Paling en forel



Ofte over vissen en vangen.
Zijn er hier lezers die de “Gorges deGalamus” kennen ?
Zij die deze gorges niet kennen moeten daar dringend wat aan doen.
Men maakt zo een groot een spektakel over de Grand canyon, de Gorges du Verdon en over nog enkele andere lokale bezienswaardigheden maar de Gorges de Galamus, dat is spektakel maar zijn tot hiertoe vrij onbekend gebleven...
Ze bevinden zich ergens tussen het departement van de “Pyrenées Orientales” en de “Aude” in Frankrijk.
Een zeer woest gebied maar qua natuurschoon en qua rust iets buitengewoons...
Door de gorges rijden alleen al is een onvergetelijke belevenis. Een kronkelende baantje waar maar één auto tegelijk door kan en af en toe is er een “garage” om de tegenligger door te laten. Weer achteruit rijden en constant toeteren is een noodzaak.
Ik heb mensen geweten die ’s nacht probeerden er door te komen en die wenend van de schrik toegekomen zijn in het pensionnetje waar ik weer eens toevallig gewerkt heb....
Het was in het dorpje “Camps-sur-l’Agly”, een dorpje met dertien inwoners, vier koeien en een knettergekke burgemeester.
Zie ook hier, over dat varken...
Het was niet in een restaurant te doen maar in een oude molen waar tijdens de zomer ook wel betalende gasten konden logeren. Comfort was een begrip waar men aldaar nog nooit van gehoord had. Als je er met de auto naar toe probeerde te rijden riskeerde je telkenmale gebroken assen, gebarsten motorcarters of minstens een lekke band of gebroken uitlaat..
Toch was er een zwembad dat gevoed werd met ijskoud water dat rechtstreeks afgetapt werd recht uit de Agly, een riviertje dat nabij Perpignan in de Middellandse zee uitmondt.
Dat er af en toe een waterslang ( couleuvre, natrix natrix) in het zwembad terecht kwam moest je er maar bijnemen.
Dat zijn onschuldige beestjes maar leverden gegarandeerd een reuze spektakel op als er één probeerde om zich rond de benen van een zwemmer te kronkelen...
De bevoorrading was ook geen sinecure. Het dichtstbijzijnde stadje was Saint Paul de Fenouillet, een veertiental kilometer daar vandaan. Daar was toen een groentewinkel ( Chez Gonzales), een kruidenier en een slagerij en een café.
Voor het betere werk moest er naar Perpignan gereden worden. Meer dan zestig kilometer verder.
’s Woensdags was er markt in St-Paul. Daar konden wat meer exotische zaken gekocht worden zoals levende forellen. Verkopers van levende forellen zijn ook nu nog, geen uitzonderlijke verschijning op de Franse markten. Een lichte vrachtwagen, een tank daarop met water waarin de forellen dartelen en een fles zuivere zuurstof om het water levensvatbaar te houden voor de visjes.
Het was woensdag en er zou forel op het menu staan die middag.
Marcel zou met zijn bromfiets naar het stadje rijden om er 14 forellen te kopen.
Zoals reeds uitgelegd moest hij daarvoor twee keer door de gorges rijden. Eén keer heen en één keer terug. Bij het terugkomen was er nog een afdaling naar de molen over de rotsweg vol kuilen en bulten.
Gelukkig kwam hij vrij snel terug maar wat bleek?
Wel geteld vier forellen had hij bij.
Ja maar ik heb er veertien gekocht en ze goed vastgemaakt achter op mijn brommer, was de uitleg van Marcel....
Hij had ze inderdaad goed vastgemaakt met een snelbinder, weet je wel, zo een elastieken ding om allerlei vast te maken achter op de fiets of brommer.
De forellen hadden in een plastieken zak gezeten, achter op de brommer maar door het slingeren in de gorge en het hobbelen bij de afdaling naar het huis toe, waren er enkele, een tiental maar, uit de zak geglipt....mede door de druk van de elastiek die de glibberige vissen moest vasthouden.
Hij is terug gereden om ze te zoeken en heeft er nog twee terug gevonden plus één die volledig plat gereden was...
Een ander vissersverhaal speelt zich af in Lisle, een kleine gemeente in de Périgord.
Men kan er levende forellen, karpers en soms rivierkreeften kopen bij mijnheer Marty.
De vissen zitten er buiten in grote bassins die gevoed worden door het heldere water van de “Dronne”. Soms zijn er ook palingen te koop.
Dikke palingen van meer dan één kilogram per stuk. Kwalitatief zijn ze niet zo goed: veel te vet. Ik heb eens geprobeerd om ze te grillen, gans de keuken stonk naar het palingvet tot ’s anderendaags toe...
Nu zouden we proberen om er paling in het groen van te maken want er was veel zuring in de tuin en zuring breekt de vetsmaak.
Eerlijk moet ik bekennen dat de palingen spotgoedkoop waren. De prijs ben ik vergeten maar het moet iets geweest zijn van een 300 BF per kilo. Het was nog voor de Euro!
Met een viertal collega’s naar de “Pisciculture de la Dronne” gereden, om er vier palingen te kopen.
Marty junior, de zoon, trok zijn lieslaarzen aan en heeft vakkundig vier palingen uit het water gehaald wat geen sinecure is. Uiteindelijk lagen ze te kronkelen in een plastic kinderbadje te wachten op hun terechtstelling.
Nu hebben die vishandelaars daar en toestel voor; een soort elektrische stok die de vissen snel en diervriendelijk doodt. Probeer maar eens om levende palingen in een auto te vervoeren !
De palingen ondergingen dezelfde lot: geëlektrocuteerd! Ze werden daarna in een stevige groene plastic zak geknoopt en in de koffer van de auto gestopt.
Nog even een aperitiefje gaan drinken op het terras, want de pisciculture is ook restaurant, annex drankgelegenheid...
Toen we naar huis wilden, nog wat jassen en fototoestellen in de koffer van de auto gelegd, willen leggen tenminste want wat staarde ons daar aan ?
De acht ogen van vier dikke palingen die handig uit de plastic tas gekropen waren. Zo glad als een aal zegt de volksmond...
Marty junior er nog eens bijgehaald...
Il n’y a qu’ une solution: je vais les retuer !!!
Er is maar één oplossing, ik zal ze nog eens doodmaken !























