Pieta (vr./m.)
In ‘Pieta vr./m.’ gaat het om een puur innerlijke beleving. Er is wel realiteit aanwezig, maar een innerlijke realiteit: ik heb beelden in mij van de begrafenis van kinderen die door oorlogsgeweld of honger gestorven zijn. De kinderlijkjes verpakt in een (witte) bundel, gedragen door vaders of moeders. Er zijn de verhalen van mensen die hun kinderen weten sterven door een of andere vorm van geweld: zelfdoding, moord, ongeluk … Trouwens, elke dood van een kind draagt iets gewelddadigs in zich. Er is mijn eigen ervaren.
Vertrekken ‘vanuit’ een ervaring betekent dat je in het brandpunt van je innerlijk beleven gaat staan en er geen afstand van neemt. Afstand waardoor je ‘over ‘die ervaring kan praten, ze een plaats kan geven, situeren in tijd en ruimte: toen, op die plaats en een verhaal krijgt vorm. ‘Vanuit’ een bepaalde ervaring schilderen laat de dimensies van tijd en ruimte verdwijnen, want die doen niet meer ter zake: tijd en ruimte smelten samen tot een ondoordringbaar ‘nu’.
Dat zie je ook in de manier van schilderen: er zit geen diepte in. Je botst als het ware op een muur van chaos omdat de innerlijke beleving overspoeld wordt door een veelheid van emoties: verdriet, woede, onmacht, schuldgevoelens, ontkenning, haat , wanhoop …
Daardoor is dit schilderij moeilijker inleefbaar. Het biedt geen enkele houvast aan de toeschouwer. Alleen wie durft afdalen of intreden in die chaos van innerlijke beleving kan zich laten raken. Maar daarvoor moet men voorbijgaan aan het ‘verstaan’ van iets, waardoor men wat men ziet kan plaatsen. Hier moet men zich als toeschouwer ‘overgeven’ aan de beleving en bereid zijn datgene wat dit schilderij oproept te ondergaan.
De mens in eenheid met de natuur is ook voor Pablo Neruda een voorbijgaande droom. Oorlog en andere vormen van geweld (vb. zelfdoding) tekenen het leven van vele mensen. Dagelijks krijgen we onze portie op het scherm.
De iconische piëta die de katholieke kerk ons voorschotelt en te bezichtigen is in kerken en musea, toont een moeder na de executie van haar zoon. Meestal een nog jonge sierlijke vrouw die overstelpt wordt door haar verdriet, zodanig dat alleen nog zwijgen rest. Deze piëta diende als voorbeeld voor de analfabete massa: verdriet is goed als je maar je mond houdt. De (gewelddadige) dood van een kind roept complexe reacties op, waarvan woede tegen de agressor er één is. Dat vertellen ons de beelden op tv, de verhalen van mannen en vrouwen als ze samenkomen om te praten over hun zoon of dochter. Niet alleen vrouwen zijn betrokken bij dit proces, ook mannen delen dit lot. De piëta-ervaring is geen exclusief beleven van de vrouw.










