Art . Nr . 57 .
DE ILLUSTRATIE
Inleiding
De illustratie heeft tot doel om een gedrukte tekst op te helderen , aan te vullen en te versieren met behulp van de prenten die tot stand kwamen door de illustrator . Deze is dus de tolk van de gedachten van de schrijver en deze gedachten geeft hij gestalte door middel van tekeningen die in een of andere techniek zijn uitgevoerd .
Maar het werk van de kunstenaar zal een " vermenigvuldiging " moeten ondergaan . Zijn tekeningen en composities zullen in het te drukken boek worden afgebeeld . Met het oog daarop zal de illustrator niet alleen in de " geest " van het boek in kwestie moeten werken , maar ook rekening moeten houden met het soort van uitgave , het formaat en de aard van het te gebruiken papier .
Op dit alles zullen we later nog terugkomen wanneer we , op het geschikte ogenblik , de verschillende reproductie - en druktechnieken zullen behandelen .
Hierboven stipten we aan dat er een logisch verband dient te bestaan tussen de tekst en zijn illustraties .
Nu spreekt het wel vanzelf dat de uitdrukkingsmogelijkheden van de schrijver en van de tekenaar zeer verschillend zijn . Maar , wel verre van met elkaar in conflict te komen , moeten deze elkaar juist gaan aanvullen . En hieruit volgt natuurlijk de noodzaak van een nauwe samenwerking tussen beiden .
Wie een boek wil gaan illustreren moet eerst gaan.... lezen . " Een waarheid als een koe " , zult je misschien zeggen . Ongetwijfeld , maar onder lezen willen we ook verstaan de geest van het boek begrijpen en aanvoelen om in staat te kunnen zijn een toepasselijke " verluchting " te leveren . Men begrijpt dan wel dat de rol , die aan de kunstnaar is toebedeeld , de uitdrukking van zijn persoonlijkheid beperkingen oplegt . Toch kan er wel degelijk sprake zijn van een oorspronkelijke kunstzinnige schepping , want ook hier hebben we een vertolking en wel een die de kunstenaar door zijn persoonlijkheid wordt opgelegd . In deze werkzaamheid van de geest komen de gevoeligheid en de verbeeldingskracht van een illustrator een belangrijk woord meespreken .
Laten we , wat dat betreft , intussen niet vergeten dat de verbeeldingskracht de dochter is van de waarneming . Wat is , in de beeldende kunsten , verbeeldingskracht feitelijk anders dan het opnieuw oproepen van elementen , waarvan het beeld op een of ander ogenblik op iemands netvlies vershenen is ? Van een illustrator moet het zg. visuele geheugen dus wel in bijzondere mate gevoelig zijn en dit kan worden door een voortdurende oefening van het observatievermogen . Door veel te kijken leert men op den duur zien en onthouden . Dank zij dit visuele geheugen wordt , in de meeste gevallen , een compositie uitgevoerd zonder dat een direct contact met de natuur nodig is . De kunstenaar die een uitgebreide kennis bezit van het menselijk lichaam , de dieren , perspectief enz. , zal in staat zijn om vormen en constructies uit te voeren of een beweging neer te zetten in overeenstemming met wat de tekst hem suggereert . Op die manier geniet zijn geest de grootst mogelijke vrijheid om op levensware wijze te scheppen en wij zeggen wel degelijk " scheppen " . Want het is onlochenbaar dat hier van schepping , creatie , sprake is , te meer waar de elementen , die de kunstenaar uit zijn geheugen opdiepte , door hem niet gebruikt zullen worden zonder hen te " transponeren " en te " interpreteren " volgens een geheel persoonlijke opvatting van de gedachten die in de te illustreren tekst opgesloten liggen .
Overigens zal de tekenaar ook werk moeten maken van een rangschikking , een ordening van al die elementen . Ook in zijn werk zal de kunst van de compositie dus zijn rechten opeisen teneinde op de aangenaamste wijze een bepaald geheel tot stand te kunnen brengen . De in het vorige lesdeel bestudeerde wetten zal ook hij moeten gaan toepassen . Intussen is het wel duidelijk dat ook hier zijn persoonlijkheid en oorspronkelijkheid aan het licht zullen treden want , al heeft ieder terrein zijn eigen beginselen , er zijn ook verschillende manieren , aan ieder mens eigen , om zich daaraan te onderwerpen .
We zullen om te beginnen , de illustraties onder ogen zien van een op bijzondere wijze verzorgde uitgave .
Een dergelijke " luxe - editie " kan , voor wat het illustratieve gedeelte betreft , uit de volgende onderdelen bestaan :
1e. een titelbeeld : illustratie buiten de tekst , die afgebeeld is op de titelpagina van het boek .
2e. kopbeelden : serie van illustratie die boven ieder hoofdstuk staan .
3e. illustraties tussen de tekst verdeeld over het gehele boek .
4e. slotvignetten : serie van kleine illustraties , die ieder aan het slot van een hoofdstuk afgedrukt zijn , als de op de bladzijde vrijgelaten plaats dit toelaat .
5e. versierde letters , zeer grote hoofdletters waarmee de hoofdstukken beginnen en die voorzien zijn van kleine tekeningen .
6e. illustraties buiten de tekst : serie van illustraties ( gewoonlijk niet groot in aantal ) van groot formaat over de volle bladzijde .
Soms wordt een van hen ook op de omslag van het boek afgedrukt .
Men dient ook te weten dat de tekst van een boek op de bladzijden is afgedrukt volgens nauwkeurig vastgestelde verhoudingen van hoogte en breedte , want anders zou zijn aspect natuurlijk zeer ongelukkig kunnen zijn . De lengte van een gedrukte lijn tussen de beide marges rechts en links draagt de naam van regellengte . De plaats en het formaat van , in het bijzonder , de kopbeelden is gewoonlijk met die regellengte verbonden , zoals natuurlijk ook de hoogte van de tekst op iedere bladzijde , teneinde een zeker evenwicht in acht te blijven nemen . Bij uitbreiding wordt de term " regellengte " ook gebruikt voor de beide afmetingen , hoogte en breedte , van de gedrukte tekst . De getekende composities bevinden zich in het algemeen binnen een omlijsting , waarvan de vorm en afmetingen voor ieder soort van illustratie voor een gegeven boek met zorg gekozen zijn , en wel in het bijzonder voor kopbeelden , sierletters en platen buiten de tekst , met als doel een homogeen geheel . Maar voor illustratie tussen de tekst , slotvignetten e.d. neemt men minder strenge regels in acht . Wij geven zelfs een voorbeeld van een kopbeeld ( fig . 30 ) waarin de tekenaar weliswaar de in dat boek gebruikelijke omlijsting heeft toegepast maar dit , om een bepaald effect te versterken , aan de benedenzijde rechts heeft losgelaten .
In sommige gevallen geeft de illustrator zijn verschillende composities voor eenzelfde boek een geheel vrije wijze van uitsnijden .
Het staat de kunstenaar vrij om uit de twee bovengenoemde mogelijkheden een keuze te maken om het algemene beeld van zijn illustraties op geslaagde wijze in overeenstemming te brengen met het karakter van het gehele boek .
In beginsel moeten de illustraties op regelmatige wijze over het boek verdeeld worden om een te lange , eentonige , opeenvolging van bladzijden zonder het
" open raam " van een illustratie , te vermijden . Deze noodzakelijkheid dwingt , helaas , de kunstnaar er soms toe om de uitvoering in de steek te laten van een of ander onderwerp , dat hem bijzonder ter harte ging , teneinde een overeenstemming tussen tekst en illustratie in stand te kunnen houden ; dit betreft vooral de plaatjes tussen de tekst .
Lettekundige werken kunnen zeer talrijk en uiteenlopend zijn voor wat betreft de behandelde onderwerpen , de besproken denkbeelden enz . Romans , reisverhalen , geschiedenisboeken en wetenschappelijke werken zullen illustraties krijgen die aangepast zijn aan het soort en de geest van het boek in kwestie . Deze plaatjes zullen , van het ene boek op het andere , weinig met elkaar gemeen hebben , of het zou de persoon of personen moeten zijn , die voor de illustraties gezorgd hebben .
In veel gevallen zal de illustratie objectief zijn , d. w. z. de onderwerpen van de tekst weergeven door zich strikt aan de tekst te houden , al blijft de persoonlijkheid van de tekenaar zich in volle vrijheid uitdrukken in het grafisch karakter van zijn werk .
Zo kan de illustratie ons de plaatsen tonen , die in een reisverhaal beschreven worden . Maar in zo'n geval zal de tekenaar - om de waarheid te kunnen dienen en dat zal hier toch wel nodig zijn - gedwongen zijn om zich goed te documenteren , ofwel te bestemde plaatse , ofwel met behulp van foto's , die hij op de een of andere wijze zal moeten vertolken om goede composities te verkrijgen .
Maar er zijn ook geschriften waarin een grotere subjectiviteit of een psychologische studie de overhand hebben . Dit soort van boeken vraagt natuurlijk om illustraties van geheel andere aard . Zij zullen versierd worden met allergorische en symbolische illustraties en zelfs , onder omstandigheden , met die van het zg. non - figuratieve soort .
Weer andere zijn er die van geen enkele soort van illustratie voorzien zouden kunnen worden , behalve misschien van geheel decoratieve aard , in kopbeelden , omlijstingen van bladzijden en sierletters bijvoorbeeld , die tot in volkomen abstracte vorm kunnen worden opgevat . Dit zal o.a. het geval zijn met publicaties van wijsgerige aard .