bel20-aex 22/11/2012
|
Slotkoers Bel20 22 november 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
|
Slotkoers AEX 22 november 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
|
bel20-aex 22/11/2012|
Slotkoers Bel20 22 november 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
|
Slotkoers AEX 22 november 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
Bruine maki
![]() |
| B b B b 18 u 74 | |
| Bruine maki | |
|
De bruine maki of zwartkopmaki (Eulemur fulvus) is een echte maki uit de familie der maki's (Lemuridae). De wetenschappelijke naam van deze soort is voor het eerst beschreven door É. Geoffroy in 1796. Deze halfapen zijn endemische dieren op het eiland Madagaskar. Duits : Braune Maki Frans : Le Lémur fauve, Lémur brun, Maki brun |
|
Bruine maki auteur : David Dennis CC 2.0 |
|
|
Een volwassen bruine maki een kop-romplengte van 43 tot 50 cm, een staartlengte van 41 tot 51 cm en een lichaamsgewicht van 2 tot 3 kg. |
|
Eulemur fulvus auteur : Frank Vassen CC 2.0 |
|
|
Er zijn vier populaties, drie op het hoofdeiland, twee in het westen en een in het oosten. ZHet is een bosbewoner die voornamelijk overdag actief is. Na een draagtijd van 120 dagen wordt meestal één jong geboren, er zijn meldingen van tweelingen. |
|
bruine maki auteur : David Dennis CC 2.0 |
|
|
De bruine maki leeft in familiegroepjes, bestaande uit 5 tot 12 individuen. De bruine maki heeft te maken met de vernietiging van zijn leefgebied door ontbossingen voor de productie van houtskool en illegale houtkap. Daarom staat de bruine maki als gevoelig op de internationale rode lijst. |
|
|
Bron : - Wikipedia CC 3.0 - tinternet |
bel20-aex 21/11/2012|
Slotkoers Bel20 21 november 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
|
Slotkoers AEX 21 november 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
Bruine lipvis
![]() |
| B b B b 18 u 73 | |
| Bruine lipvis | |
|
De bruine lipvis (Labrus merula) is een straalvinnige vissensoort uit de familie van lipvissen (Labridae). Deze soort is voor het eerst wetenschappelijk beschreven door Linnaeus in 1758. De bruine lipvis komt voor van Portugal tot Marokko en de Azoren. Duits : Brauner lippfisch Frans : merle, labre merle |
|
Bruine lipvis auteur : Etrusko25 - foto : Stefano Guerrieri - vrije foto |
|
|
De bruine lipvis is een marien rifbewoner. Deze soort is gemiddeld 40cm lang, max waargenomen lengte is 50cm. |
|
Labrus merula auteur : Etrusko25 - foto : Alessandro Duci - vrije foto |
|
|
Ze voeden zich voornamelijk met zee-egels, weekdieren, krabben en wormen. Ze leven soms in scholen, oudere exemplaren leven meestal solitair. De paaitijd is van februari tot mei in de westelijke Middellandse Zee. |
|
|
Bron : - Wikipedia CC 3.0 - tinternet |
bel20-aex 20/11/2012|
Slotkoers Bel20 20 november 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
|
Slotkoers AEX 20 november 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
Bruine lemming
![]() |
| B b B b 18 u 72 | |
| Bruine lemming | |
|
De bruine lemming (Lemmus trimucronatus) is een zoogdier uit de familie van de Cricetidae. De wetenschappelijke naam van deze soort is voor het eerst beschreven door Richardson in 1825. De oorspronkelijke benaming was de Siberische lemming (Lemmus sibiricus, Kerr in 1792), later opgesplitst in twee soorten. Engels : North American Brown Lemming, Siberian brown lemmingDuits : Brauner Lemming, Sibirischer Lemming Frans : Lemming brun |
|
Bruine lemming foto op www.factzoo.com |
|
|
De bruine lemming heeft een bruine grondkleur met een roodbruine rug en romp. De vrouwtjes hebben een gemiddelde lengte van 12,5cm en een gewicht van 58gr. Zoals alle lemmingen hebben ze kleine oortjes, korte pootjes en een heel kort staartje. |
|
Lemmus trimucronatus auteur : foto op vdinets.livejournal.com |
|
|
De lemming is te vinden in de toendra gebieden van Noord-Canada (Nunavut, Northwest Territories, Yukon) en Alaska. Ze voeden zich voornamelijk met grasscheuten en eten ook toendra gras, zegge, mos, schors, bessen, korstmossen en wortels. Als vijanden hebben ze de meeste carnivoren en bepaalde vogels, er zijn enkele aanwijzingen dat ze worden gegeten door. |
|
bruine lemming auteur : foto op vdinets.livejournal.com |
|
|
Ze leven onder de grond, in kolonies, en hebben tot drie nesten per jaar, ook onder de sneeuw in de winter. |
|
|
Bron : - Wikipedia CC 3.0 - tinternet |
Bruine landschildpad
![]() |
| B b B b 18 u 71 | |
| Bruine landschildpad | |
|
De bruine landschildpad (Manouria emys) is een schildpad uit de familie landschildpadden (Testudinidae). De wetenschappelijke naam van deze soort is voor het eerst beschreven door Schlegel & Müller in 1840. De bruine landschildpad komt voor in delen van Azië, en leeft in de landen Bangladesh, India, Indonesië, Maleisië, Myanmar en Thailand. Engels : Asian forest tortoise, Asian brown tortoise, Burmese brown tortoiseDuits : Braune Landschildkröte Frans : Manouria emys |
|
Bruine landschildpad auteur : Dawson CC 2.5 |
|
|
De schildpad bereikt een maximale schildlengte tot 60 centimeter. |
|
Manouria emys auteur : foto op www.ryanphotographic.com |
|
|
De habitat bestaat uit tropische bergbossen, de schildpad brengt veel tijd door in holen of tussen de bladeren. |
|
bruine landschildpadden (Manouria emys emys) auteur : foto op www.empireoftheturtle.com |
|
|
De soort behoorde lange tijd tot het geslacht Testudo, waardoor de verouderde wetenschappelijke naam in de literatuur wordt gebruikt. Er worden twee ondersoorten erkend die verschillen in verspreidingsgebied. |
|
|
Bron : - Wikipedia CC 3.0 - tinternet |
bel20-aex 19/11/2012|
Slotkoers Bel20 19 november 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
|
Slotkoers AEX 19 november 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
Bruine koevogel
![]() |
| B b B b 18 u 70 | |
| Bruine koevogel | |
|
De Bruine koevogel (Agalaioides badius) behoort tot de familie van de troepialen. De wetenschappelijke naam van deze soort is voor het eerst beschreven door Vieillot in 1819. Hij komt voor in Noordelijk Argentinië, Bolivia, Uruguay, Paraguay en Zuidelijk en Midden Brazilië, met een geïsoleerde populatie Noordoostelijk Brazilië. De Bruine koevogel is ook ontdekt als trekvogel in Chili. Engels : Bay-winged Cowbird, BaywingDuits : Braun-Kuhstärling, Braunkuhstärling Frans : Le vacher à ailes brunes, le Vacher à ailes baies, Carouge à ailes baies ou C. de Spix, Molothre à ailes baie |
|
Bruine koevogel auteur : www.bobhogeveen.nl |
|
|
Zijn totale lengte is ongeveer 18 centimeter. De geïsoleerde populatie wordt soms gezien als een apart geslacht, Agalaioides fringillarius. |
|
Agalaioides badius auteur : diertjevandedag.classy.be |
|
|
De soort is sociaal opgesteld en wordt vaak gezien in kleine groepen. |
|
Bruine koevogel auteur : Lip Kee Yap CC 2.0 |
|
|
De Bruine koevogel heeft een wijd verspreid verspreidingsgebied over semi-open habitats, bestaande uit struiken en een klein aantal bomen. Over het algemeen is hij vrij veelvoorkomend en wordt almaar overweegt als een niet bedreigde soort door Birdlife International en het IUCN. |
|
|
Bron : - Wikipedia CC 3.0 - tinternet |
Bruine klauwier
![]() |
| B b B b 18 u 69 | |
| Bruine klauwier | |
|
De bruine klauwier (Lanius cristatus) is een zangvogel die in een groot deel van Azië broedt en overwintert in het oriëntaals gebied. De wetenschappelijke naam van deze soort is voor het eerst beschreven door Linnaeus in 1758. Deze soort is zeer nauw verwant aan de grauwe klauwier (L. collurio) en de isabelklauwier (L. isabellinus) en werden vroeger wel als ondersoorten van elkaar beschouwd. Engels : Brown Shrike, Red-tailed Shrike, Rufous Red-tailed ShrikeDuits : Braunwürge, Rotschwanzwürger, Sibirischer Würger Frans : La Pie-grièche brune, Pie-grièche à crete, Pie-grièche à queue rousse, Pie-grièche birmane |
|
Bruine klauwier auteur : J.M.Garg CC 3.0 |
|
|
De bruine klauwier is gemiddeld 20 cm lang. |
|
Lanius cristatus lucionensis (mannetje) auteur : J.M.Garg CC 3.0 |
|
|
Er zijn drie ondersoorten van de bruine klauwier. |
|
Broedgebieden van de bruine klauwier auteur : L. Shyamal ![]() |
|
|
De bruine klauwier heeft een enorm groot verspreidingsgebied en daardoor alleen al is de kans op uitsterven uiterst gering. Om die redenen staat deze klauwier als niet bedreigd op de rode lijst van de IUCN. |
|
|
Bron : - Wikipedia CC 3.0 - tinternet |
Bruine kikker
![]() |
| B b B b 18 u 68 | |
| Bruine kikker | |
|
De bruine kikker (Rana temporaria) is een kikker uit de familie echte kikkers (Ranidae). De wetenschappelijke naam van deze soort is voor het eerst beschreven door Linnaeus in 1758. De bruine kikker is één van de wijdst verspreide soorten in Europa. Duits : Grasfrosch Frans : La Grenouille rousse |
|
Bruine kikker auteur : Richard Bartz CC 2.5 |
|
|
De bruine kikker komt in zeer vele biotopen voor, zoals bossen, heidevelden, graslanden, ruderale terreintjes, en duinen. De bruine kikker is slechts tijdens de voortplanting en de overwintering aan water gebonden en leeft buiten de wintermaanden en het vroege voorjaar op het land. In Nederland en België worden verschillende biotopen gebruikt als voortplantingswater, van sloten en kleine poelen tot rietgordels van grotere visrijke wateren. |
|
Rana temporaria auteur : H. Krisp CC 3.0 |
|
|
De bruine kikker is een relatief grote, gedrongen kikker met een grote, platte kop en een relatief stompe snuit. De kleur van de bruine kikker is altijd bruin, vrouwtjes neigen vaak meer naar rood, maar de variatie is enorm en ieder exemplaar heeft een iets afwijkende tekening. De dieren foerageren alleen, omdat ze zelden voedsel vinden waar meer dan één hyena van kan leven. |
|
Bruine kikker auteur : Piet Spaans CC 2.5 |
|
|
De kleur van de kikker verandert tijdens de voortplantingstijd, de vrouwtjes krijgen gele en rode kleuren aan de flanken. De kleur van de rug en bovenzijde van de kop is zeer variabel: van uniform bruin en ongetekend tot juist duidelijk gevlekt. De achterpoten zijn zeer lang, de vijf tenen dragende achterpoten hebben zwemvliezen, de vier vingers dragende voorpoten niet. |
|
Tijdens de paargreep(amplexus) zie je duidelijk het verschil tussen mannetje en vrouwtje auteur : Joostmooij from nl CC 3.0 |
|
|
De larven zijn lichtbruin gekleurd, ze hebben lichtere stipjes en een relatief lange staart. |
|
Bruine kikker in Griekenland auteur : Richard Bartz CC 2.5 |
|
|
De bruine kikker is een typische bodembewoner. De overwintering vindt vaak op de bodem van een poel plaats, maar kan zich ook op het land voltrekken. De bruine kikker is nachtactief, de trek naar het voortplantingswater vindt tijdens de schemering of 's nachts plaats. |
|
Bruine kikker in Noorwegen auteur : Per from Norway CC 2.0 |
|
|
's Nachts gaat de bruine kikker op jacht en springt hij door de bossen over de bodem, op zoek naar voedsel. Volwassen kikkers hoeven maar twee tot drie keer per week te eten, in tegenstelling tot de jongen. De bruine kikker heeft vele vijanden, in Europa zijn zo'n 20 soorten vogels die de kikker eten, zoals de witte en zwarte ooievaar, de bosuil en de buizerd. Met name de ringslang is van zijn voedsel deels afhankelijk van de bruine kikker, andere kikkers worden ook gegeten maar zijn vaak niet zo algemeen. |
|
|
Bron : - Wikipedia CC 3.0 - tinternet |
bel20-aex 16/11/2012|
Slotkoers Bel20 16 november 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
|
Slotkoers AEX 16 november 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
Bruine kiekendief
![]() |
| B b B b 18 u 67 | |
| Bruine kiekendief | |
|
De bruine kiekendief (Circus aeruginosus) is een vogel uit de familie van havikachtigen (Accipitridae). De wetenschappelijke naam van deze soort is voor het eerst beschreven door Linnaeus in 1758. De bruine kiekendief komt voor in Europa, Noord-West Afrika en Centraal-Azië tot het noordelijk deel van het Midden-Oosten. Engels : Western Marsh-Harrier, Eurasian Marsh Harrier, Eurasian Marsh-Harrier, European Marsh Harrier, European Marsh-Harrier, Marsh Harrier, Swamp Harrier, Western Marsh HarrierDuits : Rohrweihe, Europäische Rohrweihe Frans : Le Busard des roseaux, Busard harpaye |
|
Bruine kiekendief auteur : Доктор рукиноги CC 3.0 |
|
|
Bruine kiekendieven komen in de zomer in bijna geheel Europa voor, met uitzondering van Ierland, Scandinavië en het grootste deel van het Verenigd Koninkrijk. Ze bouwen een groot nest in rietmoerassen. Ze hebben in alle seizoenen een voorkeur voor grote rietvelden in stilstaand zoet- of brakwater of soortgelijke gebieden; ook in geïrrigeerde velden en veengaten. |
|
Circus aeruginosus auteur : Artur Mikołajewski CC 3.0 |
|
|
Een volwassen exemplaar is 48 tot 56 centimeter groot met een spanwijdte van 110 tot 125 cm. Vliegt laag in wankelende vlucht. De bruine kiekendief jaagt door zich van geringe hoogte op de prooi te laten vallen. |
|
bruine kiekendief auteur : Mohanram R. Kemparaju CC 2.5 |
|
|
Zoekt in lage vlucht vlak terrein af, zich bij verrassing op prooi stortend. In het voorjaar maken ze een klaaglijk, schel, Kievit-achtig ’kwie-è’ en soortgelijke geluiden; buiten de broedtijd soms een schril en herhaald ’kjik’ en een vibrerend ’fieh’. De eieren zijn zonder tekening, zelden roodachtig gevlekt, vaak verkleurd door nestmateriaal. Basiskleur blauwig wit/groenig wit. Schaal niet glanzend, soms met kleine kalkbultjes. Vorm subelliptisch/kort subelliptisch. Formaat 50 x 93 mm (44-56 x 35-43), gewicht 40 g (32-49). |
|
|
Bron : - Wikipedia CC 3.0 - soortenbank.nl - tinternet |
bel20-aex 15/11/2012|
Slotkoers Bel20 15 november 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
|
Slotkoers AEX 15 november 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
Bruine kathaai
![]() |
| B b B b 18 u 66 | |
| Bruine kathaai | |
|
De bruine kathaai (Apristurus brunneus) is een vis uit de familie van kathaaien (Scyliorhinidae) en behoort derhalve tot de orde van grondhaaien (Carcharhiniformes). De wetenschappelijke naam van deze soort is voor het eerst beschreven door Gilbert (Charles Henry Gilbert, Amerikaans ichtyiologist en visserij bioloog) in 1892. De vis prefereert een subtropisch klimaat en leeft hoofdzakelijk in de Grote Oceaan voor de kust van British Columbia tot Baja California staat in Mexico. Engels : Brown catsharkDuits : Brauner Katzenhai Frans : Holbiche brune |
|
Bruine kathaai foto op www.globalspecies.org CC 3.0 |
|
|
De bruine kathaai is een zoutwatervis. De diepteverspreiding is 30 tot 650 meter. |
|
Apristurus brunneus foto op www.digitalfishlibrary.org |
|
|
De vis kan een lengte bereiken van 68 centimeter. Hij heeft een zacht en kwetsbaar vel. Er is weinig geweten over het gedrag van deze soort, meestal leeft hij op de rand van het continentaal plat |
|
bruine kathaai foto op akully.ru |
|
|
De bruine kathaai voedt zich met kleine zeedieren zoals garnalen en krill. De bruine kathaai is voor de visserij van geen belang. |
|
|
Bron : - Wikipedia CC 3.0 - tinternet |
bel20-aex 14/11/2012|
Slotkoers Bel20 14 november 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
|
Slotkoers AEX 14 november 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
Bruine kapucijnaap
![]() |
| B b B b 18 u 65 | |
| Bruine kapucijnaap | |
|
De bruine kapucijnaap (Cebus apella), ook wel kuifkapucijnaap, apella of kesi-kesi genoemd, is een algemene apensoort uit het geslacht der kapucijnapen (Cebus). De wetenschappelijke naam van deze soort is voor het eerst beschreven door Linnaeus in 1758. Deze soort komt voor in de noordelijke Amazonebekken van de Guyana's en Brazilië ten oosten van de Rio Negro, noordwaarts tot de Orinoco in Venezuela. Engels : Tufted capuchin, brown capuchin, black-capped capuchin, pin monkeyDuits : Gehaubte Kapuziner, Haubenkapuziner Frans : L’Apelle, Sapajou apelle, Sajou noir, Sajou apelle, Capucin à houppe noire |
|
Bruine kapucijnaap auteur : Glen Bowman CC 2.0 |
|
|
De bruine kapucijnaap is steviger dan de andere kapucijnapen, met een ruwere vacht en een kortere, dikkere staart en ledematen. De kapucijnaap heeft een kop-romplengte van 32 tot 57 centimeter, een staartlengte van 38 tot 56 centimeter en een lichaamsgewicht van 1,9 tot 4,8 kilogram. |
|
Cebus apella auteur : Arthur Chapman CC 2.0 |
|
|
De soort komt voor in een grote verscheidenheid aan bostypen, voornamelijk in het tropisch regenwoud, tot op een hoogte van 2700 meter. Het verspreidingsgebied overlapt met dat van andere soorten kapucijnapen, zoals dat van de witschouderkapucijnaap (Cebus capucinus). De dieren foerageren alleen, omdat ze zelden voedsel vinden waar meer dan één hyena van kan leven. |
|
Bruine kapucijnapen auteur : Frans de Waal CC 2.5 |
|
|
De bruine kapucijnaap is een dagactieve, boombewonende soort. De bruine kapucijnaap leeft alleen of in groepen van twee tot twintig dieren. Anders dan enkele andere kapucijnapen heeft een groep bruine kapucijnapen geen territorium. |
|
Bruine kapucijnaap in het Ambiental reservaat, Brazilië auteur : Dario Sanches CC 2.0 |
|
|
Na een draagtijd van 180 dagen wordt één jong geboren, zelden een tweeling. Bruine kapucijnapen kunnen vrij oud worden. |
|
Bruine kapucijnapen in familiepark Harry Malter auteur : Donar Reiskoffer CC 3.0 |
|
|
Het is van deze apensoort bekend dat hij harde voorwerpen als stenen als gereedschap gebruikt om noten mee open te breken. Bruine kapucijnapen foerageren in groepen. |
|
jong bruin kapucijnaapje auteur : MatthiasKabel CC 3.0 |
|
|
De bruine kapucijnaap is vrij algemeen en niet bedreigd. Één ondersoort, Cebus apella margarita is ernstig bedreigd. |
|
|
Bron : - Wikipedia CC 3.0 - tinternet |
bel20-aex 13/11/2012|
Slotkoers Bel20 13 november 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
|
Slotkoers AEX 13 november 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
Bruine hyena
![]() |
| B b B b 18 u 64 | |
| Bruine hyena | |
|
De bruine hyena of strandwolf (Hyaena brunnea syn. Parahyaena brunnea) is een van de vier nog levende soorten hyena's. De wetenschappelijke naam van deze soort is voor het eerst beschreven door Thunberg (Carl Peter Thunberg was een Zweedse natuuronderzoeker. Hij was een student van Carolus Linnaeus.) in 1820. De bruine hyena leeft in westelijk Zuid-Afrika, Zimbabwe, Namibië en Zuid-Angola. Duits : Schabrackenhyäne, Braune Hyäne, Strandwolf Frans : La hyène brune |
|
Bruine hyena auteur : Southafrica.net op www.dinosoria.com |
|
|
De bruine hyena heeft een ruige, donkerbruine tot zwarte vacht, met een lichtgele kraag om de hals, die als maan dient bij volwassen dieren, en een grijzig gezicht. Hij wordt ongeveer 110 tot 161 centimeter lang, met een 21 tot 30 centimeter lange staart. |
|
Hyaena brunnea auteur : Sally London op www.dinosoria.com CC 3.0 |
|
|
De bruine hyena is een nachtdier. Hij eet voornamelijk aas, maar ook afgevallen vruchten. De dieren foerageren alleen, omdat ze zelden voedsel vinden waar meer dan één hyena van kan leven. |
|
De bruine hyena auteur : © Martin Heigan CC 2.0 |
|
|
Bruine hyena's kennen geen vaste sociale structuur. Bruine hyena's planten zich het gehele jaar door voort. Na 18 maanden verlaten ze meestal het nest. |
|
|
Bron : - Wikipedia CC 3.0 - tinternet |
bel20-aex 12/11/2012|
Slotkoers Bel20 12 november 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |
|
Slotkoers AEX 12 november 2012 |
Bron : De Telegraaf - DFT |