ART . NR . 20 . - FIG . 13 . - MOERASLANDSCHAP

Teken en schildercursus fritske3
ART . NR . 20 . - FIG . 13 . - MOERASLANDSCHAP
FIG . 12 , SNELLE SCHETS
FIG . 11 . - ZANDGROND .
FIG . 10 . - ROTSACHTIG - TERREIN .
FIG . 9 . OPZET VAN HET LANDSCHAP .
FIG . 8 . - LANDSCHAP MET WEG DOOR RENEFER.
ART . NR . 20 . -FIG . 7 . OPBOUW VAN EEN LANDSCHAP .
Art . Nr . 20 .
ART . NR . 20 . - DE ONDERDELEN VAN HET LANDSCHAP .Art . Nr . 20 .
De onderdelen van het Landschap
Het Terrein
Het is begrijpelijk dat wij de ontleding van het landschap beginnen met een studie van het terrein .
Hierop speelt zich immers het leven af . Planten en bomen groeien hier , de huizen zijn erop gebouwd , het water strekt zich hierover uit en mens en dier slijten er hun aards bestaan . De grond waarop wij leven doet zich voor als een groots bouwwerk met zijn vlakten en uitsteeksels , met zijn dalen en bergen . Welk een wonderlijk mooi spel van licht en donker , van kleur en tegenkleur kunnen wij vaak ontdekken al naar gelang de landstreek waar wij ons bevinden . In fig . 7 , een penseelschets door V . Bonneterre , zien wij heel mooi de opbouw van een landschap in verschillende plans . De krachtige scheidingslijnen tussen die plans laten ons ook heel goed de bewegingen van het terrein zien . Bij de opzet van een landschap doen wij er dus goed aan deze lijnen op te zoeken ; het zijn tevens de constructielijnen . Wij zien in fig . 8 een ander voorbeeld met de constructie daarvan in fig . 9 . Ge grote " bewegingen " in dit landschap zijn aangegeven door de volgende lijnen : EF , KL ( de weg - het meest sprekende ellement ) A - B ( de hoge kant van het eerste plan links ) .
G . H . I . ( eerste plan aan de rechterzijde ) - C - D ( het tweede plan dat het midden van de compositie inneemt ) . Het is een mooi afgewogen compositie ; de partij rechts vormt een prachtig tegenwicht het linker gedeelte , terwijl het geheel op het midden gericht is door de weg in het tweede plan . Wij vragen bij dit schilderij uw aandacht voor de mooi afgestemde toonwaarden en de door de wind bewogen bomen . Bij het schilderen of tekenen van een landschap moet je eraan denken dat een krachtige voorgrond ( met alle bijbehorende details ) het geheel diepte geeft . Hoe dichter een voorwerp bij u staat des te meer details ziet je immers en des te krachtiger doen zij zich dan ook aan het oog voor . Maar let op ! Er zijn gevallen waarin de algemene toon - of kleurwaarde van een verder verwijderd deel in het landschap gelijk is of zelfs krachtiger dan die van het eerste plan . Wij kunnen dit soms heel goed waarnemen wanneer wij aan zee staan . Fig . 40 geeft ons daarvan een goed voorbeeld . Dergelijke verschijnselen zijn veelal het gevolg van de belichting , welke in het landschap zo'n belangrijke rol speelt . De belichting , wijzigt het kenmerkende van een landschap al naar gelang het uur waarin wij dit zien . Een fel door de zon beschenen landschap zal krachtige kleur , en toontegenstellingen laten zien , terwijl ditzelfde landschap onder een grijze hemel aanmerkrlijk zwakker van tegenstellingen is . Wij willen echter nogmaals opmerken dat dit slecht algemeenheden zijn . Vaste regels zijn nu eenmaal niet te geven en nauwkeurige waarneming blijft een gebiedende eis . In het volgende gedeelte van dit hoofdstuk zullen wij de verschillende terreinsoorten aan een nader onderzoek onderwerpen . De afbeeldingen welke hierbij behoren laten je technieken zien die geéigend zijn voor het weergeven van dergelijke landschappen .
Rotsachtig terrein
Hierin komt de bouw al dadelijk in al z'n scherpte naar voren . Wij zeggen " scherpte " want de ruwe uitsteeksels van de rotsen steken scherp af tegen de glooiingen van het terrein en de zachte golvingen van de grasvlakten , het is dus raadzaam bij het maken van een dergelijk tekening die contrasten duidelijk te laten uitkomen en er het hoekige karakter in te leggen , wat gemakkelijk bereikt wordt door een gebroken lijn , een korte stevige streek . De pen leent zich uitstekend voor deze landschappen ? Je kunt het zien in de pentekening van het rotslandschap ( fig. 10 ) .
Je ziet daar een weg van grote onregelmatige stenen , met langs de kant massieve rotsblokken van verschillende grootte . Links en rechts grasland met enkele bomen en struiken . Het geheel geeft de indruk van ruwheid , van hardheid die niet zonder bekoring is . Met een gewone pen kunt je het karakter het beste weergeven . Let op de stevige hand die door haar forse streken de vorm van de rotsen aangeeft waardoor zij direct in het oog springen . De weg is minder krachtig aangegeven door de fijnere arcering . We zullen hier niet terugkomen op de techniek van de pentekening ; deze is immers uitgebreid behandeld in de les " Licht en Schaduw " . Bestudeer deze tekening en zie het indringende effect van de techniek , die hier onrustig en toch persoonlijk is . De ervaring zal je leren te profiteren van de hulpmiddelen die deze werkwijze biedt . Vooral de " opzet " is belangrijk en wie weet ?... daar het hier om het handschrift gaat , zal ongetwijfeld uw persoonlijkheid in de " opzet " kunnen uitkomen .
Zandgrond
Wij hebben er in het vorige hoofdstuk op gewezen dat , ongeacht de aard van het terrein , het altijd mogelijk is er de grote lijnen in terug te vinden . In de gewassen tekening van fig . 11 vinden wij er de bevestiging van . Hier gaat het op een golvende bodem . Het opgewaaide zand van de duinen vormt heuveltjes met zachte welvingen . De uitdrukking is eenvoudig en het reliéf soepel . Het terrein is vrij kaal , een enkele graspol , zoals men in de duinen vaak ziet , vormt de enige onderbreking in de eenzaamheid van het terrein .
Wij volgen nog steeds dezelfde werkwijze : eerst geven wij met eenvoudige lijnen de glooiingen van het terrein aan . Met het natte penseel worden vervolgens , grof , enkele kleurwaarden opgezet : het reliéf van de heuveltjes , de kleur van de lucht , de donkere vlekken van de bomen , lichtere plekken van het gras . Wij zullen de " gewassen tekening " , de hier gebruikte techniek , later bespreken als voorloper van de aquarel . Het principe van de gewassen tekening komt in het kort hierop neer : de toonwaarden worden in de tekening opgebracht door middel van een penseel met sterk verdunde waterverf . Over het algemeen gebruikt men zwarte of bruine waterverf . Maar zowel hier als in de volgende voorbeelden doet de keuze tussen de verschillende technieken er weinig toe . Ongetwijfeld geeft het karakter van het motief de werkwijze al aan en daar moet men rekening mee houden . Maar welk materiaal men ook gebruikt , het gaat om de tekening en het waarnemen der toonwaarden en de juiste weergave daarvan . Als je fig . 12 bekijkt , ziet je een snelle schets met de pen . Men had net zo goed een podlood kunnen gebruiken . Hoofdzaak is echter de weergave van de beweging in het landschap en het uitdrukken van de vormen en toon . Men moet zich aanpassen aan het materiaal dat men gebruikt en dit materiaal aanwenden tot het verkrijgen van een expressief resultaat . Wij raden je daarom aan vaak te oefenen en daarbij telkens van materiaal te veranderen .
Moeraslandschap
Het melancholieke landschap van fig . 13 is gemaakt met houtskool en daarna gewassen . Wij herhalen nog eens dat er niets veranderd is in de volgorde van het werk . Wij wijzen in de bouw van dit landschap slechts op datgene wat in de tekening te zien is . Over een wal midden in het moeras loopt een smalle weg die overgaat in het water op de achtergrond . Het terrein gaat in de verte over in horizontale lijnen . Waterplanten , vooral riet , zijn min of meer scherp getekend , weer verzacht door een iets lichtere toon . Je moet niet bang zijn om in het " handschrift " de verschillende accenten een rol te laten spelen , die je kunt verkrijgen door de verf nu eens sterk te verdunnen en dan weer bijna onverdund te gebruiken , zoals je dit ziet in de lucht en in de planten op het tweede plan . Natuurlijk moet een korrelig papier gebruik worden , waardoor ook de kleinste hoeveelheid verf een effect geeft .
ART . NR . 21 . DENNEN , FIG . 20
FIG . 19 - EIK