Naar de inhoud

POËZIE. SCHILDERIJEN. BEELDEN.

Gedichten over zin, onzin. Humor. Liefde.
En nog veel meer.

akke.beakke.be


WELKOM
met uw bezoek
En veel lees en kijkplezier op mijn blog

Archief

Oostends toiletgedicht.

Oostends toiletgedicht.

Ist voar kart of voar e neure,
doe de grendel op de deure
broek omleige, rok omoge
azo bluf j' overal droge
ist e pisje of zient drollen
t' is int potje dan ze moeten rollen
ook al i gin tied
zorg da je' t papier nie der neffe smiet.

Trek je a' tlatste bladje
peist ook op de volgende ze gatje
ier moe je den tied nie rekken
moa o je vors goat, an de chasse trekken.
En ost achter t' chassen nog bluff plakkn
meug je gerust de burstel pakkn
zie je kleiren wel perfect
voa da je were vertrekt.

Voa da je vors goat nie vergetn
je nanden in te zeipen
dus o je peist op al die wenschen
zie junder propere menschen

Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Reageer op dit bericht

Havenlichtje

HAVENLICHTJE

De zeilen strijken
binnen varen
en meren aan de wal
van boord gaan
en kijken naar het licht
het rode licht
de bar die open staat
voor lieden
die vergeten willen
en in armen rusten
van meiden
terwijl ze tasten naar hun ziel
het hoopje mens dat overblijft
en dorstig is
naar liefde
hoewel hij betalen moet
voor het soelaas
bij drank en vrouwen
tevreden met wat het is
oplapwerk
het hart heeft grote noden
een beetje troost vandoen
wat kleine liefde
een beetje vrouwenmelk

De averij hersteld
het rode lichtje groen geworden
getroost
gesterkt
de buidel lichter
varen maar.

                                                                       ©   Nest Martens

Hoe vind je dit bericht?
Reageer op dit bericht

Wat is politiek ?

WAT IS POLITIEK ?

Een zoon vraagt aan zijn vader: Pap, wat is eigenlijk politiek.
Wel jongen, dat is heel eenvoudig. Kijk, ik breng het geld thuis,
dus ben ik het KAPITALISME.
Je moeder beheert het geld, dus zij is de REGERING.
Opa ziet er op toe dat alles ordelijk verloopt, hij is de OVERHEID
Het dienstmeisje is de ARBEIDERSKLASSE.
Wij hebben allen maar één doel voor ogen, namelijk jou welzijn.
Daarom ben jij het VOLK.
Je kleine broertje die nog in de luiers zit, is de TOEKOMST.

De zoon denkt na en vraagt of hij er een nachtje mag over slapen.

's Nachts wordt hij wakker omdat zijn kleine broertje in zijn luier
heeft gedaan en vreselijk schreeuwt.
Omdat hij niet goed weet wat hij moet doen gaat hij naar de
slaapkamer van zijn ouders. Daar ligt alleen zijn moeder en die
slaapt zo vast dat hij haar niet wakker krijgt.
Daarom gaat hij naar de slaapkamer van het dienstmeisje
waar hij ziet dat zijn vader bij haar in bed ligt, en ze met heel
vreemde dingen bezig zijn.
Hij ziet dat Opa door het raam toekijkt.
Ze zijn allemaal zo druk bezig dat niemand merkt dat hij voor het bed staat.
Daarom besluit de jongen onverrichtezaken terug te gaan slapen.

De volgende ochtend vraagt de vader aan zijn zoon of hij
met eigen woorden kan uitleggen wat politiek is.
Ja zegt de zoon: Het KAPITALISME misbruikt de ARBEIDERSKLASSE
terwijl de overheid toekijkt en de REGERING slaapt.
Het VOLK wordt volkomen genegeerd en toekomst ligt in de STRONT.

Hoe vind je dit bericht?
Reageer op dit bericht

Wijs land

                          WIJS LAND

Om veel vechten                                Vergetelheid
om weinig sterven
om niets begraven worden               Even nog
                                                             een woord
Stil liggen                                            meer niet
eindeloos                                            Aarde in mond en oren

Wat is mijn oorlog                              Stil wijs land
mijn parool                                          waar koren groeit
mijn vlag nu
                                                             Waarom gestreden
De eer     de overmoed                     gevreesd
weg                                                      gehoopt
als lang gegeven kus                        
Jeugd vergaan                                   Waarom niet blijven
tot bleke botten                                   bij haar
                                                             die nu in armen rust
Wind schuurt                                       van iemand
de terp vervaagt                                 die je nooit zag
vlak nu                                                  Die liefheeft en mint
Gras groeit
en gele bloemen                                 En zij
waarop de vlinder rust                        even nog
                                                              denkt aan mij
Zon gaat op
legt haar stralen                                
maar voel ik dat                                           © Nest Martens

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Reageer op dit bericht

In de Slaaptrein

In de slaaptrein.

Een man gaat met de nachttrein naar de wintersport. In de slaapcoupé komt hij tot ontdekking dat hij de ruimte moet delen met een vrouw.

Ze stellen zich aan elkaar voor en komen tot een akkoord. De vrouw gaat boven slapen de man onder. Ze gaan in bed liggen, maar na een kwartier vraagt de vrouw:

"Buurman, slaapt ge al"?

"Nee", zegt de man. "Ik heb het nogal koud", zegt de vrouw, "wilt u misschien het raamje dicht doen.

"Natuurlijk", zegt de man. Hij stap uit bed, doet het raampje dicht en gaat weer liggen.

Na een kwartier roept de vrouw: "Buurman slaapt ge al"?

"Nee" zegt de man.

"Het wordt nogal benauwd", zegt de vrouw, "wilt u misschien het raampje weer open doen"?

"Oke" zegt de man. Hij stapt uit bed, doet het raampje open en gaat weer liggen.

Na een kwartier roep de vrouw: "Buurman, slaapt u al"?

"Nee", zegt de man.

"Het begint nu toch weer koud te worden", zegt de vrouw, "maar ik heb gezien dat daar in het kastje een deken ligt. Wilt u die misschien voor mij pakken"?

"We zouden natuurlijk ook kunnen doen alsof we getrouwd zijn", zegt de man".

"O, zou u dat willen"? vraagt de vrouw.

"Ja hoor", zegt de man.

"Nou, dat lijkt me ook wel fijn", zegt de vrouw.

"Mooi" zegt de man. "Kom uit je nest, pak zelf dat deken, kruip weer in je nest, houd je bakkes en laat me slapen.


Hoe vind je dit bericht?
Reageer op dit bericht

Kleren maken de man

KLEREN
MAKEN DE MAN
               1
Kwam uit het zuiden
de schooier aangegaan
zijn mars over schouder
met spelden en wat naalden
getaand gezicht
zigeunerhoed
en lompen alsom kleren
               2
Uit het noorden
kwam de edelman
met zwier gekleed
en pluimenhoed
aristo kop
met sik en knevel
en welgedane lach
               3
De pastoor kwam uit oost
van waar de wijzen kwamen
brevier omklemd
soutaan tot op de bodem
een vroom gezicht
de zaligheid
erop te lezen
               4
De boer kwam uit de avond
de klompen uit
de laarzen aan
een mand met zuivel
met glimmend hoofd
paars gelakt
de oren naar de winter
               5
Ze kwamen alle wegen
elkander tegen
de vierslag
waar ze stond
de schone hoer
in werkkledij
met deur en ramen
               6
Daar knielden zij
en keken op
naar het kalf
van hun begeren
de brave vrouw
streek hun kruinen
de broeken stonden strak
               7
De boer bood haar
zijn boter aan
de edelman
zijn ridderzwaard
de pastoor prees de hemel
de schooier gaf
een speldeprik
               8
Ze pelden haar de kleren af
en hielpen toen elkander
zo stonden allen
naakt in zand
ze zoogde hen
zoals op schoot
ze reeds leerden
                9
Zo stuwden ze
rondom haar
voor en achter
grepen acht handen
naar de waar
soms ook naar elkaar
               10
Op dit brandend uur
het lijf aan lijf gevecht
ze had acht borsten nodig
de nobelman de pastoor
de schooier en de boer
allen op hun toer
               11
Ze bleven hijgend liggen
met zijn allen
aan de kant
zakten in de slootberm
dronken uit de hand
de hoer
besmeurd      bezeerd
               12
Toen trokken zij
elkanders kleren aan
en zijn hun weg gegaan
de boer die pastoor werd
de schooier edelman
de nobele als boer
de pastoor leuderman
allen eender als naakte man
               13
Zo stond daar nog
heel blank en mooi
de hoer
en telde uit haar giften
veel minder dan de gaven
maar ze had
de hemel over



     ©   Uit de poëziebundel "KOM"
            van    Nest Martens
Hoe vind je dit bericht? 3 stemmen
Reageer op dit bericht

De mannen

         

     De schooier, de edelman, de pastoor,
     de boer en de schone hoer.
Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Reageer op dit bericht

Ei bakken

Ei bakken

Een vrouw is eieren aan het bakken als haar man thuis komt.

Hij loopt de keuken in en.
Begint meteen te roepen.

PAS OP !!!
MEER BOTER !!!
STOP!!  STOP!!
DRAAI ZE OM !!
BOTER !!
ZACHTER !!   ZACHTER !!
MEER BOTER !!
ZIE JE DAT DAN NIET ??
ZE GAAN AANBRANDEN !!
PAS TOCH OP !!
DRAAI ZE OM !!
SCHIET OP !!
HAAST JE !!
DRAAI ZE NU OM !!
STOP !!   STOP !!
PAS OP !!
TE VEEL BOTER !!
HET GAAT SPATTEN !!
ZET UIT !!   ZET UIT !!
PAS OP !!
JE GAAT JE VERBRANDEN !!
ZACHTER!!   ZACHTER !!
HOLA? HOLA TE VEEL BOTER !!
EN TE WEINIG ZOUT !! OHHH
TE WEINIG ZOUT!!

De vrouw is compleet overstuur en gilt:

Waarom roep je zo? wat is er aan de hand ?
De man draait zich om en zegt heel kalm,
terwijl hij de keuken verlaat:

Gewoon om je duidelijk te maken hoe het aanvoelt als
je naast mij zit in de auto.

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Reageer op dit bericht

Drinkebroers.


Vrienden
glazen wijn
en nog goede dingen

De moppen scheren toppen
en ieder grijnst van oor tot oor
vrouwen hebben geen oren

De zon is gul
een hete dag
de drank reist naar binnen
Felle mannen ondereen
net voor ouder worden

Paus   paters   nonnen
het onttuchthuis
alles wordt besproken
brevieren doen ze niet
De buiken schudden
van de lach
rook stijgt uit sigaartjes
Het meisje vult de glazen
glipt heelhuids weg
 
DRINKEBROERS    


























De stemmen worden luider
Dries     Piet    Karel     Jan
en Isidoor
zo kennen ze elkaar
al altijd speelgenoten
goedlachs
de een de andere uitgekleed
om wat hij deed of wilde

Ze staan nu op een rij
wankel voor het porselein
geen einde aan de plas
gaan even door de knieën
Laveren naar huis
waar moeder wacht
een beetje boos
een beetje spot
een beetje spijt

Het was een goede dag 

              ©  Nest Martens             
Hoe vind je dit bericht?
Reageer op dit bericht

Waarom

                     WAAROM

Ik zal kruipen
naar mijn kist

Kom ik zover
wie tilt me dan
Traant mijn oog
als men mij helpt

Ik lig
met open ogen
die men sluit
zachtjes

Waarom
die korte tocht
dit overhaasten
dit rukken aan genot
dit uitstorten

Het hoefde niet
ongeboren
welke rust
wat voorrecht

Nutteloos vechten
om voedsel
om braken                         
  
   Nu
   in verveloze kist
   met rouwenden
   De tranen
   de lach
   Zegeningen
   van een priester
   De gesprekken
   bij het maal

   De wade kil en koud
   de tocht kort

   Stuit hem in het graf
   schuif hem in de oven

   Eentje weent
   De trouwe
   die weet
   wist
   behoede
   mijn kostbaarheid
   mijn heel klein geven

                                   
               ©  Nest Martens
Hoe vind je dit bericht?
1 reactie Reageer op dit bericht

Meer van POËZIE. SCHILDERIJEN. BEELDEN.

↑ Terug naar de berichten