dag omalut


Enkele dagen terug ging ik een paar uren op de kleinkinderen passen. Na twee uur zou de echte babysit komen en kon ik naar de vergadering die in mijn agenda stond.
Eerst zou L. de taaloefening maken. Ik nam naast hem plaats, want speelvogel als hij is, zou hij van de aanwezigheid van oma Lut, die niet zo streng is, gebruik maken om met andere zaken bezig te dan zijn dan die moeilijke woorden te schrijven. Hij schrijft links. Linkshandige kinderen hebben het toch moeilijker om mooi te schrijven want ons schrijft is gericht op rechtshandigen. De eerste woorden vlotten niet: ou of au moeilijk hoor. L. heeft de neiging om er een ‘w’ achter te schuiven want ‘dat hoor je toch als je dat woord uitspreekt’. Ineens vind ik die tweeklanken ook moeilijk want hoe leg je dat uit aan een jongetje dat na een dag school lopen nog huiswerk moet maken terwijl hij met zijn autootjes wil spelen. Maar het lukt hem de hele oefening in te vullen. Dan nog 10 woordjes ‘dictee’. Het is duidelijk met enorm veel moeite dat ook die woordjes op papier komen.
Diepe zucht van opluchting, potlood in de pennenzak, boekentas klaarmaken voor morgen. Ondertussen een hele uitleg over de brief die hij aaneengeplakt heeft voor Sint-Niklaas met zijn verlanglijstje voor dit jaar. De wortel ziet er al verlept uit, die wil hij vervangen, want als vannacht de Sint langs komt moet zijn paard toch een mooie wortel hebben. Ik leg uit dat paarden ook wel eens een wortel lusten die niet zo vers is, want van binnen blijven die wortels sappig. Ik weet niet of deze uitleg correct is, maar hij laat de wortel in zijn klomp bij de kachel. Ik denk: in deze tijd van crisis dient men ook met de wortels voor het paard van Sinterklaas spaarzaam om te gaan.
En dan is het eindelijk speeltijd voor L. Ondertussen is de oudere zus van school toegekomen. We gaan vanavond vroeg eten, zodat ik nadien rechtstreeks naar de vergadering kan. Ze kan eerst nog wat tv kijken, terwijl de lasagne in de oven op temperatuur komt. Na het eten volgt haar studietijd, maar daartegen is de babysit er.
L. laat me een tekening zien, en of ik die mooi vind. Natuurlijk vind ik zo’n tekening prachtig. Hij wil iets ineenknutselen en daarom heeft hij een nietjesmachine nodig. Geen probleem, hij vindt wat hij zoekt. Ik trek me terug en probeer wat te lezen. Plots staat L. bij mij en geeft mij zijn tekening: ik moet lezen wat op de achterkant staat:
omalut
dag omalut ik zou graag (hebben) dat je nog eens komt.
daaronder een hartje en zijn naam.
Mijn avond kan niet meer stuk. Daarenboven is de lasagne prima hoewel de oudere zus vind dat ‘de lasagne van oma Lut’ lekkerder is. Schatten van kinderen toch.












