PUZZELSTUKJE 1
Postbodes namen het in die tijd niet zo nauw en zodoende tekende mijn pleegmoeder in mijn plaats af met mijn naam.
Het is een uitnodiging om naar een wetsdokter te komen. Ik begrijp het niet goed, maar ik krijg uitleg. Mijn pleegouders hebben hun Burgerlijke verzekeringspolis gebruikt om een schadevergoeding te vragen in voege met mijn auto-ongeval
Daarom moet een wetsdokter de schade aan mijn aangezicht bepalen.
Ook moet ik mij burgerlijke partij stellen.
Ik heb er niet veel zin in, maar ik doe het toch.
De wetsdokter vraagt mij wat ik wil doen.
Of ik graag de littekens met een schoonheidsoperatie wil laten verwijderen?
Ik zeg ja. Want ik lijdd erg onder die littekens in mijn gelaat.
Mijn pleegouders zijn woedend wanneer ik hen dat vertel. Want dat betekent dat er geen geld wordt gestort, maar dat enkel alle medische verzorging wordt vergoed.
Ze maken mij wijs dat wanneer ik een schadevergoeding aanvraag, in plaats van dat ik een operatie wens, ik dan toch de operatie kan laten uitvoeren en nog geld overhoud bovendien. Want men betaald veel meer uit aan een jonge vrouw.
Maar ik blijf bij mijn beslissing.
Uiteindelijk spelen ze het toch klaar dat mijn beslissing wordt herzien. Hun verzekeringsagent brengt dat voor hen in orde buiten mijn weten om.
Ondertussen vraagt mijn vriendin Marina, of ik geen zin heb om in het café komen te werken waar zij ook werkt.
Ik heb toch ervaring, beweerd ze. Maar die ervaring deed ik op in het café van mijn Moederke, en dat was als een thuismatch spelen.
Enkel maar de vrijdagavond, zegt ze me, dan kan ik de vrijdag vrijaf nemen. Zou je dat voor me willen doen?
Ik kan zo moeilijk nee zeggen he!, Iets waar ik nu nog mee worstel. En dus stem toe.Dat dit café in de beruchte Stationsbuurt van Antwerpen ligt, verzwijgt ze me wijselijk. Anders had ik me sito presto bedacht. Eens ik binnen ben is het te laat om nog te weigeren.
Na de ervaring met Jef ga ik alle mannen zoveel mogelijk uit de weg. En in dit café zitten heel veel mannen
Ruwe mannen, dronken mannen, en mannen die denken dat met geld alles te koop is.
Op de hoek aan de toog zit een man in een zee-uniform.
Donkere ogen, donker haren en dito baard. Ook twee perfecte rijen met witte tanden laat hij zien wanneer hij naar me lacht.
Hij blijft mij verder zwijgend gadeslaan en merkt dat ik heel onwennig reageer wanneer er weer eens een dronken klant tegen me staat te lallen of naar me wil grijpen.
Plots staat hij op en neemt één van de dronken klanten bij zijn revers, en zegt hem dat hij zijn fikken van me af moet houden, of anders……
Die zeeman zou de vader van mijn kinderen worden, maar dat wist ik nog niet op dat moment.


