als de aquareltechniek .
Wij gaan eerst eens zien welke materialen wij nodig hebben ;
Palet of een witglakt blik
Een tube waterverf ( naar keuze : ivoorzwart , lampenzwart , sepia , Van Dijckbruin of Sienna ) .
Een drietal penselen van marter - of dashaar waarvan een ( dikte van de buik ca. 13 mm , 9 à 10 mm , en een dunner 6 à 7 mm .
Een waterpotje .
Een tekenbord of een zelfgemaakt dik tekenkarton .
Enige vellen aquarelpapier van niet te dunne kwaliteit met een fijne korrel .
En een schilderstoeltje .
De techniek .
Bij de gewassen tekening komt het er dus op aan , dat wij een voorwerp in toon zetten door middel van een penseel met water en een zekere hoeveelheid verf . Hoe meer de verf verdund wordt , des te lichter wordt de tint ; hoe minder de verf verdund wordt , des te donkerder wordt deze .
Daar wij slechts de beschikking hebben over één kleur , moeten wij dus alle kleuren van ons onderwerp herleiden tot grijze , gaande van heel licht tot heel donker . Voorts dienen wij er aan te denken dat alle tinten in de gewassen tekening ( en ook in de aquarel ) in zekere mate doorschijnend moeten blijven , in tegenstelling tot andere technieken , zoals gouache of olieverf , waarin wij " dekkend " werken . Vermijdt dus te allen tijde dikke verfpartijen . Bij de gewassen tekening en de aquarel doet het witte papier dienst als wit . Bij dekkende technieken wordt het wit als verstof wel gebruikt om de tint van een kleur lichter te maken .
De volgende waarschuwing bij deze tecniek en de aquarel is dat je nooit een nog vochtige tint mag overschilderen met een andere . Wacht tot de eerste droog is , anders onstaan er kringen en vlekken welke je niet meer herstellen kunt .
Toch is het wel mogelijk een tint in een natte partij te zetten , doch dan moet de toonwaarde daarvan zoveel krachtiger zijn dat de laatste mooi kan uitvloeien . Men kan op die manier op bepaalde plaatsen enige versterkingen aanbrengen die aan de randen ineenvloeien met de waarde die zij versterken . Met deze manier van werken dienen wij evenwel voorzichtig te zijn want een teveel aan dergelijke effecten doet een te bont onsamenhangend geheel onstaan , ook al zijn de handelingen goed uitgevoerd .
Maar hoe dan ook , wanneer je een tint over een andere moet zetten of in een andere wilt laten vloeien , doe het voorzichtig . Wrijf niet te hard met het penseel op de eerste tint , anders gaat de waarde daarvan verloren .
Ook wanneer twee tinten scherp tegen elkaar moeten komen te staan , wacht dan tot de eerste droog is alvoren de tweede aan te brengen . Een uitzondering is het natuurlijk wanneer je beide tinten ineen wilt laten vloeien , waarbij dan gezorgd moet worden voor een groot contrast tussen deze beide tinten .
Het is mogelijk om tijdens het werken een tint in kracht te laten afnemen . Je zet de eerste streek neer , dop dan het penseel met de punt even in het water en zet de volgende streek neer welke natuurlijk mooi bij de eerste moet aansluiten . Dit kunt je enige malen herhalen totdat het vlak waarmee je bezig bent zijn juiste verloop heeft . Iedere keer dat je het penseel in het water dop moet je er een paar draaiende bewegingen op het palet mee maken opdat de verf en het water gemengd worden . Dat deze methode een vlug werken vereist behoeven wij je wel niet te zeggen . Wacht men even te lang dan kan de tint al aangedroogd zijn en al ons werk is voor niets geweest . Natuurlijk kunnen wij ook omgekeerd te werk gaan en zwakere tinten langzamerhand versterken door in opeenvolgende streken steeds meer verf aan het penseel te nemen . Op welke wijze kunnen wij nu zien of het papier voldoende droog is wanneer wij beginnen of het werk voortzetten ? Houdt het tekenkarton horizontaal , neig het hoofd enigzins en kijkt zo langs de opervlakte van het papier tegen het licht in . Glimt het oppervlak niet meer dan is het water voldoende in het papier getrokken en kunnen de volgende tinten opgezet worden zonder dat zij zullen " uitlopen " .
Nog een belangrijk punt : in een gewassen tekening ( en aquarel ) dringen bepaalde kleurstoffen diep in het papier . Dit komt door de aard van de verschillende kleurstoffen . De " zware " kleuren , bijvoorbeeld gele oker , dat het water meer vasthoudt dan dat het er zich mee vermengt , dringen haast niet in het papier . Andere kleurstoffen welke zich meer met het water verbinden dringen tegelijk met het water in het papier . Drogen deze tinten op dan worden zij lichter van kleur en het afnemen van de kleurkracht wordt sterker naarmate het papier tijden het werken natter wordt gehouden .
Alleen door ervaring zult je leren hoeveel meer kracht je bepaalde tinten moet geven omdat zij na droging hun juiste waarde behouden . Tijden de eerste oefeningen behoeft je daar nog niet zo op te letten . Mocht een tint te licht uitvallen zijn zet er dan gerust even een donkerder overheen .
De Aquarel
Voor het schilderen met waterverf gebruiken wij dezelfde materialen als voor de gewassen tekening , waarbij dan de kleuren komen welke op het einde van de les , Art .Nr . 25 genoemd zijn . Ieder hokje van ons palet vullen wij met een van deze kleuren , waarbij steeds dezelfde volgorde wordt aangehouden . Ons eerste werk is het aanbrengen van algemene kleur van het voorwerp , doch dan wel in de lichtste tint . Meteen daarna geven wij de diepere tinten aan . Pas echter op , wij zeiden diepere tinten , maar geen schaduwen !

















